Deel 2 – Celcommunicatie & elektrische
prikkeling
Signaaltransductie
Signalerende cel
zender
Signaal molecule
overdrac peptiden, eminozure, nucleotiden, steroïden, vetzuurafgeleiden, opgeloste gassen, ...
ht
Doelcel (receptor)
ontvange GPCR, RTK, ionenkanaal
r
Intracellulair signaal
versterki fosforylering, GTP/GDP, Ca2+, cAMP, ...
ng
celdeling, groei, differentiatie, celdood, contractie, secretie,...
actie
Vormen van signaaloverdracht
1) Endocrien 4) Contact-afhankelijk
- Verre afstand - Fysiek contact
- Groot bereik - Korte afstand
- Hormonen - Klein bereik
2) Paracrien - Membraangebonden signaal
- Niet in bloedstroom molecule
- Kort bereik - Notch-Delta
- Nabijgelegen cellen 5) Autocrien
- Groeifactoren & ontstekingsfactoren - Werkt in op cel die signaal
3) Synaptisch uitzendt
- Elektrisch - Korte afstand
- Verre afstand - Klein bereik
- Klein bereik - Overlevingsfactoren
- Gericht naar doelwitcel
- Snelle overdracht
- Neurotransmitter vrijzetting
- Centrale / neuromusculaire synaps
Verschillende antwoorden
1) Overleven
2) Groeien & delen Combinaties van signalen bepalen uiteindelijke antwoord
3) Differentiëren Signalen nodig om te overleven
4) Sterven
,Signaaltransductie
- = 1 type signaal omgezet in ander type signaal
- Cellen kunne zowel ontvangen als uitzenden
- Meerdere signalen kunnen tegelijk uitgezonden/ontvangen worden
- Omgeving: mengsel van honderden signalen
- Alleen antwoord wanneer cel juiste receptor bevat
- 1 cel meerdere receptoren
- 1 signaal molecule kan binden op versch. types receptoren uitvoeren van meerdere
acties
Bv. acetylcholine
Beïnvloedt versch. celtypes op andere manier
- Hart pacemaker cel: verlaagde frequentie
- Speekselklier: secretie
- Skeletspiercel: contractie
Snelle vs. trage respons
Snelle, directe respons Tragere respons
= alle componenten van pathway al aanwezig = bepaalde componenten moeten nog
Bv. acetylcholing contractie / secretie gevormd worden
(eiwitsynthese)
Bv. groei, deling toename spiermassa
Plasmamembraan receptoren vs. intracellulaire receptoren
Plasmamembraanreceptoren Intracellulaire receptoren
Grote hydrofiele signaalmoleculen Kleine hydrofobe signaalmoleculen
Gebonden aan transportmoleculen
Kleine hydrofobe signaalmoleculen binden aan intracellulaire receptoren
- Binden in cytosol
- Op nucleaire receptor van transcriptie regulatoren
- conformatieverandering (=structuurverandering)
- Migratie naar nucleus mogelijk
- Transcriptie activatie
- Nucleaire receptor geïnactiveerd geen respons op hormoon
, Vb. andorgeen ongevoeligheid
Vanaf 8ste week zwangerschap zouden XY foetussen androgenen moeten produceren &
jongetjes worden
Mutatie in androgeenreceptor (AR)
Ongevoeligheid voor androgenen (testosteron)
Mannelijk (XY), maar uiterlijke kenmerken van een vrouw
Onvruchtbaar
Endocriene disruptors = lichaamsvreemde stoffen die endocrien systeem van mensen of dieren kan
ontregelen
- Natuurlijk of synthetisch
- Bisphenol A in plastic
- Verhoogd risico hartziekten & type 2 diabetes
- In teut papflesjes
Cascade van intracellulaire signaalmoleculen
- Cascade altijd aanwezig, enkel actief wanneer extracellulair signaal aanwezig
- Extracellulaire signalen veranderen activiteit intracellulaire proteïnen
- Via secundaire boodschappers: cGMP, cAMP, Ca2+, IP3
Extracellulair signaal
⭣
Ontvangen & doorgeven verspreiden in de cel vertragen
(door omzetting intracellulair signaal)
⭣
Omvormen & versterken (secundaire boodschappers)
versterken
⭣
Integreren: versch. signalen van meerdere pathways
⭣
Verdelen: meerdere pathways of uitvoerende eiwitten
beïnvloed
⭣
Actie
Integratie van signalen
- Pos. / neg. feedback
- Meerdere fosforylaties vereist voor activatie eiwit
- Meerdere eiwitten moeten interageren
zodat signaal verder gezet kan worden
prikkeling
Signaaltransductie
Signalerende cel
zender
Signaal molecule
overdrac peptiden, eminozure, nucleotiden, steroïden, vetzuurafgeleiden, opgeloste gassen, ...
ht
Doelcel (receptor)
ontvange GPCR, RTK, ionenkanaal
r
Intracellulair signaal
versterki fosforylering, GTP/GDP, Ca2+, cAMP, ...
ng
celdeling, groei, differentiatie, celdood, contractie, secretie,...
actie
Vormen van signaaloverdracht
1) Endocrien 4) Contact-afhankelijk
- Verre afstand - Fysiek contact
- Groot bereik - Korte afstand
- Hormonen - Klein bereik
2) Paracrien - Membraangebonden signaal
- Niet in bloedstroom molecule
- Kort bereik - Notch-Delta
- Nabijgelegen cellen 5) Autocrien
- Groeifactoren & ontstekingsfactoren - Werkt in op cel die signaal
3) Synaptisch uitzendt
- Elektrisch - Korte afstand
- Verre afstand - Klein bereik
- Klein bereik - Overlevingsfactoren
- Gericht naar doelwitcel
- Snelle overdracht
- Neurotransmitter vrijzetting
- Centrale / neuromusculaire synaps
Verschillende antwoorden
1) Overleven
2) Groeien & delen Combinaties van signalen bepalen uiteindelijke antwoord
3) Differentiëren Signalen nodig om te overleven
4) Sterven
,Signaaltransductie
- = 1 type signaal omgezet in ander type signaal
- Cellen kunne zowel ontvangen als uitzenden
- Meerdere signalen kunnen tegelijk uitgezonden/ontvangen worden
- Omgeving: mengsel van honderden signalen
- Alleen antwoord wanneer cel juiste receptor bevat
- 1 cel meerdere receptoren
- 1 signaal molecule kan binden op versch. types receptoren uitvoeren van meerdere
acties
Bv. acetylcholine
Beïnvloedt versch. celtypes op andere manier
- Hart pacemaker cel: verlaagde frequentie
- Speekselklier: secretie
- Skeletspiercel: contractie
Snelle vs. trage respons
Snelle, directe respons Tragere respons
= alle componenten van pathway al aanwezig = bepaalde componenten moeten nog
Bv. acetylcholing contractie / secretie gevormd worden
(eiwitsynthese)
Bv. groei, deling toename spiermassa
Plasmamembraan receptoren vs. intracellulaire receptoren
Plasmamembraanreceptoren Intracellulaire receptoren
Grote hydrofiele signaalmoleculen Kleine hydrofobe signaalmoleculen
Gebonden aan transportmoleculen
Kleine hydrofobe signaalmoleculen binden aan intracellulaire receptoren
- Binden in cytosol
- Op nucleaire receptor van transcriptie regulatoren
- conformatieverandering (=structuurverandering)
- Migratie naar nucleus mogelijk
- Transcriptie activatie
- Nucleaire receptor geïnactiveerd geen respons op hormoon
, Vb. andorgeen ongevoeligheid
Vanaf 8ste week zwangerschap zouden XY foetussen androgenen moeten produceren &
jongetjes worden
Mutatie in androgeenreceptor (AR)
Ongevoeligheid voor androgenen (testosteron)
Mannelijk (XY), maar uiterlijke kenmerken van een vrouw
Onvruchtbaar
Endocriene disruptors = lichaamsvreemde stoffen die endocrien systeem van mensen of dieren kan
ontregelen
- Natuurlijk of synthetisch
- Bisphenol A in plastic
- Verhoogd risico hartziekten & type 2 diabetes
- In teut papflesjes
Cascade van intracellulaire signaalmoleculen
- Cascade altijd aanwezig, enkel actief wanneer extracellulair signaal aanwezig
- Extracellulaire signalen veranderen activiteit intracellulaire proteïnen
- Via secundaire boodschappers: cGMP, cAMP, Ca2+, IP3
Extracellulair signaal
⭣
Ontvangen & doorgeven verspreiden in de cel vertragen
(door omzetting intracellulair signaal)
⭣
Omvormen & versterken (secundaire boodschappers)
versterken
⭣
Integreren: versch. signalen van meerdere pathways
⭣
Verdelen: meerdere pathways of uitvoerende eiwitten
beïnvloed
⭣
Actie
Integratie van signalen
- Pos. / neg. feedback
- Meerdere fosforylaties vereist voor activatie eiwit
- Meerdere eiwitten moeten interageren
zodat signaal verder gezet kan worden