2.2 Leesstrategieën
Vijf verschillende leesstrategieën
1. Elementaire leeshandeling (visueel niveau)
× Letter voor letter lezen
× Bestaat uit drie stappen
1. Het van links naar rechts koppelen van fonemen aan 2. Auditieve 3. Betekenis
grafemen synthese geven
A. werken B. Visuele C. Koppelen D. Fonemen
volgens de analyse in van foneem op volgorde
leesrichting grafemen aan grafeem onthouden
× Niet alle deelvaardigheden zijn waarneembaar bij een kind
× Leeshandeling wordt vaak ondersteund met bewegingen (hakken en plakken)
× Van essentieel belang dat kind deze strategie als eerst leer bij leren lezen
× Schrijven ondersteund het leren lezen, omdat kinderen concreter bezig zijn
× Elementaire leesstrategie tegelijkertijd met elementaire spellingsstrategie aangeleerd:
Input → Output
Elementaire leeshandeling
Geschreven Visuele analyse Van links naar rechts koppelen van Gesproken
woord fonemen aan grafemen woord
Elementaire spellingshandeling
Gesproken Auditieve Onthouden Koppeling Geschreven
woord synthese volgorde foneem/grafeem woord
fonemen
2. Lezen m.b.v. clusters en spellingpatronen 4. Lezen m.b.v. morfologisch analyse
× Kinderen gaan bepaalde lettercombinaties in één × Voor lezen meerlettergrepige woorden gebruik
keer lezen maken van opbouw Nederlandse taal
× Cluster: combinatie van medeklinkers × Vaak hebben meerdere delen een eigen
× Spellingpatroon: combinatie van klinkers en betekenis
medeklinkers × Morfeem: letter/combinatie van letters die een
× Kan bevorderd worden wisselrijtjes te leren: rij betekenis heeft
woorden die telkens één klank verschillen × Bij lezen langere woorden gebruik maken van
3. Lezen m.b.v. visuele woordvorm kennis over morfemen
× woorden herkennen door de visuele woordvorm, × Oefenen door woorden met zelfde morfeem
aan de speciale volgorde van letters onder elkaar te zetten
× Ook wel directe woordherkenning 5. Lezen m.b.v. de context
× Vergelijkbaar met het herkennen van een plaatje × Gebruik maken van kennis van de syntactische
× Vooral bruikbaar in de beginfase van structuur (volgorde van woorden in de zin)
leesonderwijs, omdat elk woord afzonderlijk × Ook gebruik maken van betekenis van woorden
aangeleerd moet worden en zinnen
× Strategie is minder geschikt voor het technisch
lezen: sneller en efficienter om gebruik te maken
van visuele woordvorm
2.3 Flexibel gebruik van leesstrategieën
× Meestal lees je m.b.v. visuele woordvorm en de context.
× Bij onbekend woord overstappen op lezen van clusters en spellingpatronen
× Na 10 maanden leesonderwijs lezen meeste kinderen door visuele woordvorm, morfologische analyse of de
context
× Voor sommige kinderen lukt dit niet:
, Vijf verschillende leesstrategieën
1. Elementaire leeshandeling (visueel niveau)
× Letter voor letter lezen
× Bestaat uit drie stappen
1. Het van links naar rechts koppelen van fonemen aan 2. Auditieve 3. Betekenis
grafemen synthese geven
A. werken B. Visuele C. Koppelen D. Fonemen
volgens de analyse in van foneem op volgorde
leesrichting grafemen aan grafeem onthouden
× Niet alle deelvaardigheden zijn waarneembaar bij een kind
× Leeshandeling wordt vaak ondersteund met bewegingen (hakken en plakken)
× Van essentieel belang dat kind deze strategie als eerst leer bij leren lezen
× Schrijven ondersteund het leren lezen, omdat kinderen concreter bezig zijn
× Elementaire leesstrategie tegelijkertijd met elementaire spellingsstrategie aangeleerd:
Input → Output
Elementaire leeshandeling
Geschreven Visuele analyse Van links naar rechts koppelen van Gesproken
woord fonemen aan grafemen woord
Elementaire spellingshandeling
Gesproken Auditieve Onthouden Koppeling Geschreven
woord synthese volgorde foneem/grafeem woord
fonemen
2. Lezen m.b.v. clusters en spellingpatronen 4. Lezen m.b.v. morfologisch analyse
× Kinderen gaan bepaalde lettercombinaties in één × Voor lezen meerlettergrepige woorden gebruik
keer lezen maken van opbouw Nederlandse taal
× Cluster: combinatie van medeklinkers × Vaak hebben meerdere delen een eigen
× Spellingpatroon: combinatie van klinkers en betekenis
medeklinkers × Morfeem: letter/combinatie van letters die een
× Kan bevorderd worden wisselrijtjes te leren: rij betekenis heeft
woorden die telkens één klank verschillen × Bij lezen langere woorden gebruik maken van
3. Lezen m.b.v. visuele woordvorm kennis over morfemen
× woorden herkennen door de visuele woordvorm, × Oefenen door woorden met zelfde morfeem
aan de speciale volgorde van letters onder elkaar te zetten
× Ook wel directe woordherkenning 5. Lezen m.b.v. de context
× Vergelijkbaar met het herkennen van een plaatje × Gebruik maken van kennis van de syntactische
× Vooral bruikbaar in de beginfase van structuur (volgorde van woorden in de zin)
leesonderwijs, omdat elk woord afzonderlijk × Ook gebruik maken van betekenis van woorden
aangeleerd moet worden en zinnen
× Strategie is minder geschikt voor het technisch
lezen: sneller en efficienter om gebruik te maken
van visuele woordvorm
2.3 Flexibel gebruik van leesstrategieën
× Meestal lees je m.b.v. visuele woordvorm en de context.
× Bij onbekend woord overstappen op lezen van clusters en spellingpatronen
× Na 10 maanden leesonderwijs lezen meeste kinderen door visuele woordvorm, morfologische analyse of de
context
× Voor sommige kinderen lukt dit niet:
• Spellende lezers: grote moeite met direct herkennen van woorden. Te lang elementaire strategie of
clusters en spellingpatronen strategie. Vooral bottum-up.