Prof. Van den Broeck
Broeck
2024-2025
[ANONIEM]
,Inhoud
1. HJEU ................................................................................................................ 4
1.1 Wat omvat HJEU? ....................................................................................... 4
1.2 Samenstelling Hof van justitie ..................................................................... 5
1.3 Samenstelling Gerecht ............................................................................... 6
1.4 Meerlagige rechtsbescherming .................................................................... 8
1.5 Kan de europese commissie obv art. 19 VEU een inbreukprocedure starten tegen
een lidstaat? JA ..................................................................................................... 9
1.6 Volledige rechtsbescherming ......................................................................... 10
1.7 Bevoegdheden van HJEU ................................................................................ 11
1.8 Wie mag optreden voor het HJEU? .................................................................. 14
2. Rechtstreekse procedures (258 VWEU) ................................................................ 15
2.1 Waarom deze rol voor de Commissie? ............................................................. 15
2.2 SOLVIT – Alternatieve oplossing voor EU-problemen ........................................ 16
2.3 Hoe handelt de commissie indien ze op de hoogte is van een EU-overtreding door
een EU-lidstaat? ................................................................................................. 17
2.4 Kan de commissie een inbreukdossier starten wegens nationale rechtspraak die
niet in overeenstemming is met EU-recht? ............................................................ 19
2.5 Wat indien de EU-lidstaat niet overgaat tot uitvoering van het arrest van het Hof?
Art. 260 lid 2 VWEU (2e procedure)........................................................................ 19
2.6 Bijzondere inbreukprocedure: (art. 260 lid 3 VWEU) ......................................... 21
2.7 Rechtstreekse procedure tussen lidstaten (259 VWEU) .................................... 24
2.8 Adviesprocedure (218, lid 11 VWEU) ............................................................... 26
2.9 Rechtstreekse procedure: beroep tot nietigverklaring of annulatieberoep (263
VWEU) ............................................................................................................... 27
2.9.1 Vallen alle niet-wetgevingshandelingen onder begrip
regelgevingshandelingen? JA ............................................................................ 30
2.10 Beroep wegens nalaten (265 VWEU) .............................................................. 34
2.11 Beroep tot schadevergoeding tegen EU (268 VWEU j° 340 VWEU) .................... 34
3. Onrechtstreekse procedure (267 VWEU) ........................................................... 35
3.1 Wat is prejudiëcele procedure? ...................................................................... 35
3.2 Wie kan prejudiciële procedure instellen? ....................................................... 36
3.3 Hoe moet een prejudiciële vraag geformuleerd worden? .................................. 37
, 3.4 Waarover?..................................................................................................... 37
3.5 Wanneer? Verwijzingsrecht ............................................................................ 37
3.6 Kan dit verwijzingsrecht worden beperkt door nationaal recht? ......................... 38
3.7 Wat indien de nationale rechter verzaakt aan zijn verwijzingsplicht? .................. 40
3.8 Gevolgen van een uitleggingsarrest/prejudiciële uitspraak? .............................. 40
4. Doorwerking van het materieel EU-recht in het nationaal recht .............................. 42
4.1 Doorwerking EU-verdragsbepalingen .............................................................. 42
4.2 Doorwerking van secundair EU-recht .............................................................. 43
5. Inbreuken ....................................................................................................... 47
, 1. HJEU
1.1 Wat omvat HJEU?
Artikel 19, lid 1, alinea 1 VEU:
“1. Het Hof van Justitie van de Europese Unie omvat het Hof van Justitie, het Gerecht en gespecialiseerde
rechtbanken. Het verzekert de eerbiediging van het recht bij de uitlegging en toepassing van de Verdragen.”
Casus: denk jij dat jouw cliënt terechtkan in Luxemburg?
• Kan hij terecht bij het Hof van Justitie, het Gerecht of de gespecialiseerde rechtbanken?
• Altijd die drie bedoelen!
Veelgemaakte fout: Europees recht
• Als er een nummer voorafstaat, is het altijd art. 19, lid 1
• Als er geen nummer staat: art. 19, alinea 1
Diagram:
• Hof van Justitie (opgericht in 1952 – aangeduid met C)
• Gerecht (opgericht in 1989 – aangeduid met T)
• Gespecialiseerde rechtbanken (opgericht in 2004 – aangeduid met F, maar afgeschaft in 2016 en
opgenomen in het Gerecht)
Op dit moment zijn er geen gespecialiseerde rechtbanken, dus mag je in de codex 'gespecialiseerde
rechtbanken' doorstrepen.
➔ HVJEU bevat nu het Hof van Justitie en het Gerecht
Waarom werd het Gerecht opgericht?
Het Hof van Justitie bestond al heel lang, maar kreeg te veel werk. Daarom werd in 1989 het Gerecht opgericht.
Om te kunnen zien bij welk orgaan een zaak thuishoorde, werd het zaaknummer anders weergegeven.
Zaaknummers bestaan uit twee cijfers (bv. 2/23):
• 2 = 2e zaak
• 23 = ingediend in jaar 2023
Letteraanduidingen:
• C = zaak van het Hof (La Cour)
, • T = zaak van het Gerecht (Le Tribunal)
2004: gespecialiseerde rechtbank opgericht
• Gericht op ambtenarenzaken (geschillen tussen EU-ambtenaren en hun werkgever)
• Aangeduid met F (La fonction publique)
• Afschaffing in 2016: bevoegdheden overgegaan naar het Gerecht
➔ Het Gerecht werd hervormd en kreeg extra rechters
1.2 Samenstelling Hof van justitie
Artikel 19 VEU: “2. Het Hof van Justitie bestaat uit één rechter per lidstaat.
Het wordt bijgestaan door advocaten-generaal. Het Gerecht telt ten minste één rechter per lidstaat. De rechters
en de advocaten-generaal van het Hof van Justitie en de rechters van het Gerecht worden gekozen uit personen
die alle waarborgen voor onafhankelijkheid bieden en voldoen aan de voorwaarden bedoeld in de artikelen 253
en 254 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.
Zij worden in onderlinge overeenstemming door de regeringen van de lidstaten voor zes jaar benoemd.
De aftredende rechters en advocaten-generaal zijn herbenoembaar.”
1. Rechters
• Het Hof van Justitie (HvJ) bestaat uit 1 rechter per lidstaat, dus in totaal 27 rechters.
• Voorbeeld: België wordt vertegenwoordigd door Koen Lenaerts (°1954), die zijn carrière begon bij het
Gerecht.
➔ Hij is vandaag een van de invloedrijkste figuren in de EU, en staat op gelijke hoogte met de
voorzitters van:
o de Europese Raad (vb. Charles Michel),
o de Europese Commissie, en
o het Europees Parlement.
• Rechters vergaderen jaarlijks in informele setting voor afstemming en overleg.
2. Advocaten-generaal
Aantal en aanduiding:
• Rechters laten zich bijstaan door onafhankelijke juridische adviseurs, genaamd advocaten-generaal.
• In de regel zijn er 11 advocaten-generaal, maar dit aantal kan gewijzigd worden:
o Volgens artikel 252, alinea 2 VWEU kan de Raad van de EU dit aanpassen.
o In 2013 werd het aantal uitgebreid tot 15 advocaten-generaal.
o 5 lidstaten hebben altijd recht op een eigen advocaat-generaal:
▪ Frankrijk, Duitsland, Italië, Spanje en Polen
o Andere lidstaten leveren de overige advocaten-generaal op basis van roulatie.
, Functie:
• De advocaten-generaal hebben een juridische en adviserende rol bij het HvJ.
• Zij geven een met redenen omklede conclusie over de zaak, volledig onafhankelijk en onpartijdig.
• Volgens art. 252 VWEU: “In het openbaar en volkomen onpartijdigheid en onafhankelijkheid met
redenen omklede conclusies geven over zaken waarin volgens het statuut van het Hof van Justitie van
de Europese Unie vereist is.”
• ➔ Ze worden daarom ook wel omschreven als:
o het juridisch adviesorgaan van het Hof
o een soort openbaar ministerie
Praktijk:
• Er is bijna altijd een conclusie in een zaak, behalve als:
o de zaak zeer eenvoudig is,
o er al duidelijke rechtspraak over bestaat,
o of de advocaat-generaal niet beschikbaar is.
• De conclusie wordt niet bindend, maar vaak gevolgd door het Hof.
1.3 Samenstelling Gerecht
Artikel 19 VEU – Basis voor het Gerecht
“Het Gerecht telt ten minste één rechter per lidstaat.”
➔ In tegenstelling tot het Hof van Justitie (exact 1 rechter per lidstaat), geldt hier minstens 1 rechter per
lidstaat.
• De rechters moeten:
o onafhankelijk zijn
o voldoen aan de voorwaarden van art. 253 en 254 VWEU
o worden benoemd door de regeringen van de lidstaten, voor zes jaar
o zijn herbenoembaar
Zwart gemarkeerd: "één rechter per lidstaat"
Rood gemarkeerd: "ten minste" – dit onderscheidt het Gerecht van het Hof
2. Rechters in het Gerecht: Aantal en rol
• Sinds 29/09/2019: 2 rechters per lidstaat → totaal 54 rechters
• Reden: stijgend aantal zaken en procedures
• Voorbeeldrechters:
o Paul Nihoul
o Geert De Baere
Advocaten-generaal?
• In principe geen advocaten-generaal bij het Gerecht