100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Tanto en línea como en PDF No estas atado a nada 4.2 TrustPilot
logo-home
Resumen

Volledige samenvatting Cross-sectioneel onderzoek (OU)

Puntuación
-
Vendido
4
Páginas
49
Subido en
10-03-2025
Escrito en
2024/2025

Dit is een samenvatting van de gehele (tentamen)stof van het vak Cross-sectioneel onderzoek van de Open Universiteit. Dat betreft zowel de hoofdstukken uit het online Open Mens-boek als de aanvullende informatie op de cursussite. De meest belangrijke begrippen zijn groen gemarkeerd, iets minder maar ook belangrijke begrippen staan dikgedrukt. Succes met studeren!

Mostrar más Leer menos
Institución
Grado











Ups! No podemos cargar tu documento ahora. Inténtalo de nuevo o contacta con soporte.

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
10 de marzo de 2025
Número de páginas
49
Escrito en
2024/2025
Tipo
Resumen

Temas

Vista previa del contenido

Samenvatting onderzoeksprakt. cross-sectioneel onderzoek


Inhoudsopgave
Thema 1 – Cross-sectioneel onderzoek ............................................................................................................ 2
Studietaak 1.1 – Cross-sectioneel onderzoek ..................................................................................................... 2
Studietaak 1.2. – Constructen ............................................................................................................................ 3
Studietaak 1.3 – Meetinstrumenten ................................................................................................................... 4

Thema 2 – Factoranalyse .................................................................................................................................. 7
Studietaak 2.1 – Eigenwaarden en factorladingen ............................................................................................ 7
Studietaak 2.2 – Beslissingen en rechtvaardigingen ........................................................................................ 12
Het uitvoeren van een Exploratory Factor Analysis (EFA) ................................................................................ 14

Thema 3 – Betrouwbaarheidsanalyse............................................................................................................. 15
Studietaak 3.1 – Verdelingsvormen .................................................................................................................. 15
Hoofdstuk 11 – Data (Open MENS) ............................................................................................................. 16
Hoofdstuk 13 – Verdelingsvormen en -maten (Open MENS) ...................................................................... 17
Paragraaf 9.6 – Responspatronen ............................................................................................................... 21
Paragraaf 17.2.5 – Het responsmodel ......................................................................................................... 21
Paragraaf 17.2.5 – Verwachte verdeling per item ....................................................................................... 22
Paragraaf 21.10 – Pearson’s r en normaliteit .............................................................................................. 22
Aantekeningen cursussite............................................................................................................................ 23
Studietaak 3.2 – Convergentie en divergentie .................................................................................................. 24
Paragraaf 9.7 – Verbanden tussen items en interne consistentie............................................................... 24
Paragraaf 17.2.6 – Verwachte verbanden tussen items .............................................................................. 24
Paragraaf 9.9 – Convergentie en divergentie .............................................................................................. 25
Paragraaf 17.2.7 – Verwachte verbanden met andere constructen ........................................................... 25
Paragraaf 17.2.8 – Vergelijking tussen groepen .......................................................................................... 25
Paragraaf 17.5.1 – De validiteit van een meetinstrument .......................................................................... 25
Paragraaf 31.1 – Correlaties schatten ......................................................................................................... 26
Studietaak 3.3 – Betrouwbaarheid ................................................................................................................... 29
Het uitvoeren van een betrouwbaarheidsanalyse ............................................................................................ 32

Thema 4 – Regressieanalyse ........................................................................................................................... 33
Studietaak 4.1 – Enkelvoudige lineaire regressieanalyse ................................................................................. 34
Hoofdstuk 22 – Regressie ............................................................................................................................ 34
Studietaak 4.2 – Multiple regressieanalyse ...................................................................................................... 38
Hoofdstuk 25 – Multiple regressie .............................................................................................................. 38
Uitvoeren van een multiple regressieanalyse ............................................................................................. 41
Studietaak 4.3 – Logistische regressieanalyse .................................................................................................. 44
Hoofdstuk 26 – Logistische regressie .......................................................................................................... 44
Uitvoeren factor-, betrouwbaarheids- en logistische regressieanalyse ...................................................... 46




1

,Thema 1 – Cross-sectioneel onderzoek

Studietaak 1.1 – Cross-sectioneel onderzoek

Leerdoelen:
- Uitleggen wanneer cross-sectionele onderzoeksopzetten bruikbaar zijn.

Drie dimensies waarin onderzoek naar mensen zich kan onderscheiden:
1. De aard van de verzamelde data: kwantitatief of kwalitatief.
2. Studieontwerp is observationeel of experimenteel.
3. Onderzoeksvraag is cross-sectioneel of longitudinaal.

Cross-sectioneel onderzoek: onderzoekt (observationeel) de structuur en aard van een
construct en draagt bij aan de ontwikkeling van meetinstrumenten.
- Beperkingen:
i Er worden geen variabelen gemanipuleerd: er kan dus geen causaal verband
worden vastgesteld.
ii Per proefpersoon is er één meetmoment: er kan dus geen uitspraak worden
gedaan over processen die zich over tijd ontvouwen.
- Krachten:
i Observationeel: dat toont aan of variabelen samenhangen.
ii Fundamenteel onderzoek: gaat vooraf aan longitudinaal- of experimenteel
onderzoek; het ontwikkeld, verfijnen of verifiëren van de instrumenten die
nodig zijn voor causaal onderzoek.
• Is erop gericht om in het algemeen dingen te leren, of ze nu
toepasbaar zijn of niet.
• Er wordt gezocht naar overstijgende patronen die in meerdere
contexten te plaatsen zijn.
iii Toegepast onderzoek: het is een effectieve methode om de inhoud van
psychologische constructen en de sterkte van theoretisch veronderstelde
relaties in kaart te brengen.
• Staat in dienst van specifieke uitdagingen of problemen.
• Maakt gebruik van bevindingen uit fundamenteel onderzoek en past
deze toe om een specifiek probleem op te lossen. Resultaten zijn
binnen deze context informatief.
• Risico: inzet om een vooropgesteld antwoord te krijgen.
iv Minder belasting van de onderzoeksgroep: 1 onderzoeksgroep en geen
verzameling van persoonsgegevens.
- Analysemethoden:
i Correlatieanalyse;
ii Factoranalyse;
iii Betrouwbaarheidsanalyse;
iv Multiple regressieanalyse (regressieanalyse met meerdere voorspellers).

Ontologie/zijnsleer: onderzoekt of datgene waarvan we aannemen dat het er ook werkelijk
is.



2

, - Ontologisch idealisme: er bestaat geen onafhankelijke wereld die los staat van de
eigen waarnemen.
- Ontologisch realisme: er bestaat wel een onafhankelijke, natuurlijke wereld, alleen
kunnen wij die wereld niet leren kennen.

Epistemologie/kenleer: onderzoekt wat kennis is en hoe die verworven kan worden.
- Epistemologisch scepticisme: het is nooit mogelijk om iets te weten en dus te leren
over de natuurlijke wereld.
- Epistemologisch realisme: het is mogelijk om over de natuurlijke wereld te leren.
- Sociaalconstructivisme: kennis over de natuurlijke wereld wordt geconstrueerd door
sociale interactie.
- Pragmatisme/instrumentalisme/functioneel contextualisme: het gaat erom of iets
werkt (binnen sociale, culturele of historische context) en niet zozeer of iets echt
waar is.

Psychologie als empirische wetenschap gebruikt observatie, registratie en analyse als
instrumenten om te leren over de wereld. Patronen van observaties (waar veel zekerheid
over bestaat) kunnen worden beschreven in theorieën die wetten kunnen bevatten.

De menselijke waarneming is erop gericht om onze omgeving zo snel mogelijk te
categoriseren, maar hierin kunnen ook makkelijk fouten worden gemaakt:
1. Het verkeert invullen van ontbrekende informatie.
2. Aangeleerde oorzakelijke verbanden via klassieke conditionering leiden tot
denkfouten.

Door de complexe wereld en mens, is de signaal-ruisverhouding in onderzoek vaak zo laag
dat de effecten heel klein zijn. Hoe kleiner het effect, hoe meer gegevens er nodig zijn om
het effect te kunnen detecteren.

Nederlandse gedragscode voor wetenschappelijke integriteit:
1. Zorgvuldigheid;
2. Onafhankelijkheid;
3. Verantwoordelijkheid;
4. Eerlijkheid;
5. Transparantie.

Terugkerende procedures om bovenstaande te realiseren:
1. Preregistratie: de methode, procedures, analyseplannen en steekproefberekeningen
worden vastgelegd en openbaar gemaakt voordat een studie start.
- Aanpassingen kunnen beter gedocumenteerd en onderbouwd worden.
- Verkleint publication bias van onderzoeken met positieve uitkomst.
2. Full disclosure: het geven van volledige openheid door alle materialen, data en
andere producten van een studie openbaar te maken.
- Leidt tot hergebruiken van data, controle van analyses en verbetering.

Studietaak 1.2. – Constructen



3

, Leerdoelen:
- Uitleggen wat constructen zijn
- Uitleggen welke vier ontologische soorten vaak worden verondersteld bij
psychologische constructen.

Vier perspectieven/ontologische soorten op constructen:
1. Natuurlijke soorten: feitelijke natuurverschijnselen die losstaan van de mensheid,
namen en definities.
- Bijv. atomen en moleculen. = geen psychologisch construct.
2. Sociale soorten: bestaan niet los van wat mensen ervan vinden en ermee doen; zij
worden uitgevonden door mensen om de wereld overzichtelijker te maken.
- Bijv. persoonlijkheid.
3. Praktische soorten: bestaat door de nuttigheid ervan, onafhankelijk of het werkelijk
bestaat.
- Bijv. een instrument dat gemiddelden berekent.
4. Complexe soorten: een verzameling eigenschappen die vaak samen voorkomen
omdat ze elkaar wederzijds beïnvloeden.
- Bijv. een ‘koffieliefhebber’ → vaak psychologisch.

Latente constructen: constructen die niet rechtstreeks observeerbaar zijn en tot uiting
komen door vragen te stellen.
- Het ontologisch perspectief dat gehanteerd wordt mbt een psychologisch construct
en de definitie van dat construct bepalen de manier waarop wordt nagedacht over
het manipuleren en/of meten van dat construct.
- Meting op basis van de volgende stappen:
i Definitie moet zo geformuleerd zijn, dat deze helderheid geeft over de
inhoud van het construct.
• Is noodzakelijk voor een valide meetinstrument.
ii Operationalisatie: het specificeren van een of meer dingen die wél
rechtstreeks gemeten kunnen worden en die informatief zijn voor het
construct.
iii Meetinstrument: ontwikkeld voor het meten van de operationalisatie.
• Item: het onderdeel van een meetinstrument dat een enkel datapunt
oplevert.
- Valt middels een factoranalyse terug te zin in patronen in de correlatiemix:
i Exploratieve factoranalyse: de koppelingen tussen constructen (factoren) en
items ligt nog niet vast en toont de analyse welk model het beste past bij de
data.
ii Confirmatieve factoranalyse: een model wordt gespecificeerd waarbij elk item
gekoppeld is aan één construct.

Studietaak 1.3 – Meetinstrumenten

Leerdoelen:
- Uitleggen uit welke drie onderdelen meetinstrumenten bestaan
- De verschillende meetmodellen herkennen
- Uitleggen wat validiteit is


4
6,56 €
Accede al documento completo:

100% de satisfacción garantizada
Inmediatamente disponible después del pago
Tanto en línea como en PDF
No estas atado a nada

Conoce al vendedor

Seller avatar
Los indicadores de reputación están sujetos a la cantidad de artículos vendidos por una tarifa y las reseñas que ha recibido por esos documentos. Hay tres niveles: Bronce, Plata y Oro. Cuanto mayor reputación, más podrás confiar en la calidad del trabajo del vendedor.
janna97 Open Universiteit
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
523
Miembro desde
9 año
Número de seguidores
405
Documentos
7
Última venta
4 horas hace

3,9

122 reseñas

5
36
4
54
3
25
2
3
1
4

Recientemente visto por ti

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes