ESTHER VAN ZIMMEREN
Cami Van Heester
BACH 1
,HOOFDSTUK 1: POLITIEK EN POLITIEKE WETENSCHAP
1.1. Politiek
1.2. Variaties in politiek
HOOFDSTUK 2: STAAT & MACHT
2.1. Wat is macht?
2.2. Hoe macht meten?
2.3. Macht van de staat
2.4. Legitimiteit van de staat
HOOFDSTUK 3: BREUKLIJNEN & IDEOLOGIE
3.1. Breuklijnen
3.2. Nieuwe breuklijnen?
3.3. Ideologieën
3.4. Breuklijnen & ideologieën: connecties?
HOOFDSTUK (1)4: DEMOCRATIE
4.1. Wat is democratie?
4.2. Voor- en nadelen van democratie
4.3. Democratie in beweging
4.4. Snijvlak Recht & Democratie
4.5. Directe democratie vs indirecte democratie
4.6. Vertegenwoordiging
4.7. Snijvlak Recht & Vertegenwoordiging
HOOFDSTUK 5: POLITIEKE PARTICIPATIE & SOCIALE BEWEGINGEN
5.1. Politieke participatie
5.2. Individuele politieke participatie
, HOOFDSTUK 1: POLITIEK EN POLITIEKE WETENSCHAP
1.1. Politiek
Politiek = ordenen en besturen van een territoriaal afgebakende samenleving dmv machtsuitoefening
→ territoriaal: omvattend en dwingend ↔ niet-territoriaal: functioneel en vrijblijvender
→ ordenen en besturen: staatsinrichting en -instellingen, gedrag, beleid
1.2. Variaties in politiek
EVOLUTIE REIKWIJDTE VAN POLITIEK
Politiek is een beperkte aangelegenheid
Burgerlijke rechten en vrijheden beschermen en ze garanderen door erover te waken: justitie
Nachtwakersstaat & binnenlandse zaken
19de eeuw:
Bescherming van de grenzen: defensie & buitenlandse zaken
Belastingen, financiën
Politiek is een ingrijpende aangelegenheid
Sociale
Meer sociale bescherming vanwege nefaste gevolgen van vrij economisch handelen
welvaartstaat
= rol van arbeidsbewegingen
20ste eeuw:
Verzorgingsstaat: gezondheid, onderwijs, werkgelegenheid, sociale zekerheid
Regulerende staat Politiek heeft een allesomvattende impact op het dagelijks leven
21ste eeuw vb bescherming persoonsgegevens, privacy door steeds meer belangrijke sociale media
Politiek varieert naargelang het type samenleving dat bestuurd wordt en kan daarom zeer uiteenlopende
vormen aannemen. Om die verschillen te begrijpen, maken we gebruik van classificaties. Daarbij zoeken
we naar de fundamentele principes die bepalen hoe een politiek systeem functioneert. Zo’n indeling
noemen we het politiek regime.
Wie heeft het recht om beslissen te nemen? Wat is de rol van
burgers? Kunnen burgers beroep doen op individuele rechten?
Om regimes van elkaar te
Wie bepaalt de regels? Hoe worden regels gehandhaafd? Moet
onderscheiden, moet een antwoord de overheid zich ook aan regels houden? Wat is de rol van religie?
gegeven worden op een aantal vragen die
Variatie in instelling en procedures: rol van staatshoofd, rol van
betrekkingen hebben op de politieke
politieke partijen, organisaties van verkiezingen, mogelijkheid
basisprincipes: referendum, …
Het antwoord op deze vragen maakt het onder meer mogelijk om een onderscheid te maken tussen
democratische en autoritaire regimes.