Wijsbegeerte en ethiek D0T25a AJ 2025-2026
De gift: een economie van betekenis
Achtergrond: Malinowski
- ‘Kula Ring’: gigantisch ruilsysteem tussen verschillende eilanden
o 2 soorten objecten geruild met eigenlijk geen praktische waarde
Halskettingen (rode schelpen): met de klok mee
Armbanden (witte schelpen): tegen de klok in
o Tussen Trobriand eilanden (Papoea-Nieuw-Guinea)
o Regels
Openingsgift = armband afsluitende gift = halsketting
(en omgekeerd)
Items tijdje bijhouden, maar te traag doorgeven slechte
reputatie
Rituelen en ceremonieën
o Waarom?
Wederzijdse relaties, sociale verplichtingen
Asymmetrie en status: gevers hebben hogere status en eer
o Geen marktuil van koopwaar, gebeurt naast ruilhandel
Marcel Mauss
Essai sur le don (essay over de gift)
- Onderscheid warenruil en de gift
o Warenruil (economie): je betaalt, krijgt product, relatie is klaar
o De gift (sociaal): cadeau geven is nooit ‘gratis’ of vrijblijvend
Vestigt relaties en definieert identiteit
Waarom is er dwang om terug te geven?
Geven: vrijgevig zijn om status te tonen
Ontvangen: niet weigeren (belediging,
‘oorlogsverklaring’)
Teruggeven: om eer te behouden (liefst meer, zeker
niet minder)
Wederzijdse afhankelijkheid
- Universeel cultureel fenomeen
o Polynesiërs (Kula Ring)
o Indianen in Noord-Amerika (Potlatch)
o Oude Griekenland (bv. boeken van Homeros)
- De gift als ‘totaal sociaal feit’
o Tegelijk juridisch, economisch, religieus, esthetisch…
o Samenleving (/groep) is in haar geheel betrokken
De gift
Misvatting: “het gaat om een soort ruilhandel zonder geld”
- Adam smith: mens is van nature een ‘handelaar’ die spullen wil ruilen
voor eigen gewin
- MAAR gift is geen economische transactie
- Mauss: mensen ruilen niet alleen goederen
o Feesten, rituelen, militaire steun, festivals… (‘acts of politeness’)
o Goed of ding is een symbool
o Eer, prestige en status halen uit generositeit
- Gift is niet genereuze, ‘morele’ daad gift als ‘caritas’ (= liefdadigheid)
o Gift is dwingend: iets terugdoen
o Machtsstrijd: gever is ‘machtiger’ dan ontvanger
1
,Wijsbegeerte en ethiek D0T25a AJ 2025-2026
o Kritiek van ‘ontwikkelingshulp’ kunnen niets teruggeven,
eenzijdige relatie
- Doel is niet ‘geven’ maar alliantie creëren
- Fundament vd samenleving
- Wederzijdse erkenning
o Vreemde wordt familiair
o Ofwel blijf je vreemd, ofwel word je partner
<-> markt en recht: geen onderscheid tussen ‘vreemde’ en een naaste
- Symbolisch/spiritueel karakter: noodzaak tot teruggeven
o ‘Hau’ (Maori) = ziel/geest van een voorwerp
Claude Lévi-Strauss
Vroeger: belangrijkste gift = verwantschapsrelaties
- Vrouwen “uitgewisseld” om vrede te sluiten
- Dochter/zus uit huwelijken aan andere stam
Verbod op incest
- Niet alleen biologie
- Sociale noodzaak: als je binnen eigen familie trouwt klein, gesloten
groepje
Huwelijksvoorkeur: kruiselingse neef/nicht
- Parallel-cousin (verboden): kind vd
broer/zus van je vader/moeder
o Ouders zelfde geslacht als jouw
ouders
- Cross-cousin (aanbevolen): kind vd
zus/broer van je vader/moeder
o Ouders hebben verschillend geslacht
- Waarom het verschil?
o Biologisch exact hetzelfde
o Gift-logica
Parallel: gezien als “broers en zussen” je geeft niets weg
Kruiselings: gezien als leden ve andere groep uitwisseling
o Wederkerigheid = bouwsteen vd samenleving
o Uitwisseling (vrouw) als ‘gift’ allerhoogste vorm ve cadeau
- Moderne vb.: bruidsschat, verlovingsring
Potlatch
- Giftritueel bij o.a. Kwakiutl
- Periode van feesten en rituelen in de winter
- Potlatch: weggeven/vernietigen van waardevolle objecten
o Demonstratie van rijkdom en macht
Onderwerpen door te geven: in het krijt staan (ene geeft
‘groter’ cadeau)
o Rivaliteit en vijandigheid
o Vestigt of handhaaft status en hiërarchie
- Vergaand: slaven doden, dorpen of kanovloot verbranden
Bataille over ‘onproductieve uitgaven’
- Conventionele economie: gericht op verwerving van goederen en tegen
‘verlies’
o Bataille: een vorm van verlies is onvermijdelijk
2
,Wijsbegeerte en ethiek D0T25a AJ 2025-2026
o Verlies is positief: door dingen weg te gooien/vernietigen iets
hoger terugkrijgen
Bv. eer, adel, status (zoals Potlatch)
- Gift-‘economie’: gericht op verlies
o Ideaal is geven zonder dat wordt teruggegeven
o Macht = het vermogen om verlies te lijden
- Onproductieve uitgaven: “nutteloos” voor de overleving, cruciaal voor
cultuur
Bv. feesten, spelen, kunst en monumenten, oorlog
Bv. juweel: niet gewoon mooi zijn, maar fortuin kosten
- Moderne kapitalistische klasse haat verlies
o Elke euro herinvesteren om nog meer te maken
o Mateloze is verdwenen: tijd van grote gebaren en verspilling is
voorbij
De ‘oorspronkelijke’ gift
Twee circuits van giften
- Horizontaal: ruil tussen gelijken (mens-mens, stam-stam)
- Verticaal:
o Binnen hiërarchie: gift aan leider, koning (gezag)
o Tav transcendentie: giften aan hogeren (God, de goden, het
Universum)
De ‘oorspronkelijke’ gift: alles wat we zijn en hebben gekregen zonder erom te
vragen
- Het leven: is gegeven
- De natuur: zon, lucht, aarde
- Cultuur en kunst: taal die we spreken, muziek die we horen
Deze gift is een raadsel
Religieuze en symbolische interpretaties
- Offer als ‘tegengift’
o Cirkel rondmaken (geven-ontvangen-teruggeven)
- Geen tegengift mogelijk (voor het leven)
o Onophefbare schuld: offer altijd te klein
De gift tussen generaties
Gift en relatie tussen generaties
- Het leven als een ‘gift’
- Relatie met je ouders ≠ transactie
o Geen contract
o Onmogelijke tegengift wel gift doorgeven
Bv. zorg voor eigen kinderen
Pensioenen/sociale zekerheid: giftlogica of verzekeringslogica?
- Verzekeringslogica: nu premie betalen, later recht op uitbetaling
- Giftlogica: werkende generatie ‘geeft’ nu aan gepensioneerden, in het
vertrouwen dat volgende generatie dat later voor hen zal doen
o Gemeenschap: verbonden met mensen die we niet kennen
o Solidariteit: ‘gemeenschap’ die over tijd blijft bestaan
3
, Wijsbegeerte en ethiek D0T25a AJ 2025-2026
- Sociale zekerheid: vorm van wederzijdsheid (≠ economische transactie)
Derrida: kan de gift ‘fundament’ zijn
- Gift is onmogelijk paradox: cirkel vernietigt de gift (geven – ontvangen –
teruggeven)
o Mogelijkheidsvoorwaarde: gift iemand geven en iemand
nemen
o Onmogelijkheidsvoorwaarde opname in circuit, gift wordt
economische ruil
- Gift is een ‘gebeuren’: meer dan wat je verschuldigd bent
o Geven om plicht te doen ≠ gift (bv. moederdag)
o Bij aanvang duidelijke verwachting van teruggave geen gift, maar
ruilhandel
- Aporie: situatie waarin je niet verder kunt
o Gift nodig om menselijk te zijn, lief te hebben
Andere kant: zodra we geven, maken we er een systeem van
en maken we de gift kapot
o Gift is geen stabiel fundament: onbeheersbaar en ontsnapt
voortdurend
Het ontstaan van de filosofie
De oorsprong van de filosofie
Griekse samenleving
- Mythes steeds minder geloofwaardig zoeken naar rationele
verklaring
- (Natuur)filosofie: natuurlijke verklaring voor alles
o Vuur, water (Thales)
- Drie belangrijke filosofen: Socrates, Plato, Aristoteles
- Maatschappelijke ontwikkelingen
o Mythen worden absurd
o Militaire krijgers op paard
Hoplieten: compacte groep, te voet met schild en speer
Verbreding elite (buit verdelen) ontstaan
middenklasse
Naar verre streken ontstaan handel
o Democratie
Handel in het oude Griekenland
- Opkomst klasse van handelaars en ambachtslieden (middenklasse)
- Nood aan vorming en ideeën (rationeel)
- Externe invloeden (andere culturen door handel)
- Reële en intellectuele abstractie
Verhouding filosofie tot geld en handel is erg dubbelzinnig, vaak negatief
o Handel stimuleert het denken
o Gevaarlijk: winst najagen moreel verval
Negatieve attitudes tegenover geld en handel
Homeros, Odysseus: handel onwaardig voor helden, eer komt van moed en strijd
Socrates: armoede als bewijs van oprechtheid geld kan waarheid corrumperen
Rousseau: geld als iets voor onvrije (slaafse) mensen
4
De gift: een economie van betekenis
Achtergrond: Malinowski
- ‘Kula Ring’: gigantisch ruilsysteem tussen verschillende eilanden
o 2 soorten objecten geruild met eigenlijk geen praktische waarde
Halskettingen (rode schelpen): met de klok mee
Armbanden (witte schelpen): tegen de klok in
o Tussen Trobriand eilanden (Papoea-Nieuw-Guinea)
o Regels
Openingsgift = armband afsluitende gift = halsketting
(en omgekeerd)
Items tijdje bijhouden, maar te traag doorgeven slechte
reputatie
Rituelen en ceremonieën
o Waarom?
Wederzijdse relaties, sociale verplichtingen
Asymmetrie en status: gevers hebben hogere status en eer
o Geen marktuil van koopwaar, gebeurt naast ruilhandel
Marcel Mauss
Essai sur le don (essay over de gift)
- Onderscheid warenruil en de gift
o Warenruil (economie): je betaalt, krijgt product, relatie is klaar
o De gift (sociaal): cadeau geven is nooit ‘gratis’ of vrijblijvend
Vestigt relaties en definieert identiteit
Waarom is er dwang om terug te geven?
Geven: vrijgevig zijn om status te tonen
Ontvangen: niet weigeren (belediging,
‘oorlogsverklaring’)
Teruggeven: om eer te behouden (liefst meer, zeker
niet minder)
Wederzijdse afhankelijkheid
- Universeel cultureel fenomeen
o Polynesiërs (Kula Ring)
o Indianen in Noord-Amerika (Potlatch)
o Oude Griekenland (bv. boeken van Homeros)
- De gift als ‘totaal sociaal feit’
o Tegelijk juridisch, economisch, religieus, esthetisch…
o Samenleving (/groep) is in haar geheel betrokken
De gift
Misvatting: “het gaat om een soort ruilhandel zonder geld”
- Adam smith: mens is van nature een ‘handelaar’ die spullen wil ruilen
voor eigen gewin
- MAAR gift is geen economische transactie
- Mauss: mensen ruilen niet alleen goederen
o Feesten, rituelen, militaire steun, festivals… (‘acts of politeness’)
o Goed of ding is een symbool
o Eer, prestige en status halen uit generositeit
- Gift is niet genereuze, ‘morele’ daad gift als ‘caritas’ (= liefdadigheid)
o Gift is dwingend: iets terugdoen
o Machtsstrijd: gever is ‘machtiger’ dan ontvanger
1
,Wijsbegeerte en ethiek D0T25a AJ 2025-2026
o Kritiek van ‘ontwikkelingshulp’ kunnen niets teruggeven,
eenzijdige relatie
- Doel is niet ‘geven’ maar alliantie creëren
- Fundament vd samenleving
- Wederzijdse erkenning
o Vreemde wordt familiair
o Ofwel blijf je vreemd, ofwel word je partner
<-> markt en recht: geen onderscheid tussen ‘vreemde’ en een naaste
- Symbolisch/spiritueel karakter: noodzaak tot teruggeven
o ‘Hau’ (Maori) = ziel/geest van een voorwerp
Claude Lévi-Strauss
Vroeger: belangrijkste gift = verwantschapsrelaties
- Vrouwen “uitgewisseld” om vrede te sluiten
- Dochter/zus uit huwelijken aan andere stam
Verbod op incest
- Niet alleen biologie
- Sociale noodzaak: als je binnen eigen familie trouwt klein, gesloten
groepje
Huwelijksvoorkeur: kruiselingse neef/nicht
- Parallel-cousin (verboden): kind vd
broer/zus van je vader/moeder
o Ouders zelfde geslacht als jouw
ouders
- Cross-cousin (aanbevolen): kind vd
zus/broer van je vader/moeder
o Ouders hebben verschillend geslacht
- Waarom het verschil?
o Biologisch exact hetzelfde
o Gift-logica
Parallel: gezien als “broers en zussen” je geeft niets weg
Kruiselings: gezien als leden ve andere groep uitwisseling
o Wederkerigheid = bouwsteen vd samenleving
o Uitwisseling (vrouw) als ‘gift’ allerhoogste vorm ve cadeau
- Moderne vb.: bruidsschat, verlovingsring
Potlatch
- Giftritueel bij o.a. Kwakiutl
- Periode van feesten en rituelen in de winter
- Potlatch: weggeven/vernietigen van waardevolle objecten
o Demonstratie van rijkdom en macht
Onderwerpen door te geven: in het krijt staan (ene geeft
‘groter’ cadeau)
o Rivaliteit en vijandigheid
o Vestigt of handhaaft status en hiërarchie
- Vergaand: slaven doden, dorpen of kanovloot verbranden
Bataille over ‘onproductieve uitgaven’
- Conventionele economie: gericht op verwerving van goederen en tegen
‘verlies’
o Bataille: een vorm van verlies is onvermijdelijk
2
,Wijsbegeerte en ethiek D0T25a AJ 2025-2026
o Verlies is positief: door dingen weg te gooien/vernietigen iets
hoger terugkrijgen
Bv. eer, adel, status (zoals Potlatch)
- Gift-‘economie’: gericht op verlies
o Ideaal is geven zonder dat wordt teruggegeven
o Macht = het vermogen om verlies te lijden
- Onproductieve uitgaven: “nutteloos” voor de overleving, cruciaal voor
cultuur
Bv. feesten, spelen, kunst en monumenten, oorlog
Bv. juweel: niet gewoon mooi zijn, maar fortuin kosten
- Moderne kapitalistische klasse haat verlies
o Elke euro herinvesteren om nog meer te maken
o Mateloze is verdwenen: tijd van grote gebaren en verspilling is
voorbij
De ‘oorspronkelijke’ gift
Twee circuits van giften
- Horizontaal: ruil tussen gelijken (mens-mens, stam-stam)
- Verticaal:
o Binnen hiërarchie: gift aan leider, koning (gezag)
o Tav transcendentie: giften aan hogeren (God, de goden, het
Universum)
De ‘oorspronkelijke’ gift: alles wat we zijn en hebben gekregen zonder erom te
vragen
- Het leven: is gegeven
- De natuur: zon, lucht, aarde
- Cultuur en kunst: taal die we spreken, muziek die we horen
Deze gift is een raadsel
Religieuze en symbolische interpretaties
- Offer als ‘tegengift’
o Cirkel rondmaken (geven-ontvangen-teruggeven)
- Geen tegengift mogelijk (voor het leven)
o Onophefbare schuld: offer altijd te klein
De gift tussen generaties
Gift en relatie tussen generaties
- Het leven als een ‘gift’
- Relatie met je ouders ≠ transactie
o Geen contract
o Onmogelijke tegengift wel gift doorgeven
Bv. zorg voor eigen kinderen
Pensioenen/sociale zekerheid: giftlogica of verzekeringslogica?
- Verzekeringslogica: nu premie betalen, later recht op uitbetaling
- Giftlogica: werkende generatie ‘geeft’ nu aan gepensioneerden, in het
vertrouwen dat volgende generatie dat later voor hen zal doen
o Gemeenschap: verbonden met mensen die we niet kennen
o Solidariteit: ‘gemeenschap’ die over tijd blijft bestaan
3
, Wijsbegeerte en ethiek D0T25a AJ 2025-2026
- Sociale zekerheid: vorm van wederzijdsheid (≠ economische transactie)
Derrida: kan de gift ‘fundament’ zijn
- Gift is onmogelijk paradox: cirkel vernietigt de gift (geven – ontvangen –
teruggeven)
o Mogelijkheidsvoorwaarde: gift iemand geven en iemand
nemen
o Onmogelijkheidsvoorwaarde opname in circuit, gift wordt
economische ruil
- Gift is een ‘gebeuren’: meer dan wat je verschuldigd bent
o Geven om plicht te doen ≠ gift (bv. moederdag)
o Bij aanvang duidelijke verwachting van teruggave geen gift, maar
ruilhandel
- Aporie: situatie waarin je niet verder kunt
o Gift nodig om menselijk te zijn, lief te hebben
Andere kant: zodra we geven, maken we er een systeem van
en maken we de gift kapot
o Gift is geen stabiel fundament: onbeheersbaar en ontsnapt
voortdurend
Het ontstaan van de filosofie
De oorsprong van de filosofie
Griekse samenleving
- Mythes steeds minder geloofwaardig zoeken naar rationele
verklaring
- (Natuur)filosofie: natuurlijke verklaring voor alles
o Vuur, water (Thales)
- Drie belangrijke filosofen: Socrates, Plato, Aristoteles
- Maatschappelijke ontwikkelingen
o Mythen worden absurd
o Militaire krijgers op paard
Hoplieten: compacte groep, te voet met schild en speer
Verbreding elite (buit verdelen) ontstaan
middenklasse
Naar verre streken ontstaan handel
o Democratie
Handel in het oude Griekenland
- Opkomst klasse van handelaars en ambachtslieden (middenklasse)
- Nood aan vorming en ideeën (rationeel)
- Externe invloeden (andere culturen door handel)
- Reële en intellectuele abstractie
Verhouding filosofie tot geld en handel is erg dubbelzinnig, vaak negatief
o Handel stimuleert het denken
o Gevaarlijk: winst najagen moreel verval
Negatieve attitudes tegenover geld en handel
Homeros, Odysseus: handel onwaardig voor helden, eer komt van moed en strijd
Socrates: armoede als bewijs van oprechtheid geld kan waarheid corrumperen
Rousseau: geld als iets voor onvrije (slaafse) mensen
4