Wiskunde- C: samenvatting meetkunde
1. Klemtonen binnen het meetkunde- Onderwijs.
Focus op vormen! Niet op getallen (= meten metend rekenen)
-> Evolutie van meetkundig denken
Leerlijnen meetkunde zijn op theorieën gebaseerd.
Er worden 2 theorieën besproken:
Theorie 1: Theorie van Mayberry
Theorie 2: Gravemeijer en Kraemer
Theorie 1: Theorie van Mayberry.
Ze onderscheidt 4 niveaus in meetkundig denken.
o Niveau 1: Globaal herkennen van figuren.
(figuur benoemen op basis van globale waarneming)
o Niveau 2: Analyse van eigenschappen
(lln controlleren figuren op bepaalde eigenschappen)
o Niveau 3: Relatie tussen figuren (classificatie op basis van eigenschappen)
o Niveau 4: Deductieve redeneringen
(wiskundige redeneringen worden opgebouwd, vooral in het secundair)
Theorie 2: Gravemeijer en Kraemer
Zij beschrijven de evolutie in het ruimtelijk denken van lln
Fase 1: Waarnemen
Fase 2: Mentaal innemen van een standpunt
Fase 3: Beschrijven van een object
Fase 4: Een mentaal beeld vormen en ermee handelen
1
, -> Belangrijke didactische standpunten
Laat leerlingen veel handelen en werk niet te snel abstract!
Laat lln de mogelijkheid om terug te keren naar een vorig denkniveau bij
problemen
Laten verwoorden is fundamenteel!
Wiskundige correcte verwoording = belangrijk
(correcte verwoording definities van meetkundige objecten:
eerst de soortnaam, dan verdere omschrijving
VB: rechthoek heeft 4 rechte hoeken = fout.
Rechthoek is een vierhoek met 4 rechte hoeken = juist!)
Nauwkeurig werken is belangrijk
Classificeren van figuren komt regelmatig terug. Laat lln figuren eerst groepen
op basis van zelfgekozen criteria. Correcte en nauwkeurige benaming van
eigenschappen & figuren opnieuw zeer belangrijk!
2. Vormleer
2
1. Klemtonen binnen het meetkunde- Onderwijs.
Focus op vormen! Niet op getallen (= meten metend rekenen)
-> Evolutie van meetkundig denken
Leerlijnen meetkunde zijn op theorieën gebaseerd.
Er worden 2 theorieën besproken:
Theorie 1: Theorie van Mayberry
Theorie 2: Gravemeijer en Kraemer
Theorie 1: Theorie van Mayberry.
Ze onderscheidt 4 niveaus in meetkundig denken.
o Niveau 1: Globaal herkennen van figuren.
(figuur benoemen op basis van globale waarneming)
o Niveau 2: Analyse van eigenschappen
(lln controlleren figuren op bepaalde eigenschappen)
o Niveau 3: Relatie tussen figuren (classificatie op basis van eigenschappen)
o Niveau 4: Deductieve redeneringen
(wiskundige redeneringen worden opgebouwd, vooral in het secundair)
Theorie 2: Gravemeijer en Kraemer
Zij beschrijven de evolutie in het ruimtelijk denken van lln
Fase 1: Waarnemen
Fase 2: Mentaal innemen van een standpunt
Fase 3: Beschrijven van een object
Fase 4: Een mentaal beeld vormen en ermee handelen
1
, -> Belangrijke didactische standpunten
Laat leerlingen veel handelen en werk niet te snel abstract!
Laat lln de mogelijkheid om terug te keren naar een vorig denkniveau bij
problemen
Laten verwoorden is fundamenteel!
Wiskundige correcte verwoording = belangrijk
(correcte verwoording definities van meetkundige objecten:
eerst de soortnaam, dan verdere omschrijving
VB: rechthoek heeft 4 rechte hoeken = fout.
Rechthoek is een vierhoek met 4 rechte hoeken = juist!)
Nauwkeurig werken is belangrijk
Classificeren van figuren komt regelmatig terug. Laat lln figuren eerst groepen
op basis van zelfgekozen criteria. Correcte en nauwkeurige benaming van
eigenschappen & figuren opnieuw zeer belangrijk!
2. Vormleer
2