100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Tanto en línea como en PDF No estas atado a nada 4,6 TrustPilot
logo-home
Resumen

Samenvatting - Cellen H2-12

Puntuación
-
Vendido
-
Páginas
112
Subido en
10-01-2026
Escrito en
2024/2025

samenvatting van hoofdstukken 2 tot 12 van cellen. kernconcepten duidelijk uitgelegd + voorbeeldvragen

Institución
Grado











Ups! No podemos cargar tu documento ahora. Inténtalo de nuevo o contacta con soporte.

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
10 de enero de 2026
Número de páginas
112
Escrito en
2024/2025
Tipo
Resumen

Temas

Vista previa del contenido

H2: membranen



2.1 membraanfuncties en structuur

Barrière vormen = muur vormen tussen externe en interne milieus, moest
het hermetisch afgesloten zijn zou de cel niet overleven want de cel moet
continu materiaal uitwisselen met haar omgeving dus er moeten op
verschillende plaatsen openingen zijn om materiaal op te nemen van de
buitenwereld en intern af te geven en omgekeerd ook, interne molecule
opgeloste stoffen kunnen transporteren naar de buitenwereld.

Voordeel van een barrière  transport kan selectief gemaakt worden.



Membranen zijn niet gelimiteerd tot buitenste plasmamembraan, maar we
vinden ze ook terug bij alle kleinere organellen, dat maakt dat er kleinere
compartimenten ontstaan

Voordeel compartimentering:

 maakt dat er kleinere volumes zijn waarin bepaalde processen zich
kunnen manifesteren, waardoor verschillende processen naast
elkaar, in parallel binnen in zelfde comp van de cel plaatsvinden.
 Doordat het kleinere volumes zijn (micro meter) vraagt het veel
minder energie om materiaal te concentreren = we hebben veel
sneller een accumulatie van voldoende materiaal



Membraan is een communicatiemiddel van de cel, op de membraan zitten
allerlei receptoren, ontvangers, sensoren waarmee de cel haar omgeving
kan gaan proben, aftasten en gaan reageren. Een soort signaal-captatie
mechanismen, ook van andere cellen (rechtsreeks cel-cel contact).



Belangrijkste functies van de membranen : afscherming, lokalisatie-
concentratie van functies, gereguleerd transport, signaal detectie en cel-
cel interactie.



De ijsbergtheorie / fluid mosaic model : viskeuze zee, olie-achtige zee die
de volledige cel omhult. Vormt een scheiding tussen 2 zeer waterige
milieus, de buitenwereld en de interne cytosolische wereld (het
cytoplasma). Binnen in lipide-achtige substantie drijven er grote vlotten

,van proteïnen rond. 50 % van de totale massa van de membraan zijn
eiwitten.



2.2 membraanlipiden

Membraanlipiden bestaan uit 2 grote domeinen:

 Hydrofobe staart : waterafstotend, zo ver mogelijk weg richten van
het water
 Hydrofiele kop : iets meer geladen, hydrofieler karakter, naar water
gericht

In een volledig waterige context krijgen we een dubbele laag, langs
weerszijde richten de kopregio’s zich naar de hydrofiele waterige
omgeving en de staarten steken zich weg in het binnenste. De
thermodynamisch meest efficiënte vorm is een sferische structuur.

Hydrofiel + hydrofoob karakter = amfipatisch



Er zijn 3 grote types membraanlipides:

 Fosfolipiden = ruggengraat van glycerol + 2 lange
vetzuurstaartketens + geladen/hydrofiele molecule (gekoppeld aan
glycerol via een fosfaatgroep): fosfatidylserine, fosfatidylcholine,
fosfatidylethanolamine en fosfatidylinositol.
 Glycolipiden = backbone van serine + 2 lange vetzuurstaartketens +
hydrofiel domein (altijd een suiker! Rechtsreeks verbonden op
serine): alles wat een suikergroep heeft zit altijd aan de buitenzijde
van de plasmamembraan, dienen voor bescherming en herkenning
 bloedgroep = rbc hebben een glycolipiden die zal dienen voor cel-
herkenning van cel eigen materiaal, bloedgroep wordt bepaald door
type van glycolipiden.
 Sterolen = amfipatische molecule, hydrofiele hydroxylgroep (naar de
waterige kant toe), hooguit een nanometer groot (gaan zich tussen
grotere fosfo- en glycolipiden nestelen) : belangrijke functie voor
integriteit van de membraan, ze gaan de membraan verstevigen.



De lipidendubbellaag is viskeus, geen enkel van de lipiden is met elkaar
verankerd, er zijn geen covalente bindingen. Bewegingen die zeker
mogelijk zijn = tollen (ze kunnen rond hun eigen as draaien, want ze zijn
niet echt verbonden met hun buren) en diffusie. Wat niet zo vlot verloopt
= flip-flip (van bovenste naar onderste membraan, hydrofiele groep gaan
we niet zomaar door hydrofobe staarten krijgen) is energetisch veeleisend

,dus moet geholpen worden door enzymen, spontaan gebeurt het
nauwelijks.




De temperatuur waarover de transitie zal gebeuren, vloeibaar naar vast =
fasetransitietemperatuur, hoe lager deze is, hoe langer de membraan haar
viscositeit bewaart. Alles in de cel is flux, indien het niet meer kan
bewegen is de cel ten dode opgeschreven, een rigide membraan is het
einde van de cel.

Koudbloedige dieren  Samenstelling van de membraan wijzigen om
fasetransitietemperatuur te verlagen:

1. lipideketens meer open laten staan = onverzadigdheden te
introduceren in koolwaterstofketens, dubbele bindingen zorgen voor
een knik = openstaande keten. Doel = poly-onverzadigde
vetzuurketens in membraan
2. lengte van de koolwaterstofketens, als ze zeer lang zijn dan zijn ze
makkelijk te stapelen = hoge transitietemperatuur, als we ze korter
maken gaan ze by default automatisch meer openstaan = lage
transitietemperatuur
3. cholesterol gaat de membraan bij een hoge temperatuur (boven de
fasetransitietemperatuur) stroever maken dan we verwachten, maar
de hoeveelheid cholesterol verlaagt de fasetransitietemperatuur.
Cholesterol heeft een tweezijdig effect:
- Boven de transitietemperatuur: verlaagt de vloeibaarheid →
membraan wordt stijver.
- Onder de transitietemperatuur: verhoogt de vloeibaarheid →
voorkomt kristallisatie.
 Dus cholesterol verlaagt netto de fasetransitietemperatuur
en stabiliseert de membraan over een breder temperatuurgebied.

! typische examenvraag = 3 eigenschappen die bijdragen aan de
fasetransitietemperatuur en in welke richting.

Welke van de volgende stellingen over de
fasetransitietemperatuur van biologische membranen is
FOUT?
A. Het introduceren van dubbele bindingen in vetzuurketens
verlaagt de fasetransitietemperatuur.
B. Kortere vetzuurketens zorgen voor een lagere

, fasetransitietemperatuur.
C. Cholesterol verhoogt altijd de fasetransitietemperatuur van de
membraan.
D. Onverzadigde vetzuren maken de membraan vloeibaarder bij
lagere temperaturen.




Welke van de onderstaande uitspraken over
membraanfluiditeit en fasetransitietemperatuur is FOUT?
A. Hoe meer dubbele bindingen in vetzuurketens, hoe lager de
fasetransitietemperatuur.
B. Langere vetzuurketens verlagen de fasetransitietemperatuur.
C. Cholesterol maakt de membraan bij lage temperatuur minder
rigide.
D. De celmembraan moet vloeibaar blijven om celprocessen
mogelijk te maken.



Membranen zijn niet homogeen, membraanlipiden zijn niet homogeen
verdeeld.

Membranen zijn asymmetrisch = buitenste lipiden laag is niet gelijk aan
de binnenste (bv alles wat suiker bevat zit aan de buitenkant)
(fosfatidylserine en fosfatidylinositol zitten voornamelijk aan de
binnenzijde)

: fosfatidylserine is een soort alarmsignaal dat continu weggestopt wordt
aan de binnenzijde van de cel, maar wanneer er gecontroleerde zelfdoding
wordt geïnitieerd dan gaat ze naar de buitenste membraan worden
geflipflopt (dankzij enzym flipase), gaat als SOS-vlag dienen.

: fosfatidylinositol zit altijd aan de binnenzijde, startpunt van alle
belangrijke signaaltransductie cascades. Vanaf dat er een signaal wordt
gedetecteerd, is fosfatidylinostitol een soort van hub waarvan alle
volgende stappen zullen vertrekken  les signaaltransductie!



2.2 membraanproteïnen
$22.70
Accede al documento completo:

100% de satisfacción garantizada
Inmediatamente disponible después del pago
Tanto en línea como en PDF
No estas atado a nada

Conoce al vendedor
Seller avatar
milavjvc

Conoce al vendedor

Seller avatar
milavjvc Universiteit Antwerpen
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
Nuevo en Stuvia
Miembro desde
6 días
Número de seguidores
0
Documentos
12
Última venta
-

0.0

0 reseñas

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recientemente visto por ti

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes