Lichaam en mond 1
Morfologie
Indeling van de gebitselement
➔ 2 opeenvolgende gebitsgeneraties
1. Melkgebit: volledig rond de leeftijd van 30m en telt 20 melktanden
2. Definitieve of blijvend gebit: volledig rond de leeftijd van 12-15j en telt 32 tanden
➔ Indeling in kwadranten
• Gebitselementen in boven- en onderkaak vormen een gebitsboog of
tandboog
• Elke halve boog is een kwadrant (4)
• Tandboog kan met mediaanvlak in tweegelijke delen worden verdeeld
(elkaars spiegelbeeld)
Rechtsboven Linksboven
Kwadrant 1 definitief gebit Kwadrant 2 definitief gebit
Kwadrant 5 melkgebit Kwadrant 6 melkgebit
Rechtsonder Linksonder
Kwadrant 4 definitief gebit Kwadrant 3 definitief gebit
Kwadrant 8 melkgebit Kwadrant 7 melkgebit
, ➔ Indeling in 4 tandgroepen of soorten
1. De (melk)snijtand/incisief
• Heeft snijrand/ incisale rand, is voor afbijten van voedsel
• onder- en bovensnijtanden bewegen zich meestal als een schaar langs
elkaar.
• Centrale snijtand (def. gebit) laterale snijtand (melkgebit)
2. De (melk)hoektand
• Heeft incisale rand met scherpe punt
• vast grijpen voedsel en doorbijten harde
materialen
• Ook wel cupidaat of dens caninus
genoemd.
3. De premolaren (voorkiezen)
• Hebben occlusaal vlak (kauwvlak) dat
bezet is met 2 knobbels.
• fijnmalen van voedsel
• Ze worden ook wel bicuspide genoemd
• Er is een onderscheid tussen 1e en 2de premoralen
• Niet aanwezig in melkgebit (tijdens wisseling melkmoralen worden
opgevolgd door premoralen)
4. (melk)molaren (kiezen):
• Occlusaal vlak, bezet met 4 of meer knobbels
• Fijnmalen van voedsel
• Onderscheid tussen 1ste , 2de en 3de molaren (wijsheidstand) in blijvend
gebit en in melkgebit tussen 1ste en 2de melkmolaren
➔ Gebitsformules
= een codering voor het aantal tanden en de plaats van de soorten gebitselementen i n
het kwadrant
➢ Blijvende gebit: 2-1-2-3
➢ Melkgebit: 2-1-2
Morfologie
Indeling van de gebitselement
➔ 2 opeenvolgende gebitsgeneraties
1. Melkgebit: volledig rond de leeftijd van 30m en telt 20 melktanden
2. Definitieve of blijvend gebit: volledig rond de leeftijd van 12-15j en telt 32 tanden
➔ Indeling in kwadranten
• Gebitselementen in boven- en onderkaak vormen een gebitsboog of
tandboog
• Elke halve boog is een kwadrant (4)
• Tandboog kan met mediaanvlak in tweegelijke delen worden verdeeld
(elkaars spiegelbeeld)
Rechtsboven Linksboven
Kwadrant 1 definitief gebit Kwadrant 2 definitief gebit
Kwadrant 5 melkgebit Kwadrant 6 melkgebit
Rechtsonder Linksonder
Kwadrant 4 definitief gebit Kwadrant 3 definitief gebit
Kwadrant 8 melkgebit Kwadrant 7 melkgebit
, ➔ Indeling in 4 tandgroepen of soorten
1. De (melk)snijtand/incisief
• Heeft snijrand/ incisale rand, is voor afbijten van voedsel
• onder- en bovensnijtanden bewegen zich meestal als een schaar langs
elkaar.
• Centrale snijtand (def. gebit) laterale snijtand (melkgebit)
2. De (melk)hoektand
• Heeft incisale rand met scherpe punt
• vast grijpen voedsel en doorbijten harde
materialen
• Ook wel cupidaat of dens caninus
genoemd.
3. De premolaren (voorkiezen)
• Hebben occlusaal vlak (kauwvlak) dat
bezet is met 2 knobbels.
• fijnmalen van voedsel
• Ze worden ook wel bicuspide genoemd
• Er is een onderscheid tussen 1e en 2de premoralen
• Niet aanwezig in melkgebit (tijdens wisseling melkmoralen worden
opgevolgd door premoralen)
4. (melk)molaren (kiezen):
• Occlusaal vlak, bezet met 4 of meer knobbels
• Fijnmalen van voedsel
• Onderscheid tussen 1ste , 2de en 3de molaren (wijsheidstand) in blijvend
gebit en in melkgebit tussen 1ste en 2de melkmolaren
➔ Gebitsformules
= een codering voor het aantal tanden en de plaats van de soorten gebitselementen i n
het kwadrant
➢ Blijvende gebit: 2-1-2-3
➢ Melkgebit: 2-1-2