100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Tanto en línea como en PDF No estas atado a nada 4,6 TrustPilot
logo-home
Resumen

Samenvatting: Inleiding Methodenleer

Puntuación
-
Vendido
-
Páginas
51
Subido en
19-09-2025
Escrito en
2024/2025

Deze samenvatting is gebaseerd op het leerjaar 2024/2025 en de daarbij behorende leerstof. Ik heb zelf een 7,5 gehaald met deze samenvatting.

Institución
Grado











Ups! No podemos cargar tu documento ahora. Inténtalo de nuevo o contacta con soporte.

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
19 de septiembre de 2025
Número de páginas
51
Escrito en
2024/2025
Tipo
Resumen

Temas

Vista previa del contenido

Inleiding methodenleer:
Module 1: Wat is de wetenschap?
Er zijn twee verschillende rollen te onderscheiden tussen soorten psychologen:
1. De ene wil graag de producent van onderzoeken zijn. Zij willen eigen onderzoeken
naar buiten brengen. Ook werken ze nauwkeurig (data) en houden ze zich aan de
richtlijnen (apa).
2. En de ander wil graag consument van onderzoeksinformatie worden. Zij lezen graag
onderzoeken om deze toe te passen in hun leven. Consument zijn is belangrijk
doordat er op die manier kritisch naar onderzoeken wordt gekeken. Hieruit kunnen ze
halen of een onderzoek wel of niet werkt.
> Psychologen moeten deze rollen beide kunnen gebruiken: kunnen plannen hoe je
onderzoek gaat uitvoeren, nieuw onderzoek creëren, maar ook het werk van andere
psychologen kunnen besturen.
- “Empirisme” in onderzoek doen (= het gebruiken van verifieerbaar bewijs als de
basis voor conclusies én data verzamelen om een theorie te ontwikkelen, versterken
of tegenspreken)

Benoem vijf gewoontes die het werk van onderzoekers beschrijven:
1. Empiristisch zijn tijdens onderzoeken. Hieronder valt ook “beloven” dat de
resultaten van sommige onderzoeken kloppen (bijv. concluderen dat alle raven zwart
zijn kan niet, want je hebt niet elke raaf gezien). Ook stellen ze eerst het onderzoek
in twijfel (als het niet overeenkomt met de theorie) en dan pas de theorie.

2. Het testen van theorieën door te onderzoeken en deze aan te passen wanneer
nodig.

3. Het volgen van specifieke normen (objectiviteit of eerlijkheid).
Er zijn vier normen:
- Universeel (= iedereen kan aan wetenschap doen)
- Communicatief (= onderzoekers moeten transparent hun werk delen met de
buitenwereld)
- Gedesinteresseerd (= onderzoekers mogen geen emoties linken aan de data van
de onderzoeken, en de resultaten accepteren)
- Georganiseerd sceptisme (= onderzoekers gaan niet af op aannames, maar willen
altijd bewijs zien).

4. Een empirische aanpak bij toegepaste- en basis onderzoeken.
Toegepast onderzoek is een onderzoek naar een praktisch probleem in de “echte” wereld,
bijvoorbeeld onderzoek welk van de twee lesprogramma's het best werkt. Basis onderzoek
is het willen verdiepen in een specifiek onderwerp (niet per se een probleem) bijvoorbeeld
het brein. Transitioneel onderzoek is de overgang tussen toegepast- en basis onderzoek.

5. Het publiceren van onderzoeken.
- Journal (= tijdschrift waarin onderzoekers hun onderzoeksresultaten publiceren).
Om in een journal te komen wordt het onderzoek via de editor eerst door peer-
reviewers kritisch bekeken. Zij zijn experts op het gebied van dat onderzoek. Met
hun feedback past de auteur het stuk aan, hierna kijkt de editor of hij het onderzoek
nog steeds bij zijn tijdschrift vind passen.

, - Journalisme zorgt ook voor meer onderzoek publiciteit onder de mensen. Wel
worden deze vaak interessanter gemaakt dan dat ze daadwerkelijk zijn.

De theorie-data cyclus:
(= onderzoekers zijn bereid hun hypothese éérst publiekelijk te maken, voor ze de data
verzamelen)
- Dit doen ze om geloofwaardig over te komen. Zouden ze namelijk meteen de data
verzamelen, dan zal iedereen denken dat ze de uitkomsten al zullen weten.

Falsificatie:
(= het mogelijk maken van observaties doen die niet in lijn zijn met de theorie)
- Als een theorie niet falsifieerbaar is, zijn alle observatie mogelijkheden in lijn met de
theorie. Voorbeeld: de hersenen worden bestuurd door groene mannetjes, maar als
ze je zien verstoppen ze zich.
Als je de mannetjes wel zou vinden, kun je zeggen dat ze zich niet goed hebben maar er
dus wel zijn. Als je de mannetjes niet zou vinden, zou je zeggen dat ze zich hebben verstopt.

- Als we theorieën niet zouden falsificeren, dan zou iedereen aan zijn/haar theorie
kunnen blijven vasthouden en komen we nooit de “waarheid” te weten.

- Voorbeeld: uit de comfort/eet-studie met de apen kwam een duidelijke voorkeur voor
comfort naar voren. Maar als het andersom zou zijn, zou de conclusie kunnen
worden getrokken dat hun voorkeur naar eten uit zou gaan.

Wetenschappelijke methode:
(= bereid zijn observaties (of hypotheses) te testen)

Stappen van de empirische cyclus, De Groot:
1. Observatie, verzamelen en groeperen
van empirische feiten.
2. Theorie, aan de hand van een
observatie vorm je een theorie.
3. Voorspelling, een specifieke
voorspelling maken van de resultaten.
4. Toetsing, het meetbaar maken van de
veranderingen.
5. Evaluatie, kijken wat de resultaten voor
de theorie betekenen.

Voorbeeld: Je observeert dat jouw keuken
rommeliger is, dan die van jouw vriendin. De
theorie die je hier aan linkt is dat jouw
huisgenoten de vaat vergeten te doen, dus je
moet ze net als jouw vriendin hieraan
herinneren met een sticker. Hierbij is de
voorspelling dat de keuken opgeruimd zal zijn. Ik toets dit door voor de sticker de vieze
borden te tellen en na de sticker de vieze borden te tellen.

,Module 2: Wanneer en waarom zijn wetenschappelijke claims een goede bron van
informatie?
Hoofdstuk 2: Bronnen van informatie
Eigen ervaringen hebben geen vergelijkingsgroep:
- Een vergelijkingsgroep (= een groep waarmee we kunnen vergelijken wat er zou
gebeuren als we iets wel en niet doen) > Mensen die een “rage” game spelen en
mensen die dat niet doen.
> Een ander voorbeeld hiervoor waren dokters in 1800 die dachten het medicijn voor
borstkanker te hebben. Ze verwijderde grote delen van de borst en stukken hier om heen.
Echter werkte dit helemaal niet. Maar omdat ze zo overtuigd waren over deze methode en
ze geen groep hadden om dit mee te vergelijken, bleef deze methode tot 1970 gebruikt.

- Je conclusies baseren op systematische data die je verzamelt zal je meteen
antwoord geven of iets werkt (in het geval van de “rage” game: het verschil in
agressiviteit wanneer je het spel wel en niet speelt). Ook kun je achter methodes
komen die nog beter werken.
- De focus bij redeneren vanuit eigen ervaringen ligt te erg op de present-present cel.
In het voorbeeld uit het filmpje ligt de nadruk alleen op “banaan en cola” en “kater
weg om 4 uur” waardoor je een foute conclusie trekt, omdat deze uitkomst present
voor jou is.

Eigen ervaringen zijn verwarrend:
- Eigen ervaringen zijn verwarrend omdat er veel gebeurd in het dagelijks leven. Door
conclusies te trekken op basis van eigen ervaringen, is het moeilijk te achterhalen
“waarom” iets nou heeft gewerkt. Bijvoorbeeld met een “rage” game spelen. Voel ik
me minder boos omdat ik vandaag dat spel heb gespeeld? Of omdat ik vanochtend
yoga heb gedaan?
- In eigen ervaringen symboliseert dit gewoon meerdere antwoorden op mijn vraag.
Maar in het onderzoek worden deze opties confounds genoemd. Deze speelt op als
je in een onderzoek een oorzaak-gevolg conclusie wil trekken, maar andere factoren
in het onderzoek veranderen ook. Dit zorgt voor verwarring. Wat is nou de oorzaak
en het gevolg?
- In eigen ervaringen is het lastig deze verwarringen weg te halen, omdat je niet zelf
overal een verklaring voor hebt. In onderzoeken is het belangrijk één factor tegelijk te
veranderen. Op die manier blijft de oorzaak-gevolg relatie duidelijk.

Onderzoek is beter dan eigen ervaringen:
- De confounds die in onderzoeken naar voren komen, kunnen natuurlijk worden
getest. In een onderzoek over de “vending van rage” kwam hierdoor een ander
antwoord naar boven dan verwacht. De hypothese was dat de mensen die hun rage
konden venden (slaan op een boksbal), minder agressief werden. Maar zij waren
juist agressiever dan de mensen die 2 minuten niks mochten doen.
- Door de vergelijkingsgroepen kan de onderzoeker een weloverwogen keuze maken.
Hij kijkt ook van buitenaf waardoor hij de resultaten van meerdere mensen mee kan
nemen. Terwijl in je eigen ervaringen kijk je alleen naar jezelf. Hierdoor krijg je geen
volledig beeld en blijf je meestal maar bij een optie.

, - Ook kun je in onderzoek proberen confounds te voorkomen. In dit onderzoek worden
verschillende effecten van agressie onderscheiden. Maar in eigen ervaringen komen
al deze effecten bij elkaar, waardoor verwarring kan ontstaan.
- Confederate (= een acteur die in een onderzoek een specifieke rol speelt)

Onderzoeksresultaten zijn probabilistisch:
Probabilistisch (= resultaten van een onderzoek geven geen oplossing voor elke mogelijke
optie, maar alleen voor de onderzochte factoren)
- Jouw eigen ervaring is maar één onderdeel in de vergelijkingsonderzoeken die
worden uitgevoerd. De resultaten die uit dit onderzoek komen zijn van meerdere
mensen bij elkaar. Het kan dus zijn dat de resultaten niet overeenkomen met jouw
persoonlijke ervaring (uit onderzoek blijkt dat Honda een van de beste automerken
is, maar jouw nicht heeft altijd problemen met haar Honda, dan is haar ervaring een
soort uitzondering). Dit stelt niet dat het onderzoek niet klopt, maar dat er verschil zit
tussen mensen hun ervaringen.

Intuïtie: manieren waarop intuïtie in bias veranderd:
1. Verleid worden door een goed verhaal, goede verhalen voelen natuurlijk aan en
geloven we vaak sneller. Een goed verhaal zorgt ervoor dat we intuïtief gaan denken
en dat onze conclusie dus niet met de onderzoeksresultaten overeen zal komen.
Voorbeeld: In een onderzoek werd onderzocht of studenten minder snel criminele activiteiten
zouden uitvoeren als ze een gevangenis van binnen hadden gezien. Dit verhaal klinkt
logisch en goed, maar in de resultaten werd het tegendeel bewezen. Ze waren juist sneller
geneigd criminele activiteiten uit te gaan voeren.

2. Verleid worden door wat snel in je opkomt. Beschikbaarheidsheuristiek (= je
conclusie baseren op vorige ervaringen en de beschikbaarheid van het onderwerp).
Voorbeeld: Als je iemand zou vragen of er meer mensen dood gaan aan een haai, dan aan
het maken van selfies, zou iedereen zeggen door de haai. Dit is omdat die informatie voor
meesten mensen meer beschikbaar is (bijv. door films en nieuws).

3. Vergeten na te denken over datgene wat je niet ziet. Present bias (= de fout die
we maken door niet te kijken naar dingen die missen). We geven vaak alleen
aandacht aan dingen die wel gebeuren en vergeten hierbij de dingen die niet
gebeuren mee te nemen.
Voorbeeld: Een oude vriend appt je terwijl je net toevallig aan hem zit te denken. Je denkt
dat dit een wonder is. Maar hierbij vergeet je mee te nemen dat alle keren dat je aan iemand
dacht, zij jouw niet appten.

4. Focussen op bewijs dat we het leukst vinden. Confirmation bias (= we zijn
alleen op zoek naar bewijs dat bij ons overtuigingen past).
Voorbeeld: In een onderzoek gingen mensen die te horen krijgen dat ze een laag IQ
hebben, langer kijken naar een artikel over “de kritiekpunten van een IQ test”. Mensen die te
horen kregen een hoog IQ te hebben, keken langer naar artikelen die IQ testen
ondersteunen. Om zo hun overtuiging te bewijzen.

5. Gebiased worden over biases. Bias blind spot (= zelfs als we weten dat biases
bestaan, geloven we niet dat die voor ons gelden). Mensen denken ook vaak dat zij
$9.35
Accede al documento completo:

100% de satisfacción garantizada
Inmediatamente disponible después del pago
Tanto en línea como en PDF
No estas atado a nada

Conoce al vendedor
Seller avatar
juliekeusters

Conoce al vendedor

Seller avatar
juliekeusters Tilburg University
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
2
Miembro desde
4 meses
Número de seguidores
0
Documentos
15
Última venta
2 semanas hace

0.0

0 reseñas

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recientemente visto por ti

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes