H1: Zingeving of -beleving en de spirituele dimensie van de mens 4
1.1 Zinbeleving - de Z van RZL 4
1.2 Victor Frankl 4
1.3 Zinbeleving & totaal mensbeeld 6
1.3.1 De rol van de spirituele dimensie 6
1.3.2 Activiteit van de spirituele dimensie 10
1.3.3 Verhoogde activiteit van de spirituele dimensie 11
1.3.3.1 Wat zijn zinvragen? 12
1.3.3.2 Zin verliezen en opnieuw zin vinden: een verhaal van twee snelheden 14
1.3.3.3 Onmacht bij alle partijen 15
1.4 Interprofessionele spirituele zorg 16
1.4.1 Global meaning - situational meaning 16
H2: Gebrokenheid en kwaad 18
2.1 Nadenken over kwaad en vergeving 18
2.1.1 Kwaad 18
2.1.2 Sanda Dia 18
2.2 Hoofdlijnen denkproces 19
2.2.1 Diabolisering 20
2.2.1.1 Diabolisering boosdoener en terugkeer wraak 20
2.2.1.2 Diabolisering: toepassing in de zorg 21
2.2.1.3 Kritiek op diabolisering 21
2.2.1.4 De-diabolisering 21
2.2.2 Banalisering 22
2.2.2.1 Banalisering boosdoener en ontkenning kwaad 22
2.2.2.2 Kritiek op banalisering 23
2.2.2.3 Banalisering: toepassing in de zorg 23
2.2.2.4 Vergeven en vergeten? 24
2.2.3 Samenvatting diabolisering en banalisering 24
2.2.4 Contrafiguren 25
2.2.5 Derde klassiek model: ethisering 25
2.2.5.1 Ethisering van de boosdoener en de verschoning van het kwaad 25
2.2.5.2 Ethisering: toepassing in de zorg 26
2.2.6 Concept van zelfbedrog 27
2.2.6.1 Zelfbedrog: toepassing in de zorg 28
2.2.7 Concept van l’impardonnable 28
2.2.7.1 Vergeving mogelijk? 28
2.2.7.2 Onvergefelijk? 30
H3: Cultuursensitieve zorg 32
3.1 Betrokken zorg of meelevende zorg 32
3.1.1 Definitie 32
3.1.2 Benodigdheden voor betrokken zorg 32
1
, 3.1.3 Het belang van de zorgrelatie 32
3.1.4 Voorbeeldvragen van cultuursensitieve zorg 33
3.2 Toenemende diversiteit in de samenleving 33
3.2.1 Oorzaken 33
3.2.2 Culturen en religies zorgen voor diversiteit 34
3.2.3 Van Diversiteit naar Superdiversiteit 35
3.3 Cultuur: een dynamisch begrip 36
3.4 Vier manieren om met cultuurverschillen om te gaan 36
3.4.1 Cultuurrelativisme 36
3.4.2 Fundamentalisme 37
3.4.3 Passief pluralisme 37
3.4.4 Actief pluralisme 37
3.5 Impact van cultuur en levensbeschouwing op ziekte 37
3.5.1 Twee verklaringsmodellen 37
3.5.2 Een balans tussen twee verschillende culturele zorgcontexten 38
3.5.3 Interculturele zorgontmoeting 38
3.6 Drie interculturele competenties 39
3.6.1 Houding 39
3.6.1.1 Respect/eerbied voor de menselijke persoon 39
3.6.1.2 Medemenselijkheid als voedingsbodem voor een betekenisvolle zorgrelatie 42
1. Verwachtingen voor een betekenisvolle relaties 42
2. Soorten relaties 42
3. Outcome van soorten relaties 43
3.6.1.3 Cultureel bewustzijn 44
3.6.2 Vaardigheden 45
3.6.3 Kennis 47
H4: Spiritualiteit bij kinderen 48
4.1 Childhood Studies 48
4.1.1 Rebecca Nye 48
4.1.2 Onderzoek David Hay en Rebecca Nye 48
4.2 Openheid voor spiritualiteit bevorderen 49
4.2.1 Space 49
4.2.2 Process 49
4.2.3 Imagination 49
4.2.4 Relationship 50
4.2.5 Intimacy 50
4.2.6 Trust 50
4.3 Kinderen, theologie en geloof 50
4.3.1 Dialoog met theologie 50
4.3.2 Kinderen als theologen 51
4.3.3 Kinderen en ‘lived religion’ 51
4.3.4 Post-kritische geloofsschaal 51
2
, 4.3.5 Godly play 52
4.3.6 Toepassing 53
4.3.7 Lichtenberg methode 53
H5: Eerstelijns spirituele zorg 54
5.1 Flanders Quality Model (FLAQUM) 54
5.2 Competenties en instrumenten voor eerstelijns spirituele zorg 54
5.2.1 Competenties voor eerstelijns SP 54
5.2.2 Instrumenten voor eerstelijnszorg 54
5.3 FICA 55
5.4 Spiritwijzers 55
5.4.1 Spiritwijzer AZ 56
5.4.2 Spiritwijzer thuiszorg 56
5.4.3 Andere spiritwijzers 56
5.5 Ars-vivendi-ars moriendi 56
5.5.1 Ars moriendi 57
5.5.2 Herinterpretatie van ars moriendi vandaag 57
5.5.3 AMM Carlo Leget - diamant model 57
5.5.4 Polen 58
5.6 Sprituele checklist 58
3
, Religie, zingeving en levensbeschouwing
H1: Zingeving of -beleving en de spirituele dimensie van de mens
1.1 Zinbeleving - de Z van RZL
Erik Erikson -> definieert 6 ontwikkelingsstadia in het leven:
● Bij elk stadium is er een spirituele taak
● Ouderen: vaak bezig met opmaken van levensbalans
○ Wat zinvol was en wat niet zinvol was
○ Wat af is en niet af is
● Als balans doorslaat naar positieve/zinvolheid, dan overheersen dankbaarheid en innerlijke rust
Waarom RZL?
● Beroepsmatig: aspect van (en van zorg voor) patiënt, cliënt of bewoner:
○ In de zorg: integrale zorg = mens behandelen met al hun dimensies (lichamelijk, spiritueel,
sociaal …) ~ WHO
○ Hele mens-zijn (alle dimensies) leren zien
● Persoonlijk: aspect van jezelf, bij jezelf leren herkennen
● Maatschappelijk: aanwezigheid in samenleving
● Onderwijs -> KU Leuven = een katholieke universiteit:
○ Verbondenheid met christelijke traditie en verhaal
○ Visie op onderwijs (persoonsvorming)
○ Levensbeschouwelijke bedachtzaamheid
Basics van zinbeleving:
● Wat is het? Wie heeft het?
● Hoe herken je het? Wat doe je ermee?
● -> Spirituele dimensie begint bij het begrijpen dat we allemaal op zoek zijn naar een zinvol leven
1.2 Victor Frankl
● Joodse psychiater -> Man's Search for Meaning (1946) -> obv ervaringen in concentratiekampen
○ Deel 1 analyseert zijn bevindingen en ervaringen in het kamp
■ Verschil tussen mensen die het volhielden en niet volhielden in de kampen
■ Wie had meer kans tot overleven in dezelfde omstandigheden van uitputting,
honger, dwangarbeid, vernedering en slechte hygiëne
○ Deel 2 introduceert de visie van Frankl over betekenis en zinbeleving
■ Integreren van een nieuwe vorm van therapie -> sterk gericht op zinbeleving
■ Zinbeleving is het meest fundamentele in het leven van een persoon
■ Elke mens wordt geboren met een drang naar een betekenisvol en zinvol leven,
search for meaning is aangeboren, sterke drang, drang die primeert
■ Basis voor zijn logotherapie -> aandacht geven aan betekenisgeving
○ Passages uit het boek:
■ Als alles wordt afgenomen, wat blijft er dan nog over?
● Veel gevangen werden apathisch
● Als product van hun meedogenloze omgeving
4
1.1 Zinbeleving - de Z van RZL 4
1.2 Victor Frankl 4
1.3 Zinbeleving & totaal mensbeeld 6
1.3.1 De rol van de spirituele dimensie 6
1.3.2 Activiteit van de spirituele dimensie 10
1.3.3 Verhoogde activiteit van de spirituele dimensie 11
1.3.3.1 Wat zijn zinvragen? 12
1.3.3.2 Zin verliezen en opnieuw zin vinden: een verhaal van twee snelheden 14
1.3.3.3 Onmacht bij alle partijen 15
1.4 Interprofessionele spirituele zorg 16
1.4.1 Global meaning - situational meaning 16
H2: Gebrokenheid en kwaad 18
2.1 Nadenken over kwaad en vergeving 18
2.1.1 Kwaad 18
2.1.2 Sanda Dia 18
2.2 Hoofdlijnen denkproces 19
2.2.1 Diabolisering 20
2.2.1.1 Diabolisering boosdoener en terugkeer wraak 20
2.2.1.2 Diabolisering: toepassing in de zorg 21
2.2.1.3 Kritiek op diabolisering 21
2.2.1.4 De-diabolisering 21
2.2.2 Banalisering 22
2.2.2.1 Banalisering boosdoener en ontkenning kwaad 22
2.2.2.2 Kritiek op banalisering 23
2.2.2.3 Banalisering: toepassing in de zorg 23
2.2.2.4 Vergeven en vergeten? 24
2.2.3 Samenvatting diabolisering en banalisering 24
2.2.4 Contrafiguren 25
2.2.5 Derde klassiek model: ethisering 25
2.2.5.1 Ethisering van de boosdoener en de verschoning van het kwaad 25
2.2.5.2 Ethisering: toepassing in de zorg 26
2.2.6 Concept van zelfbedrog 27
2.2.6.1 Zelfbedrog: toepassing in de zorg 28
2.2.7 Concept van l’impardonnable 28
2.2.7.1 Vergeving mogelijk? 28
2.2.7.2 Onvergefelijk? 30
H3: Cultuursensitieve zorg 32
3.1 Betrokken zorg of meelevende zorg 32
3.1.1 Definitie 32
3.1.2 Benodigdheden voor betrokken zorg 32
1
, 3.1.3 Het belang van de zorgrelatie 32
3.1.4 Voorbeeldvragen van cultuursensitieve zorg 33
3.2 Toenemende diversiteit in de samenleving 33
3.2.1 Oorzaken 33
3.2.2 Culturen en religies zorgen voor diversiteit 34
3.2.3 Van Diversiteit naar Superdiversiteit 35
3.3 Cultuur: een dynamisch begrip 36
3.4 Vier manieren om met cultuurverschillen om te gaan 36
3.4.1 Cultuurrelativisme 36
3.4.2 Fundamentalisme 37
3.4.3 Passief pluralisme 37
3.4.4 Actief pluralisme 37
3.5 Impact van cultuur en levensbeschouwing op ziekte 37
3.5.1 Twee verklaringsmodellen 37
3.5.2 Een balans tussen twee verschillende culturele zorgcontexten 38
3.5.3 Interculturele zorgontmoeting 38
3.6 Drie interculturele competenties 39
3.6.1 Houding 39
3.6.1.1 Respect/eerbied voor de menselijke persoon 39
3.6.1.2 Medemenselijkheid als voedingsbodem voor een betekenisvolle zorgrelatie 42
1. Verwachtingen voor een betekenisvolle relaties 42
2. Soorten relaties 42
3. Outcome van soorten relaties 43
3.6.1.3 Cultureel bewustzijn 44
3.6.2 Vaardigheden 45
3.6.3 Kennis 47
H4: Spiritualiteit bij kinderen 48
4.1 Childhood Studies 48
4.1.1 Rebecca Nye 48
4.1.2 Onderzoek David Hay en Rebecca Nye 48
4.2 Openheid voor spiritualiteit bevorderen 49
4.2.1 Space 49
4.2.2 Process 49
4.2.3 Imagination 49
4.2.4 Relationship 50
4.2.5 Intimacy 50
4.2.6 Trust 50
4.3 Kinderen, theologie en geloof 50
4.3.1 Dialoog met theologie 50
4.3.2 Kinderen als theologen 51
4.3.3 Kinderen en ‘lived religion’ 51
4.3.4 Post-kritische geloofsschaal 51
2
, 4.3.5 Godly play 52
4.3.6 Toepassing 53
4.3.7 Lichtenberg methode 53
H5: Eerstelijns spirituele zorg 54
5.1 Flanders Quality Model (FLAQUM) 54
5.2 Competenties en instrumenten voor eerstelijns spirituele zorg 54
5.2.1 Competenties voor eerstelijns SP 54
5.2.2 Instrumenten voor eerstelijnszorg 54
5.3 FICA 55
5.4 Spiritwijzers 55
5.4.1 Spiritwijzer AZ 56
5.4.2 Spiritwijzer thuiszorg 56
5.4.3 Andere spiritwijzers 56
5.5 Ars-vivendi-ars moriendi 56
5.5.1 Ars moriendi 57
5.5.2 Herinterpretatie van ars moriendi vandaag 57
5.5.3 AMM Carlo Leget - diamant model 57
5.5.4 Polen 58
5.6 Sprituele checklist 58
3
, Religie, zingeving en levensbeschouwing
H1: Zingeving of -beleving en de spirituele dimensie van de mens
1.1 Zinbeleving - de Z van RZL
Erik Erikson -> definieert 6 ontwikkelingsstadia in het leven:
● Bij elk stadium is er een spirituele taak
● Ouderen: vaak bezig met opmaken van levensbalans
○ Wat zinvol was en wat niet zinvol was
○ Wat af is en niet af is
● Als balans doorslaat naar positieve/zinvolheid, dan overheersen dankbaarheid en innerlijke rust
Waarom RZL?
● Beroepsmatig: aspect van (en van zorg voor) patiënt, cliënt of bewoner:
○ In de zorg: integrale zorg = mens behandelen met al hun dimensies (lichamelijk, spiritueel,
sociaal …) ~ WHO
○ Hele mens-zijn (alle dimensies) leren zien
● Persoonlijk: aspect van jezelf, bij jezelf leren herkennen
● Maatschappelijk: aanwezigheid in samenleving
● Onderwijs -> KU Leuven = een katholieke universiteit:
○ Verbondenheid met christelijke traditie en verhaal
○ Visie op onderwijs (persoonsvorming)
○ Levensbeschouwelijke bedachtzaamheid
Basics van zinbeleving:
● Wat is het? Wie heeft het?
● Hoe herken je het? Wat doe je ermee?
● -> Spirituele dimensie begint bij het begrijpen dat we allemaal op zoek zijn naar een zinvol leven
1.2 Victor Frankl
● Joodse psychiater -> Man's Search for Meaning (1946) -> obv ervaringen in concentratiekampen
○ Deel 1 analyseert zijn bevindingen en ervaringen in het kamp
■ Verschil tussen mensen die het volhielden en niet volhielden in de kampen
■ Wie had meer kans tot overleven in dezelfde omstandigheden van uitputting,
honger, dwangarbeid, vernedering en slechte hygiëne
○ Deel 2 introduceert de visie van Frankl over betekenis en zinbeleving
■ Integreren van een nieuwe vorm van therapie -> sterk gericht op zinbeleving
■ Zinbeleving is het meest fundamentele in het leven van een persoon
■ Elke mens wordt geboren met een drang naar een betekenisvol en zinvol leven,
search for meaning is aangeboren, sterke drang, drang die primeert
■ Basis voor zijn logotherapie -> aandacht geven aan betekenisgeving
○ Passages uit het boek:
■ Als alles wordt afgenomen, wat blijft er dan nog over?
● Veel gevangen werden apathisch
● Als product van hun meedogenloze omgeving
4