Paragrafen: 14.1.1 t/m 14.1.5, 15.1.1 t/m 15.1.3, 16.1.1 t/m 16.1.4, 16.1.6, 16.2.1 t/m 16.2.4
1.1 De fysieke ontwikkeling tijdens de adolescentie
Pubertaire groeispurt: periode van zeer snelle groei in lengte en gewicht tijdens de adolescentie
Meisjes rond 10 jaar
Jongens rond 12 jaar
Puberteit: de periode van rijping waarin de geslachtsorganen zich volledig ontwikkelen
Primaire geslachtskenmerken: kenmerken die worden geassocieerd met de ontwikkeling van
de organen en structuur van het lichaam die rechtstreeks betrekking hebben op de
voorplanting (verandering IN vagina, penis, zaadballen en baarmoeder)
Secundaire geslachtskenmerken: zichtbare tekenen van seksuele rijping die niet direct
betrekking hebben op de geslachtsorganen (borsten, okselhaar, schaamhaar en lagere stem)
Puberteit meiden
Menarche: tijdstip waarop de eerste menstruatie optreedt (verschilt per kind)
Vroege rijping
Voordelen Nadelen
Populairder bij oudere jongens Voelen zich ongemakkelijk, ongelukkig,
depressief
Worden belachelijk gemaakt
Late rijping
Voordelen Nadelen
Meer tevreden met uiterlijk dan Relatief lage sociale status
vroegrijpe meisjes
Minder emotionele problemen
Puberteit jongens
Spermarche: eerste zaadlozing (rond 13 jaar)
Vroege rijping
Voordelen Nadelen
Beter in sport Problemen op school
Populairder Grotere kans op betrokkenheid
criminele activiteiten/verslavende
middelen
Positiever zelfbeeld Omgaan met oudere jongens
Late rijping
Voordelen Nadelen
Langer de gelegenheid om Laag zelfbeeld en worden minder
eigenschappen zoals assertiviteit en aantrekkelijk gevonden
voorstellingsvermogen te
ontwikkelen
Nadelig bij sportactiviteiten
Sociaal leven komt laat op gang
Een specifiek gebied van de hersenen dat zich in de adolescentie sterk ontwikkelt
= de prefrontale cortex ( is pas rond de 20 jaar volledig volgroeid)