Les 1: De openbare weg
Een openbare plaats kan bestaan uit:
- Openbare weg
- Openbaar terrein
- Niet- openbaar terrein
1) De openbare weg
= een plaats we zonder probleem met onze voertuigen mogen komen, dit zonder dat we aan iemand
een rede of een toelating moeten vragen
= vb: een straat, pad, autostrade, brug, kruispunten
= overtredingen die je hier begaat krijg je een bekeuring
De openbare weg bestaat uit
• De rijbaan (dit is het stuk waar de auto’s rijden)
o = het verharde deel van de weg waar we met voertuigen over mogen rijden
o = een stuk dat fietsers en bromfietsers ook mogen gebruiken indien er geen fietspad
aanwezig is
o De witte strepen aan de rand van de rijbaan duiden enkel de grenzen van deze rijbaan
aan en hebben voor de rest geen betekenis
o Men moet altijd rechts aan de rijbaan rijden
o Max snelheid = 70km/u, indien dit anders is, wordt dit aan gegeven door borden
• Het fietspad
• De zachte of harde berm of het voetpad
• Loopt ten slotte tot aan de gracht of een eigendom van mensen
EEN PRIVAAT EIGENDOM + GEEN OPENBARE WEG EN HIER GELDEN DE VERKEERSREGELS DUS OOK
NIET
2) Een openbaar terrein
= we zullen op deze plaats enkel komen wanneer we deze ergens voor moeten gaan gebruiken
= vb: een tankstation, parking ziekenhuis
= voor zware overtredingen kan je ook hier beboet worden
3) Een niet openbaar terrein
= enkel rijden wanneer we hier een bepaalde toestemming voor krijgen anders mag dit niet
=vb: een oefenterrein van een rijschool
= voor zware overtredingen kan je ook hier beboet worden
GEVAARSBORDEN = borden met een rode rand
,Les 2: Rijstroken
Rijbaan kan in rijstroken worden verdeeld door een wegmarkering (witte lijn/ stippenlijn)
- kan de rijbaan in 1/2/3/4 rijstroken delen verdelen
- bestuurders moeten nog steeds zoveel mogelijk rechts rijden
- Max snelheid= 70km/u
Wanneer de bestuurder voor jou trager rijd dan de toegestane maximum snelheid mag je deze over
een witte onderbroken streep in halen. Dit mag niet wanneer er verkeersborden staan die dit anders
aangeven. Over een witte doorlopende streep mag je niet rijden.
- Wanneer ze allebei staan volg je de streep die langs jou kant staat
Ritsen mag enkel: ( beurtelings op de rijbaan)
- Wanneer er al rijstroken zijn
- Wanneer er een vermindering is van het aantal rijstroken
- Wanneer er een sterk vertraagd verkeer is
Busstrook:
- Mag je met een auto niet oprijden
- Mag wel de laatste meters voor een kruispunt indien je hier zou willen afslaan
- VERKEERSBORDEN zijn ook uitzonderingen
Verdrijvingsvlak:
- Niet rijden
- Niet stilstaan
- Niet parkeren
Wegenwerken:
- Wordt door een bord aangeduid
- Gele strepen die je moet volgen, ook al staan er al witte strepen
- Borden die hiervoor gebruikt worden noemen we aanwijzingsborden
, Les 3: Fietspad
Wat is een fietspad?
- Onderdeel openbare weg NIET VAN DE RIJBAAN
- Fietsers + bromfietsers klasse a
- Wordt aangeduid door borden of dmv 2 evenwijdige onderbroken strepen
- Kan zowel links als recht van de rijbaan liggen
- Met de auto mag je NIET op een fietspad rijden, stoppen, parkeren
Borden die aanduiden dat men moet opletten voor overstekende fietsers
(GEVAARSBORDEN) staan op 150 meter voor een oversteekplaats.
De aanwijzingsborden staan aan de oversteekplaats zelf.
- Fietsers + bromfietsers moeten voorrang verlenen aan bestuurders op de rijbaan
- Je mag niet stilstaan of parkeren op een oversteekplaats of op 5 meter voor een
oversteekplaats
- Niet inhalen als een bestuurder stopt voor een oversteekplaats
Fietssuggestiestrook:
- Rode stroken die geen fietspad aanduiden
- = een onderdeel van de rijbaan
- = je mag hier met de auto wel op stilstaan of parkeren voor laden en lossen
Fietsstraat:
- Straat waar de fietser de belangrijkste is
- Maximum snelheid= 30km/u