Blok 1 — Contractuele verbintenissen
IPR Masters · Rome I · Weens Koopverdrag
1. Overzicht & Logica
Wat is dit vak?
Internationaal privaatrecht (IPR) gaat over grensoverschrijdende situaties. Als twee partijen uit
verschillende landen een contract sluiten, rijzen drie vragen:
# Vraag Instrument
1 Welke rechter mag de zaak behandelen? Brussel I-bis
2 Welk recht geldt voor het contract? Rome I / WKV ← dit blok
3 Wordt het vonnis erkend in een ander land? Brussel I-bis
Kern in één zin
Partijen mogen zelf kiezen welk recht geldt (partijautonomie, art. 3 Rome I). Doen ze dat niet, dan
wijst Rome I automatisch een rechtsstelsel aan via objectieve regels (art. 4–8). Als het om
internationale koop B2B gaat, kan het Weens Koopverdrag het toepasselijke recht zélf zijn.
Rome I vs EVO — hoe onderscheid je ze?
Het enige relevante verschil is temporeel:
• Rome I: contracten gesloten op of ná 17 december 2009
• EVO: contracten van vóór die datum
• Samenloop: Rome I vervangt EVO (art. 24 Rome I). Op het tentamen: noem beide, stel vast dat
Rome I van toepassing is en dus voorrang heeft.
Materieel en formeel toepassingsgebied zijn voor beide instrumenten identiek.
Het universele stappenplan
Op een tentamen werk je altijd met dit schema:
, Internationale feiten
1
Zijn er aanknopingspunten met meer dan één land?
Kwalificatie
2
Verbintenis uit overeenkomst? Koop, dienst, arbeid, verzekering?
IPR-vraag
3
Toepasselijk recht — dit is de vraag die je beantwoordt
Bronnen
4
Rome I + EVO, én Weens Koopverdrag bij koop
Toepassingsgebied
5
M (materieel), F (formeel), T (temporeel) — toetsen of de bron geldt
Samenloop
6
Meerdere bronnen van toepassing? Rome I verdringt EVO (art. 24)
Toepassing
7
Welk recht wijst Rome I aan? Volg het schema in deel 2
2. Rome I — Stap 7 in Detail
Stap 7A — Rechtskeuze (art. 3)
Eerste vraag altijd: hebben partijen zelf een recht gekozen? Zo ja → dat recht geldt, met de onderstaande
beperkingen.
Vereisten geldige rechtskeuze (art. 3 lid 1)
• Uitdrukkelijk of stilzwijgend — maar dan wél duidelijk blijken uit de overeenkomst
• Geheel of gedeeltelijk (dépeçage toegestaan: voor verschillende onderdelen verschillende
rechtsstelsels)
• Elk statelijk recht mag worden gekozen — geen nauwste verbondenheid vereist
• Ook achteraf wijzigen mag (art. 3 lid 2)
• Keuze voor niet-statelijk recht (bijv. WKV of UNIDROIT Principles) = materieelrechtelijke
rechtskeuze, niet conflictrechtelijk — zie considerans 13
Voorbeeld
Een Nederlands en een Duits bedrijf sluiten een contract met de clausule 'This agreement is
governed by English law.' Geldig! Art. 3 laat vrije rechtskeuze toe, ook als er geen band is met
Engeland.
Beperkingen op de rechtskeuze
, Artikel Situatie Beperking
Art. 3 lid 3 Puur binnenlandse casus (alle feiten Rechtskeuze zet alleen regelend recht
in één land) opzij, niet dwingend recht
Art. 3 lid 4 Alle aanknopingspunten binnen EU, Dwingend EU-recht blijft onverkort gelden
keuze voor niet-EU-recht
Art. 9 lid 2–3 Voorrangsregels lex fori of Kunnen de rechtskeuze doorkruisen
uitvoeringsland
Art. 6 lid 2 Consumentenovereenkomst Consument verliest bescherming van zijn
dwingend recht niet
Art. 7 lid 3 Verzekeringsovereenkomst (geen Beperkte rechtskeuze
groot risico)
Art. 8 lid 1 Arbeidsovereenkomst Werknemer verliest bescherming van
objectief toepasselijk recht niet
Stap 7B — Bijzondere overeenkomsten (art. 5–8)
Geen geldige rechtskeuze? Kijk dan vóór art. 4 of het om een bijzondere overeenkomst gaat. Deze
artikelen beschermen zwakkere partijen.
Artikel Type overeenkomst Aanknopingspunt (zonder rechtskeuze)
Art. 5 lid 1 Vervoer goederen Gewone verblijfplaats vervoerder (mits ook laad-
/losplaats of verblijfplaats verzender; zo niet →
laadplaats)
Art. 5 lid 2 Vervoer passagiers Gewone verblijfplaats passagier (mits ook vertrek- of
bestemmingsland; zo niet → verblijfplaats
vervoerder)
Art. 6 Consumentenovereenkomst Gewone verblijfplaats consument (mits verkoper
actief is/richt op dat land)
Art. 7 lid 2 Verzekering groot risico Gewone verblijfplaats verzekeraar
Art. 7 lid 2 Verzekering overig Lidstaat waar risico gelegen is bij sluiting
Art. 8 lid 2 Arbeidsovereenkomst Land waar werknemer gewoonlijk werkt; zo niet →
land van waaruit
Art. 6 — Consumentenovereenkomst (meest tentamenrelevant)
Van toepassing als:
• Sub a: de verkoper zijn activiteiten uitoefent in het land van de consument, of
• Sub b: dergelijke activiteiten richt op dat land (bijv. via een website in de taal van de consument)
en de overeenkomst onder die activiteiten valt.
Beschermingsbeginsel (art. 6 lid 2)