Week 5: Stress en Posttraumatisch Stress Disorder
Artikel 1: Stress – Its meaning, impact, and sources (Sarafino 2014)
Veel mensen zeggen "ik sta onder stress" als ze zich overweldigd voelen. Toch
is stress als wetenschappelijk begrip lastig te definiëren, omdat het uit meerdere
componenten bestaat.
Twee hoofdbestanddelen van stress:
1. Fysiek: een directe lichamelijke uitdaging (zoals ziekte of pijn).
2. Psychologisch: hoe iemand omstandigheden ervaart of interpreteert.
Drie benaderingen van stress:
1. Stress als stimulus: een stressvolle gebeurtenis of situatie (bijv. een moeilijk
examen of overlijden). Zulke gebeurtenissen worden stressoren genoemd.
2. Stress als respons: de spanning die je voelt in reactie op stressoren. Dit kan
zich uiten in:
o Psychologische reacties: zoals piekeren of angstig zijn.
o Fysiologische reacties: zoals zweten of een versnelde hartslag.
3. Stress als proces: dit is de modernste benadering, waarin transacties tussen
persoon en omgeving centraal staan. Stress ontstaat door voortdurende
interactie tussen de situatie en hoe iemand daarop reageert met gedrag,
emoties en gedachten. Volgens deze benadering is stress niet simpelweg een
stimulus of een reactie, maar een proces waarin de persoon actief bijdraagt
aan de impact van de stressor.
Definitie van stress volgens Lazarus & Folkman (1984): Stress ontstaat als een
persoon een discrepantie waarneemt tussen de fysieke of psychologische eisen van
een situatie (demands) en de middelen (resources) die hij of zij heeft om daarmee om
te gaan. Deze discrepantie kan werkelijk zijn of alleen zo worden beleefd.
Bijvoorbeeld:
Je denkt dat je niet goed voorbereid bent op een toets, maar je bent het
eigenlijk wel → toch voel je stress.
Of je bent echt niet voorbereid → dan is de stress wel gebaseerd op een echte
discrepantie.
Gebeurtenissen als stressvol beoordelen
Stress ontstaat niet alleen door wat er gebeurt, maar vooral door hoe we dat
beoordelen. Dit proces heet cognitive appraisal (cognitieve taxatie) en bestaat uit
twee stappen: primary appraisal (primaire taxatie) en secondary appraisal
(secundaire taxatie).
Dit is het Transactional Model of Stress van Lazarus en Folkman (1984)
beschrijft stress als een proces dat ontstaat uit de interactie (transactie) tussen een
persoon en zijn omgeving. Het stelt dat stress ontstaat als iemand denkt dat de eisen
van de situatie groter zijn dan zijn/haar eigen middelen om ermee om te gaan. Dus
het gaat om de beoordeling (appraisal) van een situatie, niet om de situatie zelf.
,Voorbeeld: Jij denkt dat je te weinig geleerd hebt voor een toets (eis > middelen) →
stress!
Primary appraisal
Bij een mogelijke stressvolle situatie vragen we ons dingen af zoals:
Wat betekent deze situatie voor mij? Bijv: “dit raakt mij emotioneel”
Is dit irrelevant? → Bijvoorbeeld: de klacht gaat meestal vanzelf over.
Is het positief (benign-positive)? → Bijvoorbeeld: ziek zijn is een goede reden om
een toets te missen.
Is het stressvol? → Bijvoorbeeld: angst dat je iets ernstigs hebt zoals
voedselvergiftiging.
Wanneer iets als stressvol wordt beoordeeld, maken we nog een verdere inschatting:
“Wat voor stress voel ik eigenlijk?” Er zijn dan drie vormen van stressperceptie
mogelijk:
Harm-loss: Schade die al is gebeurd. Je kijkt naar wat je al hebt verloren of
wat nu al mis is gegaan. Voorbeeld: Je bent gevallen en hebt pijn de schade is
al aangericht.
Threat: Verwachte schade in de toekomst Je bent bang dat er nog iets ergs
gaat gebeuren. Voorbeeld: Je ligt in het ziekenhuis en maakt je zorgen over
hoge rekeningen, of of je ooit weer kunt werken.
Challenge: Kans om te groeien, maar je moet er wel moeite voor doen. De
situatie is lastig, maar het zou je ook iets positiefs kunnen opleveren als het
lukt. Voorbeeld: Je krijgt een promotie aangeboden. Het is spannend en zwaar,
maar je ziet het als een kans om te laten zien wat je kunt.
Veel mensen ervaren de meeste stress bij harm-loss en threat, maar challenge kan
juist motiveren en positief voelen.
Voorbeeldstudie: Studenten kregen een heftige film te zien over een pijnlijk ritueel:
een besnijdenis van jongens in een primitieve samenleving. De film was voor iedereen
hetzelfde, maar ze kregen verschillende geluidstracks erbij:
1. Zonder geluid
2. Trauma-narratief → "Dit is pijnlijk en gevaarlijk!"
3. Ontkenning van pijn → "De jongens zijn blij, het is een feest!"
4. Wetenschappelijke, afstandelijke toon → "Let op de techniek, het is netjes
uitgevoerd."
Resultaten: Studenten met het trauma-verhaal (groep 2) ervoeren meer stress. Die
met de ontkennende of neutrale uitleg voelden minder stress.
Conclusie: Hoe we een situatie interpreteren bepaalt de mate van stress
Secundary appraisal
Hierbij beoordelen we of we genoeg middelen (resources) hebben om met de situatie
om te gaan:
“Ik kan dit niet aan.”
“Ik probeer het, maar ik heb weinig kans.”
, “Met hulp lukt het me wel.”
“Geen probleem, dit kan ik.”
“Ik heb te weinig tijd”
Als we denken dat we genoeg aankunnen → weinig stress.
Als we denken dat de eisen groter zijn dan onze middelen → veel stress.
Deze inschattingen zijn bepalend voor hoe stressvol iets wordt, en kunnen zelfs
bijdragen aan het ontstaan van ernstige stoornissen zoals PTSS.
Welke factoren leiden tot stressvolle beoordelingen?
Of we iets als stressvol ervaren hangt af van persoonlijke factoren en kenmerken van
de situatie.
Persoonlijke factoren
1. Zelfvertrouwen (self-esteem): Mensen met veel zelfvertrouwen denken
sneller dat ze iets aankunnen. Ze zien iets sneller als een uitdaging dan als
een bedreiging.
2. Motivatie: Hoe belangrijker een doel voor je is, hoe meer stress je voelt als dat
doel bedreigd wordt.
3. Irrationele overtuigingen: Mensen die geloven dat het leven altijd
gemakkelijk en perfect moet zijn, ervaren sneller stress als dat niet zo is.
Voorbeeld: “Als het niet perfect gaat, is alles verpest!” Dit wordt ook
wel perfectionisme genoemd, en dat vergroot de kans op emotionele en
lichamelijke klachten.
Kenmerken van de situatie
Situaties met hoge eisen en die snel gaan gebeuren, worden vaak als stressvol
gezien. Bijvoorbeeld: morgen geopereerd worden is stressvoller dan volgende week je
bloeddruk laten meten.
Hoeveel stress voel je? Dimensies van stress
De mate van stress die je voelt, hangt vaak af van:
Hoe vaak iets gebeurt (frequentie)
Hoe heftig het is (intensiteit)
Hoelang het duurt (duur)
Artikel 1: Stress – Its meaning, impact, and sources (Sarafino 2014)
Veel mensen zeggen "ik sta onder stress" als ze zich overweldigd voelen. Toch
is stress als wetenschappelijk begrip lastig te definiëren, omdat het uit meerdere
componenten bestaat.
Twee hoofdbestanddelen van stress:
1. Fysiek: een directe lichamelijke uitdaging (zoals ziekte of pijn).
2. Psychologisch: hoe iemand omstandigheden ervaart of interpreteert.
Drie benaderingen van stress:
1. Stress als stimulus: een stressvolle gebeurtenis of situatie (bijv. een moeilijk
examen of overlijden). Zulke gebeurtenissen worden stressoren genoemd.
2. Stress als respons: de spanning die je voelt in reactie op stressoren. Dit kan
zich uiten in:
o Psychologische reacties: zoals piekeren of angstig zijn.
o Fysiologische reacties: zoals zweten of een versnelde hartslag.
3. Stress als proces: dit is de modernste benadering, waarin transacties tussen
persoon en omgeving centraal staan. Stress ontstaat door voortdurende
interactie tussen de situatie en hoe iemand daarop reageert met gedrag,
emoties en gedachten. Volgens deze benadering is stress niet simpelweg een
stimulus of een reactie, maar een proces waarin de persoon actief bijdraagt
aan de impact van de stressor.
Definitie van stress volgens Lazarus & Folkman (1984): Stress ontstaat als een
persoon een discrepantie waarneemt tussen de fysieke of psychologische eisen van
een situatie (demands) en de middelen (resources) die hij of zij heeft om daarmee om
te gaan. Deze discrepantie kan werkelijk zijn of alleen zo worden beleefd.
Bijvoorbeeld:
Je denkt dat je niet goed voorbereid bent op een toets, maar je bent het
eigenlijk wel → toch voel je stress.
Of je bent echt niet voorbereid → dan is de stress wel gebaseerd op een echte
discrepantie.
Gebeurtenissen als stressvol beoordelen
Stress ontstaat niet alleen door wat er gebeurt, maar vooral door hoe we dat
beoordelen. Dit proces heet cognitive appraisal (cognitieve taxatie) en bestaat uit
twee stappen: primary appraisal (primaire taxatie) en secondary appraisal
(secundaire taxatie).
Dit is het Transactional Model of Stress van Lazarus en Folkman (1984)
beschrijft stress als een proces dat ontstaat uit de interactie (transactie) tussen een
persoon en zijn omgeving. Het stelt dat stress ontstaat als iemand denkt dat de eisen
van de situatie groter zijn dan zijn/haar eigen middelen om ermee om te gaan. Dus
het gaat om de beoordeling (appraisal) van een situatie, niet om de situatie zelf.
,Voorbeeld: Jij denkt dat je te weinig geleerd hebt voor een toets (eis > middelen) →
stress!
Primary appraisal
Bij een mogelijke stressvolle situatie vragen we ons dingen af zoals:
Wat betekent deze situatie voor mij? Bijv: “dit raakt mij emotioneel”
Is dit irrelevant? → Bijvoorbeeld: de klacht gaat meestal vanzelf over.
Is het positief (benign-positive)? → Bijvoorbeeld: ziek zijn is een goede reden om
een toets te missen.
Is het stressvol? → Bijvoorbeeld: angst dat je iets ernstigs hebt zoals
voedselvergiftiging.
Wanneer iets als stressvol wordt beoordeeld, maken we nog een verdere inschatting:
“Wat voor stress voel ik eigenlijk?” Er zijn dan drie vormen van stressperceptie
mogelijk:
Harm-loss: Schade die al is gebeurd. Je kijkt naar wat je al hebt verloren of
wat nu al mis is gegaan. Voorbeeld: Je bent gevallen en hebt pijn de schade is
al aangericht.
Threat: Verwachte schade in de toekomst Je bent bang dat er nog iets ergs
gaat gebeuren. Voorbeeld: Je ligt in het ziekenhuis en maakt je zorgen over
hoge rekeningen, of of je ooit weer kunt werken.
Challenge: Kans om te groeien, maar je moet er wel moeite voor doen. De
situatie is lastig, maar het zou je ook iets positiefs kunnen opleveren als het
lukt. Voorbeeld: Je krijgt een promotie aangeboden. Het is spannend en zwaar,
maar je ziet het als een kans om te laten zien wat je kunt.
Veel mensen ervaren de meeste stress bij harm-loss en threat, maar challenge kan
juist motiveren en positief voelen.
Voorbeeldstudie: Studenten kregen een heftige film te zien over een pijnlijk ritueel:
een besnijdenis van jongens in een primitieve samenleving. De film was voor iedereen
hetzelfde, maar ze kregen verschillende geluidstracks erbij:
1. Zonder geluid
2. Trauma-narratief → "Dit is pijnlijk en gevaarlijk!"
3. Ontkenning van pijn → "De jongens zijn blij, het is een feest!"
4. Wetenschappelijke, afstandelijke toon → "Let op de techniek, het is netjes
uitgevoerd."
Resultaten: Studenten met het trauma-verhaal (groep 2) ervoeren meer stress. Die
met de ontkennende of neutrale uitleg voelden minder stress.
Conclusie: Hoe we een situatie interpreteren bepaalt de mate van stress
Secundary appraisal
Hierbij beoordelen we of we genoeg middelen (resources) hebben om met de situatie
om te gaan:
“Ik kan dit niet aan.”
“Ik probeer het, maar ik heb weinig kans.”
, “Met hulp lukt het me wel.”
“Geen probleem, dit kan ik.”
“Ik heb te weinig tijd”
Als we denken dat we genoeg aankunnen → weinig stress.
Als we denken dat de eisen groter zijn dan onze middelen → veel stress.
Deze inschattingen zijn bepalend voor hoe stressvol iets wordt, en kunnen zelfs
bijdragen aan het ontstaan van ernstige stoornissen zoals PTSS.
Welke factoren leiden tot stressvolle beoordelingen?
Of we iets als stressvol ervaren hangt af van persoonlijke factoren en kenmerken van
de situatie.
Persoonlijke factoren
1. Zelfvertrouwen (self-esteem): Mensen met veel zelfvertrouwen denken
sneller dat ze iets aankunnen. Ze zien iets sneller als een uitdaging dan als
een bedreiging.
2. Motivatie: Hoe belangrijker een doel voor je is, hoe meer stress je voelt als dat
doel bedreigd wordt.
3. Irrationele overtuigingen: Mensen die geloven dat het leven altijd
gemakkelijk en perfect moet zijn, ervaren sneller stress als dat niet zo is.
Voorbeeld: “Als het niet perfect gaat, is alles verpest!” Dit wordt ook
wel perfectionisme genoemd, en dat vergroot de kans op emotionele en
lichamelijke klachten.
Kenmerken van de situatie
Situaties met hoge eisen en die snel gaan gebeuren, worden vaak als stressvol
gezien. Bijvoorbeeld: morgen geopereerd worden is stressvoller dan volgende week je
bloeddruk laten meten.
Hoeveel stress voel je? Dimensies van stress
De mate van stress die je voelt, hangt vaak af van:
Hoe vaak iets gebeurt (frequentie)
Hoe heftig het is (intensiteit)
Hoelang het duurt (duur)