BRONNEN
Belgische bronnen
• Intern recht
o WIB 1992 (PB, Ven.B, RPB, BNI)
o Specifiek voor internationaal recht:
§ art. 2 (inwonerschap), art. 5 (PB), art. 185 (Ven.B), art. 227–235 (BNI), art. 228 (aanknopingspunten), art.
248 (bevrijdende voorheffingen), enz.
• Multilateraal Instrument (MLI):
o Doel: BEPS-maatregelen in verdragen invoegen zonder elk verdrag apart te heronderhandelen:
§ vroeger: nieuw verdrag België–Nederland: ± 8 jaar onderhandelen;
§ met >100 verdragen is dat onhaalbaar;
§ MLI werkt als een “superverdrag” dat bestaande verdragen automatisch aanpast (bv. PE-definitie,
anti-misbruik, tie-breaker, …).
Internationale organisaties
• OESO – BEPS 1.0 en BEPS 2.0 (Pillar 1 & 2)
o = OESO is geen bindende wet maar is wel de structuur waarop de meeste DBV’s wereldwijd zijn
geïnspireerd + vertrekpunt bij onderhandelingen
o BEPS 1.0 en 2.0 (Base Erosion and Profit Shifting) = pakket van 15 acties om grondslaguitholling en
winstveschuiving naar laag belastende jurisdicties tegen te gaan.
o Pillar 2: minimumbelasting voor multinationals
1
,DEEL 1: PRINCIPES INTERNATIONAAL FISCAAL RECHT
1. WAT IS INTERNATIONAAL FISCAAL RECHT?
Voorbeelden
• Vb. 1. Belgische atleten op olympische spelen worden in België belast op prijzengeld behaald in Italië
o Als de atleet rijksinwoner is, heeft BE een personeel aanknopingspunt => wereldwijde inkomsten
belastbaar (PB)
o Italië heeft een materieel toepassingsgebied → inkomen zelf is gelinkt aan een bepaald grondgebied
• Vb. 2. ”Albert Hein opent nieuwe Belgische vestigingen” → hoofdzetel in Nederland
o Als AH via aparte Belgische dochtervennootschappen werkt → dan zijn deze dochters binnenlandse
vennootschappen (= werkelijke zetel in BE)
§ Onderworpen aan de BE vennB op hun wereldwijde winst → personeel aanknopingspunt
o AH kan ook werken met filialen → is geen afzonderlijke rechtspersoon, maar een afdeling van de
Nederlandse vennootschap
§ De Nederlandse moeder blijft een buitenlandse vennootschap → zij valt niet onder de Belgische
VennB als binnenlandse vennootschap.
§ België kan wél de winst belasten die toerekenbaar is aan de Belgische vaste inrichting:
§ via de Belasting van niet-inwoners – Vennootschappen (BNI/Ven);
§ enkel voor de winst die aan de Belgische afdeling (filiaal) kan worden toegewezen.
• Vb. 3. “Als Starbucks geen belasting betaalt, draait Jan Modaal daar voor op”
o ‘De belastingconstructie van Starbucks, Google, IKEA, … is legaal’ vs ‘Facebook is bereid meer belastingen
in België te betalen’
• Vb. 4. Luxemburgse dochtervennootschap van Belfius bank meest actief in Panama
• VB. 5. Belgische excess profit tax-rulings = staatssteun, die moet worden teruggevorderd
1.1. FISCALITEIT IS TERRITORIAAL
• Fiscaal recht is nationaal: elke staat is ‘fiscaal soeverein’ => Vb. Inkomstenbelastingen: nationaal in te vullen
o Elk land kiest zelf
§ (1) WIE is belastingplichtige? (personeel toepassingsgebied)
§ (2) WAAROP wordt belastingplichtige belast? (materieel toepassingsgebied)
§ (3) HOE wordt belasting geïnd? (fiscale procedure)
• Bij elke internationale casus moet je 2 stappen volgen
o STAP 1: Analyse intern recht (wib)
2
, § Is er een aanknopingspunt met België? (Personeel of materieel).
§ Pas de nationale regels toe (PB, VenB, BNI, …).
o Stap 2: Analyse Verdragsrecht (DBV/EU-recht):
§ Pas daarna het verdrag toe om de bevoegdheid te verdelen of te beperken.
• Het internationaal recht is het “geheel van regels met betrekking tot de vestiging en invordering van
belastingen, waarin minstens één extraterritoriaal element betrokken is.”
o → ook ‘internationaal fiscaal recht’ is substantieel NATIONAAL RECHT
• Vb. voor België; inkomsten alleen te belasten in België als er een ‘aanknopingspunt’ is met België
o => PERSONEEL aanknopingspunt?
§ Vb. Kaaimantaks (art. 5/1 en 220/1 WIB ‘92): Belg participeert via buitenlandse structuren (vb. trusts)
om inkomsten te krijgen. De kaaimantaks kijkt door die constructie heen & belasten de Belgische
rijksinwoner alsof hij zelf de inkomsten ontvangt.
§ Vb. Vakbondsorganisatie houdt rekeningen aan in buitenland → reactie via ‘Fiscale transparantie’ (art.
5/2 en 220, 4° WIB ‘92)
o => MATERIEEL aanknopingspunt?
§ Vb. Prijzengeld voor sportprestaties die in België worden verricht → sporter hoeft geen Belg te zijn →
aanknoping is plaats van de prestatie
§ Vb. Hoe inkomsten uit e-commerce van buitenlandse onderneming in België belasten?
• → Link tussen het gebruikte aanknopingspunt en het toepassingsgebied van een inkomstenbelasting?
o Vergelijk
§ Art. 5 WIB ‘92 (Pb) en 185 WIB ‘92 (Vennb) => personeel aanknopingspunt met
§ Art. 228 - 231 WIB ’92 (BNI) => materieel aanknopingspunt
1.1.1. PERSONEEL AANKNOPINGSPUNT: INWONERSCHAP
• (1) Natuurlijke personen: RIJKSINWONER (art. 2, §1, 1° WIB ’92) → fiscale woonplaats of zetel van fortuin in
België
o België gebruikt inwonerschap als aanknopingspunt maar => Praktische bewijslast?
§ Inschrijving in Rijksregister (sterk vermoeden van woonplaats, gezinssituatie (plaats waar gezin effectief
verblijft)
§ Inwonerschap is eigenlijk een lege doos (wijkagent komt langs)
o => Andere landen gebruiken andere criteria:
§ Nationaliteit; Vb. V.S. ‘Residents and nationals’→ Je woont heel je leven in België maar je hebt de
Amerikaanse nationaliteit, dan moet je een fiscale aangifte indienen in de VS
§ Territoriaal stelsel voor inwoners
§ Vb. Franse vennootschappen (art. 206 C.G.I.)
3
, § Vb. Portugal taxatie op ‘remittance basis’
§ Vb. UK => ze maken een onderscheid tussen Recidence (inwoner in de UK) en non-domiciled
(duurzaam inwoner, langdurig gevestigd) → deze worden minder belast, op territoriaal basis,
alleen de inkomsten die effectief naar de UK gaan zijn belast
o => Belangrijk: elk land bepaalt inwonerschap autonoom; daarom is dubbele inwonerschap een klassiek
probleem dat verdragstechnisch (art. 4 OESO-Model) moet worden opgelost.
• (2) Vennootschappen: BINNENLANDSE VENNOOTSCHAP (art. 2, §1, 5°, b-c WIB ‘92)
o Het WVV is overgestapt naar de statutaire zetel als aanknopingspunt
§ -> afwijking behouden in fiscaal recht: keuze voor werkelijke zetel (en schrapping verwijzing naar
maatschappelijke zetel)
§ MAAR: fiscaal recht volgt NIET in wijziging vennootschapsrecht DUS ook buitenlandse rechtsvormen in
België beoordelen onder de vennootschapsbelasting !!
§ = als de werkelijke zetel zich in België bevindt (voornaamste inrichting of zetel van bestuur of
beheer)
o Voorbeelden
§ Bv. Belgische IT’ers met Luxemburgse Kommanditgesellschaft om aan Belgische belasting te
ontkomen
§ => Structuur met rechtspersoonlijkheid, maar fiscaal transparant in Luxemburg → winst wordt
dus niet in Luxemburg belast, maar doorgeschoven naar de achterliggende vennoten
§ De IT’ers dachten, Lux. Belast niet en in België wordt de rechtspersoonlijkheid
gerespecteerd dus => winst wordt nergens belast
§ Fiscaal Belgische analyse: alle feitelijke bestuur, programmatie en klantencontacten
gebeuren vanuit België → werkelijke zetel in België → dus Belgische binnenlandse
vennootschap, aangifteplicht in de VenB; geen aangifte = fraude (boetes, verhogingen).
§ Bv. Transportfirma’s georganiseerd vanuit Slowakije Maar rijden feitelijk in België rond, alle planning
gebeurt in België, dagdagelijks beheer en bestuur vanuit Belgische locaties …
§ Belgische fiscus kan stellen dat de werkelijke zetel in België ligt → Belgische vennootschap →
VenB + aangifteplicht
1.1.2. MATERIEEL AANKNOPINGSPUNT IN BNI – ART. 228 WIB
• => in functie van inkomsten (art. 228 WIB ’92)
o §1: “In België behaalde of verkregen inkomsten”
§ => woordje ‘uitsluitend’ is geschrapt
o §2: Opsomming van diverse categorieën met aanknopingspunt
§ Onroerende inkomsten: plaats van de ligging
§ Roerende inkomsten: woonplaats van de SA
§ Bezoldigingen
4