LEERPAD NEUROGENE SPRAAK EN
SLIKSTOORNISSEN
DYSARTRIE
Verwerkingsvragen
- Leg met eigen woorden uit wat een dysartrie is.
- Noem de verschillende spraakcomponenten
- Lokaliseer de kernen van de craniale zenuwen binnen het zenuwstelsel (m.a.w. in welke
structuur bevinden zich de kernen van de craniale zenuwen?)
- Noem 6 craniale zenuwen die betrokken zijn bij het spreken. Studeer de naam en het cijfer
samen. Welke voornaamste taak in relatie tot spreken, heeft elk van deze 6 craniale
zenuwen?
- We zagen in de les reeds de verschillende dysartrietypes. Deel deze nu zelf in onder centrale
of perifere dysartrie.
- Maak een schematische tekening van het zenuwstelsel en lokaliseer elk dysartrietype.
DEFINITIE
Dysartrie is een verworven spraakstoornis ten gevolge van beschadiging aan het centraal of
perifeer zenuwstelsel waardoor de werking van de spieren (en meer bepaald de
spraakmusculatuur) verstoord geraakt. Hierdoor is de verstaanbaarheid of de natuurlijkheid van de
spraak verminderd.
Een dysartrie komt vaak ook samen voor met andere neurologische uitvalsverschijnselen.
1
,SPRAAKSTOORNIS
Verschillende aspecten van het spreken kunnen aangetast zijn. We spreken van de volgende
spraakcomponenten:
• Ademhaling
• Fonatie
• Articulatie / mondmotoriek
• Resonantie
• Prosodie
Welk(e) aspect(en) gestoord is/zijn, is afhankelijk van de aangedane plaats(en) in het zenuwstelsel.
PERIFERE VERSUS CENTRALE DYSARTRIE
Zoals reeds eerder besproken kunnen letsels in het centraal of het perifeer zenuwstelsel resulteren in
een dysartrie.
Bij een perifere dysartrie kan er schade zijn ter hoogte van de kernen van de craniale zenuwen in de
hersenstam, in de craniale zenuwen zelf of in de spinale zenuwen.
2
,De craniale zenuwen die gekend moeten zijn voor zowel het deel dysartrie als dysfagie zijn de
volgende:
• nervus Trigeminus (n. V): kaakspieren en sensibiliteit mondholte
• nervus Facialis (n. VII): mimische spieren, speekselproductie, mucus neus en mond
• nervus Glossopharyngeus (n. IX): velum en farynx
• nervus Vagus (n. X): stembanden en velum
• nervus Accessorius (n. XII): hoofdhouding
• nervus Hypoglossus (n. XII): tongspieren
Bij een centrale dysartrie kan er schade zijn in de motorische cortex, het cerebellum, de subcorticale
structuren zoals de basale ganglia en de verbindingen tussen deze gebieden en de craniale en spinale
zenuwen, zijnde de tractus corticobulbaris (cortex - craniale zenuwen) en de tractus corticospinalis
(cortex - spinale zenuwen).
TYPES EN KENMERKEN
DE SLAPPE ( OF BULBAIRE ) DYSARTRIE
- beschadiging van lager motorisch functioneren
- Articulatie is aangetast door de paralyse en daardoor wordt de spraak onduidelijk
o Spraak kan nasaal klinken ten gevolge van bilaterale paralyse van velum, en de stem
kan een raspende kwaliteit hebben door verlamming van stemplooien
- Spraaktaal
o Hypernasaliteit
o af en toe hoorbare nasale emissie
o zwakke/ nasale medeklinkers
o onnauwkeurige articulatie
- Atrofie en fasciculatie van tong alsook zwakte van velum en faciale spieren kunnen optreden
o Wanneer motor neuron cellichamen beschadigd geraken, kunnen zich fasciculaties
ontwikkelen.
o Fasciculaties zijn zichtbare aritmische geïsoleerde bewegingen in spieren in rust die
het gevolg zijn van spontane ontlading van de motoreenheid als reactie op
zenuwdegeneratie
3
, DE SPASTISCHE ( OF PSEUDOBULBAIRE ) DYSARTRIE
- Bilaterale schade aan motorische gebieden van de cerebrale cortex
- Spraaktaal
o onduidelijke, gespannen en hard klinker
o Trage bewegingen en af en toe een uitbarsting van luidheid en onverwachte stops
- Het centrale motorisch neuron zijn de neuronen en axonen van piramidebaansysteem en
geven de effecten van centraal zenuwstelsel door aan perifere motorische neuron. Het
perifere motorische neuron ligt in hersenzenuwkern en in voorhoorn van ruggenmerg en
vormt schakel tussen centraal zenuwstelsel en spier
ATACTISCHE DYSARTRIE
- Veroorzaakt door cerebellaire disfunctie
- Coördinatie van spraak en ademhaling verstoord en leidt tot verstoorde articulatie en
prosodie
- Spraaktaal
o Traagheid van spraak
o Veranderd ritme
o Onregelmatige storingen
o Onjuiste beklemtoning kunnen voorkomen
- Dysmetrie
o Aantasting van de mogelijkheid om d bewegingsafstand goed in te schatten.
Bewegingen worden beschreven als hypermatrisch of hypometrisch, wat wijst naar
over of onderschatten van afstand tot doel
- Dysdiadochokinese
o Onvermogen om snelle afwisselende bewegingen uit te voeren
- Ataxie
o Ataxie is een overkoepelende term voor het niet goed kunnen controleren en
coördineren van spieren tijdens willekeurige bewegingen. Dit kan zich onder meer
uiten tijdens het stappen.
HYPOKINETISCHE DYSARTRIE
- Wordt meest geassocieerd met ziekte van parkinson, kan ook optreden na andere
etiologieen
- Spraak wordt gekenmerkt door
o monopitch -> te weinig variatie in toonhoogte
o verminderde beklemtonting -> vlak, weinig expressie
o monoluidheid -> altijd ongeveer even luid
o onnauwkeurige medeklinkers -> te weinig articulatiebewegingen
o ongepaste stiltes -> starten/stoppen lukt moeilijk
4
SLIKSTOORNISSEN
DYSARTRIE
Verwerkingsvragen
- Leg met eigen woorden uit wat een dysartrie is.
- Noem de verschillende spraakcomponenten
- Lokaliseer de kernen van de craniale zenuwen binnen het zenuwstelsel (m.a.w. in welke
structuur bevinden zich de kernen van de craniale zenuwen?)
- Noem 6 craniale zenuwen die betrokken zijn bij het spreken. Studeer de naam en het cijfer
samen. Welke voornaamste taak in relatie tot spreken, heeft elk van deze 6 craniale
zenuwen?
- We zagen in de les reeds de verschillende dysartrietypes. Deel deze nu zelf in onder centrale
of perifere dysartrie.
- Maak een schematische tekening van het zenuwstelsel en lokaliseer elk dysartrietype.
DEFINITIE
Dysartrie is een verworven spraakstoornis ten gevolge van beschadiging aan het centraal of
perifeer zenuwstelsel waardoor de werking van de spieren (en meer bepaald de
spraakmusculatuur) verstoord geraakt. Hierdoor is de verstaanbaarheid of de natuurlijkheid van de
spraak verminderd.
Een dysartrie komt vaak ook samen voor met andere neurologische uitvalsverschijnselen.
1
,SPRAAKSTOORNIS
Verschillende aspecten van het spreken kunnen aangetast zijn. We spreken van de volgende
spraakcomponenten:
• Ademhaling
• Fonatie
• Articulatie / mondmotoriek
• Resonantie
• Prosodie
Welk(e) aspect(en) gestoord is/zijn, is afhankelijk van de aangedane plaats(en) in het zenuwstelsel.
PERIFERE VERSUS CENTRALE DYSARTRIE
Zoals reeds eerder besproken kunnen letsels in het centraal of het perifeer zenuwstelsel resulteren in
een dysartrie.
Bij een perifere dysartrie kan er schade zijn ter hoogte van de kernen van de craniale zenuwen in de
hersenstam, in de craniale zenuwen zelf of in de spinale zenuwen.
2
,De craniale zenuwen die gekend moeten zijn voor zowel het deel dysartrie als dysfagie zijn de
volgende:
• nervus Trigeminus (n. V): kaakspieren en sensibiliteit mondholte
• nervus Facialis (n. VII): mimische spieren, speekselproductie, mucus neus en mond
• nervus Glossopharyngeus (n. IX): velum en farynx
• nervus Vagus (n. X): stembanden en velum
• nervus Accessorius (n. XII): hoofdhouding
• nervus Hypoglossus (n. XII): tongspieren
Bij een centrale dysartrie kan er schade zijn in de motorische cortex, het cerebellum, de subcorticale
structuren zoals de basale ganglia en de verbindingen tussen deze gebieden en de craniale en spinale
zenuwen, zijnde de tractus corticobulbaris (cortex - craniale zenuwen) en de tractus corticospinalis
(cortex - spinale zenuwen).
TYPES EN KENMERKEN
DE SLAPPE ( OF BULBAIRE ) DYSARTRIE
- beschadiging van lager motorisch functioneren
- Articulatie is aangetast door de paralyse en daardoor wordt de spraak onduidelijk
o Spraak kan nasaal klinken ten gevolge van bilaterale paralyse van velum, en de stem
kan een raspende kwaliteit hebben door verlamming van stemplooien
- Spraaktaal
o Hypernasaliteit
o af en toe hoorbare nasale emissie
o zwakke/ nasale medeklinkers
o onnauwkeurige articulatie
- Atrofie en fasciculatie van tong alsook zwakte van velum en faciale spieren kunnen optreden
o Wanneer motor neuron cellichamen beschadigd geraken, kunnen zich fasciculaties
ontwikkelen.
o Fasciculaties zijn zichtbare aritmische geïsoleerde bewegingen in spieren in rust die
het gevolg zijn van spontane ontlading van de motoreenheid als reactie op
zenuwdegeneratie
3
, DE SPASTISCHE ( OF PSEUDOBULBAIRE ) DYSARTRIE
- Bilaterale schade aan motorische gebieden van de cerebrale cortex
- Spraaktaal
o onduidelijke, gespannen en hard klinker
o Trage bewegingen en af en toe een uitbarsting van luidheid en onverwachte stops
- Het centrale motorisch neuron zijn de neuronen en axonen van piramidebaansysteem en
geven de effecten van centraal zenuwstelsel door aan perifere motorische neuron. Het
perifere motorische neuron ligt in hersenzenuwkern en in voorhoorn van ruggenmerg en
vormt schakel tussen centraal zenuwstelsel en spier
ATACTISCHE DYSARTRIE
- Veroorzaakt door cerebellaire disfunctie
- Coördinatie van spraak en ademhaling verstoord en leidt tot verstoorde articulatie en
prosodie
- Spraaktaal
o Traagheid van spraak
o Veranderd ritme
o Onregelmatige storingen
o Onjuiste beklemtoning kunnen voorkomen
- Dysmetrie
o Aantasting van de mogelijkheid om d bewegingsafstand goed in te schatten.
Bewegingen worden beschreven als hypermatrisch of hypometrisch, wat wijst naar
over of onderschatten van afstand tot doel
- Dysdiadochokinese
o Onvermogen om snelle afwisselende bewegingen uit te voeren
- Ataxie
o Ataxie is een overkoepelende term voor het niet goed kunnen controleren en
coördineren van spieren tijdens willekeurige bewegingen. Dit kan zich onder meer
uiten tijdens het stappen.
HYPOKINETISCHE DYSARTRIE
- Wordt meest geassocieerd met ziekte van parkinson, kan ook optreden na andere
etiologieen
- Spraak wordt gekenmerkt door
o monopitch -> te weinig variatie in toonhoogte
o verminderde beklemtonting -> vlak, weinig expressie
o monoluidheid -> altijd ongeveer even luid
o onnauwkeurige medeklinkers -> te weinig articulatiebewegingen
o ongepaste stiltes -> starten/stoppen lukt moeilijk
4