• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 433 pages
Summary

volledige samenvatting boek strafrecht en strafprocesrecht voor bachelors

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 433 pages

Hier vindt u een volledige samenvatting van het boek strafrecht en strafprocesrecht gehanteerd tijdens de lessen strafrecht en strafprocesrecht 2025/2026, criminologische wetenschappen.

Content preview

Cursus strafrecht
DEEL 1: ALGEMENE ORIËNTATIE
HOOFDSTUK 1: WAT IS STRAFRECHT

1. HET VERSCHIJNSEL STRAFRECHT


FENOMEEN STRAFFEN
Straffen en bestraft worden hebben in de maatschappij een zekere mate van
vermijdbaarheid, wat de bedoeling is. Toch kan niemand de confrontatie ermee volledig
ontlopen. Straffen lijken soms onvermijdelijk. Mensen kunnen het soms niet laten elkaar
leed aan te doen. Wat eigenlijk niet super erg is want straffen kan zorgen voor positieve
effecten. Toch is enige bedrevenheid en terughoudendheid aangewezen want wie niet
rationeel is en zuinig met de bestraffingsbehoeften of met die van anderen, riskeert
immers ontsporing.


IN DE GREEP VAN HET RECHT
Strafrecht zorgt ervoor dat het bestraffingsgebeuren niet uitmondt in een onstuitbare
geweldsescalatie. Strafrecht om straffen in te tomen. = oorspronkelijke zin van het
strafrecht

De oude taliowet = oog om oog en tand om tand, begrenst straffen al evenzeer als ze het
toelaat. Staat vergelding dus toe maar beperkt de straf tot de ernst van het misdrijf.


ALS BELEIDSINTSTRUMENT
Het sturen van vergeldingsbehoeften/ wraakgevoelens en – na de overgang van private
vergelding naar publiek strafrecht – en het intomen van de overheidsmacht waren
belangrijke functies van het SR, maar niet de enige functies.

Overheid gebruikte SR om normconform gedrag af te dwingen/gedragsbeheersing.
Vandaag zelfs meer dan ooit.

Wat in een rechtstaat strafrecht wordt genoemd is geëvolueerd tot een groot systeem
van maatschappelijke ordening en van sociale controle (instrumentele dimensie).
Rechtsnormen/rechtsregels leggen deze ordenings- en controlebevoegdheid meteen aan
de banden zodat de macht wordt beschermd en burgers worden beschermd
(rechtbeschermingsdimensie).

Dus belangrijke functies SR: ordenende functie en recht beschermende functie.

2. HET BEGRIP STRAFRECHT


DEFINITIEPROBLEEM
Het begrip SR is meerduidig. Verschillende invalshoeken.

,Vroeger omschreven juristen Sr als geheel van rechtsnormen met betrekking tot de
misdrijven en de straffen. zou nu te eenzijdig en te breed/te smal zijn.

Er zijn verschillende klassieke begripsomschrijvingen van het SR omdat je met zoveel
rekening moet houden zoals geschiedenis, kenmerken, diversiteit, evolutie,…

De volgende definities dienen vooral om te helpen bij het leren. Ze geven slechts een
eerste, voorlopig juridisch beeld van wat het (positieve) strafrecht inhoudt. De echte
betekenis wordt pas duidelijk wanneer we het stap voor stap verder uitwerken.


STRAFRECHT IN DE RUIME ZIN
= het geheel van de rechtsregels die

1) Bepalen onder welke voorwaarden de overheid voor specifieke gedragingen
(misdrijven) specifieke sancties kan opleggen en uitvoeren
2) Omschrijven waaruit deze gedragingen en sancties bestaan
3) Bepalen welke personen die sancties wel of niet kunnen krijgen
4) Voorschrijven op welke wijze de daartoe bevoegde instanties hun recht en soms
plicht om voor deze gedragingen sancties op te leggen en uit te voeren moeten
uitoefenen

Dit SR omvat zowel het materiaal als formeel strafrecht.


MATERIEEL STRAFRECHT
= geheel van de rechtsregels die bepalen onder welke voorwaarden handelingen of
onthoudingen als misdrijven kunnen worden beschouwd (wat straffen), die bepalen met
welke strafrechtelijke sancties daarop gereageerd kan worden (hoe straffen), en die de
tijdelijke, ruimtelijke en personele toepassingssfeer van de betrokken normen vastleggen
(wanneer, wie en waar straffen).

= wat, hoe, wanneer, wie en waar

Belangrijkste bron van materieel strafrecht is NSw.

Wortels = homo economicus met vrije wil en verantwoordelijkheid, SR als laatste
redmiddel -utilitarisme, focus op feiten


FORMEEL STRAFRECHT
= strafvordering, strafprocesrecht of strafrechtspleging

= geheel van de rechtsregels m.b.t. de vaststelling van misdrijven, de opsporing, de
vervolging, en de berechting van de personen die ervan verdacht worden een misdrijf te
hebben gepleegd en de rechtsregels m.b.t. de organisatie, bevoegdheid en werking van
de publiekrechtelijke instellingen en organen die daarmee belast zijn.

Regels omtrent tenuitvoerlegging van de beslissingen van de strafrechter vallen niet
onder strafvordering maar onder penitentiair recht.

Belangrijkste bron formeel recht is wetboek van strafvordering.


SAMENHANG

,Materieel strafrecht komt vooral voor door de toepassing ervan in het kader van de
strafrechtspleging. Het SPR is dus de noodzakelijke arm van het SR die moet verzekeren
dat de overheid dat SR op een correcte manier toepast.

Beiden hebben een beschermende functie: vermijden van ongerechtvaardigd
strafrechtelijk overheidsingrijpen.

Beiden vormen ook een toelating, een legitimering van het overheidsoptreden tegen
criminaliteit en de daders, slachtoffers en andere betrokkenen, zolang overheidsoptreden
de regels respecteert.

HOOFDSTUK 2: CODIFICATIE

1. HET BELGISCH STRAFWETBOEK


SW. 1867
Bij onafhankelijkheid België 1830: Napoleontische wetboeken, Code pénal (1810) en Code
d’instruction criminelle (1808) van kracht.

Nieuwe strafwetboek pas in 1867 met doel afstand te nemen van het autoritaire, door
overmatige bestraffing gekarakteriseerde Napoleontische Strafwetboek en veel
onvolkomenheden weg te werken. Het fundamentele idee achter het Napoleontische
wetboek zelf bleef echter ongewijzigd. Haus en Nypels waren belangrijkste architecten
van dat strafwetboek.

Dit wetboek van 1867 stond voor het klassieke strafrecht denken uit einde 18de eeuw en
begin 19de eeuw. Toen zagen de mens als homo economicus: rationeel en vrijheid eigen
gedrag te kiezen.


DRIELEDIGE INDELING
Kern wetboek 1867: drieledige indeling van misdrijven -> misdaden ( 5-10j tot doodstraf –
in HvA), wanbedrijven (verhouding tot de ernst – 8d tot 5j – of geldboete- corr.
Rechtbank) en overtredingen (tot 7 dagen in gevangenis – of geldboete -
politierechtbank).


EVOLUTIE
Na 1867 hebben talloze wetten strafwetboek grondig gewijzigd en aangevuld qua inhoud
en structuur. Bv omzetten van de theorieën betreffende sociaal verweer.

Ze berusten een ander mensbeeld en andere visie dan het klassieke rechtsdenken. De
mens is minder vrij en brekend dan gedacht. Individuele eigenschappen en maatsch.
omstandigheden hebben invloed op menselijke handelingen. Maar geen volledige
determinatie.


ONTAARDE ONTAARDING
Het wetboek voorzag zwaardere straffen voor vele misdrijven -> ipv de straffen aan te
passen koos wetgever in 1867 voor een praktische oplossing: wet op verzachtende
omstandigheden. Daardoor konden ze een misdaad omzetten in een wanbedrijf -> dus
voor de correctionele rechtbank.

, In de eeuw daarna breidde de wetgever dit uit en kwamen er zwaardere correctionele
straffen waardoor onderscheid misdaad en wanbedrijf verwaterde en dit leed tot
complicaties en tegenstrijdigheden. Het GwH greep soms in maar loste niet alle
problemen op.


HERZIENINGS(PORGINGEN)
Sinds 1976 veel pogingen om nieuw strafwetboek te maken. Verschillende ontwerpen
zoals dat van Koninklijk commissaris Legros, kwamen nooit tot uitvoering. Wel zijn
sommige voorgestelde wijzingen ad hoc ingevoerd in het bestaande wetboek zoals
nieuwe straffen.

Deze losse ingrepen hebben de samenhang van het wetboek verzwakt. Geen duidelijke
overkoepelende visie op het SR en zijn doelen. Veel wetten kregen creatieve namen zoals
potpourriwetten, maar dienden vooral om het gebrek aan samenhang te verbergen.


NIEUW STRAFWETBOEK 2024
De regeringen Michel I en De Croo hebben erkend dat het oude strafwetboek
onoverzichtelijk was. Experts kregen de opdracht een nieuw wetboek op te stellen. Het
eerste ontwerp werd niet goedgekeurd door te repressieve aanpassingen. De commissie
werd herzien met extra opdrachten zoals advies over feminicide of ecocide.

Het parlement keurde uiteindelijk het nieuwe wetboek goed en de koning bekrachtigde
het op 29 februari 2024, gepubliceerd in BS op 8 april 2024.. Het wetboek bestaat uit
boek I (algemene regels) en boek 2 (misdrijven en bijhorende straffen). De
inwerkingtreding is op 8 april 2026. Sommige maatregelen pas vanaf 1 januari 2035: art
42 NSw. en art 46 NSw.


RENOVATIE, GEEN NIEUWBOUW
De oorspronkelijke ambitie van minister Geens en de commissie om het SR grondig aan
te passen is toch mislukt. De commissie richtte zich vooral op het opschonen, logisch
ordenen en herformuleren – ze negeerden vaak ook de voorstellen tot vereenvoudiging
en schrapping van overbodige straffen.

De belangrijkste vernieuwing: einde klassieke drieledige indeling -> misdrijven met 8
strafniveaus.

Veel andere veranderingen: kleine herschikkingen, technische aanpassingen,…

Het motto van NSw: accuraat, coherent en eenvoudig. Toch blijven soms incoherentie en
complexiteit in het SR bestaan, en op vlak van vereenvoudiging is nog veel mogelijk.


REPRESSIEVE WET, MILDE RECHTERS?
Het eindresultaat van het nieuwe strafwetboek wijkt op sommige punten wat af van wat
de experts oorspronkelijk wilden. Achter schijnbare technische keuzes blijken nu vaak
punitieve elementen te schuilen. Er zijn meer symbolische strafverzwaringen om de
samenleving af te schrikken.

Het probleem is dat het strafrechtsysteem al zwaar belast is: gevangenissen zitten vol en
de forensische psychiatrie heeft lange wachtlijsten. Het is onduidelijk hoe het systeem al
die strengere en langdurige straffen kan uitvoeren. De wetgever rekent erop dat rechters

Table of contents

  1. 01 HOOFDSTUK 1: Wat is strafrecht 1
    1. 1. Het verschijnsel strafrecht 1
    2. 2. het begrip strafrecht 1
  2. 02 HOOFDSTUK 2: codificatie 3
    1. 1. het belgisch strafwetboek 3
    2. 2. belgisch wetboek van strafvordering 5
  3. 03 Hoofdstuk 3: situering van het strafrecht tussen andere rechtsdisciplines 7
    1. 1. autonomie van het strafrecht 7
    2. 2. publiekrechtelijk karakter 9
  4. 04 Hoofdstuk 4: indelingen van het strafrecht 10
    1. diversiteit 10
    2. 1. algemeen en bijzonder SR 10
    3. 2. buitenlands en internationaal strafrecht 12
  5. 05 hoofdstuk 1: het legaliteitsbeginsel 16
    1. materieelrechtelijk beginsel 16
    2. verankering in het interne recht 16
    3. verankering in het internationaal recht 16
    4. nurembergclausule 16
    5. grondslag en betekenis 16
    6. andere betekenis in SPR 17
    7. draagwijdte materieelrechtelijk 17
  6. 06 hoofdstuk 2: het legaliteitsbeginsel en de bronnen van het SR 17
    1. algemeen beginsel 17
    2. wet in materiële zin 18
    3. SPR 18
    4. 1. formele bronnen van het SR 18
    5. 2. legaliteitscontrole door hoven en rechtbanken 23
    6. 3. rechtspraak is onvoldoende om aan legaliteitsbeginsel te voldoen 24
  7. 07 Hoofdstuk 3. het legaliteitsbeginsel en de interpretatie van de strafwet 25
    1. 1. het probleem van de interpretatie 25
    2. 2. bronnen van interpretatie 26
    3. 3. interpretatiemethoden in het SR 27
  8. 08 hoofdstuk 4: algemene voorwaarden van strafbaarheid en de plaats van het misdrijf daarin 28
    1. 1. evoluerend begrippenkader in het perspectief van een nieuw strafwetboek: de constitutieve elementen van het misdrijf 28
    2. 2. het misdrijf als wederrechtelijke delictstypische gedraging 29
  9. 09 hoofdstuk 5: indeling van misdrijven op basis van strafniveaus 30
    1. verdwijnen belangrijke driedeling 30
    2. aanknopingspunt talloze regels 30
    3. niveaubehoud 30
  10. 10 hoofdstuk 6: Delictstypiciteit 30
    1. 1. inleiding: begrip en belang 30
    2. 2. materieel bestanddeel: objectieve bestanddelen van het misdrijf 32
    3. 3. morele bestanddeel: de subjectieve delictsbestanddelen 38
    4. 4. verzwaarde misdrijven 45
    5. 5. daderschap en deelneming 45
    6. rechtspersonen als daders 47
  11. 11 hoofdstuk 7:wederrechtelijkheid 50
    1. 1.begrip 50
    2. 2. rechtvaardigingsgronden 51
    3. 3.gebod of de toelating bij de wet 51
    4. 4. bevel van de overheid 52
    5. 5. noodtoestand 53
    6. 6.wettige verdediging (noodweer) 54
    7. 7.wettig verzet in geval van misbruik door de overheid 56
    8. 8.de toestemming van de benadeelde: geen rechtvaardigingsgrond? 57
    9. 9.onverantwoordelijkheid parlementairen en regeringsleden 58
    10. 10.rechtvaardigingsgronden of beperking delictsomschrijving? 58
  12. 12 hoofdstuk 8: verwijtbaarheid van het misdrijf aan de concrete persoon: strafrechtelijke schuld 58
    1. 1.het strafrechtelijk schuldbegrip 58
    2. 2.schulduitsluitingsgronden 59
  13. 13 hoofdstuk 9: strafwaardigheid 69
    1. 1.algemene oriëntering 69
    2. 2. strafuitsluitende verschoningsgronden 69
  14. 14 hoofdstuk 10: poging, gevokgloze aanzetting en aanvaarding van criminele opdracht 73
    1. 1.uitbreiding strafbaarheid 73
    2. 2.voorwaarden 74
    3. 3.bestraffing 76
    4. 4.strafuitsluitende verschoningsgrond 76
    5. 5.gevolgloze aanzetting tot misdrijven 76
  15. 15 hoofdstuk 11: strafbare deelneming 77
    1. 1.algemene oriëntatie 77
    2. 2.algemene voorwaarden voor de strafbare deelneming 78
    3. 3.de bestraffing van de deelneming 83
  16. 16 hoofdstuk 1: instelling en uitoefening van de strafvordering 84
    1. 1.initiatief en uitoefening 84
    2. 2. tegen wie wordt de strafvordering uitgeoefend 100
    3. 3.bemiddeling 101
  17. 17 hoofdstuk 2: de burgerlijke vordering 101
    1. bejegening van slachtoffers 101
    2. 1.slachtoffer en benadeelde persoon 102
    3. 2.optierecht van de benadeelde 103
    4. 3. de burgerlijke vordering voor de strafrechter 104
    5. 4.de burgerlijke vordering voor de burgerlijke rechter 109
    6. 5.het fonds tot hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders 110
  18. 18 hoofdstuk 1: het politiewezen 111
    1. twee niveaus 111
    2. officieren en agenten van gerechtelijke politie 111
    3. belang van het onderscheid tussen officier en agent 111
    4. opsporingsbevoegdheid rationemateriae 111
  19. 19 hoofdstuk 2. types van onderzoek 112
    1. 1. het opsporingsonderzoek 112
    2. 2. het gerechtelijk onderzoek 123
  20. 20 HOOFdstuk 3: onderzoekdsdaden 138
    1. 1.het begrip heterdaad 138
    2. 2.lijst van onderzoeksdaden 138
  21. 21 hoofdstuk 4: vrijheidsberoving en voorlopige hechtenis 178
    1. 1.voorlopige hechtenis 178
  22. 22 hoofdstuk 5: toezicht op en afsluiting van het onderzoek 199
    1. 1.toezicht op en afsluiting van het opsporingsonderzoek 199
    2. 2.toezicht op en afsluiting van het gerechtelijk onderzoek 199
  23. 23 h1: het vonnisgerecht 221
    1. 1.bevoegdheidsregeling 221
    2. 2.aanhangigmaking 229
    3. 3.samenstelling van de zetel 232
  24. 24 h2: voortduren van bewarende maatregelen 233
    1. 1.voorlopige hechtenis 233
    2. 2.het strafrechtelijk kort geding 235
  25. 25 h3: fundamentele waarborgen 236
    1. recht op een behoorlijke rechtsbedeling 236
    2. bronnen 236
    3. 1. recht op een eerlijk proces 236
    4. 2.onafhankelijke en onpartijdige rechter 241
    5. 3.openbaarheid van de terechtzetting 242
    6. 4. mondelinge karakter van de rechtspleging 244
    7. 5.tegenspraak 245
    8. 6.redelijke termijn 249
  26. 26 h4:terechtzitting 253
    1. 1.proces verbaal van de terechtzitting 253
    2. 2.aanwezigheid van partijen (en rechters) 253
    3. 3.verloop van de rechtspleging 259
  27. 27 h5: bewijsregeling 277
    1. begrip 277
    2. bronnen 277
    3. overzicht 277
    4. 1.bewijslast 277
    5. 2.bewijsvoering 280
    6. 3.bewijswaardering 287
  28. 28 h1: inleiding 289
    1. begrip sacntie 290
    2. veel sanctiestelsels 290
    3. strafrechtelijke sancties 290
    4. procedurebeperkende niet rechterlijke sacnties 290
  29. 29 h2: straffen 290
    1. 1.begrip 290
    2. 2.kenmerken 292
    3. 3.indeling van de straffen 293
    4. 4.straffen toepaselijk op natuurlijke personen 294
    5. 5.straffen toepasselijk op rechtspersonen 313
  30. 30 h3: strafrechtelijke beveiligings- of beschermingsmaatregelen 316
    1. 1.algemeen 316
    2. 2.sancties bij minderjarigen 317
    3. 3.internering 317
    4. 4.beveiligingsmaatregel ter bescherming van de maatschappij 319
    5. 5.verbeurdverklarig als beveiligingsmaatregel 320
    6. 6.ontbinding van de rechtspersoon 320
    7. 7.lichamelijke rijongeschiktheid 320
  31. 31 h1: situering en nagestreefde doelen 321
    1. legaliteitsbeginsel 321
    2. sovereine bepaling door feitenrechter 321
    3. complexe combinatieproblematiek 321
    4. beleidsprobleem 321
    5. straftoemetingsdoelen 322
    6. afkeuring 322
    7. herstelbevordering 322
    8. rehabilitatie en re-integratie 322
    9. neveneffecten 323
    10. maatschappijbescherming 323
    11. geen straf(toemetings)doelen 323
    12. informatiebronnen 323
  32. 32 h2: straftoemeting bij natuurlijke personen 323
    1. 1.regels die (kunnen) leiden tot strafverzwaring 323
    2. 2.regels die (kunnen) leiden tot strafvermindering 328
  33. 33 h3: bijzondere modaliteiten van straftoemeting: opschorting – uitstel – probatie 338
    1. 1.ontstaansgeschiedenis 338
    2. 2.de opschorting van de uitspraak van de veroordeling 339
    3. 3.het uitstel van de tenuitvoerlegging van de straffen 340
    4. 4.rechtspersoon, opschorting en uitstel 342
  34. 34 h4: de beveiligingsperiode 342
    1. inperking mogelijkheid VI 342
    2. toepassingsgebied en duur 343
    3. nefast voor strafuitvoeringsrechtbank 343
  35. 35 h5: volgorde bij straftoemeting 343
    1. belang 343
    2. straftoemetingsmodaliteiten, beveiligingsperiode en bbm 344
  36. 36 h1: algemene beginselen 344
    1. 1.totstandkoming 344
    2. 3.motivering 351
  37. 37 h2: uitvoering 355
    1. kracht van gewijsde 355
  38. 38 h3: gezag van gewijsde 355
    1. 1.tav de strafrechter 355
    2. 2.tav de burgerlijke rechter 356
  39. 39 h4: burgerlijke aspecten 358
    1. situering 358
    2. teruggave 358
    3. schadevergoeding 359
    4. rechtsplegingsvergoeding 359
    5. gerechtskosten 359
    6. bijzondere bijdrage fonds rechtsbijstand 360
    7. onwaardigheid om te erven 360
    8. nietigheid huwelijk of samenwoningsovereenkomst 360
    9. burgerlijke aansprakelijkheid betaling geldboete 361
    10. bijdrage aan slachtofferfonds 361
  40. 40 h1:hoger beroep 361
    1. begrip 361
    2. art 14 ivbpr 361
    3. 1.voorwaarden 361
    4. 2.gevolgen 366
    5. 3.rechtspleging en uitspraak 371
  41. 41 h2: verzet 373
    1. begrip 373
    2. 1.voorwaarden 373
    3. 2.gevolgen 377
    4. 3.rechtspleging en uitspraak 379
  42. 42 h3: cassatieberoep 381
    1. 1.voorwaarden en gevolgen 382
    2. 2.rechtspleging 385
    3. 3.beslissingen 386
  43. 43 h1:basisbeginselen 388
    1. basis 388
    2. uitvoerbaarheid 388
    3. buitenlandse beslissingen 388
    4. tenuitvoerlegging 389
  44. 44 h2: tenuitvoerleggig van de vrijheidstraf 389
    1. 1.bevoegdheid 389
    2. 2.rechtspositie van de gedetineerde 389
    3. 3.opsporing van personen die zich ontrokken hebben aan de uitvoering van hoofdgevangenisstraffen of interneringen 392
  45. 45 h3:tenuitvoerlegging van de tbs niet kennen 393
  46. 46 h4:tenuitvoerlegging van de straf onder et 394
    1. kennisgeving 394
    2. vcet 394
    3. taken om 394
  47. 47 h5:tenuitvoerlegging van de werkstraf 394
    1. kennisgeving 394
    2. justitieassistent 395
    3. probatiecommisie 395
    4. taken om 395
  48. 48 h6: tenuitvoerlegging van de probatiestraf 395
    1. kennisgeving 395
    2. justitieassistent 396
    3. probatiecommissie 396
    4. taken om 396
  49. 49 h7: tenuitvoerlegging van de geldboete, verbeurdverklaard equivalent bedrag en geldstraf 396
    1. uitvoerbaarheid 396
    2. invordering 397
    3. betalingsuitstel- en -faciliteiten 397
  50. 50 h8: tenuitvoerleggingvan de verbeurdverklaring 397
    1. 1.bestemming van verbeurdverklaarde zaken 397
    2. 2.taak coiv 397
  51. 51 h9: het strafrechtelijk uitvoeringsonderzoek 398
    1. ratio 398
    2. inhoud 398
    3. voorwaarden 398
    4. onderzoeksbevoegdheden 398
  52. 52 h10:tenuitvoerlegging van maatregelen 399
    1. 1.de internering 399
    2. 2.beveiligingsmaatregel ter bescherming van de maatschappij 399
    3. 3.minderjarigen 400
  53. 53 h1:inleiding 400
    1. het strafrecht van welke staat 400
    2. territorialiteitsbeginsel 400
    3. natuurlijke personen 400
    4. rechtspersonen 400
    5. uitzonderlijke extraterritorialiteits strafwet 401
    6. extraterritoriaal onderzoek of dwangbevoegdheden 401
  54. 54 h2: op belgisch grondgebied gepleegde misdrijven 401
    1. territorialiteitsbeginsel 401
    2. reêl grondgebied 401
  55. 55 h4: op belgisch grondgebied gepleegd? lokalisering van het misdrijf met het oog op de toepassing van de strafwet 401
    1. probleem 401
    2. objectieve ubiquiteit 402
    3. toepassing op strafbare deelneming 402
    4. leer van de ondeelbaarheid 402
  56. 56 h1: probleemstelling 403
    1. tijdsverloop 403
  57. 57 h2: de geldingsduur van strafwetten 403
    1. voorwaarden 403
    2. opheffing 403
    3. vernietiging 403
  58. 58 h3: conflicten van strafwetten in de tijd: strafrehctelijk overgangsrecht 404
    1. probleem 404
    2. vuistregel 404
    3. niet retroactiviteit strengere strafwet 404
    4. gedraging, niet het gevolg 404
    5. bijzondere gevallen 405
    6. retroactiviteit mildere strafwetten 405
    7. bijzondere gevallen 406
    8. veranderde regels internering 406
    9. nieuw strafwetboek 406
  59. 59 h4: herstel in eer en rechten en uitwissing van de veroordeling 407
    1. 1.herstel in eer en rechten 407
  60. 60 h2:amnestie (retro actieve opheffing van de strafwaardigheid) 410
    1. begrip 410
    2. grondslag 410
    3. gevolgen 410
  61. 61 h3: schorsing van de strafvordering 411
    1. 1.schorsing ingevolge prejudiciële vraag of prejudicieel geschil 411
  62. 62 h4: verval van de strafvordering 411
    1. draagwijdte lot burgerlijke vordering 411
    2. 1.DOOD VAN DE VERDACHTE OF BEKLAAGDE 412
    3. 2. OPHOUDEN BESTAAN VAN DE rechtspersoon 412
    4. 3.amnestie 412
    5. 4.opheffing van de strafwet 412
    6. 5.de minnelijke schikking 412
    7. 6. verval van de strafvordering door de uitvoering van maatregelen en de naleving van voorwaarden 417
    8. 7.onmiddelijke inning van een geldsom of het volgen van een opleiding 420
    9. 8.administratieve geldboete 421
    10. 10.verjaring 421
  63. 63 h5:verval van de burgerlijke vordering 428
    1. 2.gezag van gewijsde 428
    2. 3.verjaring 429
  64. 64 h6: verval van het recht tot uitvoering van de straffen 430
    1. 1. dood natuurlijke persoon en vereffening rechtspersoon 430
    2. 2.verjaring van de straf 430
    3. 3.uitvoering in het buitenland en ne bis in idem 432
  65. 65 h7: genade 432
    1. situering 432
    2. verantwoording 432
    3. juridische bronnen 433
    4. toepassingsgebied 433
    5. individuele of collectieve genade 433

Connected book
 image
Raf Verstraeten, Frank Verbruggen Strafrecht en strafprocesrecht voor bachelors
Publisher: Unknown ISBN: 9789400019300 Edition: 16

Document information

Study
Summarized whole book?
Yes
Uploaded on
December 20, 2025
Number of pages
433
Written in
2025/2026
Type
Summary
$16.34

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
Sold
21
Followers
0
Items
9
Last sold
3 weeks ago




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions