PERSONEN-, FAMILIE- EN
RELATIEVERMOGENSRECHT
INLEIDING
H1: Situering
Opbouw:
» Personenrecht: regelt het statuut van de persoon en rechtspositie in de maatschappij:
o Privaatrechtelijke beschermingsstatuten, bescherming voor bepaalde meerderjarige personen,
naamrecht,…
» Familierecht: regelt privaatrechtelijke verhouding tussen partners, ouders, kinderen en hun verwanten:
o Horizontaal: partnerrelaties waarbij het familierecht maar 1 soort kent, namelijk met 2
o Verticaal: afstammelingen (vb. ouder kind relatie)
o OOK betrekking op grootouders en kleinkinderen, tussen broers en zussen,…
» Familiaal vermogensrecht: patrimoniale en vermogensrechtelijke banden tussen partners, maar ook
de nalatenschappen hierrond
o Wordt NIET beheerst door de lex generalis van het gemene verbintenissen- en
overeenkomstenrecht, maar door een lex specialis = huwelijksvermogensrecht
à In de mate dat het huwelijkvermogensrecht als lex specialis het stilzwijgen bewaart,
geldt vanzelfsprekend de lex generalis
Situering:
» Tweerelaties: huwelijk en samenwoning
» Het huwelijk heeft niet alleen personenrechterlijke maar ook vermogensrechtelijke gevolgen
o Het aangaan van huwelijk = PF
o Gevolgen van het huwelijk:
à Het primair huwelijksstelsel regelt op eenvormige indringende wijze de minimale
rechten en verplichtingen van de echtgenoten, zowel onderling als in hun verhouding
met derden, zowel op persoonlijk als op vermogensrechtelijk vlak (art. 2.12-224 Oud
BW): PF
• Van toepassing op alle echtgenoten, door het enkele feit van het huwelijk
à Het secundair huwelijksvermogensrecht regelt enkel de vermogensrechtelijke
aspecten (huwelijksvermogensstelsels) zowel tijdens het huwelijk als bij de ontbinding
ervan (boek 2, titel 3 BW): FVR
• Het huwelijksvermogens recht heeft een interne en externe werking
o Intern tussen de echtgenoten
§ Lex specialis
§ Ook gemene verbintenissen- en overeenkomstenrecht
o Extern naar derden met wie zij contracteren of anderszins in een
juridische verhouding staan (vb. SE, banken, contractspartijen,
verhuurders, verkopers,…)
§ Gemene verbintenissen- en overeenkomstenrecht
• Echtgenoten kunnen voor of tijdens het huwelijk van deze regels afwijken en
hun vermogensrechtelijke verhoudingen regelen in het door hen vasteglegede
conventioneel huwelijksvermogensstelsel (= huwelijkscontract)
o Wettelijk huwelijksvermogensstelsel blijft als aanvullend recht ook in
deze gevallen van toepassing op alle aspecten van de
vermogensrechtelijke verhouding die niet door het conventioneel
stelsel geregeld zijn
, o De twee componenten huwelijk en vermogen geven de beperkingen van het
huwelijkvermogensrecht aan -> duurzame intieme relatie die niet bezegeld zijn door een
huwelijk vallen hier NIET onder
à Deze relaties worden beheerst door het samenwoningsrecht
à Zowel de personele aspecten van het huwelijk als de financieel-economische
elementen die niet rechtsreeks verband houden met het vermogen (alimentatie)
worden uitgesloten
o Echtscheiding:
à EOO en EOT: PF
à Gevolgen van echtscheiding: PF + FVR (goederen)
H2: Ontwikkelingen en actuele tendensen
Afdeling 1: Familie- en relatievermogensrecht als spiegel van
maatschappelijke waarden
» Relatie met partner, kinderen, ouders en andere verwanten, is voor de meeste het belangrijkste en
meest waardevolle in het leven
» Het familierecht heeft een regulerende functie in het privédomein:
o Het regelt de verhoudingen tussen ouder en kind, tussen echtgenoten en samenwonende
partners en tussen andere aanverwanten
o Het familierecht en het relatie vermogensrecht raken daarmee iedereen: iedereen krijgt er
vroeg of laat te maken mee
» Sterk cultureel gekleurd:
o Maatschappelijke waarden over gezin en paarvorming vinden er hun weerslag in
» Verleden: traditionele huwel tussen man en vrouw als norm
o Onderscheid kinderen geboren uit huwelijk tussen man en vrouw en daarbuiten
» Tendens = meer autonomie en vrijheid om persoonlijke leven en gezinsleven in te richten + co.
autonomie (partners beslisen samen over hun relatie en gezin)
» Vrijheid kent grenzen!
o < Belangen en rechten van anderen
à Vb. relaties waarin dwang een rol speelt, worden NIET geaccepteerd
à Belangen en rechten van kinderen dienen door de OH te worden gewaarborgd in
afstamming en opvoedingsrelaties
o Balans i.v.m. zwakkere partij is moeilijk
Afdeling 2: Ontwikkelingen
§1 Ancien régime
» Huwelijk als grondslag van de familie
» Gehuwde man & vrouw en hun kinderen als kern van elke familie
» Huwelijk als sacrament met onverbreekbare band tussen man en vrouw: ‘wat God verbonden heeft zal
de mens niet scheiden’
o Echtscheiding verboden tenzij huwelijk niet geconsumeerd (wanneer er geen seksuele relatie
had plaatsgevonden konden de Kerk beslissen dat het Huwelijk nooit echt tot stand was
gekomen)
» Duidelijk overwicht van de man:
o Maritale macht = man als hoofd van het gezin met maritale macht (= juridische en
socialemacht) over echtgenote. Man als hoofd van het huwelijksvermogensrecht
o Vaderlijke macht = macht over minderjarige kinderen.
» Huwelijkscontracten als familiaal politiek instrument om familiebanden te versterken en vermogens uit
te breiden via een goed doordachte huwelijksstrategie
, » Huwelijksvermogensrecht was beperkt van belang, aangezien de meerderheid van de bevolking bezig
was met overleven i.p.v. een vermogen op te bouwen
§2 19de tot eerste helft van de 20ste eeuw
» Code Civil 1804: huwelijk als burgerlijke instelling
» Huwelijk niet wettelijk verplicht, maar de facto wel op grond van maatschappelijke druk
o Echtscheiding mogelijk onder beperkende voorwaarden
» Vrouw werd handelingsonbekwaam door huwelijk
» Geen erkenning van buitenhuwelijkse relaties
o Kinderen verwerkt buiten het huwelijk waren onwettige kinderen en hadden nauwelijks rechten
» Relaties tussen personen van hetzelfde geslacht werden niet erkend
» Duidelijk overwicht van de man:
o Maritale macht = man als hoofd van het gezin met maritale macht (= juridische en
socialemacht) over echtgenote. Man als hoofd van het huwelijksvermogensrecht
o Vaderlijke macht = macht over minderjarige kinderen.
§3 Ontwikkelingen vanaf na de Tweede Wereldoorlog
» Vanaf 1960: ingrijpende veranderingen die invloed uitoefenen op huwelijk, relaties, ouderschap en
gezinsvorming
» Vanaf 1970: voortdurende daling van het aantal nieuwe huwelijken en stijging echtscheidingen
o Vroeger: huwelijk = hoeksteen: nu: focus op zelfontplooiing
o Mensen kiezen nu zelf of ze al dan niet trouwen, vroeger was het huwelijksmodel dwingen en
anders was er sprake van doodszonde
o Vermindering impact huwelijksvermogensrecht -> omdat minder mensen trouwen, wordt het
huwelijksvermogensrecht relatief minder dominant
o Invoering wet wettelijke samenwoning in 1998:
à Ook voor niet-intieme relaties
à Erkenning voor holibi’s
à Officieel voor ambtenaar burgerlijke stand
à 2017: klein beetje erfrecht
o Stigmatisering v. kinderen buiten huwelijk verdwijnt geleidelijk (2015)
à Kinderen krijgen gelijke rechten, ongeacht of ze binnen of buiten het huwelijk zijn
geboren (1987)
o De echtscheidingsmogelijkheden worden systematisch verruimd en de
echtscheidingsprocedure wordt stapsgeijs versoepeld
o Huwelijk wordt opengesteld voor personen van hetzelfde geslacht (2003)
à Holebi’s eisen gelijke rechten (waren vooral onderdrukt in de jaren ’70-’80)
o 2006: adoptie door personen van hetzelfde geslacht mogelijk
o 2014: meemoederschap krijgt een regeling analoog aan die van het vaderschap
» Emancipatie van vrouwen en veranderende rolpatronen in gezin
o Eerst was er een juridische fictie -> vrouw kreeg een mandaat van haar man om te handelen
o Arbeidsdeelname van vrouwen neemt toe -> minder economisch afhankelijk
à Vrouwen eisen gelijke rechten
o 1958: huwelijk wijzigde de handelingsbekwaamheid van de vrouw NIET
o Tot 1976 kon de gehuwde vrouw onder de gemeenschap van de goederen, de gemeenschap
niet verbinden
o 1976: gelijkwaardige partners (openbare orde)
o 1976: gemeenschap gelijkwaardig bestuurt door man EN vrouw
à MAAR niet helemaal in de feiten
o 1995: Vaderlijke macht wordt ouderlijk gezag die beide ouders uitoefenen (ook als de ouders
niet meer samenleven)
, o 2006: gelijkmatig verdeeld verblijf van de kinderen wordt de prioritair te onderzoeken
verblijfsregeling (= co-ouderschap)
o 2014: geen verplichte patrilineaire naamoverdracht (naam van de vader) meer maar
keuzerecht
» Kinderen worden kern van gezin
o Kinderen krijgen een centrale plaats in het gezin
o Kinderen als volwaardige personen die beschermd dienen te worden en zelf inspraak dienen
te hebben en kunnen participeren aan het rechtsleven
à Geen voorwerp meer van de ouderlijke macht
à IVRK en art. 22bis GW
» Impact medisch begeleide voortplanting op afstamming en ouderschap
o Nieuwe mogelijkheden voor medische begeleidende voortplanting zoals donor van gameten
en draagmoederschap (wetgeving is gedeeltelijk aangepast)
à Alleenstaande moeders
à Koppels van hetzelfde geslacht
o De juridische ouders zijn NIET noodzakelijk de genetische ouders
o Donorkinderen hebben het recht op kennis en afstammingsinformatie
» Nadruk op autonomie van het individu en zijn recht op zelfbepaling (= rode draad!)
o o.a.:
à Registratie van het geslacht
à Ook i.v.m. begin en einde v/h leven (abortuswet (1990), euthanasiewet (2002), wet
medisch begeleide voortplanting (2007))
o Breder relatievermogensrecht nodig (vanaf 2008, enkel nog notoriële akte vereist) (enkel
bescherming voor mensen die trouwen)
à Intern: contractualisering + huwelijkscontract als instrument voor
vermogensplanning
• Eerst: geregeld met beperkte autonomie + onveranderlijk tijdens huwelijk
• 1976: wijzigbaarheid huwelijksvermpgensstelsel
§ 1998: versoepeling vormvoorschriften
§ 2008: afschaffing van de rechterlijke goedkeuring
à Extern: maatschappelijke aanvaarding van wettelijke/feitelijke samenwoning +
statuut (art. 1475-1479 Oud BW)
=> Contractuele autonomie blijft de regel
=> Discriminatie?
§ Tijdens relatie
o Huwelijk: partner kan borg nietig vragen indien belangen
gezin in gevaar
§ Einde relatie:
o Huwelijk: alimentatie
o Wettelijk en feitelijk samenwonen: niks
§ Einde: vermogen:
o Huwelijk: helft
§ Overlijden:
o Huwelijk: vruchtgebruik, etc.
o Wettelijk samenwonen: beetje
o Feitelijk samenwonen: niks
=> Opt-in: NOOIT bescherming zwakke partij; je krijgt pas bescherming als je kiest
voor in het statuut te stappen (rol sterke partij; kiest vaak niet voor het
statuut)
=> Opt-out: bescherming zwakke partij; bescherming geldt automatisch, tenzij je er
expliciet uitstapt
=> Minderheidsopvatting vs. GWH 19 januari 2017
RELATIEVERMOGENSRECHT
INLEIDING
H1: Situering
Opbouw:
» Personenrecht: regelt het statuut van de persoon en rechtspositie in de maatschappij:
o Privaatrechtelijke beschermingsstatuten, bescherming voor bepaalde meerderjarige personen,
naamrecht,…
» Familierecht: regelt privaatrechtelijke verhouding tussen partners, ouders, kinderen en hun verwanten:
o Horizontaal: partnerrelaties waarbij het familierecht maar 1 soort kent, namelijk met 2
o Verticaal: afstammelingen (vb. ouder kind relatie)
o OOK betrekking op grootouders en kleinkinderen, tussen broers en zussen,…
» Familiaal vermogensrecht: patrimoniale en vermogensrechtelijke banden tussen partners, maar ook
de nalatenschappen hierrond
o Wordt NIET beheerst door de lex generalis van het gemene verbintenissen- en
overeenkomstenrecht, maar door een lex specialis = huwelijksvermogensrecht
à In de mate dat het huwelijkvermogensrecht als lex specialis het stilzwijgen bewaart,
geldt vanzelfsprekend de lex generalis
Situering:
» Tweerelaties: huwelijk en samenwoning
» Het huwelijk heeft niet alleen personenrechterlijke maar ook vermogensrechtelijke gevolgen
o Het aangaan van huwelijk = PF
o Gevolgen van het huwelijk:
à Het primair huwelijksstelsel regelt op eenvormige indringende wijze de minimale
rechten en verplichtingen van de echtgenoten, zowel onderling als in hun verhouding
met derden, zowel op persoonlijk als op vermogensrechtelijk vlak (art. 2.12-224 Oud
BW): PF
• Van toepassing op alle echtgenoten, door het enkele feit van het huwelijk
à Het secundair huwelijksvermogensrecht regelt enkel de vermogensrechtelijke
aspecten (huwelijksvermogensstelsels) zowel tijdens het huwelijk als bij de ontbinding
ervan (boek 2, titel 3 BW): FVR
• Het huwelijksvermogens recht heeft een interne en externe werking
o Intern tussen de echtgenoten
§ Lex specialis
§ Ook gemene verbintenissen- en overeenkomstenrecht
o Extern naar derden met wie zij contracteren of anderszins in een
juridische verhouding staan (vb. SE, banken, contractspartijen,
verhuurders, verkopers,…)
§ Gemene verbintenissen- en overeenkomstenrecht
• Echtgenoten kunnen voor of tijdens het huwelijk van deze regels afwijken en
hun vermogensrechtelijke verhoudingen regelen in het door hen vasteglegede
conventioneel huwelijksvermogensstelsel (= huwelijkscontract)
o Wettelijk huwelijksvermogensstelsel blijft als aanvullend recht ook in
deze gevallen van toepassing op alle aspecten van de
vermogensrechtelijke verhouding die niet door het conventioneel
stelsel geregeld zijn
, o De twee componenten huwelijk en vermogen geven de beperkingen van het
huwelijkvermogensrecht aan -> duurzame intieme relatie die niet bezegeld zijn door een
huwelijk vallen hier NIET onder
à Deze relaties worden beheerst door het samenwoningsrecht
à Zowel de personele aspecten van het huwelijk als de financieel-economische
elementen die niet rechtsreeks verband houden met het vermogen (alimentatie)
worden uitgesloten
o Echtscheiding:
à EOO en EOT: PF
à Gevolgen van echtscheiding: PF + FVR (goederen)
H2: Ontwikkelingen en actuele tendensen
Afdeling 1: Familie- en relatievermogensrecht als spiegel van
maatschappelijke waarden
» Relatie met partner, kinderen, ouders en andere verwanten, is voor de meeste het belangrijkste en
meest waardevolle in het leven
» Het familierecht heeft een regulerende functie in het privédomein:
o Het regelt de verhoudingen tussen ouder en kind, tussen echtgenoten en samenwonende
partners en tussen andere aanverwanten
o Het familierecht en het relatie vermogensrecht raken daarmee iedereen: iedereen krijgt er
vroeg of laat te maken mee
» Sterk cultureel gekleurd:
o Maatschappelijke waarden over gezin en paarvorming vinden er hun weerslag in
» Verleden: traditionele huwel tussen man en vrouw als norm
o Onderscheid kinderen geboren uit huwelijk tussen man en vrouw en daarbuiten
» Tendens = meer autonomie en vrijheid om persoonlijke leven en gezinsleven in te richten + co.
autonomie (partners beslisen samen over hun relatie en gezin)
» Vrijheid kent grenzen!
o < Belangen en rechten van anderen
à Vb. relaties waarin dwang een rol speelt, worden NIET geaccepteerd
à Belangen en rechten van kinderen dienen door de OH te worden gewaarborgd in
afstamming en opvoedingsrelaties
o Balans i.v.m. zwakkere partij is moeilijk
Afdeling 2: Ontwikkelingen
§1 Ancien régime
» Huwelijk als grondslag van de familie
» Gehuwde man & vrouw en hun kinderen als kern van elke familie
» Huwelijk als sacrament met onverbreekbare band tussen man en vrouw: ‘wat God verbonden heeft zal
de mens niet scheiden’
o Echtscheiding verboden tenzij huwelijk niet geconsumeerd (wanneer er geen seksuele relatie
had plaatsgevonden konden de Kerk beslissen dat het Huwelijk nooit echt tot stand was
gekomen)
» Duidelijk overwicht van de man:
o Maritale macht = man als hoofd van het gezin met maritale macht (= juridische en
socialemacht) over echtgenote. Man als hoofd van het huwelijksvermogensrecht
o Vaderlijke macht = macht over minderjarige kinderen.
» Huwelijkscontracten als familiaal politiek instrument om familiebanden te versterken en vermogens uit
te breiden via een goed doordachte huwelijksstrategie
, » Huwelijksvermogensrecht was beperkt van belang, aangezien de meerderheid van de bevolking bezig
was met overleven i.p.v. een vermogen op te bouwen
§2 19de tot eerste helft van de 20ste eeuw
» Code Civil 1804: huwelijk als burgerlijke instelling
» Huwelijk niet wettelijk verplicht, maar de facto wel op grond van maatschappelijke druk
o Echtscheiding mogelijk onder beperkende voorwaarden
» Vrouw werd handelingsonbekwaam door huwelijk
» Geen erkenning van buitenhuwelijkse relaties
o Kinderen verwerkt buiten het huwelijk waren onwettige kinderen en hadden nauwelijks rechten
» Relaties tussen personen van hetzelfde geslacht werden niet erkend
» Duidelijk overwicht van de man:
o Maritale macht = man als hoofd van het gezin met maritale macht (= juridische en
socialemacht) over echtgenote. Man als hoofd van het huwelijksvermogensrecht
o Vaderlijke macht = macht over minderjarige kinderen.
§3 Ontwikkelingen vanaf na de Tweede Wereldoorlog
» Vanaf 1960: ingrijpende veranderingen die invloed uitoefenen op huwelijk, relaties, ouderschap en
gezinsvorming
» Vanaf 1970: voortdurende daling van het aantal nieuwe huwelijken en stijging echtscheidingen
o Vroeger: huwelijk = hoeksteen: nu: focus op zelfontplooiing
o Mensen kiezen nu zelf of ze al dan niet trouwen, vroeger was het huwelijksmodel dwingen en
anders was er sprake van doodszonde
o Vermindering impact huwelijksvermogensrecht -> omdat minder mensen trouwen, wordt het
huwelijksvermogensrecht relatief minder dominant
o Invoering wet wettelijke samenwoning in 1998:
à Ook voor niet-intieme relaties
à Erkenning voor holibi’s
à Officieel voor ambtenaar burgerlijke stand
à 2017: klein beetje erfrecht
o Stigmatisering v. kinderen buiten huwelijk verdwijnt geleidelijk (2015)
à Kinderen krijgen gelijke rechten, ongeacht of ze binnen of buiten het huwelijk zijn
geboren (1987)
o De echtscheidingsmogelijkheden worden systematisch verruimd en de
echtscheidingsprocedure wordt stapsgeijs versoepeld
o Huwelijk wordt opengesteld voor personen van hetzelfde geslacht (2003)
à Holebi’s eisen gelijke rechten (waren vooral onderdrukt in de jaren ’70-’80)
o 2006: adoptie door personen van hetzelfde geslacht mogelijk
o 2014: meemoederschap krijgt een regeling analoog aan die van het vaderschap
» Emancipatie van vrouwen en veranderende rolpatronen in gezin
o Eerst was er een juridische fictie -> vrouw kreeg een mandaat van haar man om te handelen
o Arbeidsdeelname van vrouwen neemt toe -> minder economisch afhankelijk
à Vrouwen eisen gelijke rechten
o 1958: huwelijk wijzigde de handelingsbekwaamheid van de vrouw NIET
o Tot 1976 kon de gehuwde vrouw onder de gemeenschap van de goederen, de gemeenschap
niet verbinden
o 1976: gelijkwaardige partners (openbare orde)
o 1976: gemeenschap gelijkwaardig bestuurt door man EN vrouw
à MAAR niet helemaal in de feiten
o 1995: Vaderlijke macht wordt ouderlijk gezag die beide ouders uitoefenen (ook als de ouders
niet meer samenleven)
, o 2006: gelijkmatig verdeeld verblijf van de kinderen wordt de prioritair te onderzoeken
verblijfsregeling (= co-ouderschap)
o 2014: geen verplichte patrilineaire naamoverdracht (naam van de vader) meer maar
keuzerecht
» Kinderen worden kern van gezin
o Kinderen krijgen een centrale plaats in het gezin
o Kinderen als volwaardige personen die beschermd dienen te worden en zelf inspraak dienen
te hebben en kunnen participeren aan het rechtsleven
à Geen voorwerp meer van de ouderlijke macht
à IVRK en art. 22bis GW
» Impact medisch begeleide voortplanting op afstamming en ouderschap
o Nieuwe mogelijkheden voor medische begeleidende voortplanting zoals donor van gameten
en draagmoederschap (wetgeving is gedeeltelijk aangepast)
à Alleenstaande moeders
à Koppels van hetzelfde geslacht
o De juridische ouders zijn NIET noodzakelijk de genetische ouders
o Donorkinderen hebben het recht op kennis en afstammingsinformatie
» Nadruk op autonomie van het individu en zijn recht op zelfbepaling (= rode draad!)
o o.a.:
à Registratie van het geslacht
à Ook i.v.m. begin en einde v/h leven (abortuswet (1990), euthanasiewet (2002), wet
medisch begeleide voortplanting (2007))
o Breder relatievermogensrecht nodig (vanaf 2008, enkel nog notoriële akte vereist) (enkel
bescherming voor mensen die trouwen)
à Intern: contractualisering + huwelijkscontract als instrument voor
vermogensplanning
• Eerst: geregeld met beperkte autonomie + onveranderlijk tijdens huwelijk
• 1976: wijzigbaarheid huwelijksvermpgensstelsel
§ 1998: versoepeling vormvoorschriften
§ 2008: afschaffing van de rechterlijke goedkeuring
à Extern: maatschappelijke aanvaarding van wettelijke/feitelijke samenwoning +
statuut (art. 1475-1479 Oud BW)
=> Contractuele autonomie blijft de regel
=> Discriminatie?
§ Tijdens relatie
o Huwelijk: partner kan borg nietig vragen indien belangen
gezin in gevaar
§ Einde relatie:
o Huwelijk: alimentatie
o Wettelijk en feitelijk samenwonen: niks
§ Einde: vermogen:
o Huwelijk: helft
§ Overlijden:
o Huwelijk: vruchtgebruik, etc.
o Wettelijk samenwonen: beetje
o Feitelijk samenwonen: niks
=> Opt-in: NOOIT bescherming zwakke partij; je krijgt pas bescherming als je kiest
voor in het statuut te stappen (rol sterke partij; kiest vaak niet voor het
statuut)
=> Opt-out: bescherming zwakke partij; bescherming geldt automatisch, tenzij je er
expliciet uitstapt
=> Minderheidsopvatting vs. GWH 19 januari 2017