SAMENVATTING PSYCHOLOGIE
H1: om te beginnen
1) What’s in a name?
WE zien psychologie overal: media, tv, tijdschriften,…
MAAR er is een groot verschil tussen die psychologie en
wetenschappelijke psychologie
wij bestuderen de wetenschappelijke psychologie
deze wordt zowel onder- als overschat
WETENSCHAPPELIJK PSYCHOLOGIE:
heeft wortels in filosofie & fysiologie/neurologie
wijst op 2voudig karakter v psychologische kennis
BINNEN filosofie: psychologie geassocieerd met studie vd geest
HIERIN 2 historische strekkingen te onderscheiden:
- rationalisme
= ratio als enige toelaatbare criterium vr geldige kennis
& heeft dualistische visie: lichaam & geest zijn gescheiden dingen
- empiriscme en associationisme
= geldige kennis komt enkel v onbevooroordeelde zintuigelijke kennis
mythes & misvattingen:
1. psychologie is nt enkel mensen met mentale stoornissen en problemen
diagnosticeren en helpen
OOK bestaat er positieve psychologie
= functioneren/welzijn v mensen optimaliseren ookal zijn
er geen problemen
2. Psychoanalyse (vorm die Freud beoefende) beoefent maar een heel
klein deel
= Freudprobleem
= mensen hebben stereotype beeld v psychologie doordat enkel
Freud gekend is
3. Psychologie =! Psychiatrie
psychiatrie is gefocust op mensen met zware mentale stoornissen
+ hierbij komt medicatie kijken
ONTSTAAN?
volgens Herman Ebbinghaus:
“De psychologie heeft een lang verleden, mr een korte geschiedenis”
het is nog mr een recente wetenschappelijke discipline
startsein v psychologie als wetenschappelijk middel in 1879
WANT TOEN het ‘eerste’ psychologisch laboratorium als officiële start van
de psychologie als zelfstandige wetenschap (‘psychofysica’) in Leipzig (dr
Wundt)
,DOORHEEN de jaren: focus v wetenschappelijke psychologie varieerde
1) 1e wet psychologen: bewustzijn als principale object
2) begin 20e eeuw: bestuderen vh onbewuste
3) na WOII: objectief waarneembaar gedrag bestuderen
4) behavioristische periode tot 1960: achterhalen v verbanden tss
stimulus en reactie
bestudeerde dieren want geloofde dat gedrag met mens niet
verschilde
5) na 1960: cognitieve psychologie bestudeert manier waarop we info
verwerken
DEFINITIE
psychologie (psyche + logos = zielkunde/geestkunde
= de wetenschappelijke studie van de mentale processen en van het
gedrag (van individuen) (dus zowel intern als extern)
=> breed veld met vele specialismen
HIERBIJ binden de gebruikte methoden die specialismen & nt zozeer
onderwerpen
onderverdeling in 50 disciplines (48 bestaande)
MAAR BELANGRIJK psychologie is nt de enige wetenschap die gedrag
bestudeert
OOK bv sociologie, rechten , criminologie…
BIJ wetenschappelijke psychologie: kritisch denken heel belangrijk!!
nodig om het te onderscheiden v andere kennis
onderzoek wijst uit: 40-75% mensen hecht belang aan telepathie,
helderziendheid, biortirmen en psychische heelkunde
MAAR investering hierin is nutteloos
in 2011 STUDIE Bem: beweerde mogelijkheid te hebben toekomst te
voorspellen
via 9 studies:
o.a. 100 studenten (50 v & 50 m): moesten op computer kiezen tss 2
gordijnen (36x)
DAN na keuze zat er onder 1 gordijn een erotische scene
RESULTAAT:
indien proefpersonen louter toevallig zouden kiezen zou 50% v gevallen
juist zijn
uit onderzoek 53,1%: statistisch groter door 36x100 beurten
HIERUIT & uit 8 andere studies besloot hij dat toekomst voorspellen
mogelijk was
MAAR heranalyse toonde aan dat experimenten niet klopte & het niet kon
Beeld over de psychologie:
psychologie wordt vaak verkeerd ingeschat
, hierbij zowel overschatting
bv mensen denken dat een psycholoog kan zien wat ze denken
MAAR ook onderschatting: ze bestuderen wat iedereen al weet
FOUT, want ze gaan net doorprikken wat iedereen denkt
2) Methodologische eisen vr wetenschappelijk onderzoek:
Precieze definiëring van wat wetenschap is, is er voorlopig niet
WEL zijn er 3 belangrijke kenmerken:
Systematisch empirisme
= wetenschappelijke kennis wordt verzameld in de eerste plaats
door het systematisch waarnemen van de werkelijkheid
& zonder empirisch verzamelde evidentie kan je je ideeën niet
overbrengen
= GEEN gezagsagrument
Verifieerbare kennis
= kennis moet repliceerbaar zijn
als we het onderzoek meerdere keren doen, moet dit resultaat
er steeds zijn
OM dit te zorgen: gebruik gemaakt van peer review
= andere wetenschappers uit hetzelfde wetenschapsdomein
moeten artikel
beoordelen op wetenschappelijke degelijkheid voor het
gepubliceerd wordt
Toetsbare, falsifieerbare hypothesen/theorieën
= het moet principieel mogelijk zijn om aan te tonen dat een
uitspraak foutief is
WAT wel/niet onderzoekbaar is: kan veranderen doorheen de jaren
door ontwikkelen nieuwe technieken of inzichten
HOE gaat men van kennis tot wetenschappelijke wet?
vertrekkend vanuit systematische observaties gaat een wetenschapper na
onder welke omstandigheden iets v toepassing is
DAN theorie
= geeft relatie tss set van concepten die gebruikt w’n om data te
verklaren vanuit
empirische studie
hypothese
= specifieke predictie afgeleid vanuit een theorie
ALS dan relatie tss wetenschappelijke variabelen frequent geconfirmeerd
is
wetenschappelijke wet
ONDERZOEKSMETHODES:
op deze moment: 7 vaak gebruikte onderzoeksmethodes
, Surveys (=vragenlijsten)
= verzamelen ve steekproef v opinie over één of meerdere
onderwerken op basis waarvan de onderzoeken besluit trekt over
hele populatie
via indirecte (schriftelijke) bevraging met open & gesloten vragen
VAAK gebruik v Likert-schalen
= oneven aantal antwoordmogelijkheden met cijfers
tests
= meten v variabelen bv intelligentie, persoonlijkheidsaspecten,…
wetenschappelijk verantwoorde tests moeten voldoen aan
vereisten:
1) standaardisatie
= test steeds op zelfde manier afgenomen
2) betrouwbaarheid
= test heeft steeds dezelfde uitkomst, is nauwkeurig
3) validiteit
= test meet wat je beoogt te meten
! een betrouwbare test is niet altijd een valide test
MAAR een valide test is wel altijd betrouwbaar
interne validiteit
= HOE zeker zijn we dat effecten van onafhankelijke
variabele/predictor op
afhankelijke variabele/criterium niet aan toeval/verwarrende
variabelen/… kunnen toegeschreven worden
externe validiteit (=ecologische validiteit)
= Hoe zeker zijn we dat de resultaten/conclusie van een empirisch
onderzoek kunnen veralgemeend worden naar andere populaties en
situaties
correlationele studies
= onderzoeker gaat na of er verbanden zijn tussen bestudeerde
karakteristieken
MET correlatiecoëfficiënt
= getal tss -1,0 en 1,0 dat sterkte v verband meegeeft
waarde 1,0 = perfect lineair verband (hoge waarde ene, geeft
hoge andere)
waarde -1,0 = perfect omgekeerd verband (hoge waarde ene,
lage andere)
waarde 0,0 = geen verband
MEESTAL geen perfect waarden bij onderzoek
!! correlationeel verband toont NOOIT een causaal verband aan
MOGELIJKS: 2 variabelen correleren, maar hebben geen effect op
elkaar
3e variabele kan dan oorzakelijk effect hebben op beide
H1: om te beginnen
1) What’s in a name?
WE zien psychologie overal: media, tv, tijdschriften,…
MAAR er is een groot verschil tussen die psychologie en
wetenschappelijke psychologie
wij bestuderen de wetenschappelijke psychologie
deze wordt zowel onder- als overschat
WETENSCHAPPELIJK PSYCHOLOGIE:
heeft wortels in filosofie & fysiologie/neurologie
wijst op 2voudig karakter v psychologische kennis
BINNEN filosofie: psychologie geassocieerd met studie vd geest
HIERIN 2 historische strekkingen te onderscheiden:
- rationalisme
= ratio als enige toelaatbare criterium vr geldige kennis
& heeft dualistische visie: lichaam & geest zijn gescheiden dingen
- empiriscme en associationisme
= geldige kennis komt enkel v onbevooroordeelde zintuigelijke kennis
mythes & misvattingen:
1. psychologie is nt enkel mensen met mentale stoornissen en problemen
diagnosticeren en helpen
OOK bestaat er positieve psychologie
= functioneren/welzijn v mensen optimaliseren ookal zijn
er geen problemen
2. Psychoanalyse (vorm die Freud beoefende) beoefent maar een heel
klein deel
= Freudprobleem
= mensen hebben stereotype beeld v psychologie doordat enkel
Freud gekend is
3. Psychologie =! Psychiatrie
psychiatrie is gefocust op mensen met zware mentale stoornissen
+ hierbij komt medicatie kijken
ONTSTAAN?
volgens Herman Ebbinghaus:
“De psychologie heeft een lang verleden, mr een korte geschiedenis”
het is nog mr een recente wetenschappelijke discipline
startsein v psychologie als wetenschappelijk middel in 1879
WANT TOEN het ‘eerste’ psychologisch laboratorium als officiële start van
de psychologie als zelfstandige wetenschap (‘psychofysica’) in Leipzig (dr
Wundt)
,DOORHEEN de jaren: focus v wetenschappelijke psychologie varieerde
1) 1e wet psychologen: bewustzijn als principale object
2) begin 20e eeuw: bestuderen vh onbewuste
3) na WOII: objectief waarneembaar gedrag bestuderen
4) behavioristische periode tot 1960: achterhalen v verbanden tss
stimulus en reactie
bestudeerde dieren want geloofde dat gedrag met mens niet
verschilde
5) na 1960: cognitieve psychologie bestudeert manier waarop we info
verwerken
DEFINITIE
psychologie (psyche + logos = zielkunde/geestkunde
= de wetenschappelijke studie van de mentale processen en van het
gedrag (van individuen) (dus zowel intern als extern)
=> breed veld met vele specialismen
HIERBIJ binden de gebruikte methoden die specialismen & nt zozeer
onderwerpen
onderverdeling in 50 disciplines (48 bestaande)
MAAR BELANGRIJK psychologie is nt de enige wetenschap die gedrag
bestudeert
OOK bv sociologie, rechten , criminologie…
BIJ wetenschappelijke psychologie: kritisch denken heel belangrijk!!
nodig om het te onderscheiden v andere kennis
onderzoek wijst uit: 40-75% mensen hecht belang aan telepathie,
helderziendheid, biortirmen en psychische heelkunde
MAAR investering hierin is nutteloos
in 2011 STUDIE Bem: beweerde mogelijkheid te hebben toekomst te
voorspellen
via 9 studies:
o.a. 100 studenten (50 v & 50 m): moesten op computer kiezen tss 2
gordijnen (36x)
DAN na keuze zat er onder 1 gordijn een erotische scene
RESULTAAT:
indien proefpersonen louter toevallig zouden kiezen zou 50% v gevallen
juist zijn
uit onderzoek 53,1%: statistisch groter door 36x100 beurten
HIERUIT & uit 8 andere studies besloot hij dat toekomst voorspellen
mogelijk was
MAAR heranalyse toonde aan dat experimenten niet klopte & het niet kon
Beeld over de psychologie:
psychologie wordt vaak verkeerd ingeschat
, hierbij zowel overschatting
bv mensen denken dat een psycholoog kan zien wat ze denken
MAAR ook onderschatting: ze bestuderen wat iedereen al weet
FOUT, want ze gaan net doorprikken wat iedereen denkt
2) Methodologische eisen vr wetenschappelijk onderzoek:
Precieze definiëring van wat wetenschap is, is er voorlopig niet
WEL zijn er 3 belangrijke kenmerken:
Systematisch empirisme
= wetenschappelijke kennis wordt verzameld in de eerste plaats
door het systematisch waarnemen van de werkelijkheid
& zonder empirisch verzamelde evidentie kan je je ideeën niet
overbrengen
= GEEN gezagsagrument
Verifieerbare kennis
= kennis moet repliceerbaar zijn
als we het onderzoek meerdere keren doen, moet dit resultaat
er steeds zijn
OM dit te zorgen: gebruik gemaakt van peer review
= andere wetenschappers uit hetzelfde wetenschapsdomein
moeten artikel
beoordelen op wetenschappelijke degelijkheid voor het
gepubliceerd wordt
Toetsbare, falsifieerbare hypothesen/theorieën
= het moet principieel mogelijk zijn om aan te tonen dat een
uitspraak foutief is
WAT wel/niet onderzoekbaar is: kan veranderen doorheen de jaren
door ontwikkelen nieuwe technieken of inzichten
HOE gaat men van kennis tot wetenschappelijke wet?
vertrekkend vanuit systematische observaties gaat een wetenschapper na
onder welke omstandigheden iets v toepassing is
DAN theorie
= geeft relatie tss set van concepten die gebruikt w’n om data te
verklaren vanuit
empirische studie
hypothese
= specifieke predictie afgeleid vanuit een theorie
ALS dan relatie tss wetenschappelijke variabelen frequent geconfirmeerd
is
wetenschappelijke wet
ONDERZOEKSMETHODES:
op deze moment: 7 vaak gebruikte onderzoeksmethodes
, Surveys (=vragenlijsten)
= verzamelen ve steekproef v opinie over één of meerdere
onderwerken op basis waarvan de onderzoeken besluit trekt over
hele populatie
via indirecte (schriftelijke) bevraging met open & gesloten vragen
VAAK gebruik v Likert-schalen
= oneven aantal antwoordmogelijkheden met cijfers
tests
= meten v variabelen bv intelligentie, persoonlijkheidsaspecten,…
wetenschappelijk verantwoorde tests moeten voldoen aan
vereisten:
1) standaardisatie
= test steeds op zelfde manier afgenomen
2) betrouwbaarheid
= test heeft steeds dezelfde uitkomst, is nauwkeurig
3) validiteit
= test meet wat je beoogt te meten
! een betrouwbare test is niet altijd een valide test
MAAR een valide test is wel altijd betrouwbaar
interne validiteit
= HOE zeker zijn we dat effecten van onafhankelijke
variabele/predictor op
afhankelijke variabele/criterium niet aan toeval/verwarrende
variabelen/… kunnen toegeschreven worden
externe validiteit (=ecologische validiteit)
= Hoe zeker zijn we dat de resultaten/conclusie van een empirisch
onderzoek kunnen veralgemeend worden naar andere populaties en
situaties
correlationele studies
= onderzoeker gaat na of er verbanden zijn tussen bestudeerde
karakteristieken
MET correlatiecoëfficiënt
= getal tss -1,0 en 1,0 dat sterkte v verband meegeeft
waarde 1,0 = perfect lineair verband (hoge waarde ene, geeft
hoge andere)
waarde -1,0 = perfect omgekeerd verband (hoge waarde ene,
lage andere)
waarde 0,0 = geen verband
MEESTAL geen perfect waarden bij onderzoek
!! correlationeel verband toont NOOIT een causaal verband aan
MOGELIJKS: 2 variabelen correleren, maar hebben geen effect op
elkaar
3e variabele kan dan oorzakelijk effect hebben op beide