WC 1 Contractenrecht, 1-10-2012
Het belang van het vertrouwensbeginsel in het contractenrecht. Gerechtvaardig vertrouwen
is relevant bij het afbreken van onderhandelingen. Twee situaties:
- Wederpartij mocht vertrouwen dat er een contract tot stand zou komen. Kan tot een
schadevergoedingsplicht leiden.
- Gerechtvaardigd vertrouwen kan ook al in de precontractuele fase een rol spelen,
namelijk dat je de gemaakte kosten tijdens de onderhandelingen vergoed krijgt.
Een overeenkomst kon tot stand door aanbod en aanvaarding.
Aansprakelijkheid wil zeggen dat je een schadevergoedingsplicht hebt jegens iemand
anders. Deze plicht kan ontstaan door onderhandelingen die worden afgebroken.
Arrest Plas/Valburg: Geeft een toepassing aan de uitwerking van Baris/Riezenkamp, dat
partijen die met elkaar in onderhandeling treden in een rechtsverhouding terecht komen die
beheerst wordt door redelijkheid en billijkheid en waarbij rekening gehouden moet worden
met de gerechtvaardigde belangen van de wederpartij.
Dit geldt ook voor de precontractuele fase. Soms kan het daarom zo zijn dat het afbreken
van onderhandelingen in strijd kan zijn met de maatstaven van redelijkheid en billijkheid
(goede trouw) en onaanvaardbaar kan zijn.
Drie fasen:
1. Afbreken van onderhandelingen is zonder meer geoorloofd. snuffelfase
2. Onderhandelingen mogen worden afgebroken, maar niet zonder dat men bepaalde
door de wederpartij gemaakte kosten voor zijn rekening neemt.
(Negatief contractsbelang, gemaakte kosten en gemiste kansen, de positie waarin je
zou verkeren als je nooit vertrouwd had)
3. Het afbreken van de onderhandelingen is in strijd met de redelijkheid en billijkheid.
(Positief contractsbelang, de gederfde winst wordt vergoed, de positie waarin je zou
verkeren als de overeenkomst daadwerkelijk tot stand zou zijn gekomen)
Niet dwingend recht, je kunt er in een contract vanaf wijken of het verfijnen.
Arrest CBB/JPO: Hierin werd de contractsvrijheid nadrukkelijk voorop gesteld. Wat onder
fase 1 valt is hierdoor verruimd.
Arrest Hemubo: Hemubo en vereniging van eigenaren gingen onderhandelen over een
overeenkomst tussen m een bouwwerk te bouwen. Deze overeenkomst is er niet gekomen,
omdat de vereniging van eigenaren het aanbod van Hemubo afwees omdat de kosten te
hoog werden. Onderhandelingen werden zodoende afgebroken, Hemubo heeft vereniging
van eigenaren voor de rechter gesleept voor aanspraak op vergoeding van de gemaakte
kosten.
Tussen hemubo en de vereniging van eigenaren was een voorovereenkomst gesloten
voordat er onderhandeld werd en in die overeenkomst stond dat er naar maatstaven van
redelijkheid en billijkheid gehandeld zou worden naar elkaar. Mocht er geen overeenkomst
resulteren, dan zou een schadevergoeding verschuldigd zijn als dit was afgesproken. Zo’n
afspraak was er niet, maar desondanks wilde Hemubo een schadevergoeding. Vereniging
van eigenaren wierp de voorovereenkomst tegen.
Wat is de kracht van zo’n overeenkomst? Is deze van invloed op de
schadevergoedingsplicht?
Hof en HR: Ja, dit kan. Er is geen schadevergoeding verplicht doordat er hierover geen
afspraken gemaakt zijn. Hemubo heeft in casus geen recht op schadevergoeding.
, Vraag 1
- A is juist, want wil er een aanbod aanvaard worden dan moet het nog bestaan. (art.
6:221, lid 1 BW) Er bestaat echter een uitzondering in art. 6:223 BW
- B is juist, want het aanbod vervalt doordat het verworpen (6:221, lid 2 BW) wordt of
herroepen. (art. 6:219 BW) Je kunt iedere verklaring intrekken.
- C is onjuist, want als er een sneller communicatiemiddel is bij intrekking, dan kun je
niet meer spreken van een aanbod. De intrekkingsverklaring moet de in te trekken
verklaring eerder of gelijktijdig bereiken, zodoende ontstaat er geen aanbod bij
intrekking. (eerste deel van de stelling klopt wel, art. 6:221, lid 1 BW)
- D is juist, want een aanbod kan worden herroepen (6:219, lid 1 BW), maar een
aanvaarding kan alleen worden ingetrokken (art. 3:37, lid 5 BW) want art. 6:219
spreekt slechts over herroeping van een aanbod, daaruit kan worden afgeleid dat een
aanvaarding niet kan worden herroepen.
Vraag 2
Voor:
- Afschrikeffect, hierdoor wordt er niet zomaar een onderhandeling afgebroken
wanneer hiervoor al kosten zijn gemaakt. De aansprakelijkheid zorgt ervoor dat
mensen beter nadenken voordat ze geen onderhandelen.
- Een van de partijen blijft niet onnodig met kosten zitten, waardoor het aantrekkelijk
blijft om te onderhandelen en de markt in beweging blijft.
- Gerechtvaardigd vertrouwen moet beschermd worden.
- In het belang voor kleinere partijen.
- Oneerlijke concurrentie wordt voorkomen.
Tegen:
- Je kunt vragers op de markt afschrikken door de risico’s die ze lopen door in
onderhandeling te gaan.
- Er ontstaan extra veel procedures doordat men elkaar aansprakelijk stelt.
- Beginsel van de contractsvrijheid wordt hierdoor beperkt.
- Overbodig, want er is ook de onrechtmatige daad.
- Inbreuk op mededinging, de concurrentiemogelijkheden worden beperkt gezien het
feit dat je als vrager niet zomaar naar een andere aanbieder kan stappen. Dit is
nadelig voor de andere aanbieders, en dus slecht voor de concurrentie.
Vraag 3
Voor aansprakelijkheid van Vestidi:
Tegen aansprakelijkheid van Vestidi:
Dagmar:
- Als je kijkt naar Plas/Valburg is ze in fase 2 terecht gekomen waarin ze sowieso recht
heeft op de gemaakte kosten. Je kunt ook beredeneren dat in fase 3 is omdat er
gerechtvaardigd vertrouwen is dat de overeenkomst ook daadwerkelijk tot stand zou
komen.
Details van de overeenkomst zijn al besproken, alleen het termijn niet
- Vestidi had Dagmar moeten informeren over het feit dat er iemand was die meer
wilde betalen en beter in het plaatje paste. Had hij haar de gelegenheid moeten
aanbieden om een hogere huurprijs aan te bieden
, - Ze hebben een termijn gesteld. Als je zo’n termijn geeft dan kun je niet ondertussen
andere overeenkomsten sluiten. Je moet het termijn afwachten.
- De kosten van €6000,- zijn gemaakt op aandringen van Vestidi.
Naar Nederlands recht:
- Ondanks het bestaan van het gerechtvaardig vertrouwen staat het afbreken van de
onderhandelingen in dit geval Vestidi vrij, dit blijkt uit De Ruijterij/MBO-Ruiters. Er
dient namelijk ook rekening gehouden te worden met de mate waarin en de wijze
waarop de partij die onderhandelingen afbreekt, tot het ontstaan van dat vertrouwen
heeft bijgedragen, en met de gerechtvaardigde belangen van de wederpartij; hierbij
kan het ook van belang zijn of zich in de loop van de onderhandelingen onvoorziene
omstandigheden hebben voorgedaan.
Dat omstandigheid dat er later een andere ondernemer met een high team room
voorbij komt die beter in het straatbeeld past en de verhuurbaarheid ten goede komt,
is een onvoorziene omstandigheid. Daarnaast wordt er op een nette manier
afgebroken en heeft Dagmar zelf aangegeven 2 weken bedenktijd te willen hebben,
dus dit deed afbraak een het vertrouwen dat er daadwerkelijk een overeenkomst tot
stand zou komen.
- Belangrijk punt lag nog open, namelijk de huurtermijn! Dus niet alle benodigde
informatie voor de rompovereenkomst was al aanwezig. Zodoende kan Vestidi niet
aansprakelijk worden gesteld, want er was nog geen overeenkomst dus de
onderhandelingen waren nog niet op een einde.
- Winstderving moet gebaseerd zijn op de werkelijke winstcijfers, en in deze casus is
het gebaseerd op het marktonderzoek
- De winst is niet afhankelijk van het bedrijfspand. De winst hangt namelijk samen met
de onderneming.
Naar andere rechtstelsels:
- Je mag geen onwaarheden vertellen in de precontractuele fase, maar er hoeft niet
naar redelijkheid en billijkheid gehandeld te worden. Als wederpartij mag je het
onderste uit de kan halen, dus Vestidi mag uit eigen belang handelen door de
onderhandelingen af te breken als hij een hogere huurprijs kan ontvangen. =
Engeland
- Vestidi kan niet aansprakelijk worden gesteld voor de gederfde winst, want er bestaat
geen negatief contractsbelang in Duitsland. Een positief contractsbelang kan alleen
worden geëist, wanneer de wederpartij geen goede reden had om de
onderhandelingen af te breken. Dat de vintagewinkel de verhuurbaarheid van andere
panden in de straat niet ten goede zou komen, zou een goede reden kunnen zijn,
waardoor Vestidi niet aansprakelijk kan worden gesteld voor de gemaakte kosten. =
Duitsland
- Ditzelfde geldt voor Italie, zolang er een goede reden is.
Het belang van het vertrouwensbeginsel in het contractenrecht. Gerechtvaardig vertrouwen
is relevant bij het afbreken van onderhandelingen. Twee situaties:
- Wederpartij mocht vertrouwen dat er een contract tot stand zou komen. Kan tot een
schadevergoedingsplicht leiden.
- Gerechtvaardigd vertrouwen kan ook al in de precontractuele fase een rol spelen,
namelijk dat je de gemaakte kosten tijdens de onderhandelingen vergoed krijgt.
Een overeenkomst kon tot stand door aanbod en aanvaarding.
Aansprakelijkheid wil zeggen dat je een schadevergoedingsplicht hebt jegens iemand
anders. Deze plicht kan ontstaan door onderhandelingen die worden afgebroken.
Arrest Plas/Valburg: Geeft een toepassing aan de uitwerking van Baris/Riezenkamp, dat
partijen die met elkaar in onderhandeling treden in een rechtsverhouding terecht komen die
beheerst wordt door redelijkheid en billijkheid en waarbij rekening gehouden moet worden
met de gerechtvaardigde belangen van de wederpartij.
Dit geldt ook voor de precontractuele fase. Soms kan het daarom zo zijn dat het afbreken
van onderhandelingen in strijd kan zijn met de maatstaven van redelijkheid en billijkheid
(goede trouw) en onaanvaardbaar kan zijn.
Drie fasen:
1. Afbreken van onderhandelingen is zonder meer geoorloofd. snuffelfase
2. Onderhandelingen mogen worden afgebroken, maar niet zonder dat men bepaalde
door de wederpartij gemaakte kosten voor zijn rekening neemt.
(Negatief contractsbelang, gemaakte kosten en gemiste kansen, de positie waarin je
zou verkeren als je nooit vertrouwd had)
3. Het afbreken van de onderhandelingen is in strijd met de redelijkheid en billijkheid.
(Positief contractsbelang, de gederfde winst wordt vergoed, de positie waarin je zou
verkeren als de overeenkomst daadwerkelijk tot stand zou zijn gekomen)
Niet dwingend recht, je kunt er in een contract vanaf wijken of het verfijnen.
Arrest CBB/JPO: Hierin werd de contractsvrijheid nadrukkelijk voorop gesteld. Wat onder
fase 1 valt is hierdoor verruimd.
Arrest Hemubo: Hemubo en vereniging van eigenaren gingen onderhandelen over een
overeenkomst tussen m een bouwwerk te bouwen. Deze overeenkomst is er niet gekomen,
omdat de vereniging van eigenaren het aanbod van Hemubo afwees omdat de kosten te
hoog werden. Onderhandelingen werden zodoende afgebroken, Hemubo heeft vereniging
van eigenaren voor de rechter gesleept voor aanspraak op vergoeding van de gemaakte
kosten.
Tussen hemubo en de vereniging van eigenaren was een voorovereenkomst gesloten
voordat er onderhandeld werd en in die overeenkomst stond dat er naar maatstaven van
redelijkheid en billijkheid gehandeld zou worden naar elkaar. Mocht er geen overeenkomst
resulteren, dan zou een schadevergoeding verschuldigd zijn als dit was afgesproken. Zo’n
afspraak was er niet, maar desondanks wilde Hemubo een schadevergoeding. Vereniging
van eigenaren wierp de voorovereenkomst tegen.
Wat is de kracht van zo’n overeenkomst? Is deze van invloed op de
schadevergoedingsplicht?
Hof en HR: Ja, dit kan. Er is geen schadevergoeding verplicht doordat er hierover geen
afspraken gemaakt zijn. Hemubo heeft in casus geen recht op schadevergoeding.
, Vraag 1
- A is juist, want wil er een aanbod aanvaard worden dan moet het nog bestaan. (art.
6:221, lid 1 BW) Er bestaat echter een uitzondering in art. 6:223 BW
- B is juist, want het aanbod vervalt doordat het verworpen (6:221, lid 2 BW) wordt of
herroepen. (art. 6:219 BW) Je kunt iedere verklaring intrekken.
- C is onjuist, want als er een sneller communicatiemiddel is bij intrekking, dan kun je
niet meer spreken van een aanbod. De intrekkingsverklaring moet de in te trekken
verklaring eerder of gelijktijdig bereiken, zodoende ontstaat er geen aanbod bij
intrekking. (eerste deel van de stelling klopt wel, art. 6:221, lid 1 BW)
- D is juist, want een aanbod kan worden herroepen (6:219, lid 1 BW), maar een
aanvaarding kan alleen worden ingetrokken (art. 3:37, lid 5 BW) want art. 6:219
spreekt slechts over herroeping van een aanbod, daaruit kan worden afgeleid dat een
aanvaarding niet kan worden herroepen.
Vraag 2
Voor:
- Afschrikeffect, hierdoor wordt er niet zomaar een onderhandeling afgebroken
wanneer hiervoor al kosten zijn gemaakt. De aansprakelijkheid zorgt ervoor dat
mensen beter nadenken voordat ze geen onderhandelen.
- Een van de partijen blijft niet onnodig met kosten zitten, waardoor het aantrekkelijk
blijft om te onderhandelen en de markt in beweging blijft.
- Gerechtvaardigd vertrouwen moet beschermd worden.
- In het belang voor kleinere partijen.
- Oneerlijke concurrentie wordt voorkomen.
Tegen:
- Je kunt vragers op de markt afschrikken door de risico’s die ze lopen door in
onderhandeling te gaan.
- Er ontstaan extra veel procedures doordat men elkaar aansprakelijk stelt.
- Beginsel van de contractsvrijheid wordt hierdoor beperkt.
- Overbodig, want er is ook de onrechtmatige daad.
- Inbreuk op mededinging, de concurrentiemogelijkheden worden beperkt gezien het
feit dat je als vrager niet zomaar naar een andere aanbieder kan stappen. Dit is
nadelig voor de andere aanbieders, en dus slecht voor de concurrentie.
Vraag 3
Voor aansprakelijkheid van Vestidi:
Tegen aansprakelijkheid van Vestidi:
Dagmar:
- Als je kijkt naar Plas/Valburg is ze in fase 2 terecht gekomen waarin ze sowieso recht
heeft op de gemaakte kosten. Je kunt ook beredeneren dat in fase 3 is omdat er
gerechtvaardigd vertrouwen is dat de overeenkomst ook daadwerkelijk tot stand zou
komen.
Details van de overeenkomst zijn al besproken, alleen het termijn niet
- Vestidi had Dagmar moeten informeren over het feit dat er iemand was die meer
wilde betalen en beter in het plaatje paste. Had hij haar de gelegenheid moeten
aanbieden om een hogere huurprijs aan te bieden
, - Ze hebben een termijn gesteld. Als je zo’n termijn geeft dan kun je niet ondertussen
andere overeenkomsten sluiten. Je moet het termijn afwachten.
- De kosten van €6000,- zijn gemaakt op aandringen van Vestidi.
Naar Nederlands recht:
- Ondanks het bestaan van het gerechtvaardig vertrouwen staat het afbreken van de
onderhandelingen in dit geval Vestidi vrij, dit blijkt uit De Ruijterij/MBO-Ruiters. Er
dient namelijk ook rekening gehouden te worden met de mate waarin en de wijze
waarop de partij die onderhandelingen afbreekt, tot het ontstaan van dat vertrouwen
heeft bijgedragen, en met de gerechtvaardigde belangen van de wederpartij; hierbij
kan het ook van belang zijn of zich in de loop van de onderhandelingen onvoorziene
omstandigheden hebben voorgedaan.
Dat omstandigheid dat er later een andere ondernemer met een high team room
voorbij komt die beter in het straatbeeld past en de verhuurbaarheid ten goede komt,
is een onvoorziene omstandigheid. Daarnaast wordt er op een nette manier
afgebroken en heeft Dagmar zelf aangegeven 2 weken bedenktijd te willen hebben,
dus dit deed afbraak een het vertrouwen dat er daadwerkelijk een overeenkomst tot
stand zou komen.
- Belangrijk punt lag nog open, namelijk de huurtermijn! Dus niet alle benodigde
informatie voor de rompovereenkomst was al aanwezig. Zodoende kan Vestidi niet
aansprakelijk worden gesteld, want er was nog geen overeenkomst dus de
onderhandelingen waren nog niet op een einde.
- Winstderving moet gebaseerd zijn op de werkelijke winstcijfers, en in deze casus is
het gebaseerd op het marktonderzoek
- De winst is niet afhankelijk van het bedrijfspand. De winst hangt namelijk samen met
de onderneming.
Naar andere rechtstelsels:
- Je mag geen onwaarheden vertellen in de precontractuele fase, maar er hoeft niet
naar redelijkheid en billijkheid gehandeld te worden. Als wederpartij mag je het
onderste uit de kan halen, dus Vestidi mag uit eigen belang handelen door de
onderhandelingen af te breken als hij een hogere huurprijs kan ontvangen. =
Engeland
- Vestidi kan niet aansprakelijk worden gesteld voor de gederfde winst, want er bestaat
geen negatief contractsbelang in Duitsland. Een positief contractsbelang kan alleen
worden geëist, wanneer de wederpartij geen goede reden had om de
onderhandelingen af te breken. Dat de vintagewinkel de verhuurbaarheid van andere
panden in de straat niet ten goede zou komen, zou een goede reden kunnen zijn,
waardoor Vestidi niet aansprakelijk kan worden gesteld voor de gemaakte kosten. =
Duitsland
- Ditzelfde geldt voor Italie, zolang er een goede reden is.