Ademhalingsstelsel
Borstholte
Viscerale pleura (omgeeft de long)
Parietale pleura
Theoretische pleura holte
- Luchtledig
Longweefsel bevat elastine-eiwit (= long eigenlijk
klein zakje)
- Steeds onder spanning
- Pneumathorax
15.2. Ventilatie & adembewegingen
Doel: verversen v alveolaire lucht
Wet v Boyle: druk ve hvlhd gas is omgekeerd evenredig aan volume
Inademing = actief proces
- Contractie vh diafragma
- Uitwendige tussenribspieren (= ribben optrekken)
- Volume thorax vergroot druk verlaagt
- !! beter via de buik ademen bij uitademing kan het diafragma terug naar boven geduwd
worden door de spieren vd buikwand !!
Uitademing = passief proces (borstademhaling)
- Passief = relaxatie inademingspieren
- Actief = inwendige tussenribspieren en buikpers
- Volume thorax verkleint druk verhoogt
Oppervlaktespanning
…
Longfunctietesten
(spirometer)
Verschil tussen maximale in- en
uitademing (= vitale capaciteit)
- Niet alles is uitgeademd (=
residueel volume)
Vitale capaciteit + residueel volume =
totale capaciteit
Long- en ademvolumes
Maximaal = 6L
, Restrictieve en obstructieve beperkingen
vitale capaciteit = 1L
max. capaciteit = 5L
- ROOD: 80% uitgeademd
- BLAUW: 62.5% uitgeademd
Obstructief longlijden (blauw) = snelheid
waarmee je kan uitademen is trager
Restrictief longlijden = verminderde
totale longcapaciteit
Invloed v dode ruimte en teugvolume (TV) op alveolaire ventilatie
Ademminuutvolume = TV x frequentie
Anatomische dode ruimte (150ml) = luchtwegen waar geen gasuitwisseling plaatsvindt
Bij hyperventilatie ga je de CO2 veel te snel uit te hersenen pompen waardoor je bv een appelflauwte
kan krijgen
15.3.
Gasuitwisseling
Borstholte
Viscerale pleura (omgeeft de long)
Parietale pleura
Theoretische pleura holte
- Luchtledig
Longweefsel bevat elastine-eiwit (= long eigenlijk
klein zakje)
- Steeds onder spanning
- Pneumathorax
15.2. Ventilatie & adembewegingen
Doel: verversen v alveolaire lucht
Wet v Boyle: druk ve hvlhd gas is omgekeerd evenredig aan volume
Inademing = actief proces
- Contractie vh diafragma
- Uitwendige tussenribspieren (= ribben optrekken)
- Volume thorax vergroot druk verlaagt
- !! beter via de buik ademen bij uitademing kan het diafragma terug naar boven geduwd
worden door de spieren vd buikwand !!
Uitademing = passief proces (borstademhaling)
- Passief = relaxatie inademingspieren
- Actief = inwendige tussenribspieren en buikpers
- Volume thorax verkleint druk verhoogt
Oppervlaktespanning
…
Longfunctietesten
(spirometer)
Verschil tussen maximale in- en
uitademing (= vitale capaciteit)
- Niet alles is uitgeademd (=
residueel volume)
Vitale capaciteit + residueel volume =
totale capaciteit
Long- en ademvolumes
Maximaal = 6L
, Restrictieve en obstructieve beperkingen
vitale capaciteit = 1L
max. capaciteit = 5L
- ROOD: 80% uitgeademd
- BLAUW: 62.5% uitgeademd
Obstructief longlijden (blauw) = snelheid
waarmee je kan uitademen is trager
Restrictief longlijden = verminderde
totale longcapaciteit
Invloed v dode ruimte en teugvolume (TV) op alveolaire ventilatie
Ademminuutvolume = TV x frequentie
Anatomische dode ruimte (150ml) = luchtwegen waar geen gasuitwisseling plaatsvindt
Bij hyperventilatie ga je de CO2 veel te snel uit te hersenen pompen waardoor je bv een appelflauwte
kan krijgen
15.3.
Gasuitwisseling