100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Tanto en línea como en PDF No estas atado a nada 4,6 TrustPilot
logo-home
Resumen

Samenvatting Grondrechten - Ars Aequi nieuwste druk + arresten

Puntuación
-
Vendido
-
Páginas
60
Subido en
15-01-2026
Escrito en
2025/2026

Gemaakt tijdens het lezen van ALLE voorgeschreven literatuur uit het boek/artikelen en voorgeschreven arresten (minstens de relevante feiten/argumenten en uitspraak HR/rechtsvraag/rechtsregel). Boek: Hoofdstukken Grondrechten – Ars Aequi Libri 5e druk (2022, ISBN: 9789493199217)

Mostrar más Leer menos
Institución
Grado













Ups! No podemos cargar tu documento ahora. Inténtalo de nuevo o contacta con soporte.

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
15 de enero de 2026
Número de páginas
60
Escrito en
2025/2026
Tipo
Resumen

Temas

Vista previa del contenido

GRONDRECHTEN
H1 Inleiding
Rechtsstaat
1. Legaliteitsbeginsel
- Wettelijke grondslag vereist voor overheidsingrepen
- Gelijkheidsbeginsel:
1) Verbod op willekeur
2) Verbod op standsrechten
2. Scheiding der machten
- Verdeling van de overheidsmacht over meerdere organen
- Checks and balances
3. Rechtsbescherming door een onafhankelijke rechter
4. Grondrechten
- Vrijheid van de burger beschermen tegen de overheid


Mensenrechten
- Rechten die ieder mens van nature toekomen/horen toe te komen
- Betekenis grondrechten in dit boek: fundamentele rechten die op zowel nationaal
als internationaal niveau vastgelegd zijn (vooral in documenten van hoge orde:
verdragen en de grondwet)


Belangrijkste rechtsbronnen:
1. Internationale verdragen
1) Internationaal Verdrag inzake Burgerlijke en Politieke Rechten (IVBPR)
2) Internationaal Verdrag inzake Economische, Sociale en Culturele Rechten
(IVESCR)
3) EVRM
4) Europees Sociaal Handvest (ESC)
5) Handvest van de Grondrechten van de EU (HvEU)
6) Verdragen die zien op één specifiek grondrecht
2. Jurisprudentie van internationale rechterlijke organen
1) EHRM: bindende uitspraken over de interpretatie van het EVRM
2) HvJEU: bindende uitleg van het HvEU
3. Nationale Grondwet
4. Uitwerking van grondrechten in nationale wetgeving (bv. over de
reikwijdte/gelding)

, 5. Jurisprudentie van de nationale rechter


Toenemend belang van grondrechten
Redenen:
1. Werkingssfeer grondrechten neemt toe
1) Meer grondrechten
2) Grotere reikwijdte van grondrechten
2. Rol bij de actuele maatschappelijke kwesties
3. Spelen steeds vaker een rol bij relatie tussen burgers onderling in contractuele
en andere horizontale verhoudingen
4. Klassieke grondrechten houden niet alleen meer de onthoudingsplicht van de
overheid in, maar ook positieve verplichtingen
5. Sociale grondrechten leggen de overheid een zorgplicht op als positieve
verplichting, welke een steeds grotere rol zijn gaan spelen door het ontstaan en
de uitbreiding van de sociale rechtsstaat
6. De steeds groter wordende invloed van het internationale stelsel van
grondrechtenbescherming binnen nationale rechtsordes
1) Veel grondrechtbepalingen uit grondrechtverdragen zijn een ieder verbindend
en prevaleren daarom boven de nationale rechtsordes
2) Uitspraken door het EHRM zijn bindend voor de nationale rechters in de EU
3) Uitspraken door internationale gerechtshoven over de uitleg van verdragen
dienen als richtsnoer voor de nationale rechters
4) Het toenemend belang van grondrechten binnen het EU-recht
 Bv. de groeiende betekenis van het HvEU binnen de rechtspraak van het
HvJEU

, 1. Kennisclip: toetsingsverbod/gebod en
hiërarchie
2. Beginselen van het Nederlandse
staatsrecht p. 219-223 (D. Belinfante)
Hiërarchie van rechtsnormen
Indien regelingen strijdig zijn/lijken moet de rechter bepalen welke regeling prevaleert:
1. Hogere regeling prevaleert over lagere regeling
- Een lagere regeling die in strijd is met een hogere regeling/de Grondwet is
onverbindend
2. Regeling prevaleert over een hiërarchisch gelijke regeling indien in één van deze
regelingen voorrang geregeld is
3. Specifieke wetgeving prevaleert over algemene wetgeving
4. Nieuwe wetgeving prevaleert over oude wetgeving



Toetsingsverbod (art. 120 Gw)
1. De rechter mag wetten in formele zin niet toetsen aan:
1) De Nederlandse Grondwet
2) Het Statuut
3) Ongeschreven fundamentele rechtsbeginselen
- Idee: de wetgever moet oordelen of een wifz wel/niet in strijd is met de Grondwet
ipv de nationale rechterlijke instantie
 MAAR: de Nederlandse rechter mag wifz wel grondwetsconform interpreteren
of open begrippen nader invullen en daarbij rekening houden met
grondrechten
2. De rechter mag verdragen niet toetsen aan de Nederlandse Grondwet
3. De rechter mag niet toetsen of er bij de voorbereiding/totstandkoming van een
wifz/verdrag aan de juiste procedurevoorschriften van de Grondwet is gehouden
 MAAR: wel rechterlijke toetsing van:
1) Hebben de Kamers van de Staten-Generaal het wetsvoorstel
aangenomen?
2) Is het wetsvoorstel bekrachtigd door middel van bekendmaking door de
Koning in het Staatsblad?
MAAR: de rechter mag LAGERE wetgeving wel aan:
1) De grondwet toetsen
- MAAR: indien de lagere regelgeving tot stand is gekomen via delegatie in een
wifz, mag deze toetsing mag GEEN verkapte toetsing van de wifz zijn
2) Ongeschreven fundamentele rechtsbeginselen

,HR Harmonisatiewet
Relevante feiten:
- De Landelijke Studenten Vakbond spande een procedure aan tegen een wet die
de inschrijvingsduur van studenten drastisch beperkte, terwijl er geen
overgangsrecht was vastgesteld. Zij stelden dat het fundamentele rechtsbeginsel
bescherming van de rechtszekerheid was geschonden én hierdoor dus ook
sprake zou zijn van schending van het Statuut voor het Koninkrijk der
Nederlanden. De rechtbank toetste de wet vervolgens aan het Statuut en wees
de eis van de Landelijke Studenten Vakbond toe
Rechtsvragen:
1. Mag de rechter een wifz toetsen aan fundamentele rechtsbeginselen?
2. Mag de rechter een wifz toetsen aan het Statuut voor het Koninkrijk?
Uitspraak:
- De harmonisatiewet is in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel
Rechtsregels:
1. De rechter mag een wifz NIET toetsen aan fundamentele rechtsbeginselen
2. De rechter mag een wifz NIET toetsen aan het Statuut voor het Koninkrijk der
Nederlanden


Uitzondering op het toetsingsverbod van wetten in formele zin
- De rechter kan de toepassing van een algemeen bindende, formele wetsbepaling
achterwege laten INDIEN de strikte toepassing van deze wetsbepaling ivm hierin
niet verdisconteerde omstandigheden die niet waren voorzien bij de vaststelling
van de wet in strijd zijn met een ongeschreven fundamenteel rechtsbeginsel
 Bv. het vertrouwensbeginsel indien een burger afgaat op een beleidsregel die
is vastgesteld en bekendgemaakt door de minister, welke later in strijd met
de wet wordt geoordeeld door de rechter (dus bij officiële uitlatingen van
overheidsinstanties die met de uitvoering van de betrokken wet belast zijn)



Toetsingsgebod (art. 94 Gw)
- De rechter/het bestuur mag en MOET (oa) wetten in formele zin aan een ieder
bindende bepalingen van verdragen en besluiten van volkenrechtelijke
organisaties toetsen
MAAR: het toetsingsgebod telt ALLEEN voor onvoorwaardelijke (1), voldoende duidelijk
om direct toe te passen (2) één ieder verbindende bepalingen (3) uit een verdrag (4)



Toetsing van lagere regelingen aan ongeschreven recht
- HR: de rechter kan algemeen verbindende lagere regelingen onverbindend en
daarmee de vaststelling en uitvoering van een lagere regeling (in een concreet
geval) onverbindend oordelen INDIEN er sprake is van willekeur, doordat een
overheidsorgaan op het moment dat zij de lagere regeling tot stand liet komen
redelijkerwijs NIET tot deze lagere regeling heeft kunnen komen obv belangen die
toen bekend waren/behoorden te zijn aan dit overheidsorgaan

, - DUS: de beslissingsruimte van de lagere wetgever wordt beperkt door hoger
recht ÉN algemene rechtsbeginselen
- Oplossing: sommige algemene rechtsbeginselen zijn opgenomen in de Awb (aka
een wifz)
 Hierbij is relevant of eventuele benadeelden wel/niet een vergoeding is
toegekend

H2 Geschiedenis en achtergronden
§2 Geschiedenis
Athene en de Griekse staatsleer
Het idee van grondrechten ontbreekt, doordat het individu zijn waarde vooral ontleent
aan het gemeenschapsleven
- MAAR:
1) Mannelijke inwoners, die geen slaaf/immigrant zijn, bezitten een grote vrijheid
om aan de politieke besluitvorming deel te nemen
2) De overheid stelt grenzen: zij kan bv. iemands eigendom niet zomaar
ontnemen
Plato:
1) De ideale staat moet bestuurd worden door filosoof koningen die kennis
bezitten
2) De staat heeft vooral als taak haar burgers opvoeden
3) De overheid heeft controle over alle aspecten van het individuele en
maatschappelijke leven
 Bv. partnerkeuze, beeldende kunst
Aristoteles:
1) De politieke gemeenschap moet de mens helpen om zijn natuurlijke aanleg
(talenten/mogelijkheden) te realiseren
2) De mens is een zoon politikon (aka: sociaal wezen) en leeft hierdoor alleen
echt als een mens indien die deel uitmaakt van een samenleving
3) Een vrije privé sfeer leidt tot pervertering van de natuurlijke eigenschappen
van de mens, waardoor die slechter wordt. Alleen door deel uit te maken van
een gemeenschap zal de mens goed kunnen zijn
4) De natuurlijke aanleg van mensen verschilt, waardoor zij ongelijk zijn:
vreemdelingen zijn geschikt om slaaf te zijn en vrouwen kunnen minder goed
nadenken dan mannen
Epicurus:
1) De bestemming van de mens is buiten het publieke leven: de privé sfeer is de
fijnste omgeving waarin het individu zich kan begeven: geen pijn/vrees/onrust
2) De staat heeft als belangrijkste taak de veiligheid waarborgen
Stoïcijnen:
- Alle mensen zijn moreel gelijk: de gehele menselijke gemeenschap neemt deel
aan de morele orde, die die basis vormt van een universeel natuurrecht

, Christendom en Middeleeuwen
Dubbelzinnigheid van het christendom:
1. Idee van mensenrechten
1) Alle mensen zijn gelijk doordat zij door God dezelfde menselijke innerlijke kern
hebben
2) Ieder mens moet tussen goed en kwaad kiezen
3) De spirituele sfeer is belangrijker dan de wereldlijke/statelijke sfeer
 Gevolg: het geloof en de kerk hebben hun eigen domein, waardoor de macht
van de statelijke overheid beperkt wordt
2. God heeft de overheid macht gegeven, waardoor de belangrijkste taak van
onderdanen het zich gehoorzamen aan de overheid is
- Toen het christendom de staatsgodsdienst werd, vond de kerk dat de kerk en
overheid samen macht moesten uitoefenen om ervoor te zorgen dat individuen
in de hemel zouden komen
 Gevolg: afwijkende geloofsopvattingen en het hebben van kritiek op de
overheid wordt gezien als verzet tegen zowel de geestelijke als de wereldlijke
macht
 Gevolg: het idee van grondrechten ontbreekt


Begrenzingen van overheidsmacht:
1. Thomas van Aquino:
- Christelijk-aristotelische natuurrechtsleer:
1) De macht van de overheid is beperkt, doordat zij deze zij deze macht heeft
gekregen van God met als doel het algemeen welzijn te verbeteren dmv
machtsuitoefening
2) De geestelijkheid behandelt geloofszaken
3) Er is geen sprake van grondrechten als individuele rechten
2. De standensamenleving heeft iedere stand zijn eigen plichten, rechtspositie en
overeenkomst met de vorst opgelegd


Achtergrond van de opkomst van het idee van grondrechten (1200-1800)
De christelijke-middeleeuwse gang van zaken gaat verloren, waardoor uiteindelijk het
idee van grondrechten zich ontwikkelt:


Renaissance:
1. Herontdekking van klassieke geschriften
2. Herontdekking van het niet-christelijke natuurrecht van de Stoïcijnen (namelijk
het idee dat alle mensen moreel gelijk zijn)
3. Opkomst humanisme: meer aandacht voor het individu en zijn mogelijkheden en
morel zelfstandigheid
$4.17
Accede al documento completo:

100% de satisfacción garantizada
Inmediatamente disponible después del pago
Tanto en línea como en PDF
No estas atado a nada

Conoce al vendedor

Seller avatar
Los indicadores de reputación están sujetos a la cantidad de artículos vendidos por una tarifa y las reseñas que ha recibido por esos documentos. Hay tres niveles: Bronce, Plata y Oro. Cuanto mayor reputación, más podrás confiar en la calidad del trabajo del vendedor.
patricia:31
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
33
Miembro desde
1 año
Número de seguidores
1
Documentos
21
Última venta
3 semanas hace

3.7

9 reseñas

5
2
4
2
3
5
2
0
1
0

Recientemente visto por ti

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes