gesloten boek
HOOFDSTUK 5: CHC – MODEL
CHC – model: Catell- Horn - Caroll
= anaytische intelligentie
Catell
Maakt onderscheid tussen
1. Vloeiende intelligentie (Gf): redeneren en probleemoplossend in nieuwe situaties
2. Gekristalliseerde intelligentie (Gc): verworven kennis, beïnvloed door cultuur en onderwijs
Horn
Breidde model uit met extra cognitieve vaardigheden
o Visuele verwerking (Gv)
o Additieve verwerking (Ga)
o Korte – termijngeheugen (Gsm)
o Lange – termijngeheugen (Glr)
o Verwerkingssnelheid (Gs)
o Reactiesnelheid (Gt)
o Kwantitatieve kennis (Gq)
o Lees – en schrijfvaardigheden (Grw)
Caroll
o Ontwikkelde de drie-stratum-theorie op basis van factoranalytisch onderzoek
Stratum I
- Nauwe cognitieve vaardigheden
- Basis voor subtesten van
intelligentietesten
Stratum II
- 10 brede cognitieve vaardigheden
Stratum III
- Algemene intelligentie: g-factor
1
,10 brede cognitieve vaardigheden (Stratum II)
1. Gf – Fluid Intelligence (Vloeiende intelligentie)
Redeneren in nieuwe, onbekende situaties
Probleemoplossend zonder beroep te doen op aangeleerde kennis
Sterk gelinkt aan logisch en abstract denken
2. Gc – Crystallized Intelligence (Gekristalliseerde intelligentie)
Verworven kennis en taalvaardigheid
Sterk beïnvloed door onderwijs en cultuur
Toepassen van eerder geleerde informatie
3. Gq – Quantitative Knowledge (Kwantitatieve kennis)
Inzicht in numerieke en wiskundige concepten
Begrijpen en toepassen van hoeveelheden en relaties
Nauw verbonden met schoolse wiskundige vaardigheden
4. Grw – Reading and Writing (Lees- en schrijfvaardigheden)
Basisvaardigheden lezen en schrijven
Begrip en productie van geschreven taal
In Vlaanderen meestal gemeten via schoolvorderingstesten
5. Gsm – Short-Term Memory (Korte-termijngeheugen)
Vasthouden en manipuleren van informatie op korte termijn
Belangrijk voor werkgeheugen, volgen van instructies
6. Glr – Long-Term Storage and Retrieval (Lange-termijngeheugen)
Opslaan van informatie en deze later efficiënt ophalen
Associatief leren, vlotheid en creativiteit
7. Gv – Visual Processing (Visuele informatieverwerking)
Waarnemen, analyseren en manipuleren van visuele patronen
Ruimtelijk inzicht en visueel redeneren
8. Ga – Auditory Processing (Auditieve informatieverwerking)
Analyseren en onderscheiden van geluiden en spraak
Belangrijk voor taalontwikkeling en fonologisch bewustzijn
9. Gs – Processing Speed (Verwerkingssnelheid)
Snel en accuraat uitvoeren van eenvoudige cognitieve taken
2
, Tijd speelt een cruciale rol
10. Gt – Reaction Time / Decision Speed (Reactiesnelheid)
Snel reageren of beslissen bij eenvoudige stimuli
Basisverwerkingssnelheid van het zenuwstelsel
Dynamisch karakter van het CHC- model
o Het CHC-model is in voortdurende ontwikkeling
o Wordt aangepast op basis van nieuw wetenschappelijk onderzoek
3