SOORTEN STEEKPROEVEN
Toevalsteekproeven
Enkelvoudige toevalsteekproef
= een toevalssteekproef die geen rekening houdt met kenmerken van de eenheden +
elke eenheid een gelijke kans op selectie geeft. Alle populatie-eenheden zitten in een
hoed en een onschuldige kinderhand loot er een aantal steekproefeenheden uit.
Systematische enkelvoudige toevalsteekproef
= een toevalssteekproef die verkregen wordt door op toevallige wijze een startpunt
in het steekproefkader te bepalen en vervolgens eenheden te selecteren volgens een
vast interval.
Gestratificeerde steekproef
= een toevalssteekproef die verkregen wordt door de populatie op te delen in
subgroepen (strata) en binnen deze groepen toevallig eenheden te selecteren.
Proportioneel gestratificeerde steekproef
= een gestratificeerde steekproef waarbij het aandeel respondenten
per stratum overeenstemt met de omvang van de strata in de
populatie.
Disproportioneel gestratificeerde steekproef
= een gestratificeerde steekproef waarbij het aandeel respondenten
per stratum niet overeenstemt met de omvang van de strata in de
populatie.
Clustersteekproef
= Alle secundaire eenheden die tot de geselecteerde primaire eenheden behoren
worden in de steekproef opgenomen. Deze techniek veronderstelt dat de primaire
eenheden relatief klein zijn.
Tweetrapssteekproef
= Keuze van secundaire eenheden gebeurt ook op toevalsbasis. Uit elke primaire
eenheid worden evenveel secundaire eenheden gekozen.
Tweefasensteekproef
= een steekproef die verkregen wordt door in een fase eenheden uit een te ruime
populatie te selecteren. Vervolgens ga je door middel van een screeningvraag na of
ze wel tot de groep behoren waarover het onderzoek handelt.
Soorten steekproeven METHO 1
Toevalsteekproeven
Enkelvoudige toevalsteekproef
= een toevalssteekproef die geen rekening houdt met kenmerken van de eenheden +
elke eenheid een gelijke kans op selectie geeft. Alle populatie-eenheden zitten in een
hoed en een onschuldige kinderhand loot er een aantal steekproefeenheden uit.
Systematische enkelvoudige toevalsteekproef
= een toevalssteekproef die verkregen wordt door op toevallige wijze een startpunt
in het steekproefkader te bepalen en vervolgens eenheden te selecteren volgens een
vast interval.
Gestratificeerde steekproef
= een toevalssteekproef die verkregen wordt door de populatie op te delen in
subgroepen (strata) en binnen deze groepen toevallig eenheden te selecteren.
Proportioneel gestratificeerde steekproef
= een gestratificeerde steekproef waarbij het aandeel respondenten
per stratum overeenstemt met de omvang van de strata in de
populatie.
Disproportioneel gestratificeerde steekproef
= een gestratificeerde steekproef waarbij het aandeel respondenten
per stratum niet overeenstemt met de omvang van de strata in de
populatie.
Clustersteekproef
= Alle secundaire eenheden die tot de geselecteerde primaire eenheden behoren
worden in de steekproef opgenomen. Deze techniek veronderstelt dat de primaire
eenheden relatief klein zijn.
Tweetrapssteekproef
= Keuze van secundaire eenheden gebeurt ook op toevalsbasis. Uit elke primaire
eenheid worden evenveel secundaire eenheden gekozen.
Tweefasensteekproef
= een steekproef die verkregen wordt door in een fase eenheden uit een te ruime
populatie te selecteren. Vervolgens ga je door middel van een screeningvraag na of
ze wel tot de groep behoren waarover het onderzoek handelt.
Soorten steekproeven METHO 1