Röntgenologie:
Les 4:
HC: cariësdiagnostiek:
* Cariës:
- Occlusale cariës
- Approximale cariës
- Cariës op de buccale of linguale vlakken
- Wortel cariës
- Secundaire cariës
Alle vormen van cariës zijn op een X-foto waarneembaar.
* Cariës indeling (Backer Dirks): [de mate van gevordenheid van cariës in een element]
- Stadium I cariës tot in het glazuur.
- Stadium II cariës tot juist in het dentine.
- Stadium III cariës in het dentine.
- Stadium IV cariës heeft pulpakamer bereikt.
Wordt bij de röntgenologische cariës gediagnosticeerd.
* Approximale cariës: 17 mesiaal, die in de dentine uitstrijkt [ stadium 2].
47 cariës laesie tot net in de dentine [stadium 2 of 3].
46 mesiaal [stadium 3].
45 distaal, glazuur cariës [stadium 1].
* Cariës op de buccale of linguale vlak is minder goed zichtbaar op een X-foto. is klinisch goed
te beoordelen.
* Als er voldoende weefselverlies is zal je het op de X-foto waarnemen. Bij weinig weefselverlies
zat het over geprojecteerd worden ervoor of erachter.
- Bij 34 en 35een radiolucent gebied is buccaal of linguaal cariës.
* Wortel cariës kan voorkomen bij een gereduceerd parodontium. Dus als er sprake is van
parodontale botafbraak en er dus meet van het worteloppervlak bloot ligt ( niet meer beschermd door de
creviculaire vloeistof).
- Wortelcariës niet verwarren met halsschaduw effect.
- 14 en 15 hebben lichte laesies.
- Mesiaal van 14 is hals schaduweffect en distaal is cariës zichtbaar.
* Secundaire cariës kan zich overal bevinden.
- Bevindt zich vaak onder een restauratie.
- Kan primaire cariës zijn die niet goed verwijderd is of cariëslaesies onder restauratie vulling.
- 25 distaal onder amalgaam restauratie is een donker gebied cariës.
- 35 distaal onder restauratie secundaire cariës.
- 37 approximaal primaire cariës
- 26 distaal primaire cariës.
* Sclerotische dentine:
- 36 en 37 onder de metalen restauratie is een lichter gebied in de dentine zichtbaar.
Carieus dentine waarin ionen v/h metaal zijn getrokken. kan secundaire cariës zijn,
maar ziet er niet radiolucent uit.
1
, * Onderscheid tussen cariës en halsschaduw (= cervical burn-out):
- Kroon: dik (glazuur en dentine)
- Hals: dun (dentine)
- Wortel: dik (dentine en kaakbot)
- De wortel die wordt naar de rand toe steeds dunner de weglengte v/d
straling door het dentine wordt korter(en dus minder straling
geabsorbeerd, donkerder gebied).
- Hoe meer naar de rand toe v/d wortel hoe donkerder het gebied. kan verward worden met
wortelcariës.
- Hoe meer in het midden v/d wortel hoe opaacker het gebied en hoe lichter het gebied dus.
- Onder de glazuur-cementgrens tot aan het alveolaire bot kan halsschaduweffect optreden.
- Bij glazuur treedt halsschaduweffect niet op (niet merkbaar).
* Boven molaar ronde glazuur-cementgrens is een halsschaduweffect en bij de 46 distaal en 45
mesiaal en distaal.
* Beperkingen v/h röntgenologisch cariës-diagnostiek oz:
- De laesie is meestal dieper dan de opname suggereetr.
- Invloed v/d instelling v/h röntgenappraaat (horizontale en versticale instelling).
- Invloed v/d buisspanning en belichtingstijd (contrast in het röntgenbeeld).
- Overprojecties: 2-D beeld.
De laesie heeft de pulpakamer bereikt [stadium 4]. Pulpahoorn is nog wel zichtbaar.
Li boven is de cariës laesie duidelijker zichtbaar dan re onder.
Het gestippelde deel is een restauratie (zwarte punt is cariës), bij inschieten te ver van
boven zal de vulling over de cariës heen vallen, en de cariës maskeren.
Je kan niet zien hoe diep de cariës licht, vooral mesiale en distale vlak niet. Cariës moet
een bepaalde diepte hebben om zichtbaar te zijn op de foto. is dan al klinisch gezien in de
mond.
Je kan niet zien of de laesie buccaal of linguaal zit.
HC: De periapex:
periapicale kaakbot.
* Spongieze bot = vrij open bot.
* Corticales bot bevindt zich bij de hele kaak.
2
Les 4:
HC: cariësdiagnostiek:
* Cariës:
- Occlusale cariës
- Approximale cariës
- Cariës op de buccale of linguale vlakken
- Wortel cariës
- Secundaire cariës
Alle vormen van cariës zijn op een X-foto waarneembaar.
* Cariës indeling (Backer Dirks): [de mate van gevordenheid van cariës in een element]
- Stadium I cariës tot in het glazuur.
- Stadium II cariës tot juist in het dentine.
- Stadium III cariës in het dentine.
- Stadium IV cariës heeft pulpakamer bereikt.
Wordt bij de röntgenologische cariës gediagnosticeerd.
* Approximale cariës: 17 mesiaal, die in de dentine uitstrijkt [ stadium 2].
47 cariës laesie tot net in de dentine [stadium 2 of 3].
46 mesiaal [stadium 3].
45 distaal, glazuur cariës [stadium 1].
* Cariës op de buccale of linguale vlak is minder goed zichtbaar op een X-foto. is klinisch goed
te beoordelen.
* Als er voldoende weefselverlies is zal je het op de X-foto waarnemen. Bij weinig weefselverlies
zat het over geprojecteerd worden ervoor of erachter.
- Bij 34 en 35een radiolucent gebied is buccaal of linguaal cariës.
* Wortel cariës kan voorkomen bij een gereduceerd parodontium. Dus als er sprake is van
parodontale botafbraak en er dus meet van het worteloppervlak bloot ligt ( niet meer beschermd door de
creviculaire vloeistof).
- Wortelcariës niet verwarren met halsschaduw effect.
- 14 en 15 hebben lichte laesies.
- Mesiaal van 14 is hals schaduweffect en distaal is cariës zichtbaar.
* Secundaire cariës kan zich overal bevinden.
- Bevindt zich vaak onder een restauratie.
- Kan primaire cariës zijn die niet goed verwijderd is of cariëslaesies onder restauratie vulling.
- 25 distaal onder amalgaam restauratie is een donker gebied cariës.
- 35 distaal onder restauratie secundaire cariës.
- 37 approximaal primaire cariës
- 26 distaal primaire cariës.
* Sclerotische dentine:
- 36 en 37 onder de metalen restauratie is een lichter gebied in de dentine zichtbaar.
Carieus dentine waarin ionen v/h metaal zijn getrokken. kan secundaire cariës zijn,
maar ziet er niet radiolucent uit.
1
, * Onderscheid tussen cariës en halsschaduw (= cervical burn-out):
- Kroon: dik (glazuur en dentine)
- Hals: dun (dentine)
- Wortel: dik (dentine en kaakbot)
- De wortel die wordt naar de rand toe steeds dunner de weglengte v/d
straling door het dentine wordt korter(en dus minder straling
geabsorbeerd, donkerder gebied).
- Hoe meer naar de rand toe v/d wortel hoe donkerder het gebied. kan verward worden met
wortelcariës.
- Hoe meer in het midden v/d wortel hoe opaacker het gebied en hoe lichter het gebied dus.
- Onder de glazuur-cementgrens tot aan het alveolaire bot kan halsschaduweffect optreden.
- Bij glazuur treedt halsschaduweffect niet op (niet merkbaar).
* Boven molaar ronde glazuur-cementgrens is een halsschaduweffect en bij de 46 distaal en 45
mesiaal en distaal.
* Beperkingen v/h röntgenologisch cariës-diagnostiek oz:
- De laesie is meestal dieper dan de opname suggereetr.
- Invloed v/d instelling v/h röntgenappraaat (horizontale en versticale instelling).
- Invloed v/d buisspanning en belichtingstijd (contrast in het röntgenbeeld).
- Overprojecties: 2-D beeld.
De laesie heeft de pulpakamer bereikt [stadium 4]. Pulpahoorn is nog wel zichtbaar.
Li boven is de cariës laesie duidelijker zichtbaar dan re onder.
Het gestippelde deel is een restauratie (zwarte punt is cariës), bij inschieten te ver van
boven zal de vulling over de cariës heen vallen, en de cariës maskeren.
Je kan niet zien hoe diep de cariës licht, vooral mesiale en distale vlak niet. Cariës moet
een bepaalde diepte hebben om zichtbaar te zijn op de foto. is dan al klinisch gezien in de
mond.
Je kan niet zien of de laesie buccaal of linguaal zit.
HC: De periapex:
periapicale kaakbot.
* Spongieze bot = vrij open bot.
* Corticales bot bevindt zich bij de hele kaak.
2