1 Het lymfestelsel en immuniteit
1.1 Anatomische barrières en verdedigingsmechanismen vormen de
niet-specifieke afweer en lymfocyten zorgen voor specifieke
afweer
Micro-organismen ziektes veroorzaken = pathogenen = ziekteverwekkers
Allemaal verschillende levenswijze en vertonen specifieke interactie met lichaam:
- Virussen: leven grootste deel tijd binnen cellen die ze dan vernietigen
- Bacteriën: veel vermenigvuldigen in interstitiële vloeistof en enkele parasieten
(rondwormen) graven weg door inwendige organen
Lymfestelsel: cellen, weefsels en organen verantwoordelijk verdediging lichaam
Belangrijkste: lymfocyten: weerstand bieden infectie of ziekte of overwinnen
- .
Immuniteit = vermogen infectie of ziekte weerstaan
Aangeboren immuniteit Adaptieve immuniteit
Niet-specifiek Specifiek
Verdedigingsmechanismen en Lymfocyten
anatomische barrières
Maken geen onderscheid tussen Afweer tegen specifiek type bacterie,
verschillende potentiële bedreigingen virus
Immuunreactie of immuunrespons
Alle weefsels betrokken immuniteit = deel immuunstelsel lymfocyten, huid,
bloedvatenstelsel,…
, 1.2 Lymfevaten, lymfocyten, lymfeweefsels en lymfoïde organen
spelen rol bij de afweer van het lichaam
Lymfestelsel bestaat 4 delen
1. Vaten: netwerk lymfevaten begint perifere weefsels en eindigt verbindingen met
venen
2. Vloeistof: lymfe, stroomt door lymfevaten. Lijkt op bloedplasma, maar lagere conc
opgeloste eiwitten
3. Lymfocyten: = gespecialiseerde cellen die reeks specifieke functies verrichten bij
verdediging lichaam
4. Lymfoïde weefsels en organen:
a. lymfoïde weefsels = verzameling los bindweefsel en lymfocyten in
structuren (=lymfefollikels) bv. amandelen.
b. Lymfoïde organen = complexere structuren die grote # lymfocyten bevatten
en die met lymfevaten verbonden zijn. bv. lymfeknopen, milt, thymus
1.1 Anatomische barrières en verdedigingsmechanismen vormen de
niet-specifieke afweer en lymfocyten zorgen voor specifieke
afweer
Micro-organismen ziektes veroorzaken = pathogenen = ziekteverwekkers
Allemaal verschillende levenswijze en vertonen specifieke interactie met lichaam:
- Virussen: leven grootste deel tijd binnen cellen die ze dan vernietigen
- Bacteriën: veel vermenigvuldigen in interstitiële vloeistof en enkele parasieten
(rondwormen) graven weg door inwendige organen
Lymfestelsel: cellen, weefsels en organen verantwoordelijk verdediging lichaam
Belangrijkste: lymfocyten: weerstand bieden infectie of ziekte of overwinnen
- .
Immuniteit = vermogen infectie of ziekte weerstaan
Aangeboren immuniteit Adaptieve immuniteit
Niet-specifiek Specifiek
Verdedigingsmechanismen en Lymfocyten
anatomische barrières
Maken geen onderscheid tussen Afweer tegen specifiek type bacterie,
verschillende potentiële bedreigingen virus
Immuunreactie of immuunrespons
Alle weefsels betrokken immuniteit = deel immuunstelsel lymfocyten, huid,
bloedvatenstelsel,…
, 1.2 Lymfevaten, lymfocyten, lymfeweefsels en lymfoïde organen
spelen rol bij de afweer van het lichaam
Lymfestelsel bestaat 4 delen
1. Vaten: netwerk lymfevaten begint perifere weefsels en eindigt verbindingen met
venen
2. Vloeistof: lymfe, stroomt door lymfevaten. Lijkt op bloedplasma, maar lagere conc
opgeloste eiwitten
3. Lymfocyten: = gespecialiseerde cellen die reeks specifieke functies verrichten bij
verdediging lichaam
4. Lymfoïde weefsels en organen:
a. lymfoïde weefsels = verzameling los bindweefsel en lymfocyten in
structuren (=lymfefollikels) bv. amandelen.
b. Lymfoïde organen = complexere structuren die grote # lymfocyten bevatten
en die met lymfevaten verbonden zijn. bv. lymfeknopen, milt, thymus