VERGELIJKENDE BIOLOGIE
HOOFDSTUK 7: DEUTEROSTOMEN DEEL 1
= Nieuwmondigen
PHYLUM ECHINODERMATA
= Stekelhuidigen
,Lichaamsopbouw
→ Zeesterren, zeekomkommers, slangsterren, zeeëgels, zeelelies
→ Uitsluitend in zeewater, deels sessiel
→ Deuterostomia: blastoporus wordt anus, nieuwe mondopening (breking ectoderm)
→ Endoskelet
o Harde kalkplaten onder de epidermis (bevat duizenden neurosensorische cellen)
o Dikwijls met stekels
o Versmelten soms tot een aaneensluitende pantser bv. zeeëgels
→ ‘Oude’ diergroep, geëvolueerd uit bilateraal symmetrische voorouders
→ Vrijzwemmende larve: bilateraal symmetrisch
→ Adult: (penta)radiaal symmetrisch
→ Geen kop of staart – mond als referentiepunt
→ Longitudinale en circulaire spieren onder huid
→ Ambulacraal systeem
o = watervatenstelsel
o Zorgt voor voortbeweging
o Ringkanaal met 5 radiale kanalen
o Zijkanalen met ambulacraalvoetjes
o Madrepoorplaat (= steenkanaal): brengt water naar ringkanaal
o Zijkanalen eindigen in ambulacraalvoetjes met ampulla (= voetblaasje)
→ Groot coeloom met complex tubussysteem
o Rol in circulatie en respiratie via papulae (kieuwblaasjes)
→ Open bloedsomloop
o Circulair kanaal met 5 radiale vertakkingen
→ Zenuwstelsel
o Zelfde symmetrie
o Geen hersenen
→ Spijsvertering thv maag en spijsverteringsklieren
,
HOOFDSTUK 7: DEUTEROSTOMEN DEEL 1
= Nieuwmondigen
PHYLUM ECHINODERMATA
= Stekelhuidigen
,Lichaamsopbouw
→ Zeesterren, zeekomkommers, slangsterren, zeeëgels, zeelelies
→ Uitsluitend in zeewater, deels sessiel
→ Deuterostomia: blastoporus wordt anus, nieuwe mondopening (breking ectoderm)
→ Endoskelet
o Harde kalkplaten onder de epidermis (bevat duizenden neurosensorische cellen)
o Dikwijls met stekels
o Versmelten soms tot een aaneensluitende pantser bv. zeeëgels
→ ‘Oude’ diergroep, geëvolueerd uit bilateraal symmetrische voorouders
→ Vrijzwemmende larve: bilateraal symmetrisch
→ Adult: (penta)radiaal symmetrisch
→ Geen kop of staart – mond als referentiepunt
→ Longitudinale en circulaire spieren onder huid
→ Ambulacraal systeem
o = watervatenstelsel
o Zorgt voor voortbeweging
o Ringkanaal met 5 radiale kanalen
o Zijkanalen met ambulacraalvoetjes
o Madrepoorplaat (= steenkanaal): brengt water naar ringkanaal
o Zijkanalen eindigen in ambulacraalvoetjes met ampulla (= voetblaasje)
→ Groot coeloom met complex tubussysteem
o Rol in circulatie en respiratie via papulae (kieuwblaasjes)
→ Open bloedsomloop
o Circulair kanaal met 5 radiale vertakkingen
→ Zenuwstelsel
o Zelfde symmetrie
o Geen hersenen
→ Spijsvertering thv maag en spijsverteringsklieren
,