RWV Nederlands: Communicatie & Variatie 2020-2021
Academisch Nederlands
1. Een stelling poneren Iets beweren
2. Een stelling onderbouwen Zorgen voor een goede basis, bv. door
gegevens of bewijzen te verzamelen ter
ondersteuning van een stelling
3. Gerelateerd aan Kan in verband gebracht worden met
4. Extrapoleren Iets wat geldt voor een bepaalde situatie,
toepassen op (“uitbreiden naar”) een
ruimer domein
5. Participeren Deelnemen
6. Een theorie falsificeren Een theorie ontkrachten, de onjuistheid
aantonen van een theorie
7. Een probleem ondervangen Ervoor zorgen dat een probleem geen
probleem (meer) is
8. Een tekst redigeren Een tekst nalezen op spellingfouten,
grammaticale problemen en inhoudelijke
discrepanties en hem zo nodig corrigeren
9. Deduceren Afleiden
10. Populariseren Iets begrijpelijk maken voor een breed
publiek (d.w.z. ook voor niet-specialisten)
11. Interactie Wisselwerking
12. Restricties Beperkingen
13. Referenties Bronnen
14. Aberratie Afwijking, fout, vergissing, abnormaliteit
15. Divergentie Uit elkaar groeien, verschil
16. Indicatie Letterlijk: aanwijzing
17. Convergentie Naar elkaar toegroeien
18. Substitutie Vervanging
1
, RWV Nederlands: Communicatie & Variatie 2020-2021
19. Contradictie Logische tegenstrijdigheid (“het is
onlogisch”)
20. Discrepantie Tegenstrijdigheid (“X en Y wijken van elkaar
af, ze lopen uiteen”)
21. Consistent Consequent (d.w.z. “in de lijn liggen van”)
22. Adequaat Geschikt
23. Ambivalent Tegenstrijdig, dubbel
24. Oneigenlijk gebruik Misbruik, iets voor een ander doel
gebruiken dan waarvoor het eigenlijk
bestemd is
25. Artificieel Kunstmatig
26. Competent Bekwaam
27. Grijze literatuur "That which is produced on all levels of
government, academics, business and
industry in print and electronic formats, but
which is not controlled by commercial
publishers." Concreet gaat het om o.a.
rapporten, proefschriften, conference
abstracts, technische specificaties en
standaarden, niet-commerciële vertalingen,
technische en commerciële documentatie
en rapporten en documenten van
overheidsinstellingen
28. Legitiem Gegrond (d.w.z. “terecht”), gerechtvaardigd
29. Arbitrair Willekeurig
30. Substantieel Wezenlijk (d.w.z. “duidelijk”, “echt”)
31. Verifiëren De juistheid onderzoeken
32. Implementeren Uitvoeren, toepassen
33. Een project of voorstel honoreren Betalen voor (“selecteren” – in de praktijk:
subsidies geven aan) / een verzoek
honoreren = doen wat iemand vraagt
2
Academisch Nederlands
1. Een stelling poneren Iets beweren
2. Een stelling onderbouwen Zorgen voor een goede basis, bv. door
gegevens of bewijzen te verzamelen ter
ondersteuning van een stelling
3. Gerelateerd aan Kan in verband gebracht worden met
4. Extrapoleren Iets wat geldt voor een bepaalde situatie,
toepassen op (“uitbreiden naar”) een
ruimer domein
5. Participeren Deelnemen
6. Een theorie falsificeren Een theorie ontkrachten, de onjuistheid
aantonen van een theorie
7. Een probleem ondervangen Ervoor zorgen dat een probleem geen
probleem (meer) is
8. Een tekst redigeren Een tekst nalezen op spellingfouten,
grammaticale problemen en inhoudelijke
discrepanties en hem zo nodig corrigeren
9. Deduceren Afleiden
10. Populariseren Iets begrijpelijk maken voor een breed
publiek (d.w.z. ook voor niet-specialisten)
11. Interactie Wisselwerking
12. Restricties Beperkingen
13. Referenties Bronnen
14. Aberratie Afwijking, fout, vergissing, abnormaliteit
15. Divergentie Uit elkaar groeien, verschil
16. Indicatie Letterlijk: aanwijzing
17. Convergentie Naar elkaar toegroeien
18. Substitutie Vervanging
1
, RWV Nederlands: Communicatie & Variatie 2020-2021
19. Contradictie Logische tegenstrijdigheid (“het is
onlogisch”)
20. Discrepantie Tegenstrijdigheid (“X en Y wijken van elkaar
af, ze lopen uiteen”)
21. Consistent Consequent (d.w.z. “in de lijn liggen van”)
22. Adequaat Geschikt
23. Ambivalent Tegenstrijdig, dubbel
24. Oneigenlijk gebruik Misbruik, iets voor een ander doel
gebruiken dan waarvoor het eigenlijk
bestemd is
25. Artificieel Kunstmatig
26. Competent Bekwaam
27. Grijze literatuur "That which is produced on all levels of
government, academics, business and
industry in print and electronic formats, but
which is not controlled by commercial
publishers." Concreet gaat het om o.a.
rapporten, proefschriften, conference
abstracts, technische specificaties en
standaarden, niet-commerciële vertalingen,
technische en commerciële documentatie
en rapporten en documenten van
overheidsinstellingen
28. Legitiem Gegrond (d.w.z. “terecht”), gerechtvaardigd
29. Arbitrair Willekeurig
30. Substantieel Wezenlijk (d.w.z. “duidelijk”, “echt”)
31. Verifiëren De juistheid onderzoeken
32. Implementeren Uitvoeren, toepassen
33. Een project of voorstel honoreren Betalen voor (“selecteren” – in de praktijk:
subsidies geven aan) / een verzoek
honoreren = doen wat iemand vraagt
2