DE GESCHIEDENIS VAN HET WONEN
1.Inleiding
Wonen in de oudheid hangt af van verschillende aspecten:
- Locatie: stad/platteland
- Sociale hiërarchie
- Tijd/ Periode: van 17de tot de 20e eeuw
- Methodes: van 17de tot de 20e eeuw
Bevolking Europa
- oppervlakte: 10 miljoen vierkante km
- 1500: 81.000.000 inwoners
- 2000: 730.000.000 inwoners (bevolking stijgt enorm)
2.Wonen in de oudheid
Startpunt hoofdstuk = interpretatie van Hoepfner en Schwandner van de archeologische
vondsten in Olynthos. Hun visie wordt daarna geconfronteerd met de visie van Nevett en
Cahill
3 manieren/theoriën om de stad te bekijken:
1. Hoepfner & Schwandner
2. Cahill
3. Nevett
2.1 Olynthos- Griekse stad
→ HOEPFNER EN SCHWANDNER
Stichting en ondergang
- Gesticht in 432 v. Chr.
- Vernield in 348 v. Chr. door de Atheners
Belang en ligging
- Belangrijkste stad van Chalcidice
- Gelegen in Noord-Griekenland
- Regio is vruchtbaar en rijk aan hout voor scheepsbouw
Reden voor stichting
- Opgericht door de Atheners om een lokale rebellie te beheersen
,Ontstaan van de stad
- Inwoners van verschillende kleine stadjes werden verplicht samen te verhuizen en
één nieuwe stad te bouwen.
Dit proces heet:
- Anoikismos = verplaatsen naar het binnenland (“moving inland”, volgens Cahill)
- Synoikismos (“samenvoeging van nederzettingen/1 gemeenschap”, volgens
Schwandner)
Jaren 40’: Amerikanen graven Olynthos op, enkel structuur/fundering is zichtbaar
materie: leem
Ontwerpers en ideologen
Pythagoras van Samos (gestorven 497/6 v.Chr.):
- filosoof en mathematicus
- theorieën over verhoudingen en getallen
Hippodamos van Milete (gestorven 425 v.Chr.):
- sociaaltheoreticus, denkt vooral na over stad en mensen, rechthoekige steden
- ontwikkelt methode om de maatschappij, de nieuwe stad en haar inwoners te
organiseren
- ontwerper Piraeus: havenstad in Athene
→ beïnvloedt door numerologische theorieën van Pythagoras:
⇒ Hippodamisch-Pythagoreïsche steden =
- langwerpige, rechthoekige percelen
- rastervormig grondplan
- prostas huizen
→ bouwde voor zichzelf een demosia (publieke woning)
= modelwoning die andere stadsbewoners kunnen bezoeken & hun eigen huis op
baseren
= voor Hoepfner & Schwandner dé verklaring voor gelijkvormigheid van de woningen
in Piraeus
→ sociale theorie Hippodamos
- gebaseerd op strikte vorm van democratie
- isonomia = gelijkverdeeldheid
- isomoira = gelijk aandeel
- isotes = gelijkwaardigheid in bezit, gelijk voor de wet, in de politiek,...
⇒ alle kolonisten hebben recht op een gelijk aandeel in de rijkdommen van de
nieuwe stad, recht op gelijkwaardig startkapitaal
,Elke kolonist krijgt 3 percelen (wordt via loting getrokken)
1/ perceel bouwgrond in de stad
2/ tuinbouwgrond dicht bij de stad (net buiten muren)
3/ stuk akkerland verder weg
De stad
Olynthos bestaat uit stadsblokken (insulae)
→ insula = 2 rijen woningen met ertussen een ambitus
→ ambitus = nauw straatje dat dient om het regenwater en verbruikt water af te voeren.
Het huis (gesloten woning)
- men bouwt duidelijk hun huis zelf (bouwdetails)
- muren: leemtegels op een stenen fundering
- deuren, ramen…: gezien als meubels, worden meegenomen bij verhuis
De kamers
gelijkvloers:
- Andron = ontvangstruimte mannelijke gasten
→ Symposion = exclusief mannelijke drinkgelag
- belangrijk sociaal en politiek gebeuren
- veel drinken, lawaai maken: zo weten de buren dat de heer des huizes een
vrijgevige gastheer is
- Vestibule = entreehal of voorruimte van het andron
- Oikos = belangrijkste familieruimte van het huis, open vuur in het midden wordt
gebruikt voor familierituelen
- Tameion = bergruimte voor waardevolle voorwerpen
- Pastas = overdekte werk- en woonruimte naast de binnenplaats
1e verdieping:
- gynaikonitis = vrouwenkamer? wss niet waar, functie blijft een raadsel
- thalamos= belangrijkste slaapkamer, ook onzeker
Klimatologische toestanden
pastas
→ georiënteerd nr Zuiden ⇒ beschermt gesloten woonruimtes tegen harde
zomerzon
→ aangename woonruimte in de winter
hellende grond
→ woningen georiënteerd zodat bewoners beschermd zijn tegen koude
dalende winden ’s nachts & koele zeebries opvangen overdag
, → LISA NEVETT
schilderingen op vazen:
- analyse schilderingen van interieurs en activiteiten op vazen en grafreliëfs
- afbakening van objectgroepen op basis van herhaald gezamenlijk voorkomen
- Veronderstelling: objectcombinaties wijzen op specifieke activiteiten of ruimtes
→ NICHOLAS CAHILL
- kijkt naar precieze locatie en samen voorkomen van gevonden voorwerpen
- Mensen in Olynthos leefden volgens vaste, dagelijkse gewoontes
→ voorwerpen en resten komen telkens op gelijkaardige plaatsen terecht
→ stad lijkt regelmatig en geordend
vb. weven: verticale weefspoel met onderaan gewichten
→ die weefgewichten in grote aantallen vinden
⇒ hier stond weefruimte
verdelen van objecten naar gender
→ zones volgens gender afbakenen op stadsplan
vb. weefgetouw = vrouwelijk, andron = mannelijk
clusteranalyse woningen
→ welke groepen objecten horen bij elkaar
vb. winkels in grote straat (winkelstraat)
Men bouwt eigen woning:
- Huizen zijn tegen elkaar gezet, dat zie je aan de voegen + in welke volgorde
pithoi: graan bewaren
→ kleine pithoi in stad (vooraad voor 1 week)
→ grote pithoi aan rand van stad, tussenstockage
CONCLUSIE: 3 manieren om naar stad te kijken
1. Hoepfner en Schwandner
Architectuur: verklaart Olynthos vanuit een strak rationeel model, regelmatig en
gereglementeerd, iedereen dezelfde woning.
2. Lisa Nevett
Ideologie: analyseert Griekse woningen via verbanden tussen objecten, gebaseerd
op hun gezamenlijke voorkomen op vazen en reliëfs. Ze veronderstelt dat zulke
objecten activiteiten en ruimtes weerspiegelen.
1.Inleiding
Wonen in de oudheid hangt af van verschillende aspecten:
- Locatie: stad/platteland
- Sociale hiërarchie
- Tijd/ Periode: van 17de tot de 20e eeuw
- Methodes: van 17de tot de 20e eeuw
Bevolking Europa
- oppervlakte: 10 miljoen vierkante km
- 1500: 81.000.000 inwoners
- 2000: 730.000.000 inwoners (bevolking stijgt enorm)
2.Wonen in de oudheid
Startpunt hoofdstuk = interpretatie van Hoepfner en Schwandner van de archeologische
vondsten in Olynthos. Hun visie wordt daarna geconfronteerd met de visie van Nevett en
Cahill
3 manieren/theoriën om de stad te bekijken:
1. Hoepfner & Schwandner
2. Cahill
3. Nevett
2.1 Olynthos- Griekse stad
→ HOEPFNER EN SCHWANDNER
Stichting en ondergang
- Gesticht in 432 v. Chr.
- Vernield in 348 v. Chr. door de Atheners
Belang en ligging
- Belangrijkste stad van Chalcidice
- Gelegen in Noord-Griekenland
- Regio is vruchtbaar en rijk aan hout voor scheepsbouw
Reden voor stichting
- Opgericht door de Atheners om een lokale rebellie te beheersen
,Ontstaan van de stad
- Inwoners van verschillende kleine stadjes werden verplicht samen te verhuizen en
één nieuwe stad te bouwen.
Dit proces heet:
- Anoikismos = verplaatsen naar het binnenland (“moving inland”, volgens Cahill)
- Synoikismos (“samenvoeging van nederzettingen/1 gemeenschap”, volgens
Schwandner)
Jaren 40’: Amerikanen graven Olynthos op, enkel structuur/fundering is zichtbaar
materie: leem
Ontwerpers en ideologen
Pythagoras van Samos (gestorven 497/6 v.Chr.):
- filosoof en mathematicus
- theorieën over verhoudingen en getallen
Hippodamos van Milete (gestorven 425 v.Chr.):
- sociaaltheoreticus, denkt vooral na over stad en mensen, rechthoekige steden
- ontwikkelt methode om de maatschappij, de nieuwe stad en haar inwoners te
organiseren
- ontwerper Piraeus: havenstad in Athene
→ beïnvloedt door numerologische theorieën van Pythagoras:
⇒ Hippodamisch-Pythagoreïsche steden =
- langwerpige, rechthoekige percelen
- rastervormig grondplan
- prostas huizen
→ bouwde voor zichzelf een demosia (publieke woning)
= modelwoning die andere stadsbewoners kunnen bezoeken & hun eigen huis op
baseren
= voor Hoepfner & Schwandner dé verklaring voor gelijkvormigheid van de woningen
in Piraeus
→ sociale theorie Hippodamos
- gebaseerd op strikte vorm van democratie
- isonomia = gelijkverdeeldheid
- isomoira = gelijk aandeel
- isotes = gelijkwaardigheid in bezit, gelijk voor de wet, in de politiek,...
⇒ alle kolonisten hebben recht op een gelijk aandeel in de rijkdommen van de
nieuwe stad, recht op gelijkwaardig startkapitaal
,Elke kolonist krijgt 3 percelen (wordt via loting getrokken)
1/ perceel bouwgrond in de stad
2/ tuinbouwgrond dicht bij de stad (net buiten muren)
3/ stuk akkerland verder weg
De stad
Olynthos bestaat uit stadsblokken (insulae)
→ insula = 2 rijen woningen met ertussen een ambitus
→ ambitus = nauw straatje dat dient om het regenwater en verbruikt water af te voeren.
Het huis (gesloten woning)
- men bouwt duidelijk hun huis zelf (bouwdetails)
- muren: leemtegels op een stenen fundering
- deuren, ramen…: gezien als meubels, worden meegenomen bij verhuis
De kamers
gelijkvloers:
- Andron = ontvangstruimte mannelijke gasten
→ Symposion = exclusief mannelijke drinkgelag
- belangrijk sociaal en politiek gebeuren
- veel drinken, lawaai maken: zo weten de buren dat de heer des huizes een
vrijgevige gastheer is
- Vestibule = entreehal of voorruimte van het andron
- Oikos = belangrijkste familieruimte van het huis, open vuur in het midden wordt
gebruikt voor familierituelen
- Tameion = bergruimte voor waardevolle voorwerpen
- Pastas = overdekte werk- en woonruimte naast de binnenplaats
1e verdieping:
- gynaikonitis = vrouwenkamer? wss niet waar, functie blijft een raadsel
- thalamos= belangrijkste slaapkamer, ook onzeker
Klimatologische toestanden
pastas
→ georiënteerd nr Zuiden ⇒ beschermt gesloten woonruimtes tegen harde
zomerzon
→ aangename woonruimte in de winter
hellende grond
→ woningen georiënteerd zodat bewoners beschermd zijn tegen koude
dalende winden ’s nachts & koele zeebries opvangen overdag
, → LISA NEVETT
schilderingen op vazen:
- analyse schilderingen van interieurs en activiteiten op vazen en grafreliëfs
- afbakening van objectgroepen op basis van herhaald gezamenlijk voorkomen
- Veronderstelling: objectcombinaties wijzen op specifieke activiteiten of ruimtes
→ NICHOLAS CAHILL
- kijkt naar precieze locatie en samen voorkomen van gevonden voorwerpen
- Mensen in Olynthos leefden volgens vaste, dagelijkse gewoontes
→ voorwerpen en resten komen telkens op gelijkaardige plaatsen terecht
→ stad lijkt regelmatig en geordend
vb. weven: verticale weefspoel met onderaan gewichten
→ die weefgewichten in grote aantallen vinden
⇒ hier stond weefruimte
verdelen van objecten naar gender
→ zones volgens gender afbakenen op stadsplan
vb. weefgetouw = vrouwelijk, andron = mannelijk
clusteranalyse woningen
→ welke groepen objecten horen bij elkaar
vb. winkels in grote straat (winkelstraat)
Men bouwt eigen woning:
- Huizen zijn tegen elkaar gezet, dat zie je aan de voegen + in welke volgorde
pithoi: graan bewaren
→ kleine pithoi in stad (vooraad voor 1 week)
→ grote pithoi aan rand van stad, tussenstockage
CONCLUSIE: 3 manieren om naar stad te kijken
1. Hoepfner en Schwandner
Architectuur: verklaart Olynthos vanuit een strak rationeel model, regelmatig en
gereglementeerd, iedereen dezelfde woning.
2. Lisa Nevett
Ideologie: analyseert Griekse woningen via verbanden tussen objecten, gebaseerd
op hun gezamenlijke voorkomen op vazen en reliëfs. Ze veronderstelt dat zulke
objecten activiteiten en ruimtes weerspiegelen.