-Geen uitblinker op school en had weinig vrienden. Hij hield van tekenen en ging naar Wenen
in de hoop op zijn schildersdoorbraak, maar bleek niet goed genoeg.
Hitler in WOI: aan westelijk front in Frankrijk en Belgie. Later zei hij dat hij vol overgave had
gevochten, maar dit was overdreven; hij raakte 2x gewond waarbij hij in de laatste aanval door gas 3
maanden lang blind was.
➢ "één leider (Adolf Hitler), één wil (die van hemzelf), één volk (het Duitse)".
Onderliggende hoop: Hij liet zich der Führer noemen en droomde van een Derde Duitse Rijk (het
Dritte Reich) als opvolger van het Heilig Roomse Rijk (1e) en Duitse Keizerrijk (2e), waar geen plek
is voor Joden etc. maar waar Duitsers in harmonie onder zijn leiding bouwen aan toekomst. Later
werd duidelijk dat hij absolute wereldheerschappij wou waarin de Duitsers het machtigste volk
zouden zijn. Hoe meer succes hij behaalde hoe meer hij dit geloofde.
Na het Vedrag van Versailles in 1919 was Hitler woedend. Hij vond dat DU benadeeld was en ze
zich sterker hadden moeten opstellen. Na de door DU verloren WOI sloot hij zich aan bij een
nationalistische anstisemitische groepering. Hij wist deze groep naar zijn hand te zetten en vormde
het om naar de Nationaalsocialistische Duitse Arbeiderspartij (NSDAP).
De ideeen van NSDAP gebaseerd op een nieuwe stroming na WOI: fascisme.
Ontstaan door Benito Mussolini in Italïe, reactie op het idee dat de problemen in de westerse
samenlevingen kwamen door democratie. Na WOI in 1918 was Italie een winnaar. Mussolini en
veel Italianen wilden meer gebiedsuitbreiding en hij overtuigde het volk dat dit kwam door een slap
parlement waarin te veel werd gepraat. Volgens hem was er een sterke leider nodig. Hij richtte
knokploegen op waardoor hij hoopte met geweld de macht in Italië te kunnen overnemen. In een
paar jaar maakte hij een einde aan de democratie. Fascisme heeft de volgende kenmerken:
➔ nadruk op waar ze tegen zijn (democratie, socialisme, communisme, vrijheid van
meningsuiting, andere culturen)
➔ nationalistisch (eigen volk eerst, vergroten macht en roem v/d eigen staat).
➔ gaat uit van ongelijkheid van mens (hoger/lager ontwikkeld, leiders/volgelingen,
man/vrouw).
➔ leidersbeginsel (op elk bestuursniveau 1 leider, aan ‘t hoofd van de staat één leider:
Duce/Führer)
➔ totalitair (de staat regelt+controleert het leven van elk mens, op elk gebied zijn fascistische
organisaties actief, andere organisaties verboden)
➔ meer gevoel dan verstand (niet alles hoeft bewezen te worden, men voelt dat het eigen volk
beter is en dat de leider gelijk heeft)
➔ geweldverheerlijking (geen woorden maar daden, mannelijke strijd brengt het beste in de
mens naar boven)
➔ vrouw heeft ondergeschikte plaats (verheerlijking moederschap, verder geen functie in de
samenleving)
Adolf Hitler had in het begin van zijn carriere veel respect Mussolini. De NSDAP was hierop
gebaseerd maar nationaal-socialisme had nog 2 extra kenmerken:
- Het Duitse volk moest raszuiver: Arische ras was superieur, de rest minderwaardig (met
onderaan Joden en zigeuners)
, - Het Duitse volk heeft leefruimte (Lebensraum) nodig. Nazi's erkenden grenzen niet en
mochten nieuw grondgebied veroveren.
In nov 1923 probeerde Hitler het regime omver te werpen dmv de staatsgreep ‘bierkellerputsch’
dit mislukte en hij kwam in de gevangenis. Daar schreef hij met behulp van Rudlof Hesszijn
secretaris, het boek Mein Kampf, met hierin zijn toekomstige ideeën over Duitsland, ras en
politiek. Leiders van bv. Engeland en Frankrijk wisten dit maar besloten hier niets mee te doen.
Na zijn vrijlating voerde Hitler zijn droom op een andere manier uit; verkiezingen. Daarom ging hij
verder met het opzetten van een 'politieke' partij, de NSDAP, aanhangers hiervan worden vaak
nazi's genoemd.
Eerst had de NSDAP weinig stemmen, maar toen de economische crisis in 1929 in de VS begon
maake Hitler gebruik van de onvrede. Het aantal werklozen in Duitsland groeide tot zes miljoen in
1932. In deze jaren groeide de NSDAP extreem hard, waarbij Hitler met zijn toespraken veel
indruk maakte. De centrale boodschap bij deze toespraken:
- Duitsland zou weer een sterke natie worden door Hitler
- Hij zou een einde maken een de gehate Vrede van Versailles (en herstelbetalingen)
- Met krachtig leiderschap van Hitler als Führer zou er een einde komen aan de chaos van de
Weimar Republiek met één echt Duits (Arisch/Germaans) volk.
- De joden kregen de schuld voor alle problemen en moesten verdwijnen.
Verkiezingen van 1932; NSDAP 37% van de stemmen → grootste partij van DU. Zonder de
economische crisis zou de NSDAP nooit zo hard gegroeid zijn. Voor de opkomst van de NSDAP
als grote massapartij kunnen we drie oorzaken noemen:
● Gebruik van grootscheepse en moderne propaganda: Nazi’s gebruikten radio en
films en organiseerden grote massabijeenkomsten.
● Hitlers redenaarstalent/charisma: Hitler was in staat om mensen uren lang geboeid
te laten luisteren naar zijn toespraken.
● Terreur: Militair machtsvertoon en intimidatie door groepen zoals de S.A.
(Sturmabteilung): Parades van partijlegers maakten grote indruk. Sommige mensen
werden erdoor aangetrokken anderen werden afgeschrikt door al het geweld en durfden
niets meer tegen Hitler te doen.
Door de overwinning werd Hitler in januari 1933 tot Rijkskanslier (premier) benoemd. Hitler
wou echter absolute macht, dus hoopte hij in maart ‘33 absolute meerderheid te behalen (>50%).
Op 27 februari 1933 werd het Duitse parlement, de Rijksdag, in brand gestoken door een
(Nederlandse) communist, uit onvrede over de politiek van Hitler.
Hitler gebruikte de Rijksdagbrand om met de communisten af te rekenen. Hij liet de Rijksdag de
Noodverordening uitroepen → zo kon hij communisten (en andere bedreigingen) gevangen zetten.
Ondanks dit en massale propagandaacties kreeg de NSDAP maar 43,9% stem.
Hij besloot andere partijen onder druk te zetten en zij besloten om een grondwetswijziging door
te voeren, met de zogenaamde Machtigingswet, hierbij kon Hitler 4 jaar lang besluiten nemen met
in de hoop op zijn schildersdoorbraak, maar bleek niet goed genoeg.
Hitler in WOI: aan westelijk front in Frankrijk en Belgie. Later zei hij dat hij vol overgave had
gevochten, maar dit was overdreven; hij raakte 2x gewond waarbij hij in de laatste aanval door gas 3
maanden lang blind was.
➢ "één leider (Adolf Hitler), één wil (die van hemzelf), één volk (het Duitse)".
Onderliggende hoop: Hij liet zich der Führer noemen en droomde van een Derde Duitse Rijk (het
Dritte Reich) als opvolger van het Heilig Roomse Rijk (1e) en Duitse Keizerrijk (2e), waar geen plek
is voor Joden etc. maar waar Duitsers in harmonie onder zijn leiding bouwen aan toekomst. Later
werd duidelijk dat hij absolute wereldheerschappij wou waarin de Duitsers het machtigste volk
zouden zijn. Hoe meer succes hij behaalde hoe meer hij dit geloofde.
Na het Vedrag van Versailles in 1919 was Hitler woedend. Hij vond dat DU benadeeld was en ze
zich sterker hadden moeten opstellen. Na de door DU verloren WOI sloot hij zich aan bij een
nationalistische anstisemitische groepering. Hij wist deze groep naar zijn hand te zetten en vormde
het om naar de Nationaalsocialistische Duitse Arbeiderspartij (NSDAP).
De ideeen van NSDAP gebaseerd op een nieuwe stroming na WOI: fascisme.
Ontstaan door Benito Mussolini in Italïe, reactie op het idee dat de problemen in de westerse
samenlevingen kwamen door democratie. Na WOI in 1918 was Italie een winnaar. Mussolini en
veel Italianen wilden meer gebiedsuitbreiding en hij overtuigde het volk dat dit kwam door een slap
parlement waarin te veel werd gepraat. Volgens hem was er een sterke leider nodig. Hij richtte
knokploegen op waardoor hij hoopte met geweld de macht in Italië te kunnen overnemen. In een
paar jaar maakte hij een einde aan de democratie. Fascisme heeft de volgende kenmerken:
➔ nadruk op waar ze tegen zijn (democratie, socialisme, communisme, vrijheid van
meningsuiting, andere culturen)
➔ nationalistisch (eigen volk eerst, vergroten macht en roem v/d eigen staat).
➔ gaat uit van ongelijkheid van mens (hoger/lager ontwikkeld, leiders/volgelingen,
man/vrouw).
➔ leidersbeginsel (op elk bestuursniveau 1 leider, aan ‘t hoofd van de staat één leider:
Duce/Führer)
➔ totalitair (de staat regelt+controleert het leven van elk mens, op elk gebied zijn fascistische
organisaties actief, andere organisaties verboden)
➔ meer gevoel dan verstand (niet alles hoeft bewezen te worden, men voelt dat het eigen volk
beter is en dat de leider gelijk heeft)
➔ geweldverheerlijking (geen woorden maar daden, mannelijke strijd brengt het beste in de
mens naar boven)
➔ vrouw heeft ondergeschikte plaats (verheerlijking moederschap, verder geen functie in de
samenleving)
Adolf Hitler had in het begin van zijn carriere veel respect Mussolini. De NSDAP was hierop
gebaseerd maar nationaal-socialisme had nog 2 extra kenmerken:
- Het Duitse volk moest raszuiver: Arische ras was superieur, de rest minderwaardig (met
onderaan Joden en zigeuners)
, - Het Duitse volk heeft leefruimte (Lebensraum) nodig. Nazi's erkenden grenzen niet en
mochten nieuw grondgebied veroveren.
In nov 1923 probeerde Hitler het regime omver te werpen dmv de staatsgreep ‘bierkellerputsch’
dit mislukte en hij kwam in de gevangenis. Daar schreef hij met behulp van Rudlof Hesszijn
secretaris, het boek Mein Kampf, met hierin zijn toekomstige ideeën over Duitsland, ras en
politiek. Leiders van bv. Engeland en Frankrijk wisten dit maar besloten hier niets mee te doen.
Na zijn vrijlating voerde Hitler zijn droom op een andere manier uit; verkiezingen. Daarom ging hij
verder met het opzetten van een 'politieke' partij, de NSDAP, aanhangers hiervan worden vaak
nazi's genoemd.
Eerst had de NSDAP weinig stemmen, maar toen de economische crisis in 1929 in de VS begon
maake Hitler gebruik van de onvrede. Het aantal werklozen in Duitsland groeide tot zes miljoen in
1932. In deze jaren groeide de NSDAP extreem hard, waarbij Hitler met zijn toespraken veel
indruk maakte. De centrale boodschap bij deze toespraken:
- Duitsland zou weer een sterke natie worden door Hitler
- Hij zou een einde maken een de gehate Vrede van Versailles (en herstelbetalingen)
- Met krachtig leiderschap van Hitler als Führer zou er een einde komen aan de chaos van de
Weimar Republiek met één echt Duits (Arisch/Germaans) volk.
- De joden kregen de schuld voor alle problemen en moesten verdwijnen.
Verkiezingen van 1932; NSDAP 37% van de stemmen → grootste partij van DU. Zonder de
economische crisis zou de NSDAP nooit zo hard gegroeid zijn. Voor de opkomst van de NSDAP
als grote massapartij kunnen we drie oorzaken noemen:
● Gebruik van grootscheepse en moderne propaganda: Nazi’s gebruikten radio en
films en organiseerden grote massabijeenkomsten.
● Hitlers redenaarstalent/charisma: Hitler was in staat om mensen uren lang geboeid
te laten luisteren naar zijn toespraken.
● Terreur: Militair machtsvertoon en intimidatie door groepen zoals de S.A.
(Sturmabteilung): Parades van partijlegers maakten grote indruk. Sommige mensen
werden erdoor aangetrokken anderen werden afgeschrikt door al het geweld en durfden
niets meer tegen Hitler te doen.
Door de overwinning werd Hitler in januari 1933 tot Rijkskanslier (premier) benoemd. Hitler
wou echter absolute macht, dus hoopte hij in maart ‘33 absolute meerderheid te behalen (>50%).
Op 27 februari 1933 werd het Duitse parlement, de Rijksdag, in brand gestoken door een
(Nederlandse) communist, uit onvrede over de politiek van Hitler.
Hitler gebruikte de Rijksdagbrand om met de communisten af te rekenen. Hij liet de Rijksdag de
Noodverordening uitroepen → zo kon hij communisten (en andere bedreigingen) gevangen zetten.
Ondanks dit en massale propagandaacties kreeg de NSDAP maar 43,9% stem.
Hij besloot andere partijen onder druk te zetten en zij besloten om een grondwetswijziging door
te voeren, met de zogenaamde Machtigingswet, hierbij kon Hitler 4 jaar lang besluiten nemen met