Samenvatting orthopedagogiek
Orthopedagogiek hoorcollege 1
Regulatieve cyclus
,Diagnose: wat is er aan de hand?
Tweede reflexieve pauze: hoe ga je dit aanpakken?
Evaluatie: is het probleem verbeterd, verslechterd f=of hetzelfde gebleven?
Normaal, probleem, stoornis?
Subjectief: behoefte aan objectivering
Afwijking van de norm (cultuur-tijd-opvoedsituatie)
Wat is normaal?
Alle ontwikkelingen in het leven die mogelijk zijn en zodanig voorkomen zonder deze tot grote
opvoedproblemen leiden
Rutter:
- Leeftijdsadequaat gedrag
- Duur van het probleemgedrag
- Omstandigheden van het gedrag
- Socio-culturele setting
- Hoeveelheid en frequentietype problemen en van voorkomen in populatie
- Intensiteit
- Verandering van gedrag
- Situatiegebondenheid
Classificeren
- Waarom?
Op het moment dat de een over ADHD (of een andere stoornis) spreek, moet de rest weten
waar het over gaat. Een kind at in Amerika ADHD heeft, moet het hier ook hebben.
- Categorale benadering vs. Dimensionele benadering
Categorale benadering (in een hokje plaatsen, heeft hij deze stoornis jas of nee?):
o Klinische ervaringen deskundigen
o Categorisering observeerbare gedragskenmerken
o Wel/geen stoornis hebben
o DSM-5
o Voor en nadelen
Dimensionele benadering (hoe erg is het? Heeft hij er veel of weinig last van):
o Ervaring/beleving van de betrokken
o Mate van een probleem/stoornis
o Meer geleidelijk
o Analyse vragenlijsten (CBCL/YSR)
Dimensionele benadering
- Te veel versus te weinig controle
, - Internaliserend gedragsproblemen: bijv. verlegenheid, angst geremd zijn en depressiviteit.
Naar binnen gericht.
- Externaliserende gedragsproblemen: bijv. agressie, liegen, delinquentie en hyperactiviteit.
Naar buiten gericht.
Categorale benadering
- Binnen de orthopedagogiek spreekt men van een stoornis wanneer deze beschreven staat in
de DSM-5.
- Probleem: staat niet per se in de DSM-5, maar gaat wel gepaard met problemen en/of lijden
bij het kind, en eventueel met opvoedingsverlegenheid of opvoedingsproblemen bij de
ouders.
Risicofactoren en beschermde factoren
Fietswielmodel
Dordts strategisch model
3 fasen:
- Diagnostiek, taxatie, classificatie
- Formuleren hypothesen
- Opstellen en uitvoeren behandelingsplan
Orthopedagogiek hoorcollege 1
Regulatieve cyclus
,Diagnose: wat is er aan de hand?
Tweede reflexieve pauze: hoe ga je dit aanpakken?
Evaluatie: is het probleem verbeterd, verslechterd f=of hetzelfde gebleven?
Normaal, probleem, stoornis?
Subjectief: behoefte aan objectivering
Afwijking van de norm (cultuur-tijd-opvoedsituatie)
Wat is normaal?
Alle ontwikkelingen in het leven die mogelijk zijn en zodanig voorkomen zonder deze tot grote
opvoedproblemen leiden
Rutter:
- Leeftijdsadequaat gedrag
- Duur van het probleemgedrag
- Omstandigheden van het gedrag
- Socio-culturele setting
- Hoeveelheid en frequentietype problemen en van voorkomen in populatie
- Intensiteit
- Verandering van gedrag
- Situatiegebondenheid
Classificeren
- Waarom?
Op het moment dat de een over ADHD (of een andere stoornis) spreek, moet de rest weten
waar het over gaat. Een kind at in Amerika ADHD heeft, moet het hier ook hebben.
- Categorale benadering vs. Dimensionele benadering
Categorale benadering (in een hokje plaatsen, heeft hij deze stoornis jas of nee?):
o Klinische ervaringen deskundigen
o Categorisering observeerbare gedragskenmerken
o Wel/geen stoornis hebben
o DSM-5
o Voor en nadelen
Dimensionele benadering (hoe erg is het? Heeft hij er veel of weinig last van):
o Ervaring/beleving van de betrokken
o Mate van een probleem/stoornis
o Meer geleidelijk
o Analyse vragenlijsten (CBCL/YSR)
Dimensionele benadering
- Te veel versus te weinig controle
, - Internaliserend gedragsproblemen: bijv. verlegenheid, angst geremd zijn en depressiviteit.
Naar binnen gericht.
- Externaliserende gedragsproblemen: bijv. agressie, liegen, delinquentie en hyperactiviteit.
Naar buiten gericht.
Categorale benadering
- Binnen de orthopedagogiek spreekt men van een stoornis wanneer deze beschreven staat in
de DSM-5.
- Probleem: staat niet per se in de DSM-5, maar gaat wel gepaard met problemen en/of lijden
bij het kind, en eventueel met opvoedingsverlegenheid of opvoedingsproblemen bij de
ouders.
Risicofactoren en beschermde factoren
Fietswielmodel
Dordts strategisch model
3 fasen:
- Diagnostiek, taxatie, classificatie
- Formuleren hypothesen
- Opstellen en uitvoeren behandelingsplan