100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Tanto en línea como en PDF No estas atado a nada 4,6 TrustPilot
logo-home
Resumen

Microbiologie - uitgebreide samenvatting (resultaat 18:20)

Puntuación
-
Vendido
1
Páginas
35
Subido en
28-12-2025
Escrito en
2025/2026

Deze samenvatting behandelt de volledige basisleerstof microbiologie, met aandacht voor bacteriën, schimmels, gisten, algen, protozoa, virussen en subvirale deeltjes. Onderwerpen zoals celstructuren, groei, voortplanting, classificatie, pathogeniciteit, overdracht, bioveiligheid en controle van microbiële groei worden overzichtelijk uitgelegd. Het document is geschikt als studiemateriaal ter voorbereiding op examens en omvat zowel theoretische concepten als praktische inzichten uit de microbiologie.

Mostrar más Leer menos
Institución
Grado











Ups! No podemos cargar tu documento ahora. Inténtalo de nuevo o contacta con soporte.

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
28 de diciembre de 2025
Número de páginas
35
Escrito en
2025/2026
Tipo
Resumen

Temas

Vista previa del contenido

1. Inleiding tot de microbiologie
1.1 Wat is microbiologie
Microbiologie = studie van levende organismen ⟶ te klein zijn waar te nemen met blote oog
↪ Soms macroscopisch waarneembaar ⟶ voortplantingsstructuren niet zichtbaar met blote
oog

De studie omvat de volgende groepen:

• Archaea
• Bacteriën
• Fungi
• Protozoa
• Micro-algen
• Virussen

➢ Drie domeinensysteem van Woese
1990: Carl Woese ontwikkeld
↪ gebaseerd op cellulaire organisatie
↪ drie domeinen:

• Bacteria
• Archaea
• Eukarya

Protisten = ééncellige eukaryoten zoals algen en protozoa= verouderde term.
Eukaryoot ⟶ ook Fungi Planten en Dieren

➢ Prokarya (Evolutie)
Al het leven op aarde ⟶ één stamcel als oorsprong ⟶ ° enorme diversiteit aan levensvormen
Genetisch materiaal overgedragen via:
• Verticale genentransfer = van ouders op nakomeling(en)
• Horizontale genentransfer = specifiek bij bacteriën, bijvoorbeeld door conjugatie
Endosymbiotische theorie ⟶ beschrijft ° positieve samenwerkingsvormen tijdens de evolutie:

• Aërobe bacteriën ⟶ mitochondriën (voor E).
• cyanobacteriën (foto-autotroof) ⟶ chloroplasten (voor energie uit zonlicht)

,➢ Prokaryoot vs. Eukaryoot
Kenmerk Prokaryoten (Prenucleus) Eukaryoten (Echte nucleus)

Geen celkern, één circulair
Celkern, gepaarde chromosomen
chromosoom (niet in
Celkern/DNA in nucleaire membraan. DNA
membraan). Geen
gewikkeld rond histonen.
histonen.

Celmembraan en interne
Celmembraan is de enige
Membranen organellen omgeven door
membraanstructuur.
membranen.

Indien aanwezig: chemisch
eenvoudig (polysaccharide
Chemisch complexe celwand
celwand). Fungi hebben
(peptidoglycaan bij
Celwand chitine, mannan-
Bacteria; pseudomureïne
polysacharide, β-glucaan.
bij Archaea).
Planten/algen hebben
cellulose.

Relatief eenvoudig, geen Complex, bevat gespecialiseerde
Bouwplan/Organellen
organellen. organellen.

Deling Binaire deling. Mitose, meiose.



1.2 Naamgeving van micro-organismen
Carolus Linnaeus ⟶ systeem voor wetenschappelijke naamgeving in 1735.
↪ De wetenschappelijke naam = Genus (geslacht) & Species (soort)

Notatie:

• De Genusnaam wordt schuin geschreven met een hoofdletter.
• De Speciesnaam wordt schuin geschreven met een kleine letter.
• Hogere taxonomische niveaus worden niet schuin geschreven, lagere niveaus wel.

In een tekst ⟶ na eerste vermelding vd volledige naam ⟶ afkorting worden gebruikt
↪ de eerste letter van het genus en de volledige speciesnaam

, 2. De geschiedenis van de microbiologie
Een overzicht (Mijlpalen)
Belangrijke historische gebeurtenissen omvatten:

• 1665: Robert Hooke: organismen bestaan uit cellen
• 1632-1723: Van Leeuwenhoek: maakt 1ste ‘microscoop & observeerde 1ste keer MO
• 1796: Edward Jenner: ontwikkelt vaccinatie tegen koeienpokken ⟶ basis vd immunologie
• 1859: Pasteur ontkracht de spontane generatietheorie ⟶ MO in lucht aanwezig ⟶ zwanenhals
• 1860: Joseph Lister: link tssn ziekten & kiemen & fenol ter preventie van chirurgische infecties
• 1876: De Postulaten van Koch worden opgesteld ⟶ spec bac. Veroorzaakt spec. Ziekte
• 1928: Flemming produceert het eerste antibioticum: penicilline.
• 1940: Penicilline wordt klinisch getest en massaal geproduceerd.

➢ Debat spontane generatietheorie

Spontane generatietheorie = levende organismen ° uit niet-levend materiaal via "vitale kracht"

Biogenese = levende organismen ° uit vroeger leven

1859: Pasteur toont biogenese aan met flessen met een zwanenhals.
↪ bouillon in flessen vertoonde g teken vn leven ⟶ nek vd fles MO tegenhield
↪ lucht wel toegelaten ⟶ bewees dat MO uit de lucht komen

➢ Gouden eeuw van de microbiologie (1857-1914)

• Pasteur: MO verantwoordelijk voor fermentatie = omzetting van suiker ⟶ alcohol zndr lucht
↪ ontwikkelde pasteurisatie = verhitting bij hoge T gedurende korte tijd
↪ bederf veroorzakende MO af te doden

• UHT (Ultra High Temperature) = korte tijd tot hoge temp
↪ smaak, textuur & voedingstoffen behouden

➢ Het ontstaan van moderne chemotherapie
• Chemotherapie = de behandeling met chemische middelen
• Antibiotica = chemische middelen dr bac. en schimmels geproduceerd & bac. doden/ remmen

➢ Specialisaties
• Bacteriologie = studie van bacteriën
• Mycologie = studie van schimmels
• Virologie = studie van virussen
• Parasitologie = studie van protozoa en parasitaire wormen
• Immunologie = studie van het immuunsysteem

, 3. Prokaryoten: bacterie
3.1 Herkennen en indelen van bacteriën
Bacteriën ingedeeld obv:

• microscopisch beeld (morfologie, groepsligging, Gramaffiniteit)
• andere technieken (kenmerken vn kolonies, metabolisme, moleculaire technieken zoals PCR)

3.1.1 Morfologie
De meest voorkomende vormen zijn:

• Bacillair (staafvormig)
• Coccus (rond of sferisch)
• Spiraalvormig (Spirillen, Vibrionen, Spirocheten)

3.1.2 Groepsligging
groepsligging = soortspecifiek & bep. dr richting vd celdeling & splitsingssnelheid vd dochtercellen

Vormen zijn:

• Paren (diplococci)
• Clusters (stafylococci)
• Ketens (streptococci)
• Groepjes van vier (tetraden)
• Kubusvormige groepering van acht (sarcinae).

3.1.3 Gram affiniteit
Gramkleuring = differentiële kleuring die wordt gebruikt om een
↪ onderscheid maken tssn bacteriën
↪ achterliggende theorie vd kleuring ⟶ opbouw van de celwand
↪ Kleurstoffen opgebouwd uit pos & negatief ion ⟶ 1= het gekleurde deel (chromofoor).

➢ Basische kleurstof (Positieve/Directe kleuring)
chromofoor = kation (A+B-)
↪ kleurstof kleurt de negatief geladen componenten (nucleïnezuren & celwand)
↪ vb: kristalviolet, methyleenblauw & safranine.

➢ Zure kleurstof (Negatieve kleuring):
chromofoor = anion (A-B+)
↪ kleurstof kleurt de achtergrond ipv cel zelf
↪ vb: nigrosine

➢ Enkelvoudige Kleuring (Simple Stain)
• 1 basiskleurstof (bv. methyleenblauw).
• focus op visualiseren vn volledige (MO), de vorm (morfologie) en algemene structuren.
• Soms beitsmiddel gebruikt ⟶ kleurstof te fixeren/ om het staal te omgeven met een "coat"
$13.42
Accede al documento completo:

100% de satisfacción garantizada
Inmediatamente disponible después del pago
Tanto en línea como en PDF
No estas atado a nada

Conoce al vendedor
Seller avatar
floortjevanderkrieken

Conoce al vendedor

Seller avatar
floortjevanderkrieken Thomas More Hogeschool
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
1
Miembro desde
1 mes
Número de seguidores
0
Documentos
3
Última venta
3 semanas hace

0.0

0 reseñas

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recientemente visto por ti

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes