23/11/2021
- Periode tot 1 november 2018: sprake over handels en economisch recht
Handelsrecht: leven van de handelaar, diegene die actief was (economisch) in bedrijf of zelfstandig
Handelsrecht = burgerlijk recht (= bepaalt ons functioneren, regelt ons begin: geboorte en einde:
dood) , maar dan voor handelaars -> vanaf wanneer ben je handelaar, wat zijn je verplichtingen,
regels/technieken voor drijven van handel, handelsovereenkomsten, etc. + einde van de handelaar:
faillissement
Economisch recht: regels hoe je je moest gedragen op de markt (voor een stuk publiek recht) -> bv.
solden onder bepaalde voorwaarden, voorwaarden die concurrentie beperken mag niet
- Vanaf 1 november 2018: sprake van ondernemingsrecht
Ondernemingsrecht: - economisch recht
- vennootschapsrecht
Economisch recht: - privaat economisch recht: ondernemingsrecht in de enge zin (alles wat vroeger
onder handelsrecht viel)
- publiek economisch recht: hoe dat je je op de markt moet gedragen (vroeger bij
economisch recht) -> voor de overheid is dit sturend recht, want ze proberen economie te sturen
door structureel te sturen (regels voor marktstructuur bv. geen misbruik van machtspositie) +
conjunctuur sturen (door bv. prijsbeleid, als inflatie heel hoog wordt, kan overheid prijspolitiek
voeren voor bepaalde producten door maximumprijzen te zetten)
- Wat zijn bronnen van ondernemingsrecht?
1. Wetboek van economisch recht (WER)
-> bestaat uit allemaal verschillende boeken (van boek I tot boek XX) + ieder boek behandelt aparte
materie (bv. boek I heeft allemaal definities, boek XX is over insolventiewetgeving: faillissement)
Ieder boek begint bij nieuwe nummering (bv. boek XX begint met XX.1, XX.2, etc.)
2. Internationaal recht
3. Europees recht
4. Bijzondere wetgeving (bv. federale wetgeving, decreten, ordonnanties, …)
5. Gebruiken (soms bron van regels in ondernemingsrecht, bv. splitsbaarheid en hoofdelijkheid: in
burgerlijk recht is regel splitsbaarheid, maar in ondernemingsrecht is het hoofdelijkheid)
- Wat gaan we de komende colleges zien?
-> Hoofdstuk 1
-> Hoofdstuk 3: betrekking tot technieken om handel te drijven
-> Hoofdstuk 9: faillissementsrecht
-> Hoofdstuk 5: betrekking tot waardepapieren
,Hoofdstuk 1: Algemene regels in zake ondernemingsrecht
- Begrip onderneming: sleutelbegrip waardoor bepaalde wetgeving toepasselijk wordt
- Wie is onderneming?: artikel I.1: volgende 3 worden beschouwd als onderneming:
Ieder natuurlijk persoon die zelfstandig beroepsactiviteit uitvoert
Natuurlijke personen: fysieke personen, mensen van vlees en bloed
Zelfstandig: activiteit die je moet uitoefenen, oefen je uit voor je eigen rekening (geen
ambtenaar of werknemer zijn)
Beroepsactiviteit: 1. Er moet sprake zijn van economische activiteit (aanbieden goederen en
diensten) + 2. Er moet duurzaamheid zijn in de activiteit (er moet een zekere regelmaat/
frequentie, organisatie in zitten)
Iedere rechtspersoon
Rechtspersoon: het recht erkent je (voornaam, familienaam, nationaliteit, adres) en je
bent volledig handelingsbekwaam (je kan contracten sluiten, mensen dagvaarden, …)
Recht staat toe dat je entiteit/vennootschap opricht die je niet ziet (op papier erkend) en
die volledig los staat van andere mensen en heeft dezelfde kenmerken als jij hebt (bv.
naam, adres, nationaliteit, handelingsbekwaam: kan mensen dagvaarden/gedagvaard
worden, …)
Bv. NV (= naamloze vennootschap), BV, vzw
Je hoeft geen economisch doel te hebben (zoals bij natuurlijke personen), dus ook
tandartsen, architecten (vrije beroepers) die vennootschap oprichten, zijn onderneming
en rechtspersoon
Iedere andere organisatie zonder rechtspersoonlijkheid
= feitelijke verenigingen: organisaties van mensen waar je geen juridische vorm aan
geeft, bv. sportverenigingen, jeugdbeweging
Uitzonderingen (geen onderneming):
- Iedere organisatie zonder rechtspersoonlijkheid die geen uitkeringsoogmerk (geen
uitkeringen doen aan leden of bestuursleden) heeft
- Publiekrechtelijke rechtspersonen die geen goederen of diensten aanbieden:
overheidsdiensten die niks verkopen, bv. RSZ
- Publiekrechtelijke entiteiten: federale staat, de gewesten en gemeenschappen, de
provincies, OCMW’S
- Bij faillissementsrecht: alle overheidsdiensten en publiekrechtelijke rechtspersonen
uit begrip onderneming halen
, - Handelszaak/handelsfonds:
Wat?: in recht bestaat er geen definitie voor handelszaak MAAR we weten wat het is:
geheel van middelen waarmee een onderneming drie dingen doet (onderneming
voeren, klanten aantrekken en klanten probeert te behouden)
+ iedere onderneming heeft dit, je kan handelszaak als waarborg geven
Handelszaak blijft feitelijkheid: alle soort van zake die handelszaak uitmaken, geval
per geval bepalen: als ondernemingen transacties sluiten, bv. bij verkopen, kan je het
omschrijven in document dat je opstelt (bv. handelszaak bestaat uit bakinstallatie, …)
Wat als je niets omschrijft (welke elementen deel uitmaken van handelszaak)?
-> wet uit 1919 (recent afgeschaft) gaf aan wat deel uitmaakt van handelszaak:
- geheel van waarden die bestaan uit uithangbord, dus lichtbak aan gevel
- handelsinrichting, bv. bij frituur: alle stoelen, kasten, koeltoog,
- merken (als je handel drijft onder bepaald merk)
- recht op huursale: als gebouw gehuurd wordt, dan maakt huurcontract
ook deel uit van handelszaak
- meubilair van magazijn
- gereedschappen, bv bij frituur: bakinstallatie, ...
Behoort nooit tot handelszaak:
- onroerend goed: bv. frituur is eigendom van mevrouw Y die tegelijkertijd gebouw
waarin frituur zit verkoopt -> frituur is handelszaak en gebouw niet en moet ze apart
verkopen
- cash geld: als je handelszaak verkoopt, verkoop je kassa maar niet het cash geld
- schulden die men heeft: schulden zijn altijd persoonlijk
Klanten?
Op zich maken ze geen deel uit van handelszaak want je hebt er geen vat op. Je kan
ze niet gaan verkopen aan volgende klant, dus het is res nullius.
MAAR wet 1919: niet-concurrentiebeding maakt WEL deel uit van handelszaak -> als
je handelszaak verkoopt, mag je niet onmiddellijk klanten afwerven van nieuwe eigenaar.
Bv. je hebt heel goed draaiende frituur die je verkoopt, mag je niet op 200 meter verder
nieuwe frituur openen (want klanten gaan je volgen)
- Verschilpunten tussen het burgerlijk recht en het ondernemingsrecht
Verschillen in twee zaken: bewijsvoering/bewijsregels en bevoegde rechtbanken
Bewijsregels
- Wat?: met bewijsregels alles proberen te bewijzen (bestaan overeenkomst,
inhoud overeenkomst, etc.)