H5: SOCIALE BEÏNVLOEDING
Sociale beïnvloeding = de uitoefening v sociale macht door een persoon of een groep om
de attitudes en/of het gedrag van anderen te veranderen
Sociale invloed kan verschillen in vorm en omgang
Automatische sociale invloed
Groepsdruk
1. AUTOMATISCHE SOCIALE BEÏNVLOEDING
Mensen hebben de neiging om elkaar automatisch te imiteren
vb geeuwen
onderzoek In midden van straat plots blijven staan en naar boven kijken
Hoe meer medewerkers naar boven keken, hoe meer toevallige passanten ook
opkeken
Als 1 medewerker naar boven keek : slecht 4% ook naar boven kijken
Kameleoneffect = het automatisch nabootsen van gelaatsuitdrukkingen, mimiek en
gedragingen van interactiepartners
- imitatie heeft een sociaal ondersteunende functie: je maakt duidelijk dat je de
ander begrijpt, ander heeft het idee dat ze begrepen wordt => vlottere interactie
2. CONFORMITEIT
Conformiteit = de neiging om percepties, opinies en gedrag te veranderen, zodat ze in
overeenstemming zijn met de geldende normen vd groep
normen = overtuigingen die het gedrag richting geven, gebaseerd op wat de groep als
typische of wenselijke gedragingen beschouwt
conformisme noodzakelijk in dagelijkse leven: in auditorium luisteren als de rest of anders
doen?
- Mensen geven vaak niet toe dat ze zich aan groepsnormen conformeren (vooral
westerse culturen)
we proberen onszelf en andere ervan te overtuigen dat we onafhankelijk zijn
2.1 DE KLASSIEKE STUDIES
Autokinetisch effect (sherif) = een visuele illusie
- Lichtpunt zien in donkeren ruimte -> gevoel dat licht op en neer beweegt
- Meeste deelnemers schatten uitwijkafstand tussen 2,5-25 cm
- Eerst werd er gevraagd aan deelnemers om te schatten over welke afstand het licht
verplaatste
- Norm werd vastgelegd -> deelnemers werden verdeeld in 3 groepen in 3 dagen
, - individuele oordeling na groepsessies lagen dichter bij elkaar, na derde sessie
evolueerden iedere groep naar een gemeenschappelijk oordeel
normatieve groepsdruk (asch) = de invloed die leden van een groep op elkaar uitoefenen
om zich aan te passen aan de normen, waarden en gedragingen van die groep
- experiment: kaart getoond met 3 lijnen met verschillende lengte
- Taak was om aan te duiden welke lijn even groot was als standaardlijn
- Er was 1 proefpersoon > alle andere deelnemers geven het fout antwoord > ga je
correct antwoorden of meegaan met de groep
37% sloten zich aan bij de foute antwoorden
de helft vd deelnemers volgden ten minste de helft vd foutieve antwoorden
2.2 WAAROM CONFORMEREN WE ONS?
Meerderheidsinvloed verloopt obv twee verschillende processen
1) informatieve beïnvloeding = invloed die leidt tot conformiteit omdat men de
behoefte heeft om correcte oordelen en opinies te vormen
wanneer velen een zelfde oordeel delen, kan dit niet anders dan correct zijn bv sherif
2) normatieve beïnvloeding = invloed die leidt tot conformiteit omdat men de
behoefte heeft om aanvaard te worden en sympathiek over te komen, waardoor men
afwijkend gedrag vermijdt
deelnemers die van de groep afwijken, vertonen activiteit in de hersenen voor
negatieve emoties bv asch
individuen die van de groepsnorm afwijken, worden bespot en uitgelachen of
zelfs gevaar lopen om uit de groep gezet te worden
de twee vormen van beïnvloeding leiden tot verschillende effecten
- private conformiteit: de verandering verwijst niet enkel naar de aanpassing vh
gedrag in bijzijn v andere, maar ook in eigen opvattingen
= echte aanvaarding of conversie
individu is ervan overtuigd dat andere juist antwoorden en volgen daarom de
groep
- Publieke conformiteit: een oppervlakkige gedragsverandering veroorzaakt door reële
of vermeende groepsdruk zonder dat er een overeenkomstige meningsverandering
optreedt
Type conformiteit onderscheiden
Private antwoorden - motivatie
Sociale beïnvloeding = de uitoefening v sociale macht door een persoon of een groep om
de attitudes en/of het gedrag van anderen te veranderen
Sociale invloed kan verschillen in vorm en omgang
Automatische sociale invloed
Groepsdruk
1. AUTOMATISCHE SOCIALE BEÏNVLOEDING
Mensen hebben de neiging om elkaar automatisch te imiteren
vb geeuwen
onderzoek In midden van straat plots blijven staan en naar boven kijken
Hoe meer medewerkers naar boven keken, hoe meer toevallige passanten ook
opkeken
Als 1 medewerker naar boven keek : slecht 4% ook naar boven kijken
Kameleoneffect = het automatisch nabootsen van gelaatsuitdrukkingen, mimiek en
gedragingen van interactiepartners
- imitatie heeft een sociaal ondersteunende functie: je maakt duidelijk dat je de
ander begrijpt, ander heeft het idee dat ze begrepen wordt => vlottere interactie
2. CONFORMITEIT
Conformiteit = de neiging om percepties, opinies en gedrag te veranderen, zodat ze in
overeenstemming zijn met de geldende normen vd groep
normen = overtuigingen die het gedrag richting geven, gebaseerd op wat de groep als
typische of wenselijke gedragingen beschouwt
conformisme noodzakelijk in dagelijkse leven: in auditorium luisteren als de rest of anders
doen?
- Mensen geven vaak niet toe dat ze zich aan groepsnormen conformeren (vooral
westerse culturen)
we proberen onszelf en andere ervan te overtuigen dat we onafhankelijk zijn
2.1 DE KLASSIEKE STUDIES
Autokinetisch effect (sherif) = een visuele illusie
- Lichtpunt zien in donkeren ruimte -> gevoel dat licht op en neer beweegt
- Meeste deelnemers schatten uitwijkafstand tussen 2,5-25 cm
- Eerst werd er gevraagd aan deelnemers om te schatten over welke afstand het licht
verplaatste
- Norm werd vastgelegd -> deelnemers werden verdeeld in 3 groepen in 3 dagen
, - individuele oordeling na groepsessies lagen dichter bij elkaar, na derde sessie
evolueerden iedere groep naar een gemeenschappelijk oordeel
normatieve groepsdruk (asch) = de invloed die leden van een groep op elkaar uitoefenen
om zich aan te passen aan de normen, waarden en gedragingen van die groep
- experiment: kaart getoond met 3 lijnen met verschillende lengte
- Taak was om aan te duiden welke lijn even groot was als standaardlijn
- Er was 1 proefpersoon > alle andere deelnemers geven het fout antwoord > ga je
correct antwoorden of meegaan met de groep
37% sloten zich aan bij de foute antwoorden
de helft vd deelnemers volgden ten minste de helft vd foutieve antwoorden
2.2 WAAROM CONFORMEREN WE ONS?
Meerderheidsinvloed verloopt obv twee verschillende processen
1) informatieve beïnvloeding = invloed die leidt tot conformiteit omdat men de
behoefte heeft om correcte oordelen en opinies te vormen
wanneer velen een zelfde oordeel delen, kan dit niet anders dan correct zijn bv sherif
2) normatieve beïnvloeding = invloed die leidt tot conformiteit omdat men de
behoefte heeft om aanvaard te worden en sympathiek over te komen, waardoor men
afwijkend gedrag vermijdt
deelnemers die van de groep afwijken, vertonen activiteit in de hersenen voor
negatieve emoties bv asch
individuen die van de groepsnorm afwijken, worden bespot en uitgelachen of
zelfs gevaar lopen om uit de groep gezet te worden
de twee vormen van beïnvloeding leiden tot verschillende effecten
- private conformiteit: de verandering verwijst niet enkel naar de aanpassing vh
gedrag in bijzijn v andere, maar ook in eigen opvattingen
= echte aanvaarding of conversie
individu is ervan overtuigd dat andere juist antwoorden en volgen daarom de
groep
- Publieke conformiteit: een oppervlakkige gedragsverandering veroorzaakt door reële
of vermeende groepsdruk zonder dat er een overeenkomstige meningsverandering
optreedt
Type conformiteit onderscheiden
Private antwoorden - motivatie