Samenvatting theorie Publiek private samenwerking
6 Samenwerking bij sociale veiligheidproblemen
Sociale veiligheidsproblemen kennen een menselijke oorsprong zoals overlast en
criminaliteit. Aangezien sociale veiligheidsproblemen zich afspelen op lokaal niveau is de
heersende opvatting dat ook de aanpak ervan lokaal georganiseerd dient te worden.
Aangenomen wordt namelijk dat lokale organisaties het best in kunnen schatten welke
problemen er spelen en welke interventies het meest geschikt zijn om de problematiek te
reduceren. Daarbij staat samenwerking centraal, omdat bij de lokale aanpak van overlast en
criminaliteit verschillende partijen- zoals gemeenten, de politie, welzijnsinstellingen en justitie
- betrokken zijn.
Tot de jaren 70 was er de overtuiging dat de overheid verantwoordelijk was voor het
aanpakken van wanordelijkheden en criminaliteit dmv de strafrechtketen. Rond de jaren 70
veranderde deze zienswijze. Er ontstonden nieuwe ideeën over criminaliteitspreventie,
waarin niet langer sprake was van een monodisciplinaire, strafrechtketengeoriënteerde
aanpak. Medio jaren 80 werden grofweg twee nieuwe strategieën onderscheiden:
situationele criminaliteitspreventie en sociale criminaliteitspreventie. Bij situationele
criminaliteitspreventie staat centraal het treffen van fysieke preventieve maatregelen om de
gelegenheid tot overlast en criminaliteit te verkleinen . Er kwam eer aandacht voor veilig
ontwerpen. Bij sociale criminaliteitspreventie staan maatregelen centraal die zich richten op
de sociale omgeving van overlastgevers en criminelen. Voor het treffen van dergelijke
sociale maatregelen is ook de inzet van andere dan strafrechtelijke organisaties
noodzakelijk.
Vanaf 2005 worden JIB-kantoren (Justitie in de buurt) omgebouwd tot veiligheidshuizen.
Binnen veiligheidshuizen bundelen het lokale bestuur, zorg- en welzijnsinstellingen en de
strafrechtketen hun krachten. Veiligheidshuizen worden opgericht om een structurele
oplossing te bieden voor twee problemen: maatschappelijk probleem (ze verhogen de
sociale veiligheid) en organisatorisch probleem (ze maken integrale, multidisciplinaire
samenwerking beter mogelijk dan voorheen). Het gaat in het Veiligheidshuis om het in meer
regie, samenhang en beter afgestemd uitvoeren van reeds bestaande taken. Behalve een
duidelijke afstemming in de strafrechtsketen, betekent dit dat er in toenemende mate een
verbinding wordt gelegd met de bestuurlijke trajecten (preventie en nazorg) en de
zorgtrajecten. Een Veiligheidshuis wordt zodoende gedefinieerd als een
'netwerksamenwerking tussen straf-,zorg- en (andere) gemeentelijke partners, waarin zij
onder eenduidige regie komen tot een ketenoverstijgende aanpak van complexe persoons-,
systeem- en gebiedsgerichte problematiek om ernstige overlast en criminaliteit te bestrijden.
Ook buiten de muren van het veiligheidshuis wordt samengewerkt aan sociale veiligheid.
Dergelijke samenwerkingsverbanden worden niet altijd ingegeven door formele organisaties.
Ook burgers initiëren samenwerkingsverbanden om de sociale veiligheid in hun
leefomgeving te vergroten.
6 Samenwerking bij sociale veiligheidproblemen
Sociale veiligheidsproblemen kennen een menselijke oorsprong zoals overlast en
criminaliteit. Aangezien sociale veiligheidsproblemen zich afspelen op lokaal niveau is de
heersende opvatting dat ook de aanpak ervan lokaal georganiseerd dient te worden.
Aangenomen wordt namelijk dat lokale organisaties het best in kunnen schatten welke
problemen er spelen en welke interventies het meest geschikt zijn om de problematiek te
reduceren. Daarbij staat samenwerking centraal, omdat bij de lokale aanpak van overlast en
criminaliteit verschillende partijen- zoals gemeenten, de politie, welzijnsinstellingen en justitie
- betrokken zijn.
Tot de jaren 70 was er de overtuiging dat de overheid verantwoordelijk was voor het
aanpakken van wanordelijkheden en criminaliteit dmv de strafrechtketen. Rond de jaren 70
veranderde deze zienswijze. Er ontstonden nieuwe ideeën over criminaliteitspreventie,
waarin niet langer sprake was van een monodisciplinaire, strafrechtketengeoriënteerde
aanpak. Medio jaren 80 werden grofweg twee nieuwe strategieën onderscheiden:
situationele criminaliteitspreventie en sociale criminaliteitspreventie. Bij situationele
criminaliteitspreventie staat centraal het treffen van fysieke preventieve maatregelen om de
gelegenheid tot overlast en criminaliteit te verkleinen . Er kwam eer aandacht voor veilig
ontwerpen. Bij sociale criminaliteitspreventie staan maatregelen centraal die zich richten op
de sociale omgeving van overlastgevers en criminelen. Voor het treffen van dergelijke
sociale maatregelen is ook de inzet van andere dan strafrechtelijke organisaties
noodzakelijk.
Vanaf 2005 worden JIB-kantoren (Justitie in de buurt) omgebouwd tot veiligheidshuizen.
Binnen veiligheidshuizen bundelen het lokale bestuur, zorg- en welzijnsinstellingen en de
strafrechtketen hun krachten. Veiligheidshuizen worden opgericht om een structurele
oplossing te bieden voor twee problemen: maatschappelijk probleem (ze verhogen de
sociale veiligheid) en organisatorisch probleem (ze maken integrale, multidisciplinaire
samenwerking beter mogelijk dan voorheen). Het gaat in het Veiligheidshuis om het in meer
regie, samenhang en beter afgestemd uitvoeren van reeds bestaande taken. Behalve een
duidelijke afstemming in de strafrechtsketen, betekent dit dat er in toenemende mate een
verbinding wordt gelegd met de bestuurlijke trajecten (preventie en nazorg) en de
zorgtrajecten. Een Veiligheidshuis wordt zodoende gedefinieerd als een
'netwerksamenwerking tussen straf-,zorg- en (andere) gemeentelijke partners, waarin zij
onder eenduidige regie komen tot een ketenoverstijgende aanpak van complexe persoons-,
systeem- en gebiedsgerichte problematiek om ernstige overlast en criminaliteit te bestrijden.
Ook buiten de muren van het veiligheidshuis wordt samengewerkt aan sociale veiligheid.
Dergelijke samenwerkingsverbanden worden niet altijd ingegeven door formele organisaties.
Ook burgers initiëren samenwerkingsverbanden om de sociale veiligheid in hun
leefomgeving te vergroten.