Samenvatting Cario-Paro-Endo | Nijhof, Sarah
Cario-Paro-Endo M1TD7T
Cariologie
Partiële prothese voor OF is erg oncomfortabel
→ Conventionele brug voor onderfront i.p.v. implantaten
Element naast pontic bij Cantileverbrug krijgt veel krachten
→ Grote kans op VWF, zeker een endodontisch behandeld element
Gezondheid (ASA)
ASA → American Society of Anesthesiologists
→ Vragenlijst voor risico-inschatting
ASA 1 Normale, gezonde patiënt.
ASA 2 Patiënt met een milde systemische ziekte.
ASA 3 Patiënt met een ernstige systemische ziekte.
ASA 4 Patiënt met een ernstige systemische ziekte die een constante bedreiging is voor
het leven
ASA 5 Patiënt die, ongeacht de ingreep, verwacht wordt binnen 24 uur te overlijden.
ASA 6 Hersendode patiënt (orgaandonor).
Terughoudend met bloederige ingrepen bij pt met endocardititsprofylaxe of binnen 6 mnd een
hartinfarct
Antitrombotica
Cardiotrio bestaat uit:
- Cholesterolverlager eindigen vaak op -statine
- Bloeddrukverlager
- Bloedverdunner
Artherosclerose → cholesterolophoping (beschadiging) aan vaatwand, waarbij trombocyten
een bloedprop zullen vormen
→ Is dus te behandelen met een TAR
1
, Samenvatting Cario-Paro-Endo | Nijhof, Sarah
Altijd KIMO-richtlijn antitrombotica aanhouden
→ Voor anticoagulantia (VKA, DOAC en LMWH) en trombocytenaggregatieremmers (TAR)
- Trombocytenaggregatieremmers (TAR): acetylsalicylzuur, carbasalaatcalcium,
clopidogrel, dipyridamole, prasugrel en ticagrelor.
- Vitamine K-antagonisten (VKA): acenocoumarol en fenprocoumon
- Direct werkende anticoagulantia (DOAC): apixaban, dabigatran, edoxaban en
rivaroxaban
- Laag moleculair gewicht heparine (LMWH): -ine
Anesthesie
→ Komt bij spuiten in een vat systemisch in de bloedbaan en veroorzaakt hartkloppingen (gaat
redelijk snel over, 10-15min)
Septanest = arteriële vasoconstrictor (met adrenaline)
Citanest = veneuze vasoconstrictor (met felypressine)
Mandibulair blok
→ Gebruik de OPT om de locatie van het foramen mandibulae te bepalen
→ Altijd aspireren (ook bij M2s)
2
, Samenvatting Cario-Paro-Endo | Nijhof, Sarah
Antibiotica
Bij allergie kunnen galbulten ontstaan, die verdwijnen na verwijderen van de prikkel (dus
stoppen antibiotica)
→ Bijwerkingen zijn altijd dosis-afhankelijk
Antibiotica niet voorschrijven bij peri-apicale problemen, pijn ontstaat door apicale druk
→ Druk eraf = pijn weg (na maximaal 1 week)
Amoxicilline met clavulaanzuur
Clavulaanzuur is een β-lactamase-remmer waardoor amoxicilline niet kan worden afgebroken
door dit enzym (β-lactamase) van bacteriën
→ Is effectiever bij een breder spectrum en voorkomt (snelle) resistentie
Bij een amoxicilline allergie clindamycine voorschrijven (allebei bacteriedodend (bactericide))
→ Doxycycline is bacteriostatisch (groei remmend) en dus niet geschikt
Diabetes mellitus
Geeft een verhoogd risico op parodontale aandoeningen
Type I Absoluut te kort aan insuline Insuline toevoegen
Type II Insuline-resistentie Dieet aanpassen (overgewicht verminderen
en suikerinname beperken)
Gevolgen van lang hoge bloedsuikerspiegel → beschadiging kleine vaatjes (micro vasopathie) en
zenuwen
→ Suikers worden opgestapeld in wand kleine vaten, waardoor vaten dikker en stugger worden
→ Vaten kunnen hierdoor gaan lekken
→ Vooral huid en zenuwbanen worden hierdoor minder doorbloed
→ Schade voeten, zenuwen, nieren en hart- en bloedvaten
Altijd vragen of de patiënt goed is ingesteld
3
Cario-Paro-Endo M1TD7T
Cariologie
Partiële prothese voor OF is erg oncomfortabel
→ Conventionele brug voor onderfront i.p.v. implantaten
Element naast pontic bij Cantileverbrug krijgt veel krachten
→ Grote kans op VWF, zeker een endodontisch behandeld element
Gezondheid (ASA)
ASA → American Society of Anesthesiologists
→ Vragenlijst voor risico-inschatting
ASA 1 Normale, gezonde patiënt.
ASA 2 Patiënt met een milde systemische ziekte.
ASA 3 Patiënt met een ernstige systemische ziekte.
ASA 4 Patiënt met een ernstige systemische ziekte die een constante bedreiging is voor
het leven
ASA 5 Patiënt die, ongeacht de ingreep, verwacht wordt binnen 24 uur te overlijden.
ASA 6 Hersendode patiënt (orgaandonor).
Terughoudend met bloederige ingrepen bij pt met endocardititsprofylaxe of binnen 6 mnd een
hartinfarct
Antitrombotica
Cardiotrio bestaat uit:
- Cholesterolverlager eindigen vaak op -statine
- Bloeddrukverlager
- Bloedverdunner
Artherosclerose → cholesterolophoping (beschadiging) aan vaatwand, waarbij trombocyten
een bloedprop zullen vormen
→ Is dus te behandelen met een TAR
1
, Samenvatting Cario-Paro-Endo | Nijhof, Sarah
Altijd KIMO-richtlijn antitrombotica aanhouden
→ Voor anticoagulantia (VKA, DOAC en LMWH) en trombocytenaggregatieremmers (TAR)
- Trombocytenaggregatieremmers (TAR): acetylsalicylzuur, carbasalaatcalcium,
clopidogrel, dipyridamole, prasugrel en ticagrelor.
- Vitamine K-antagonisten (VKA): acenocoumarol en fenprocoumon
- Direct werkende anticoagulantia (DOAC): apixaban, dabigatran, edoxaban en
rivaroxaban
- Laag moleculair gewicht heparine (LMWH): -ine
Anesthesie
→ Komt bij spuiten in een vat systemisch in de bloedbaan en veroorzaakt hartkloppingen (gaat
redelijk snel over, 10-15min)
Septanest = arteriële vasoconstrictor (met adrenaline)
Citanest = veneuze vasoconstrictor (met felypressine)
Mandibulair blok
→ Gebruik de OPT om de locatie van het foramen mandibulae te bepalen
→ Altijd aspireren (ook bij M2s)
2
, Samenvatting Cario-Paro-Endo | Nijhof, Sarah
Antibiotica
Bij allergie kunnen galbulten ontstaan, die verdwijnen na verwijderen van de prikkel (dus
stoppen antibiotica)
→ Bijwerkingen zijn altijd dosis-afhankelijk
Antibiotica niet voorschrijven bij peri-apicale problemen, pijn ontstaat door apicale druk
→ Druk eraf = pijn weg (na maximaal 1 week)
Amoxicilline met clavulaanzuur
Clavulaanzuur is een β-lactamase-remmer waardoor amoxicilline niet kan worden afgebroken
door dit enzym (β-lactamase) van bacteriën
→ Is effectiever bij een breder spectrum en voorkomt (snelle) resistentie
Bij een amoxicilline allergie clindamycine voorschrijven (allebei bacteriedodend (bactericide))
→ Doxycycline is bacteriostatisch (groei remmend) en dus niet geschikt
Diabetes mellitus
Geeft een verhoogd risico op parodontale aandoeningen
Type I Absoluut te kort aan insuline Insuline toevoegen
Type II Insuline-resistentie Dieet aanpassen (overgewicht verminderen
en suikerinname beperken)
Gevolgen van lang hoge bloedsuikerspiegel → beschadiging kleine vaatjes (micro vasopathie) en
zenuwen
→ Suikers worden opgestapeld in wand kleine vaten, waardoor vaten dikker en stugger worden
→ Vaten kunnen hierdoor gaan lekken
→ Vooral huid en zenuwbanen worden hierdoor minder doorbloed
→ Schade voeten, zenuwen, nieren en hart- en bloedvaten
Altijd vragen of de patiënt goed is ingesteld
3