1. ziekte en infectie
1.1. inleiding
Robert koch
- infectieziekten worden veroorzaakt door MO
- 1905
Ilya mechnikov
- MO hebben positieve effecten op gezondheid
- Melkzuurbacteriën kunnen leven verlengen
MO – gastheer – interacties
- Gezondheid of ziekte
1.2. pathologie, infectie en ziekte
pathologie = studie van ziektes ( wervelverstaan )
etiologie = oorzaak van een ziekte
pathogenese = ontwikkeling en effecten van ziekten
pathogeen = waar MO ziektes veroorzaken
pathogene MO
- lichaam binnendringen
- toxines produceren
- als MO gastheer overwint = gastheer ziek
infectie = invasie en kolonisatie van pathogenen in het lichaam
gastheer = groeien pathogenen in
opportunist = veroorzaken ziekten als ze de kans krijgen
- E. coli
ziekte = abnormale staat van het lichaam
- deel van het lichaam niet in staat te functioneren
,infectie = zonder duidelijk teken van ziekte
- HIV virus aids geen symptomen van ziekte
Symptomen = subjectieve veranderingen van de lichaamsfunctie
- Ik voel … pijn, malaise
- Niet zichtbaar
Klinische tekenen = meetbare verandering
- Lesies, zwelling, koorts, verlamming
- Geobserveerd en gemeten worden
Diagnose = identificatie van de ziekte
- Symptomen en tekenen
- Labo – resultaten
Syndroom = specifieke groep symptomen en tekenen
1.3. Patronen van ziekte
Predisposerende factoren = maken je meer vatbaar voor een ziekte / verloop van ziekte
veradneren
- Geslacht
- Genetica
- Klimaat
- Leeftijd
- Vermoeidheid
- Onaangepaste voeding
o Vrouwen urineweginfecties
Sikkelcelanemie
- Homozygoot 2 zieke genen zware anemie
- Heterozygoot 1 ziek gen milde anemie
o Resistent voor malaria in gebieden waar dit endemisch is
,Ontwikkeling van een ziekte
- Als MO voorbij de gastheer ( barrière ) is geraakt
- Acute en chronische ziektes
o Incubatieperiode = stat van infectie en eerste verschijnen van tekenen en
symptomen
o prodomale periode = eerste milde symptomen ( pijn en malaise )
o periode van ziekte = alle tekenen en symptomen zijn zichtbaar ( hoogtepunt )
koorts, rillingen, spierpijn, keelpijn, zwelling lymfeklier
aantal witte bloedcellen neemt toe
o periode van daling = verminderen tekenen en symptomen in 24u tot enkele
dagen
gastheer is gevoelig voor secundaire infecties
o periode van herstel = lichaam keert terug naar oorspronkelijke staat ( herstelt )
1.4. de etiologie van infectieziekten
etiologie = studie van de oorzaken van infectieziekten
- meestal goed gekend
o ziekte van lyme borrelia burgdorferi via teken
- soms minder duidelijk
o relatie virussen en kanker
- onduidelijk
o alzheimer
niet alle ziektes worden veroorzaakt door een MO
erfelijke ziektes
- hemofilie
degeneratieve ziekten
- levercirrose
de postulaten van koch
1. hetzelfde pathogeen moet in elk geval van de ziekte aangetoond kunnen worden
2. het pathogeen moet geïsoleerd en gekweekt kunnen worden
3. het gekweekte pathogeen moet dezelfde ziekte verwekken bij een gezond proefdier
4. het pathogeen moet vanuit het proefdier terug geïsoleerd kunnen worden en
geïdentificeerd als het oorspronkelijke pathogeen
, uitzondering op postulaten
- virussen en bacteriën groeien niet op kunstmatige bodem
- zodanig duidelijke symptomen dat ze herkenbaar zijn zonder gekweekt te worden
o tetanus
- ziektes met meer dan een verwekker
o longontsteking ( pneumonie )
o nierontsteking ( nefritis )
- geen infectie bij het proefdier
o HIV ( humaan immunodeficiëntie virus )
1.5. Belangrijke begripppen in de pathologie
Frequentie van voorkomen
- Sporadische ziekte = komt zelden voor
o Tyfus
- Endemische ziekte = ziekte die constant aanwezig is
o Verkoudheid
- Epidemie = veel mensen worden op korte tijd ziek
o Griepepidemie
o AIDS in de VS
- Pandemie = epidemie komt wereldwijd voor
o Bepaalde griep
o AIDS
o Corona
Verloop van ziekte
- Acute ziekte = ontwikkelt snel en duurt kort
o Griep
- Chronische ziekte = ontwikkelt traag en duurt lang ( kan terug komen en reactie is
minder ernstig )
o Klierkoorts
o Tuberculose
o Hepatitis B
- Subacute ziekte = tussen acuut en chronisch
- Latente ziekte = oorzakelijk agens lang inactief actief symptomen
o Gordelroos
o Zona
- Kudde immuniteit = bevolkingsgroep afweer heeft tegen bepaalde ziekte