multicultureel
Koppeling maken met H5!
Vorige les bespraken we de vier vormen van sociaal handelen: gedrag dat
voortkomt uit sociale relaties, die verbonden zijn aan sociale posities,
rollen, rolverwachtingen en status.
Er zijn twee soorten sociaal handelen: communicatie en ... (de andere
vorm).
De intentie achter sociaal handelen is belangrijk: twee personen kunnen
hetzelfde gedrag vertonen, maar met een verschillende bedoeling.
Dat was op microniveau; nu bekijken we dit op macroniveau.
Inleiding: over cultuurpatronen en hun componenten
Maatschappelijke structuur als sociaal feit
De maatschappelijke structuur bestaat uit twee nauw verbonden dimensies:
De positionele (netwerken, posities, rollen, status)
De culturele (waarden, normen, betekenissen, zingeving).
Mensen nemen deel aan het sociale leven vanuit hun sociale posities en de
bijbehorende rollen, status en verwachtingen. Hun sociaal handelen, het
interageren en communiceren binnen sociale relaties, wordt hierdoor sterk
beïnvloed.
Daarnaast speelt ook de cultuur een centrale rol: gedeelde opvattingen,
betekenissen en waarderingen die richting geven aan gedrag en verklaren
waarom mensen handelen zoals ze doen.
Beide dimensies vormen samen het sociaal feit:
De positionele structuur bepaalt wie met wie in contact staat.
De culturele structuur bepaalt hoe en waarom dat contact betekenis krijgt.
Hoewel ze sterk verweven zijn, heeft cultuur een zekere autonomie binnen de
maatschappelijke structuur.
1
, 7.1: door de ogen van anderen
Wat is cultuur?
Cultuur verwijst naar alles wat mensen denken, doen en hebben, en wat ze
doorgeven aan volgende generaties. Het omvat dus zowel:
Immateriële cultuur: ideeën, waarden, normen, overtuigingen, taal,
symbolen, gewoonten, religie, manieren van denken en voelen.
Materiële cultuur: tastbare zaken zoals kleding, gebouwen, technologie,
kunst, eten, enz.
Samen vormen deze elementen een cultuurpatroon: een samenhangend
geheel van betekenissen en gedragingen dat aangeeft hoe mensen zich ‘horen’
te gedragen binnen een samenleving.
Cultuurpatronen als sociaal feit
Een sociaal feit (begrip van Durkheim) is iets dat buiten het individu bestaat,
maar toch invloed heeft op zijn gedrag. Bijvoorbeeld:
Voorbeeld: studenten moeten studeren, luisteren en examens afleggen, niet
omdat zij dat individueel zo beslist hebben, maar omdat dat sociaal bepaald is,
het hoort bij de sociale rol van student.
Een sociaal feit is dus:
Collectief: het bestaat omdat de samenleving het samen bepaalt;
Dwingend: het beïnvloedt individueel gedrag, zelfs als iemand dat niet
wil;
Bestudeerbaar los van de persoon: je kunt bijvoorbeeld de “rol van
student” onderzoeken, zonder één specifieke student te bestuderen.
Cultuur en sociale posities zijn dus beide onderdelen van de maatschappelijke
structuur, en kunnen objectief worden bestudeerd.
De wisselwerking tussen cultuur en gedrag
Cultuur bepaalt hoe we ons gedragen op microniveau (tussen individuen).
Bijvoorbeeld: we zeggen “dank je”, geven een hand, of kijken iemand aan bij een
gesprek.
Die gedragingen lijken vanzelfsprekend, maar ze zijn aangeleerd via cultuur.
Wisselwerking:
2
, Onze manier van handelen bevestigt en versterkt wat we “normaal”
vinden.
Tegelijk verandert cultuur langzaam door nieuw gedrag dat betekenis
krijgt.
Verschillende culturen en contraculturen
Er bestaan:
Dominante culturen: de waarden en normen die door de meerderheid
worden gedeeld.
Subculturen: kleinere groepen binnen de samenleving met eigen
gebruiken (bv. jeugdsubculturen, beroepsgroepen).
Contraculturen: groepen die zich bewust afzetten tegen de dominante
cultuur (bv. punkbeweging, klimaatactivisten, hackers).
Deze verschillende culturen tonen dat niet iedereen dezelfde waarden deelt,
maar dat elke groep haar eigen betekenissen en symbolen heeft.
Betekenis en zingeving: het voorbeeld van de Nacirema
In zijn satirische tekst “Body Ritual among the Nacirema” beschreef antropoloog
Horace Miner de Amerikaanse cultuur alsof het om een vreemd volk ging. Hij
toonde hoe gewoontes die wij “normaal” vinden (zoals tanden poetsen, make-up
gebruiken of plastische chirurgie) vreemd lijken als we er vanuit een andere
cultuur naar kijken.
Deze oefening leert ons:
Dat menselijk handelen betekenisvol is, we doen dingen niet enkel uit
instinct of noodzaak, maar omdat ze een culturele betekenis hebben.
Dat betekenisgeving centraal staat in sociaal handelen: cultuur geeft zin
aan wat we doen.
Samenvatting
Kernbegrip Betekenis
Sociaal feit Collectief bepaald gegeven dat individueel gedrag
beïnvloedt (bv. rol van student)
Cultuurpatroon Samenhangend geheel van waarden, normen, betekenissen
en gedragingen
Immateriële Waarden, opvattingen, symbolen, taal, religie
cultuur
Materiële Tastbare producten en voorwerpen
cultuur
Subcultuur Groep met eigen waarden binnen de samenleving
3