Geschiedenis van de Nederlandstalige Letteren III
College 1: introductieles – de canon (24/9/24)
Introductie: geen idee want 10 minuten te laat
Overlopen programma
Een canon-kwestie: Het tegenovergestelde van de mens – Lieke Marsman
- 1ste Nederlandse klimaatroman / klimaatfictie (cli-fi) -> alleszins zo geïntroduceerd
- Hybride werk – reflecties over menselijk handelen + consumentisme
o Zitten ook gedichten in etc.
- Waarom canon-kwestie?
o Schrijven over klimaat is afwezig -> komt omdat er een pastorale traditie ontbreekt
o Ook verwant aan de verheerlijking van de natuur en de nietigheid van de mens
o In Nederland allemaal gemaakt land -> geen natuurgevoel
o Collectieve beeld van de Nederlander als heerser over natuur/water
Duwt klimaatproblematiek in een dode hoek
o Maar klopt dit allemaal????
Rondom de boshut – Sonja Prins -> legt andere accenten
Schrijfopdracht:
Zie apart blad
Kies één van de romans
Definitieve versie: 6 januari
Staat op 4 van de 20 punten
Examen: schriftelijk
Cartoon:
Wat is ons idee van de canon?
- Overzicht van de belangrijkste literaire werken
- Traditioneel: normatief begrip
- Gaat terug tot late antieke tijd -> lijstjes opstellen binnen een bepaald genre
o Imitatio
o Canonieke (= authentiek / door Gods woord geïnspireerd) vs. apocrief (= niet direct
door apostel opgetekend / uit de latere periode)
- In de 19de eeuw begint begrip canon te functioneren in context van natievorming – welke
werken moeten gelezen worden als een afspiegeling van vormende natie
- Lijst van literaire werken = afspiegeling volksaard
o Ontwikkeling literatuur = ontwikkeling volksaard
- Eind 19de eeuw: jonge schrijvers herschrijven canon – markeren eigen positie (denk aan
Tachtigers / Gorter / Verwey / Kloos)
o Zetten zich af tegen domineedichters
o Willen ze wegschrijven uit canon -> engageren zich als Europese schrijvers
o Literatuur staat los van God en Vaderland – autonomistische literatuur
Literatuuropvatting heeft gevolgen voor samenstelling canon – ook voor identiteitsvorming (nationale
identiteit etc.)
=> gevolg: meer rekkelijk canonbegrip
,Identiteitsvorming losgekoppeld -> wordt dynamisch geheel
-> nadruk: enkel te begrijpen wanneer geplaatst in context, tijd, plaats…
-> meer didactisch instrument: om iets te leren over de literatuur i.p.v. dit MOET je lezen
Hernieuwde interesse -> herijking
-> ook nu een canon van Vlaanderen
Pijnpunt in citaat:
“Inburgeringstraject” -> koppeling met Vlaamse identiteit
“complexloos” -> het is allesbehalve complexloos
Wie bepaalt dat allemaal?
Traditionele koppeling wordt opnieuw geactiveerd
Kritiek op canon: overheidsinstrument
- Die relatie is niet vanzelfsprekend
- Onderscheid tussen canonisering (= proces, waarde toekennen / vorming van collectief
geheugen) en archivering
- Assmann waarschuwt voor gebruik canon als bewust instrument -> inzetten voor politieke
doelen
In een andere vorm?
- Moeten we toe naar een canon van wereldliteratuur? Wisselwerking tussen culturen?
Vergelijkend perspectief?
- We moeten er een tegencanon tegenover stellen = counter canon
o Re-writing: herschrijven van grote werken
o Maar zo bevestig je weer de bestaande lijst – tegencanon bestaat bij gratie van
overzicht
- Probleem: hypercanon:
o Kenmerken van canon zijn beperkt -> wat gebeurt er als je alles samen beschouwt?
o Canonieke auteurs krijgen meer gewicht, dan toevoegingen vanuit counter canon ->
wat gebeurt er met degenen daartussen? Ruimte wordt steeds kleiner
o Wat je uiteindelijk krijgt: de uiterste die als twee polen (the minor authors & the
superrich) aandacht krijgen, en het middenveld dat verdwijnt
Concluderend:
- Verschillende opvattingen (traditioneel vs. dynamisch) + functies (bv. identiteit vs. didactisch)
Opdracht:
Opvattingen:
- Dynamische opvatting, 50+1 (er blijft een open venster) -> ze herzien het om de zoveel jaar
o Maar de criteria zelf staan niet ter discussie -> dynamiek vindt plaats na selectie
- De auteur moet overleden zijn – draagt bij aan het statische begrip
o Na de dood kan niks meer veranderen – einde discussie actuele literatuur
o Literatuur beschouwen met afstand, minder betrokkenheid
o Maar blik op geschiedenis wordt altijd gevormd door wat er nu speelt
Functies:
- leidraad voor leerkrachten, leesclubs, bibliothecarissen, uitgevers, cultuurministers,
televisiemakers en andere lezers
- enthousiasmering
- leesbevordering
- erkennen literair erfgoed, canon als een archief (kan ook didactisch zijn)
Belangrijkste waarde:
, - literair-esthetisch
Metafoor: literaire keuken (menukaart) / canon als een gids die je meeleidt
Conclusie:
- Spanning tussen trad. en dynamische begrip
- Heeft een erfgoedfunctie, is een schatkist, dynamisch speelveld
- Wil ook een verzameling zijn van en voor iedereen
Verband tussen canon en literatuuropvattingen:
- Consecratie van literatuur: heiligmaking van literatuur, zeggen dat iets lit. is
o Van Dis-effect: je werd bij Van Dis besproken en dan werden je boeken meteen veel
gelezen
- Hoe herken je iets als literair?
o Nu zie je belang literaire traditie
o Iedereen moet expliciet rekenschap geven
o Ook uiterlijk afficheren met traditie
o Nieuwe esthetica: ze krijgen toegang tot de HBS -> komen dus binnen met nieuwe
poëtica en ideeën
Wat valt op aan citaat van Eva Peeters?
Beeld van alchemie -> signaalwoord: teruggegrepen op romantisch gedachtengoed dat de auteur iets
met taal doet waardoor een andere wereld werkelijkheid wordt
Alchemist zit meer in apocrieve hoek -> met verhalen een nieuwe wereld voorstellen en daarin
ingrijpen
, College 2: 8/10/24
Volgende week: college van Nescio en Elsschot samennemen
Gedicht E en daarbij horende tekst van Maaike Meyer slaan we over
-> vallen weg
Herhaling vorig college:
- Canon: manier om culturele erfgoed te bewaren en te ontsluiten
- Wie bepaalt consensus? Wanneer schieten we educatief doel voorbij?
Dit college:
- Begrip krijgen op historische avant-garde
- Vormen van meer gematigd modernisme -> M. Nijhoff: neemt een tussenpositie in
- Eerst beetje bespreking over wat we moesten lezen
Avant-garde:
In het licht van de historische a-g wordt PvO als de auteur naar voren gehaald
PvO: eerste moderne schrijver in Nederlandstalige taalgebied
: een v/d grootste vernieuwers, veel invloed gehad op anderen na hem
: Antwerpenaar, stad als inspiratiebron, setting waarin hij de keerzijde v/h stadse leven ziet
: heeft al vrij vroeg cultstatus, enfant terrible
: gaat Antwerpse nachtleven in -> staat als dandy bekend
: a-g is heel internationaal georiënteerd
: politiek engagement, activist binnen flamingantenbeweging
-> meermaals in de clinch met autoriteiten -> vlucht naar Berlijn in 1918
: 1916: Music Hall & 1918: Het Sienjaal
: in Berlijn: a-g-centrum -> kunstenaars v/d Bauhaus
-> ziet ook gevolgen v/d oorlog, raakte ontgoocheld over goedheid mens
-> breuk met vriendin Emmeke
-> door zijn werk zit ook zijn persoonlijk leven
: Feesten van angst en pijn -> postuum uitgegeven
-> legt die indrukken van Berlijn vast
: in Antje verschijnt Bezette Stad & De bankroet jazz (= dadaïstisch filmscenario)
-> 1ste filmscenario binnen Ned. taal
: overlijdt aan gevolgen van tbc
: alle gedichten na Bezette stad = de Nagelaten gedichten (= postuum)
Begin v/e nieuwe eeuw/tijd:
Belangrijk in moderne literatuur: opkomst v/e grootstad
+ mensen krijgen meer vrije tijd, hebben meer welvaart
-> brengt voor vrouwen meer tijd
-> Roaring Twenties – gaan nachtleven in
+ snelle technologisering -> verandert stadsbeeld (elektrische verlichting etc.)
+ op cultureel vlak: ontwikkeling fotografie, bewegende film
-> oudere cultuurvormen verhoudt zich tot nieuwe media, laten zich inspireren
Voor nieuwe tijd -> nieuwe uitdrukkingsvormen nodig (impressionisme, symbolisme niet meer
passend)
Historisch a-g: nieuwe beeldtaal, uitdrukking geven aan nieuwe levensgevoel
: sterk geloof in vooruitgangsdenken, utopisch denken, betere maatschappij
College 1: introductieles – de canon (24/9/24)
Introductie: geen idee want 10 minuten te laat
Overlopen programma
Een canon-kwestie: Het tegenovergestelde van de mens – Lieke Marsman
- 1ste Nederlandse klimaatroman / klimaatfictie (cli-fi) -> alleszins zo geïntroduceerd
- Hybride werk – reflecties over menselijk handelen + consumentisme
o Zitten ook gedichten in etc.
- Waarom canon-kwestie?
o Schrijven over klimaat is afwezig -> komt omdat er een pastorale traditie ontbreekt
o Ook verwant aan de verheerlijking van de natuur en de nietigheid van de mens
o In Nederland allemaal gemaakt land -> geen natuurgevoel
o Collectieve beeld van de Nederlander als heerser over natuur/water
Duwt klimaatproblematiek in een dode hoek
o Maar klopt dit allemaal????
Rondom de boshut – Sonja Prins -> legt andere accenten
Schrijfopdracht:
Zie apart blad
Kies één van de romans
Definitieve versie: 6 januari
Staat op 4 van de 20 punten
Examen: schriftelijk
Cartoon:
Wat is ons idee van de canon?
- Overzicht van de belangrijkste literaire werken
- Traditioneel: normatief begrip
- Gaat terug tot late antieke tijd -> lijstjes opstellen binnen een bepaald genre
o Imitatio
o Canonieke (= authentiek / door Gods woord geïnspireerd) vs. apocrief (= niet direct
door apostel opgetekend / uit de latere periode)
- In de 19de eeuw begint begrip canon te functioneren in context van natievorming – welke
werken moeten gelezen worden als een afspiegeling van vormende natie
- Lijst van literaire werken = afspiegeling volksaard
o Ontwikkeling literatuur = ontwikkeling volksaard
- Eind 19de eeuw: jonge schrijvers herschrijven canon – markeren eigen positie (denk aan
Tachtigers / Gorter / Verwey / Kloos)
o Zetten zich af tegen domineedichters
o Willen ze wegschrijven uit canon -> engageren zich als Europese schrijvers
o Literatuur staat los van God en Vaderland – autonomistische literatuur
Literatuuropvatting heeft gevolgen voor samenstelling canon – ook voor identiteitsvorming (nationale
identiteit etc.)
=> gevolg: meer rekkelijk canonbegrip
,Identiteitsvorming losgekoppeld -> wordt dynamisch geheel
-> nadruk: enkel te begrijpen wanneer geplaatst in context, tijd, plaats…
-> meer didactisch instrument: om iets te leren over de literatuur i.p.v. dit MOET je lezen
Hernieuwde interesse -> herijking
-> ook nu een canon van Vlaanderen
Pijnpunt in citaat:
“Inburgeringstraject” -> koppeling met Vlaamse identiteit
“complexloos” -> het is allesbehalve complexloos
Wie bepaalt dat allemaal?
Traditionele koppeling wordt opnieuw geactiveerd
Kritiek op canon: overheidsinstrument
- Die relatie is niet vanzelfsprekend
- Onderscheid tussen canonisering (= proces, waarde toekennen / vorming van collectief
geheugen) en archivering
- Assmann waarschuwt voor gebruik canon als bewust instrument -> inzetten voor politieke
doelen
In een andere vorm?
- Moeten we toe naar een canon van wereldliteratuur? Wisselwerking tussen culturen?
Vergelijkend perspectief?
- We moeten er een tegencanon tegenover stellen = counter canon
o Re-writing: herschrijven van grote werken
o Maar zo bevestig je weer de bestaande lijst – tegencanon bestaat bij gratie van
overzicht
- Probleem: hypercanon:
o Kenmerken van canon zijn beperkt -> wat gebeurt er als je alles samen beschouwt?
o Canonieke auteurs krijgen meer gewicht, dan toevoegingen vanuit counter canon ->
wat gebeurt er met degenen daartussen? Ruimte wordt steeds kleiner
o Wat je uiteindelijk krijgt: de uiterste die als twee polen (the minor authors & the
superrich) aandacht krijgen, en het middenveld dat verdwijnt
Concluderend:
- Verschillende opvattingen (traditioneel vs. dynamisch) + functies (bv. identiteit vs. didactisch)
Opdracht:
Opvattingen:
- Dynamische opvatting, 50+1 (er blijft een open venster) -> ze herzien het om de zoveel jaar
o Maar de criteria zelf staan niet ter discussie -> dynamiek vindt plaats na selectie
- De auteur moet overleden zijn – draagt bij aan het statische begrip
o Na de dood kan niks meer veranderen – einde discussie actuele literatuur
o Literatuur beschouwen met afstand, minder betrokkenheid
o Maar blik op geschiedenis wordt altijd gevormd door wat er nu speelt
Functies:
- leidraad voor leerkrachten, leesclubs, bibliothecarissen, uitgevers, cultuurministers,
televisiemakers en andere lezers
- enthousiasmering
- leesbevordering
- erkennen literair erfgoed, canon als een archief (kan ook didactisch zijn)
Belangrijkste waarde:
, - literair-esthetisch
Metafoor: literaire keuken (menukaart) / canon als een gids die je meeleidt
Conclusie:
- Spanning tussen trad. en dynamische begrip
- Heeft een erfgoedfunctie, is een schatkist, dynamisch speelveld
- Wil ook een verzameling zijn van en voor iedereen
Verband tussen canon en literatuuropvattingen:
- Consecratie van literatuur: heiligmaking van literatuur, zeggen dat iets lit. is
o Van Dis-effect: je werd bij Van Dis besproken en dan werden je boeken meteen veel
gelezen
- Hoe herken je iets als literair?
o Nu zie je belang literaire traditie
o Iedereen moet expliciet rekenschap geven
o Ook uiterlijk afficheren met traditie
o Nieuwe esthetica: ze krijgen toegang tot de HBS -> komen dus binnen met nieuwe
poëtica en ideeën
Wat valt op aan citaat van Eva Peeters?
Beeld van alchemie -> signaalwoord: teruggegrepen op romantisch gedachtengoed dat de auteur iets
met taal doet waardoor een andere wereld werkelijkheid wordt
Alchemist zit meer in apocrieve hoek -> met verhalen een nieuwe wereld voorstellen en daarin
ingrijpen
, College 2: 8/10/24
Volgende week: college van Nescio en Elsschot samennemen
Gedicht E en daarbij horende tekst van Maaike Meyer slaan we over
-> vallen weg
Herhaling vorig college:
- Canon: manier om culturele erfgoed te bewaren en te ontsluiten
- Wie bepaalt consensus? Wanneer schieten we educatief doel voorbij?
Dit college:
- Begrip krijgen op historische avant-garde
- Vormen van meer gematigd modernisme -> M. Nijhoff: neemt een tussenpositie in
- Eerst beetje bespreking over wat we moesten lezen
Avant-garde:
In het licht van de historische a-g wordt PvO als de auteur naar voren gehaald
PvO: eerste moderne schrijver in Nederlandstalige taalgebied
: een v/d grootste vernieuwers, veel invloed gehad op anderen na hem
: Antwerpenaar, stad als inspiratiebron, setting waarin hij de keerzijde v/h stadse leven ziet
: heeft al vrij vroeg cultstatus, enfant terrible
: gaat Antwerpse nachtleven in -> staat als dandy bekend
: a-g is heel internationaal georiënteerd
: politiek engagement, activist binnen flamingantenbeweging
-> meermaals in de clinch met autoriteiten -> vlucht naar Berlijn in 1918
: 1916: Music Hall & 1918: Het Sienjaal
: in Berlijn: a-g-centrum -> kunstenaars v/d Bauhaus
-> ziet ook gevolgen v/d oorlog, raakte ontgoocheld over goedheid mens
-> breuk met vriendin Emmeke
-> door zijn werk zit ook zijn persoonlijk leven
: Feesten van angst en pijn -> postuum uitgegeven
-> legt die indrukken van Berlijn vast
: in Antje verschijnt Bezette Stad & De bankroet jazz (= dadaïstisch filmscenario)
-> 1ste filmscenario binnen Ned. taal
: overlijdt aan gevolgen van tbc
: alle gedichten na Bezette stad = de Nagelaten gedichten (= postuum)
Begin v/e nieuwe eeuw/tijd:
Belangrijk in moderne literatuur: opkomst v/e grootstad
+ mensen krijgen meer vrije tijd, hebben meer welvaart
-> brengt voor vrouwen meer tijd
-> Roaring Twenties – gaan nachtleven in
+ snelle technologisering -> verandert stadsbeeld (elektrische verlichting etc.)
+ op cultureel vlak: ontwikkeling fotografie, bewegende film
-> oudere cultuurvormen verhoudt zich tot nieuwe media, laten zich inspireren
Voor nieuwe tijd -> nieuwe uitdrukkingsvormen nodig (impressionisme, symbolisme niet meer
passend)
Historisch a-g: nieuwe beeldtaal, uitdrukking geven aan nieuwe levensgevoel
: sterk geloof in vooruitgangsdenken, utopisch denken, betere maatschappij