1. INLEIDING
Enkel powerpoint
Sociaal werk moet structurele problemen blootleggen en opkomen voor onderdrukten.We
weten dat onze doelgroepen slachtoffer zijn van maatschappelijke uitsluiting en
onderdrukking.
Tijd voor het ontwikkelen van een politiserende houding
Politieke interesse bij millenials is klein “Waar voor oudere generaties de politiek het
apparaat voor verandering was, kiest deze generatie voor andere manieren om een
impact te hebben.” + Jongere stemmers verkiezen autoritaire leider boven democratie:
Opmars aan appreciatie voor populistische leiders bij jongeren (University of Cambridge,
2020).
26% van de jongeren gelooft niet dat democratie de beste staatsvorm is (VRT,
2018).
Wel grote verschillen in geloof in democratie tussen landen en opleidingsniveau.
1.1 TWEE CONVERGERENDE TENDENSEN
Generation Millenials
MACRO: Grote mate van welvaart bereikt in Westerse maatschappijen
VS
MICRO: Gericht op zelfrealisatie (want randvoorwaarden voor welzijn zijn
vervuld voor grote groep mensen) Zich moeilijk kunnen identificeren met zij
die het minder hebben
1.2 SPANNINGSVELD TUSSEN CONFORMEREN EN POLITISEREN
Conformeren Politiseren-Signaleren
Kritisch in vraag stellen van de
Uitvoeren van
welvaartsstaat en haar voorzieningen.
welvaartsvoorzieningen
Conformeren aan de verwachtingen Lacunes, uitsluitingsmechanismen en noden
van de overheid blootleggen en aankaarten
Projecten binnenhalen Levensomstandigheden van cliënten en
onvervulde noden aftoetsen aan rechten.
(vb. recht op een menswaardig bestaan <->
leefloon onder Europese armoedegrens)
Niet in vraag stellen of rechten de facto Gezonde distantie en kritische zin tot de
(in het leven van cliënten) eigen organisatie en het beleid
geëffectueerd worden.
Identificeren met de eigen organisatie
(blinde loyauteit)
Vb.: cliënt komt leefloon aanvragen en Vb.: cliënt komt leefloon aanvragen en SW’er
SW’er brengt dit administratief in orde. komt tot de vaststelling dat het bedrag
1
, ontoereikend is om menswaardig van te
kunnen leven. SW’er stelt de hoogte van het
bedrag kritisch in vraag.
1.3 NORMATIEVE PROFESSIONALITEIT
Sociale verandering begint bij verontwaardiging (gevoel), opstand en (langdurige)
volharding in de rebellie (strategie)
Sociaal Werk gebeurt niet in het luchtledige. Maatschappelijke context en
beleid hebben grote invloed op de levens van mensen, vaak zelfs onbewust.
De verschillende niveaus staan in verbinding met elkaar.
Grote invloed van macroniveau op meso- en microniveau.
Omgekeerd weinig invloed van microniveau op beleid -> belang om zich te
verenigen.
Moet SW niet neutraal zijn?
In ons professioneel handelen maken we voortdurend politieke en ideologische
keuzes.
Sociaal werkers moeten de dingen juist doen, maar ook de juiste dingen doen.
Wat is juist? Het antwoord hierop is ideologisch geladen.
Bijvoorbeeld: definiëring van het ‘vluchtelingenprobleem’:
“vluchtelingen zijn een bedreiging voor onze veiligheid en sociale zekerheid. We
moeten hen buitenhouden.”
OF
“vluchtelingen bevinden zich in mensonwaardige omstandigheden en hebben
recht op opvang en bescherming. Bovendien kunnen zij een rijkdom voor de
samenleving zijn.”
1.3.1 WAT IS HET BELANG VAN SOCIAAL WERK IN BELEIDSVORMING?
Sociaal werkers werken met een doelgroep die ondersteuning krijgt van het
beleid of soms mensen in de problemen duwt (vb. stedelijk activeringsbeleid:
sneller leefloon kwijt in Antwerpen dan in Gent).
Er duiken ook nieuwe problemen op waar politiekers onvoldoende mee bezig
zijn. (bv. klimaat)
Sommige problemen verdwijnen weer van de politieke agenda, ondanks dat
er geen oplossing voor is. (vb. genderongelijkheid in verloning, racisme op de
werkvloer)
Het beleid engageert zich voornamelijk voor haar burgers, maar wat met niet-
burgers in ons land? (cf. sans papiers)
1.3.2 STRUCTUREEL DENKEN ALS ONDERDEEL VAN DE BEROEPSIDENTITEIT
Internationale definitie van het sociaal werk (IFSW, 2014):
“Social work is a practice-based profession and an academic discipline that promotes
social change and development, social cohesion, and the empowerment and liberation of
people. Principles of social justice, human rights, collective responsibility and respect for
diversities are central to social work. Underpinned by theories of social work, social
sciences, humanities and indigenous knowledge, social work engages people and
structures to address life challenges and enhance wellbeing.”
2
,Structurele component:
Bewerkstelligen van sociale verandering, sociale cohesie en bevrijding van
onderdrukten.
Versterken van mensen en structuren om het algemeen welzijn te verbeteren.
Geruggesteund door principes van sociale rechtvaardigheid, mensenrechten
en collectieve verantwoordelijkheid.
1) Beleid als oorzaak van problemen:
“Soms is het beleid de oorzaak van problemen van mensen.
Beleidsbeslissingen kunnen direct leiden tot sociale problemen, zoals verstrengde
regels voor gezinshereniging, bezuinigingen op sociale en culturele voorzieningen,
of strenge voorwaarden voor sociale bijstand. Sociaal werkers helpen niet alleen
de getroffen mensen, maar proberen ook beleidskaders structureel te verbeteren.
2) De illusie van ‘geen alternatief’ (TINA):
Politici stellen vaak dat er geen andere opties zijn, maar dit is misleidend.
Beleidskeuzes zijn normatief en gebaseerd op prioriteiten. Voorbeelden zijn het
subsidiëren van banken en farmaceutische bedrijven, terwijl leeflonen niet worden
verhoogd of psychotherapie nauwelijks wordt terugbetaald. Andere keuzes zijn
mogelijk, maar worden niet gemaakt, zoals het aanpakken van belastingontwijking
of investeren in sociale voorzieningen.
3) De rol van sociaal werk:
Sociaal werk moet actief politiseren door de grondrechten van kwetsbare groepen
zichtbaar en hoorbaar te maken. Dit betekent het agenderen van nieuwe noden
en het omzetten daarvan in erkende grondrechten. Hierdoor kan sociaal werk
bijdragen aan structurele verandering en sociale rechtvaardigheid.
2. BELEIDSVORMING
Ppt + 3 teksten in bijlage Canvas
2.1 BELEIDSCYCLUS
Beleid komt gefaseerd en op verschillende manieren tot stand
Beleid = het stellen van doelen, middelen en een tijdspad in onderlinge
samenhang.
Iets doen of iets niet doen . Keuzes maken en schaarse middelen inzetten op een
bepaald spoor
Beleidsbeslissingen zijn niet enkel afhankelijk van politici, maar worden vaak
gestuurd door signalen uit de samenleving – KANSEN VOOR SOCIAAL WERK!
Signaleren is relevant in elke fase, maar telkens op een andere manier
Complexiteit van beleidsvorming begrijpen: beleidscyclus
Probleem(her)kenning, selectie en agendavorming
Beleidsvoorbereiding
Beslissing of de formele besluitvorming
Beleidsuitvoering (of implementatie)
Evaluaties (van toestand, beleid, resultaat)
3
, 2.1.1 AGENDAVORMING
Startpunt van beleid = maatschappelijk probleem
“Toestand die niet overeenstemt met de waarden, normen en wensen van een
bepaalde groep in de samenleving
Probleem = kloof tussen iets dat men wil (ideaal) en wat men ziet in de
samenleving (realiteit).
TYPOLOGIE MAATSCHAPPELIJKE PROBLEMEN:
1) Tamme problemen:
Kan technisch complex zijn
Consensus over aanpak
2) “Wicked problems”:
Geen eenduidige definitie van wat het probleem is (vb. klimaatontkenners versus
klimaatactivisten)
Complex: vele gevolgen en trade-off’s
Geen eenduidige oplossing
Wanneer ingrijpen?
Symptoombestrijdend ingrijpen:
Heel laat in de keten van het probleem ingrijpen
Vb. daklozen in de winter: slaapplaatsen voorzien (CAW, Victor)
=curatief
Fundamenteel ingrijpen:
Heel vroeg in de ontwikkeling van het probleem ingrijpen
Vb. ervoor zorgen dat mensen niet dakloos worden
=preventief
HOE KOMT EEN PROBLEEM OP DE POLITIEKE AGENDA?
4