8.1: Experimentele onderzoeksstrategie: tussen-subject
design
Doel van experimenteel onderzoek
Het doel van experimenteel onderzoek is om een oorzaak-gevolgrelatie (causaal
verband) aan te tonen tussen twee variabelen.
Met andere woorden: “Heeft de verandering in variabele A (de oorzaak) een
effect op variabele B (het gevolg)?”
Voorbeeld:
Verhoogt slaapgebrek (A) de foutscore op een test (B)?
Maakt een nieuwe therapie (A) mensen minder depressief (B)?
De vier basiselementen van een experiment
Een goed experiment bestaat uit vier essentiële bouwstenen:
Element Betekenis Voorbeeld
1. De onderzoeker verandert actief Je laat één groep slapen
Manipulatie de onafhankelijke variabele (OV) en een andere groep niet
om te zien wat er gebeurt. slapen.
2. Meting De onderzoeker meet de Je meet het aantal fouten
afhankelijke variabele (AV), het op een geheugentest.
gedrag of resultaat dat kan
veranderen door de manipulatie.
3. De onderzoeker vergelijkt de Vergelijk het aantal fouten
Vergelijking resultaten tussen de condities van de “slaapgroep” en
(groepen of situaties). de “slaapgebrek-groep”.
4. Controle De onderzoeker zorgt dat andere Beide groepen doen de
factoren niet meespelen (zoals test op hetzelfde moment
leeftijd, motivatie, lawaai, etc.). van de dag.
Alleen als alle andere factoren onder controle zijn, kan je zeggen dat de
verandering in de AV echt komt door de OV.
1
,Experiment = vergelijken
Een experiment draait dus om vergelijken.
Je kijkt of de gemiddelde scores op de afhankelijke variabele verschillen
tussen de condities van de onafhankelijke variabele.
Bijvoorbeeld:
Studenten leren met methode A of methode B.
Daarna krijgen ze een test.
Als groep A significant beter scoort dan groep B, kunnen we besluiten dat
de onderwijsmethode een effect heeft.
Twee hoofdtypen experimentele designs
Om zulke vergelijkingen te maken, kan je op twee manieren te werk gaan:
Design Wie doorloopt de Voorbeeld
condities?
Tussen-subject Elke conditie wordt uitgevoerd Groep 1 → Methode A
design door een andere groep Groep 2 → Methode B
participanten.
Binnen-subject Dezelfde groep participanten Dezelfde studenten leren
design doorloopt alle condities. eerst met methode A,
dan met methode B
Vandaag focussen we op het tussen-subject design.
Tussen-subject design
Definitie
Een tussen-subject design (of independent measures design) betekent dat elke
groep participanten wordt blootgesteld aan slechts één conditie van de
onafhankelijke variabele.
Dus:
Er zijn verschillende groepen,
Elke groep krijgt één versie van de behandeling,
En elke participant levert één score.
2
, Voorbeeld:
Stel, je onderzoekt of muziek tijdens het studeren de concentratie beïnvloedt.
Groep 1: studeert met muziek
Groep 2: studeert in stilte
Daarna meet je hun prestaties op een concentratietest.
Vergelijk je de gemiddelden? Dan zie je of muziek de prestaties beïnvloedt.
Hoe verloopt een tussen-subject experiment?
Manipuleer de onafhankelijke variabele (bv. type muziek,
onderwijsmethode).
Verdeel participanten over de condities (elke groep krijgt een andere
behandeling).
Meet de afhankelijke variabele (bv. concentratie, testscore,
reactiesnelheid).
Vergelijk de gemiddelden tussen de groepen.
Als er systematische verschillen zijn tussen de groepen, dan kun je besluiten dat
de behandeling (de OV) het verschil veroorzaakt.
Kenmerken van een tussen-subject design
Elke participant neemt slechts één keer deel → slechts één meting.
Elke score komt dus van een unieke persoon.
De metingen zijn onafhankelijk van elkaar → vandaar “independent
measures”.
Er is geen invloed van leereffecten, vermoeidheid of gewenning, want
niemand doet meerdere condities.
Voordelen Nadelen
Geen leereffecten of vermoeidheid, Je hebt meer participanten nodig,
want elke participant doet maar één want elke groep heeft een eigen
conditie. steekproef.
Geen volgorde-effecten (de ene Individuele verschillen (zoals leeftijd,
conditie beïnvloedt de andere niet). IQ, motivatie) kunnen de resultaten
beïnvloeden.
Altijd bruikbaar bij veel soorten Die individuele verschillen kunnen een
onderzoeksvragen. storende variabele (confound)
worden.
3