Personality psychology Theme 6
Nature/Nurture
Leerdoelen Theme 6
1.
2.
3.
4.
5.
Het menselijk genoom
Het menselijk genoom is een complete set van chromosomen die een individu bezit.
Iedere lichaamscel bevat het volledig genoom.
Genoom
Alle erfelijke informatie van een organisme, opgeslagen in het DNA.
Iedere lichaamscel bevat het volledige genoom dat bestaat uit 23 paar chromosomen.
Een chromosoom van elk paar komt van de vader en de andere komt van de moeder
Genen
Stukjes DNA, bevatten onze erfelijke eigenschappen -> Huidskleur,
Verschillende stukjes van hetzelfde gen worden allelen genoemd, dominante allelen
bepalen welk kenmerk tot uiting komt terwijl een recessief allel alleen tot uiting komt
als er geen dominante allel aanwezig is.
Chromosoom
Bestaat uit DNA (desoxyribonicleicacid)
Recombinatie
Zorgt dat elk chromosoom een willekeurige unieke combinatie bevat van het
genetische materiaal van de ouders.
Verschil in geslacht kan terug worden gevonden in een paar chromosomen, bij vrouwen zijn
dit twee X chromosomen en bij mannen is dit een X chromosoom en een Y chromosoom.
Vroeger werd gedacht dat er junk-DNA was (DNA zonder functie) dit is inmiddels enorm
ontkracht
, Eugenetica
- Richt zich op het onderzoeken en uitvoeren van maatregelen die genetische
samenstelling van een groep kunnen verbeteren.
Angst hiervan is dat dit misbruikt zal worden om een ‘meesterras’ te ontwikkelen,
wetenschappers zeggen dat dit niet zo zwart wit is -> de omgeving heeft immers veel
invloed tot het tot uiting komen van kenmerken die in genen zijn vastgelegd.
Variatie percentage
Hoeveel variatie tussen individuen kan worden toegeschreven aan verschillende
oorzaken (waaronder erfelijkheid bijvoorbeeld)
Variantie
Statistische term die staat voor: een maat voor hoe ver de waarden van een
eigenschao van het gemiddelde afliggen. Kwantitatieve term.
Formele definitie van erfelijkheid
De hoeveelheid fenotypische variantie die toe is te schrijven aan genetische variantie
Fenotypische variantie (phenotypic variance)
Verwijst naar individuele verschillen die zichtbaar zijn
Vb: Oogkleur, gewicht en lengte, wordt beïnvloed door het genotype
Genetische variantie (genotypic variance)
Verwijst naar de individuele verschillen in de totale verzameling van genen in bezit van
ieder persoon.
Vb: Kan verklaard worden door verschil in genen dus blauwe ogen, bloedtype
Environmentality
De hoeveelheid fenotypische variantie die niet toe te schrijven is aan genetische
variantie.
Vb: leefomstandigheden en voeding
Voorbeeld
Oogkleur
1. Genotype
Stel iemand heeft twee allelen voor een oogkleur (bruin B) en (blauw b), B is hier dominant
en b is recessief.
2. Fenotype
Omdat B (bruin) dominant is zal de persoon een bruine oogkleur hebben, dit is wat je
daadwerkelijk kan zien).
3. Omgeving (environmentality)
Bij oogkleur speelt omgeving bijna geen rol dus wordt fenotype volledig verklaard door het
genotype
Bij andere eigenschappen zoals lengte en gewicht speelt omgeving wel een grote rol
Het Nature-Nurture debat
Is een discussie over de oorsprong van eigenschappen van de mens. Er moet onderscheid
worden gemaakt tussen 2 niveaus in dit debat
1. Individueel niveau: Hier is geen debat nodig, iemdereen heeft een unieke genetische
samenstelling die in wisselwerking staat met de omgeving om een individu te vormen,
geen discussie want beide zijn benodigde ingrediënten.
2. Populaiteniveau: Het is zinvoller om de invloed van genen en omgeving op
populatieniveau te onderzoeken, het kan interessant zijn om te weten of genen of de
omgeving belangrijker zijn voor individuele persoonlijkheidskenmerk verschillen.
Methoden die worden gebruikt om erfelijkheid te meten
Selectief fokken
Nature/Nurture
Leerdoelen Theme 6
1.
2.
3.
4.
5.
Het menselijk genoom
Het menselijk genoom is een complete set van chromosomen die een individu bezit.
Iedere lichaamscel bevat het volledig genoom.
Genoom
Alle erfelijke informatie van een organisme, opgeslagen in het DNA.
Iedere lichaamscel bevat het volledige genoom dat bestaat uit 23 paar chromosomen.
Een chromosoom van elk paar komt van de vader en de andere komt van de moeder
Genen
Stukjes DNA, bevatten onze erfelijke eigenschappen -> Huidskleur,
Verschillende stukjes van hetzelfde gen worden allelen genoemd, dominante allelen
bepalen welk kenmerk tot uiting komt terwijl een recessief allel alleen tot uiting komt
als er geen dominante allel aanwezig is.
Chromosoom
Bestaat uit DNA (desoxyribonicleicacid)
Recombinatie
Zorgt dat elk chromosoom een willekeurige unieke combinatie bevat van het
genetische materiaal van de ouders.
Verschil in geslacht kan terug worden gevonden in een paar chromosomen, bij vrouwen zijn
dit twee X chromosomen en bij mannen is dit een X chromosoom en een Y chromosoom.
Vroeger werd gedacht dat er junk-DNA was (DNA zonder functie) dit is inmiddels enorm
ontkracht
, Eugenetica
- Richt zich op het onderzoeken en uitvoeren van maatregelen die genetische
samenstelling van een groep kunnen verbeteren.
Angst hiervan is dat dit misbruikt zal worden om een ‘meesterras’ te ontwikkelen,
wetenschappers zeggen dat dit niet zo zwart wit is -> de omgeving heeft immers veel
invloed tot het tot uiting komen van kenmerken die in genen zijn vastgelegd.
Variatie percentage
Hoeveel variatie tussen individuen kan worden toegeschreven aan verschillende
oorzaken (waaronder erfelijkheid bijvoorbeeld)
Variantie
Statistische term die staat voor: een maat voor hoe ver de waarden van een
eigenschao van het gemiddelde afliggen. Kwantitatieve term.
Formele definitie van erfelijkheid
De hoeveelheid fenotypische variantie die toe is te schrijven aan genetische variantie
Fenotypische variantie (phenotypic variance)
Verwijst naar individuele verschillen die zichtbaar zijn
Vb: Oogkleur, gewicht en lengte, wordt beïnvloed door het genotype
Genetische variantie (genotypic variance)
Verwijst naar de individuele verschillen in de totale verzameling van genen in bezit van
ieder persoon.
Vb: Kan verklaard worden door verschil in genen dus blauwe ogen, bloedtype
Environmentality
De hoeveelheid fenotypische variantie die niet toe te schrijven is aan genetische
variantie.
Vb: leefomstandigheden en voeding
Voorbeeld
Oogkleur
1. Genotype
Stel iemand heeft twee allelen voor een oogkleur (bruin B) en (blauw b), B is hier dominant
en b is recessief.
2. Fenotype
Omdat B (bruin) dominant is zal de persoon een bruine oogkleur hebben, dit is wat je
daadwerkelijk kan zien).
3. Omgeving (environmentality)
Bij oogkleur speelt omgeving bijna geen rol dus wordt fenotype volledig verklaard door het
genotype
Bij andere eigenschappen zoals lengte en gewicht speelt omgeving wel een grote rol
Het Nature-Nurture debat
Is een discussie over de oorsprong van eigenschappen van de mens. Er moet onderscheid
worden gemaakt tussen 2 niveaus in dit debat
1. Individueel niveau: Hier is geen debat nodig, iemdereen heeft een unieke genetische
samenstelling die in wisselwerking staat met de omgeving om een individu te vormen,
geen discussie want beide zijn benodigde ingrediënten.
2. Populaiteniveau: Het is zinvoller om de invloed van genen en omgeving op
populatieniveau te onderzoeken, het kan interessant zijn om te weten of genen of de
omgeving belangrijker zijn voor individuele persoonlijkheidskenmerk verschillen.
Methoden die worden gebruikt om erfelijkheid te meten
Selectief fokken