Wereldgeschiedenis van België
1
,Inhoudsopgave
Hoofdstuk 0: Inleidend hoofdstuk ............................................................................................6
1. Waarom een historisch perspectief? Hoe gaat een historicus te werk? ..........................6
1.1. Het vertrekpunt: de hedendaagse samenleving .....................................................6
1.2. Is het verleden = de geschiedenis .........................................................................6
1.3. De geschiedenis als academische reflectie ...........................................................9
1.4. Nut van een historische benadering .................................................................... 13
2. Inhoud en uitgangspunten .......................................................................................... 14
2.1. Het tijdskader: het ontstaan van de moderne samenleving .................................. 15
2.2. De ruimte: een wereldgeschiedenis van België .................................................... 17
2.3. De historiografische benadering: een verstrengelde geschiedenis........................ 17
2.4. De achtergrond: geschiedenis als SW-discipline ................................................. 18
Hoofdstuk 1: demografische ontwikkelingen in historisch perspectief ..................................... 19
1. De studie van de demografische ontwikkelingen in het verleden .................................. 20
1.1. De historische demografie .................................................................................. 20
1.2. Het historisch bronnenmateriaal ........................................................................ 20
1.3. De hoofdrolspelers van de demografie ................................................................ 21
1.4. De evolutie van de wereldbevolking in de long-run, in miljoenen (Livi Bacci) ......... 22
1.5. Thomas Robert Malthus of de onafwendbaarheid van catastrofes ........................ 22
2. Krijtlijnen van de demografische ontwikkelingen voor 1750 ......................................... 24
2.1. Structurele en catastrofale mortaliteit ................................................................ 25
2.2. Geboorte en fertiliteit ......................................................................................... 25
2.3. De nuptialiteit en het West-Europese huwelijkspatroon ....................................... 26
3. Demografische ontwikkelingen tijdens de lange negentiende eeuw ............................. 27
3.1. De omvang van de bevolking ............................................................................... 27
3.2. De demografische transitie................................................................................. 27
3.3. De mortaliteit en levensverwachting ................................................................... 28
3.4. De nataliteit en nuptialiteit: de verklaring voor de negentiende-eeuwse groei? ...... 29
4. Van ‘babyboom’ tot tweede demografische revolutie tijdens de twintigste eeuw .......... 32
4.1. De bevolkingsomvang: naar nulgroei ................................................................... 32
4.2. Dalende mortaliteit en gestegen levensverwachting ............................................ 33
4.3. Daling van de nataliteit vanaf het midden van de jaren 1960................................. 34
Hoofdstuk 2: Het staatsvormingsproces en de opkomst van de natiestaat .............................. 37
1. Van oude naar nieuwe politiek constellaties ............................................................... 37
2. De politieke ontrafeling van het feodalisme in de Zuidelijke Nederlanden..................... 40
2.1. Staatsvorming voor circa 1750 ............................................................................ 40
2
, 2.2. Verlicht despotisme onder Oostenrijks bestuur ................................................... 41
3. Van soevereine vorst naar soevereine natiestaat ......................................................... 42
3.1. ‘Depersonalisering’ van de macht ....................................................................... 42
3.2. Theorie van het sociaal contract ......................................................................... 43
3.3. Nationalisme ..................................................................................................... 45
4. De opkomst van de Belgische natiestaat..................................................................... 50
4.1. Franse invloed ................................................................................................... 50
4.2. Nederlandse invloed ......................................................................................... 51
4.3. Revolutie en nieuwe, Belgische natiestaat (Belgische revolutie) ........................... 53
5. De opkomst van het Vlaams nationalisme .................................................................. 54
5.1. De situatie voor WOI........................................................................................... 54
5.2. Stroomversnelling na WOII ................................................................................. 58
5.3. De aanpassing van de staatstructuren na WOII ................................................... 58
Hoofdstuk 3: Democratisering en burgerschap ....................................................................... 62
1. Democratisering, burgerschap en de ontwikkeling van de publieke sfeer ..................... 62
1.1. Democratisering en burgerschap ........................................................................ 62
1.2. Burgerschap en de ontwikkeling van een ‘civil society’ of publieke sfeer ............... 64
2. De casus België: van unionisme naar groeiende tegenstellingen .................................. 66
2.1. Belgische grondwet 1831.................................................................................... 67
2.2. Cijnskiesstelsel .................................................................................................. 68
2.3. België als liberale burgerstaat ............................................................................. 69
2.4. De totstandkoming van België als liberale burgerstaat ......................................... 72
2.5. De schoolstrijd ................................................................................................... 73
3. De periode van democratisering ................................................................................. 73
3.1. Strijd om algemeen stemrecht ............................................................................ 73
3.2. Eerste compromis in 1893 .................................................................................. 74
4. De periode na de Tweede Wereldoorlog ...................................................................... 79
4.1. Verlaging leeftijdsgrens ...................................................................................... 79
4.2. Actuele discussiepunten .................................................................................... 79
Hoofdstuk 4: Sociale ongelijkheid en sociaal beleid in historisch perspectief .......................... 80
1. Sociale ongelijkheid in een langetermijnperspectief .................................................... 82
1.1. Denken over sociale ongelijkheid ........................................................................ 82
1.2. Sociale ongelijkheid in de pre-industriële periode ................................................ 84
1.3. Sociale ongelijkheid tijdens de twintigste eeuw ................................................... 86
2. Armoede en sociale zorg vanuit een historisch perspectief → beperkter ...................... 89
2.1. Armoede en kwetsbaarheid: begripsbepaling en oorzaken ................................... 90
3
, 2.2. Sociaal beleid als uitdrukking van ongelijke machtsverhoudingen ........................ 93
3. Informele zorgarrangementen in historisch perspectief ............................................... 94
3.1. Familie en verwanten ......................................................................................... 94
3.2. Solidariteitsmechanismen in de buurt................................................................. 95
3.3. Allerhande vormen van overlevingsstrategieën: de armen zelf.............................. 95
4. Formele zorgverlening in historisch perspectief .......................................................... 96
4.1. De lokale organisatie van de armenzorg .............................................................. 96
4.2. Een groeiende inmenging vanwege de centrale overheden ................................... 98
4.3. Meer aandacht voor de sociale kwestie en de uitbouw van het stelsel van sociale
zekerheden .................................................................................................................... 99
4.4. De uitbouw van de welvaartsstaat: geïnstitutionaliseerde solidariteit ................. 102
Hoofdstuk 5: Wereldhandel, kolonialisme en dekolonialisme: de casus Congo ..................... 110
1. Imperialisme en de ‘verdeling’ van de wereld ............................................................ 110
1.1. Het koloniaal systeem voor 1800 ...................................................................... 110
1.2. Het moderne imperialisme ............................................................................... 113
1.3. Oorzaken van het moderne imperialisme .......................................................... 117
2. België en Congo ....................................................................................................... 119
2.1. Oorsprong: historisch toeval............................................................................. 119
2.2. Congo Vrijstaat (1885-1908) ............................................................................. 121
2.3. Belgisch Congo (1908-1945) ............................................................................. 124
2.4. Een modelkolonie? (1945-1960) ....................................................................... 128
3. Het postkoloniale tijdperk: een conclusie ................................................................. 130
Hoofdstuk 6: De economische transitie: industrialisering en economische groei ................... 130
1. Inleiding .................................................................................................................. 130
2. De eerste industrialisering en de impact op economische ontwikkeling (1780-1860) .. 133
3. Van tweede industrialiseringsgolf naar ‘sociale revolutie’ (1870-1944)....................... 139
4. Het Interbellum en de naoorlogse periode ................................................................ 146
5. De periode na 1973 .................................................................................................. 149
6. Besluit ..................................................................................................................... 151
Hoofdstuk 7: levensstandaard en consumptie in historisch perspectief ................................ 151
1. Het ‘standard of living debate’ of het onderzoek naar de levensstandaard tijdens de
eerste helft van de negentiende eeuw ............................................................................... 151
1.1. De sociale impact van de industriële revolutie: een verhit debat onder historici .. 151
1.2. De studie van koopkracht en reële lonen ........................................................... 152
1.3. Alternatieve meetinstrumenten naast het loon .................................................. 157
2. Van ‘sociale revolutie’ naar welvaartstaat: de periode 1870-1944 .............................. 165
4
1
,Inhoudsopgave
Hoofdstuk 0: Inleidend hoofdstuk ............................................................................................6
1. Waarom een historisch perspectief? Hoe gaat een historicus te werk? ..........................6
1.1. Het vertrekpunt: de hedendaagse samenleving .....................................................6
1.2. Is het verleden = de geschiedenis .........................................................................6
1.3. De geschiedenis als academische reflectie ...........................................................9
1.4. Nut van een historische benadering .................................................................... 13
2. Inhoud en uitgangspunten .......................................................................................... 14
2.1. Het tijdskader: het ontstaan van de moderne samenleving .................................. 15
2.2. De ruimte: een wereldgeschiedenis van België .................................................... 17
2.3. De historiografische benadering: een verstrengelde geschiedenis........................ 17
2.4. De achtergrond: geschiedenis als SW-discipline ................................................. 18
Hoofdstuk 1: demografische ontwikkelingen in historisch perspectief ..................................... 19
1. De studie van de demografische ontwikkelingen in het verleden .................................. 20
1.1. De historische demografie .................................................................................. 20
1.2. Het historisch bronnenmateriaal ........................................................................ 20
1.3. De hoofdrolspelers van de demografie ................................................................ 21
1.4. De evolutie van de wereldbevolking in de long-run, in miljoenen (Livi Bacci) ......... 22
1.5. Thomas Robert Malthus of de onafwendbaarheid van catastrofes ........................ 22
2. Krijtlijnen van de demografische ontwikkelingen voor 1750 ......................................... 24
2.1. Structurele en catastrofale mortaliteit ................................................................ 25
2.2. Geboorte en fertiliteit ......................................................................................... 25
2.3. De nuptialiteit en het West-Europese huwelijkspatroon ....................................... 26
3. Demografische ontwikkelingen tijdens de lange negentiende eeuw ............................. 27
3.1. De omvang van de bevolking ............................................................................... 27
3.2. De demografische transitie................................................................................. 27
3.3. De mortaliteit en levensverwachting ................................................................... 28
3.4. De nataliteit en nuptialiteit: de verklaring voor de negentiende-eeuwse groei? ...... 29
4. Van ‘babyboom’ tot tweede demografische revolutie tijdens de twintigste eeuw .......... 32
4.1. De bevolkingsomvang: naar nulgroei ................................................................... 32
4.2. Dalende mortaliteit en gestegen levensverwachting ............................................ 33
4.3. Daling van de nataliteit vanaf het midden van de jaren 1960................................. 34
Hoofdstuk 2: Het staatsvormingsproces en de opkomst van de natiestaat .............................. 37
1. Van oude naar nieuwe politiek constellaties ............................................................... 37
2. De politieke ontrafeling van het feodalisme in de Zuidelijke Nederlanden..................... 40
2.1. Staatsvorming voor circa 1750 ............................................................................ 40
2
, 2.2. Verlicht despotisme onder Oostenrijks bestuur ................................................... 41
3. Van soevereine vorst naar soevereine natiestaat ......................................................... 42
3.1. ‘Depersonalisering’ van de macht ....................................................................... 42
3.2. Theorie van het sociaal contract ......................................................................... 43
3.3. Nationalisme ..................................................................................................... 45
4. De opkomst van de Belgische natiestaat..................................................................... 50
4.1. Franse invloed ................................................................................................... 50
4.2. Nederlandse invloed ......................................................................................... 51
4.3. Revolutie en nieuwe, Belgische natiestaat (Belgische revolutie) ........................... 53
5. De opkomst van het Vlaams nationalisme .................................................................. 54
5.1. De situatie voor WOI........................................................................................... 54
5.2. Stroomversnelling na WOII ................................................................................. 58
5.3. De aanpassing van de staatstructuren na WOII ................................................... 58
Hoofdstuk 3: Democratisering en burgerschap ....................................................................... 62
1. Democratisering, burgerschap en de ontwikkeling van de publieke sfeer ..................... 62
1.1. Democratisering en burgerschap ........................................................................ 62
1.2. Burgerschap en de ontwikkeling van een ‘civil society’ of publieke sfeer ............... 64
2. De casus België: van unionisme naar groeiende tegenstellingen .................................. 66
2.1. Belgische grondwet 1831.................................................................................... 67
2.2. Cijnskiesstelsel .................................................................................................. 68
2.3. België als liberale burgerstaat ............................................................................. 69
2.4. De totstandkoming van België als liberale burgerstaat ......................................... 72
2.5. De schoolstrijd ................................................................................................... 73
3. De periode van democratisering ................................................................................. 73
3.1. Strijd om algemeen stemrecht ............................................................................ 73
3.2. Eerste compromis in 1893 .................................................................................. 74
4. De periode na de Tweede Wereldoorlog ...................................................................... 79
4.1. Verlaging leeftijdsgrens ...................................................................................... 79
4.2. Actuele discussiepunten .................................................................................... 79
Hoofdstuk 4: Sociale ongelijkheid en sociaal beleid in historisch perspectief .......................... 80
1. Sociale ongelijkheid in een langetermijnperspectief .................................................... 82
1.1. Denken over sociale ongelijkheid ........................................................................ 82
1.2. Sociale ongelijkheid in de pre-industriële periode ................................................ 84
1.3. Sociale ongelijkheid tijdens de twintigste eeuw ................................................... 86
2. Armoede en sociale zorg vanuit een historisch perspectief → beperkter ...................... 89
2.1. Armoede en kwetsbaarheid: begripsbepaling en oorzaken ................................... 90
3
, 2.2. Sociaal beleid als uitdrukking van ongelijke machtsverhoudingen ........................ 93
3. Informele zorgarrangementen in historisch perspectief ............................................... 94
3.1. Familie en verwanten ......................................................................................... 94
3.2. Solidariteitsmechanismen in de buurt................................................................. 95
3.3. Allerhande vormen van overlevingsstrategieën: de armen zelf.............................. 95
4. Formele zorgverlening in historisch perspectief .......................................................... 96
4.1. De lokale organisatie van de armenzorg .............................................................. 96
4.2. Een groeiende inmenging vanwege de centrale overheden ................................... 98
4.3. Meer aandacht voor de sociale kwestie en de uitbouw van het stelsel van sociale
zekerheden .................................................................................................................... 99
4.4. De uitbouw van de welvaartsstaat: geïnstitutionaliseerde solidariteit ................. 102
Hoofdstuk 5: Wereldhandel, kolonialisme en dekolonialisme: de casus Congo ..................... 110
1. Imperialisme en de ‘verdeling’ van de wereld ............................................................ 110
1.1. Het koloniaal systeem voor 1800 ...................................................................... 110
1.2. Het moderne imperialisme ............................................................................... 113
1.3. Oorzaken van het moderne imperialisme .......................................................... 117
2. België en Congo ....................................................................................................... 119
2.1. Oorsprong: historisch toeval............................................................................. 119
2.2. Congo Vrijstaat (1885-1908) ............................................................................. 121
2.3. Belgisch Congo (1908-1945) ............................................................................. 124
2.4. Een modelkolonie? (1945-1960) ....................................................................... 128
3. Het postkoloniale tijdperk: een conclusie ................................................................. 130
Hoofdstuk 6: De economische transitie: industrialisering en economische groei ................... 130
1. Inleiding .................................................................................................................. 130
2. De eerste industrialisering en de impact op economische ontwikkeling (1780-1860) .. 133
3. Van tweede industrialiseringsgolf naar ‘sociale revolutie’ (1870-1944)....................... 139
4. Het Interbellum en de naoorlogse periode ................................................................ 146
5. De periode na 1973 .................................................................................................. 149
6. Besluit ..................................................................................................................... 151
Hoofdstuk 7: levensstandaard en consumptie in historisch perspectief ................................ 151
1. Het ‘standard of living debate’ of het onderzoek naar de levensstandaard tijdens de
eerste helft van de negentiende eeuw ............................................................................... 151
1.1. De sociale impact van de industriële revolutie: een verhit debat onder historici .. 151
1.2. De studie van koopkracht en reële lonen ........................................................... 152
1.3. Alternatieve meetinstrumenten naast het loon .................................................. 157
2. Van ‘sociale revolutie’ naar welvaartstaat: de periode 1870-1944 .............................. 165
4