1. Algemene bepalingen
Overheid stelt vraag: willen ween weg leggen wie kan realiseren in kortste tijd en binnen
budget?
Enkele stappen doorlopen:
a. Noodzaak nieuwe weg
BV: onregelmatigheden verkeer, druk verkeer
Omvat:
- Analyse verkeerssituatie
- Verkeerstellingen
- Onderzoek weggebruiker
- Bepalen aard verkeer (fietsers, auto’s, veel vrachtwagen…)
b. Voor-voorontwerp
- Vastleggen mogelijke tracés
- Gebruik maken v bestaande info
- Tereinverkenning: uit wat bestaat de grond? Draagkrachtig? Sondering?
c. Voorontwerp
Dwarsdoorsnedes, specifieke locaties, lengteprofiel, niveauverschillen…
- Ontwerpsnelheden: afhankelijk van functie, homogeniteit en herkenbaarheid
120, 100, 90, 70, 50
d. Ontwerp
Grondplan tracé, langsprofiel, dwarsprofiel en type, details, grondverzet, onteigening
- Opmaak van bestek:
Meetstaat + kostenraming: opsomming alle benodigdheden + totale prijs
Deze documenten basis voor de aanbesteding.
2. Implanting in de omgeving
Tracé = verzameling wegvakken en aansluitingen die binnen het netwerk een duidelijke
eenheid vormen, meestal begrens door knooppunten.
Vooraf: grondwaterstand, grondsoort, draagkracht, ontwateringsschema opstellen
a. Rijbaantypes
, - Hoofdbaan: rijbaan voor doorgaand verkeer die voor continuïteit zorgt
- Rangeerbaan: rijbaan // aan hoofdbaan bedoeld voor in-en uitvoegen op de
autosnelweg, beperkt zich tot één knooppunt of aansluiting
- Parallelbaan: rangeerbaan // aan hoofdbaan over 2 of meer knooppunten en/of
aansluitingen
- Verbindingsweg: rijbaan die in knooppunt de verbinding vormt tussen 2 rijbanen
- Oprit en afrit: verbindingsweg die verbinding vormt tussen autosnelweg en
onderliggend wegennet
b. Inhaal- en remafstand
ZIE BEWIJZEN
c. Verbindingswegen
= kruisende autosnelwegen worden onderling met elkaar
verbonden
- Direct: kwartdraai voorlangs de ongelijkvloerse kruising,
voordeel je kan snelheid behouden
- Semidirect: kwartdraai achterlangs de ongelijkvloerse kruising
- Indirect: krappe boog en een driekwart draai, voordeel minder
plaats nodig maar lagere snelheid
d. Knooppunten
= ongelijkvloerse verbinding tussen autosnelwegen
Afweging:
- Functie in het netwerk
- Robuustheid = minder vatbaar voor verstoringen
- Verkeersveiligheid
- Gewenste kwaliteit
- Beschikbare ruimte
1) Vierarmige knooppunten
- Klaverbladknooppunt
Minst hoogwaardig
Beperkte capaciteit verbindingsweg
Beperkte capaciteit weefvakken
Snel op elkaar volgende uitvoegingen
- Ontstaan grote snelheidsverschillen
- Niet conflictvrij door vele weefvlakken
- Relatief goedkoop
- Klaverturbineknooppunt
Geen weefvakken door bouw 1 of
meerdere kunstwerken
Geen keermogelijkheden
Minder grote snelheidsverschillen
Grootste lussen -> grootste
verkeersstromen
, - Turbineknooppunt
Grotere boogstralen
Weinig snelheidsverlies
Veel ruimte en kunstwerken
Goed wanneer elke richting even belangrijk is
- Sterknooppunt
Duurst, nog meer in hoogte
Zeer hoge afvoercapaciteit
Hoge viaducten en fly-overs
2) Driearmige knooppunten
- Sterknooppunt
Aansluiting autosnelweg realiseren
1 kunstwerk: trompet goedkoopst
1 bocht krappe straal -> traag
Links of rechts
- Halfklaverblad, - turbine en -sterknooppunt
3) Onvolledige knooppuntvormen
= niet alle relaties in wisselaar aanwezig. Voor ontbrekende routes moet snelweg ter
plaatse verlaten
worden of had al eerder andere route gevolgd moeten worden.
m.a.w. provenciale wegen gebruiken om op andere snelweg te geraken, amper in
praktijk want nadeel :
- sluipverkeer
- onduidelijkheid
- extra reistijd
e. Aansluitingscomplexen
= ongelijkvloerse kruispunten tussen het autosnelwegennetwerk en onderliggend
netwerk