AFPF Casus 4: Muriël
Lesdoelen les 4
De mannelijke en vrouwelijke gameten benoemen.
Gameten zijn geslachtscellen. Mannelijke gameten heten spermatozoa en vrouwelijke gameten
worden ova genoemd.
Benoemen hoe gameten worden gevormd en wat zij bevatten.
Bij de geboorte heeft een vrouw meer dan een miljoen onrijpe follikels, veel sterven af voor de
puberteit. De rijping wordt geregeld door de hypothalamus en de hypofysevoorkwab die hormonen
vrijgeven die op de eierstok inwerken.
Bij de man worden zaadcellen aangemaakt in de zaadkanaaltjes door middel van het proces van
spermatogenese. Ze rijpen terwijl ze door de bijbal gaan, waar ze worden opgeslagen. Hormonen uit
de hypofysevoorkwab stimuleren de spermaproductie. Een rijpe zaadcel heet een kop, lichaam en
staart. De kop wordt gevuld door de kern die het DNA bevat.
De volgende uitwendige en inwendige geslachtsorganen van de vrouw aanwijzen en benoemen in
een afbeelding van de bekkenholte: ovarium, tuba uterina, uterus (inclusief de term
endometrium), cervix, vagina, clitoris, labium majus/minus.
De uitmonding van de urethra, het perineum en de anus aanwijzen en benoemen.
De functie van de vagina en uterus uitleggen.
De vagina verbindt de uitwendige en inwendige voortplantingsorganen met elkaar.
De uterus (baarmoeder) ontvangt, voedt en beschermt een bevrucht ovum.
Lesdoelen les 4
De mannelijke en vrouwelijke gameten benoemen.
Gameten zijn geslachtscellen. Mannelijke gameten heten spermatozoa en vrouwelijke gameten
worden ova genoemd.
Benoemen hoe gameten worden gevormd en wat zij bevatten.
Bij de geboorte heeft een vrouw meer dan een miljoen onrijpe follikels, veel sterven af voor de
puberteit. De rijping wordt geregeld door de hypothalamus en de hypofysevoorkwab die hormonen
vrijgeven die op de eierstok inwerken.
Bij de man worden zaadcellen aangemaakt in de zaadkanaaltjes door middel van het proces van
spermatogenese. Ze rijpen terwijl ze door de bijbal gaan, waar ze worden opgeslagen. Hormonen uit
de hypofysevoorkwab stimuleren de spermaproductie. Een rijpe zaadcel heet een kop, lichaam en
staart. De kop wordt gevuld door de kern die het DNA bevat.
De volgende uitwendige en inwendige geslachtsorganen van de vrouw aanwijzen en benoemen in
een afbeelding van de bekkenholte: ovarium, tuba uterina, uterus (inclusief de term
endometrium), cervix, vagina, clitoris, labium majus/minus.
De uitmonding van de urethra, het perineum en de anus aanwijzen en benoemen.
De functie van de vagina en uterus uitleggen.
De vagina verbindt de uitwendige en inwendige voortplantingsorganen met elkaar.
De uterus (baarmoeder) ontvangt, voedt en beschermt een bevrucht ovum.