WEBLECTURES
INTRODUCTIE
Niet kennen
Film
- BBC horizon
- VRT overleven
Homeopathie
- Verdunning van de oorspronkelijke stof met water, zodat het oorspronkelijke molecuul
niet meer aanwezig is
Blindering
- Wetenschappers
• Denken niet altijd rationeel
• Kunnen zichzelf zonder intentie misleiden
• Bij geen blindering wordt resultaat beïnvloedt
• Hierdoor wordt een vooroordeel/bias vermijdt
• Vraagstelling bij patiënten met en zonder placebo gaat anders zijn door de
wetenschapper
• Hoe objectiever de resultaten kunnen zijn, hoe minder belangrijk blindering is
o Pijn is subjectief/niet objectief
o Overlijden is objectief
o Tumor vermindering is semi objectief
- Patiënten
• Mogen niet weten of het homeopatisch is of niet
- Dubbele blindering
• Patiënt en art weet niet waar het homeopatisch is
- Niet altijd mogelijk
• Bij verschillende verbanden
• Bij verschillende chirurgiemethoden (wonden dicht maken, kan niet blind)
- Conclusie is geloofwaardiger bij blindering
- Onderzoekers dienen te weten hoeveel placebo en homeopatisch er zijn
Placebo
- Pillen die waar geen enkel actief ingrediënt in zit
- Bevat puur suiker
- Bij geen medicatie genezen patiënten ook regelmatig
- Als controlegroep
• Is random
• Voorkomen dat een groep op dezelfde manier is samengesteld
o Ernst ziekte, leeftijd etc. is vergelijkbaar in 2 groepen
- Tegenstanders
• Niet ethisch verantwoord
• Als arts: best mogelijke behandeling toedienen aan patiënt
- Voorstanders
• Controlegroep moet opgeofferd worden om een goed medicijn te ontwikkelen
voor de toekomst
- Kanker
• Niet ethisch veranderd voor placebo
1
, • 1 groep met goed bestaande therapie en 1 groep met nieuwe therapie
Kans
- Bij geen verschil tussen homeopathie en placebo, kans dat er toch door puur toeval
een aantal homeopathie aangeven
• 11/20: 37%
• 12/20: 17%
• 13/20: 5%
• 14/20: 1,3%
• 15/20: 0,2%
• Wordt steeds onwaarschijnlijker
- Er is geen bewijs dat er een geen verschil is
- Er is ook geen bewijs dat wel een verschil is
- Absolute zekerheid krijg je nooit
• Alleen sterke evidentie of niet
H2
Klinische studie/wetenschappelijk artikel
- Statistiek nodig
• Bewijst niets
- Controleren: correct uitgevoerd?
- Kritische kennis is nodig
Motivatie
- Passief
• Biomedische literatuur lezen
- Actief
• Zelf analyseren of informatie klopt
2
, SOORTEN STATISTIEK
Beschrijvende statistiek
- Visualiseert data in dataset
- A.d.h.v. tabellen etc.
- Zegt iets over de waarnemingen van steekproef, nog niet iets over hypothese
- Normale letters
Inferentiële statistiek
- Overstap van steekproef (beschrijvende statistiek) naar populatie
- Een hypothese opstellen
- Estimate
• Aangeven dat niet met zekerheid iets zeggen over populatie
• Wel best mogelijke uitspraak a.d.h.v. steekproef
- Griekse letters
3 technieken van differentiële naar inferentiële statistiek/testen hypothesen
- p-waarde vergelijken met α
- Betrouwbaarheidsinterval (BI)
- Test statistiek vergelijken met kritische waarde
- Staan onderling in contact met elkaar
BETEKENIS STATISTIEK
Statistiek
- Signaal
• Bewijs dat standpunt ondersteunt
• Bij sterk/significant signaal
o H0 verwerpen
• Sterker/significanter bij grote n
- Ruis
• Vatbaar voor toeval
• Onzekerheid/onzuiverheid
• Is altijd aanwezig
• Wordt verlaagd bij grote n
• Geen ruis
o Als je hele populatie neemt
- Criteria
• Inclusie
o Kenmerken die deelnemers moeten hebben
o Vb. leeftijd 6-12
• Exclusie
o Kenmerken die deelnemers uitsluiten van onderzoek
o Vb. andere leeftijden
- Steekproef
• Extrapoleren naar populatie
o Uitspraak over gehele populatie door steekproef
o Deelgroep dient representatief te zijn voor geheel
Bij goede keuze steekproef, nog niet met zekerheid uitspraak doen over
populatie
• Verschillende onderzoekers
o Moeten op dezelfde wijze analyseren
• Variabele metingen
o Onderhevig aan schommelingen
o n zo groot mogelijk om ruis onder controle te hebben
• Kans
3