15/03/2019 Inleiding tot de taal- en tekststructuren Person
4. Het biologische “taalvermogen” en de taalverwerving
Er werden bepaalde relaties gezocht tussen knobbels op de hersenen en uitpuilingen en
dergelijke. Men had het idee dat men het kon construeren met bepaalde
karaktereigenschappen, bepaalde cognitieve eigenschappen van mensen. Zoals je ziet op
dia 53 is het idee, dat alle twee de hersenhelften gelijk en evenwaardig zijn aan elkaar.
De karaktereigenschappen, die daar aan werden toegediend bv. hoe goed het vermogen
was. In de 19e eeuw een visie dat de hersenen symmetrisch waren Het taalvermogen
was volgens Dr. Franz J. Gall … en zijn argumentatie was als volgt dat taalvirtuozen vaak
uitpuilende ogen hebben en hij was van mening, dat … op die manier komt hij tot dit
idee, maar inmiddels weten we dat het heel anders in elkaar zit. We zijn een beetje
afgestapt van het extreem localisme, waarbij één bepaald stukje van de hersenen
verantwoordelijk is voor één bepaalde eigenschap. Met dank aan moderne inzichten en
technieken, zoals de EEG. Het is zo dat we een beter beeld krijgen van hoe de hersenen
werken. Voorheen was men op de hoogte van de anatomie van de hersenen, maar voor
het functioneren was dat een stuk complexer omdat te gaan bekijken. Er zijn aanzienlijk
meer methodes waarmee hersenonderzoek kan worden gedaan. Ze verschillen allemaal
in de mate waarin ze in staat zijn om te kijken naar de … correct verandering en de …
revolutie.
Laten we beginnen bij het begin. De meest fundamentele bouwsteen van de hersenen
zijn de neuronen. De neuronen zie je links op dia 5 en de onderdelen, die je geacht wordt
te kennen, zijn dendrieten en axonen. Het cellichaam zit helemaal links op het plaatje
bovenaan. Het cellichaam met de celkern. Je ziet daar eigenlijk om zich heen een kleine
wirwar van draadjes. Een kleine haarachtige structuur en een heel lange arm, die
connectie maakt met de tweede neuron. Je ziet op de foto onderaan, dat de neuronen
elkaar niet raken. Ze communiceren met elkaar door een synaptische verbinding, waarbij
de ene cel de neurotransmitters loslaat en de andere die registreert. Je ziet dus dat de
dendrieten het signaal opvangen en het wordt verwerkt door het cellichaam en dan
informeert het axon en verplaats de communicatie zich naar andere cellen.
Wat interessant is, is dat alle neuronen doorgaans het cellichaam in de buitenkant van de
hersenen, de cortex. Je kan dat mooi zien in het plaatje daarboven, waarbij je ziet, dat
ze allemaal eigenlijk een wat dikker stukje aan de binnenkant hebben en dan een arm,
die daarvan wegloopt en het is een soort van … Alle cellen zijn onderling met elkaar
verbonden. Je hebt enorm veel neuronen, waarmee je geboren wordt. Je wordt geboren
met ongeveer 100 miljard neuronen, dat is een 1 met 11 nullen. Alle neuronen maken
verbindingen met andere neuronen. Het is niet zoals op het plaatje dat één neuron
communiceert met één ander neuron. Ze maken connecties met honderden andere
neuronen.
Het mooie is, dat kinderen worden geboren met alle neuronen dat je ooit zal hebben,
maar niet nog met alle connecties. Op het moment, dat het kind zich begint te
ontwikkelen. Je ziet op dia 6 een dwarsdoorsnee van de neuronen in de hersenen, in de
cortex van kinderen van verschillende leeftijden. Je ziet aan de linkerkant bij een
pasgeboren baby dat er relatief weinig takjes zijn. als de baby iets ouder is en al een
beetje ervaring heeft met de wereld, dan beginnen ze connecties goed te vormen en na 9
maanden zie je dat het een heel hecht netwerk wordt.
Er zijn nu een aantal principes, die belangrijk zijn en zich langzaam maar zeker
ontwikkelen. Je ziet dat sommige lijnen dikker zijn dan anderen. Dat is namelijk, omdat
neuronen, die veel met elkaar samenwerken een sterkere band krijgen. In het Engels
noemen ze dat ‘cells that fire together wire together’. De connecties worden sterker en
daarom gaat de communicatie sneller en efficiënter. Hoe vaak je iets doet, hoe beter je
erin wordt. Daarom is het goed om vaak jullie lessen te studeren, want hoe vaker je het
1
4. Het biologische “taalvermogen” en de taalverwerving
Er werden bepaalde relaties gezocht tussen knobbels op de hersenen en uitpuilingen en
dergelijke. Men had het idee dat men het kon construeren met bepaalde
karaktereigenschappen, bepaalde cognitieve eigenschappen van mensen. Zoals je ziet op
dia 53 is het idee, dat alle twee de hersenhelften gelijk en evenwaardig zijn aan elkaar.
De karaktereigenschappen, die daar aan werden toegediend bv. hoe goed het vermogen
was. In de 19e eeuw een visie dat de hersenen symmetrisch waren Het taalvermogen
was volgens Dr. Franz J. Gall … en zijn argumentatie was als volgt dat taalvirtuozen vaak
uitpuilende ogen hebben en hij was van mening, dat … op die manier komt hij tot dit
idee, maar inmiddels weten we dat het heel anders in elkaar zit. We zijn een beetje
afgestapt van het extreem localisme, waarbij één bepaald stukje van de hersenen
verantwoordelijk is voor één bepaalde eigenschap. Met dank aan moderne inzichten en
technieken, zoals de EEG. Het is zo dat we een beter beeld krijgen van hoe de hersenen
werken. Voorheen was men op de hoogte van de anatomie van de hersenen, maar voor
het functioneren was dat een stuk complexer omdat te gaan bekijken. Er zijn aanzienlijk
meer methodes waarmee hersenonderzoek kan worden gedaan. Ze verschillen allemaal
in de mate waarin ze in staat zijn om te kijken naar de … correct verandering en de …
revolutie.
Laten we beginnen bij het begin. De meest fundamentele bouwsteen van de hersenen
zijn de neuronen. De neuronen zie je links op dia 5 en de onderdelen, die je geacht wordt
te kennen, zijn dendrieten en axonen. Het cellichaam zit helemaal links op het plaatje
bovenaan. Het cellichaam met de celkern. Je ziet daar eigenlijk om zich heen een kleine
wirwar van draadjes. Een kleine haarachtige structuur en een heel lange arm, die
connectie maakt met de tweede neuron. Je ziet op de foto onderaan, dat de neuronen
elkaar niet raken. Ze communiceren met elkaar door een synaptische verbinding, waarbij
de ene cel de neurotransmitters loslaat en de andere die registreert. Je ziet dus dat de
dendrieten het signaal opvangen en het wordt verwerkt door het cellichaam en dan
informeert het axon en verplaats de communicatie zich naar andere cellen.
Wat interessant is, is dat alle neuronen doorgaans het cellichaam in de buitenkant van de
hersenen, de cortex. Je kan dat mooi zien in het plaatje daarboven, waarbij je ziet, dat
ze allemaal eigenlijk een wat dikker stukje aan de binnenkant hebben en dan een arm,
die daarvan wegloopt en het is een soort van … Alle cellen zijn onderling met elkaar
verbonden. Je hebt enorm veel neuronen, waarmee je geboren wordt. Je wordt geboren
met ongeveer 100 miljard neuronen, dat is een 1 met 11 nullen. Alle neuronen maken
verbindingen met andere neuronen. Het is niet zoals op het plaatje dat één neuron
communiceert met één ander neuron. Ze maken connecties met honderden andere
neuronen.
Het mooie is, dat kinderen worden geboren met alle neuronen dat je ooit zal hebben,
maar niet nog met alle connecties. Op het moment, dat het kind zich begint te
ontwikkelen. Je ziet op dia 6 een dwarsdoorsnee van de neuronen in de hersenen, in de
cortex van kinderen van verschillende leeftijden. Je ziet aan de linkerkant bij een
pasgeboren baby dat er relatief weinig takjes zijn. als de baby iets ouder is en al een
beetje ervaring heeft met de wereld, dan beginnen ze connecties goed te vormen en na 9
maanden zie je dat het een heel hecht netwerk wordt.
Er zijn nu een aantal principes, die belangrijk zijn en zich langzaam maar zeker
ontwikkelen. Je ziet dat sommige lijnen dikker zijn dan anderen. Dat is namelijk, omdat
neuronen, die veel met elkaar samenwerken een sterkere band krijgen. In het Engels
noemen ze dat ‘cells that fire together wire together’. De connecties worden sterker en
daarom gaat de communicatie sneller en efficiënter. Hoe vaak je iets doet, hoe beter je
erin wordt. Daarom is het goed om vaak jullie lessen te studeren, want hoe vaker je het
1