Examen kind in beeld
Naam: Elise Laurens
Studentnummer: 1192479
Opleiding: Pedagogisch Medewerker
School: ROC Nijmegen
1
, Inhoudsopgave
- Inleiding ……………………………………………………………Blz. 3
- Theoretisch ontwikkeling 24 – 36 maanden……………………...Blz. 4
- De ontwikkeling van S……………………………………………..Blz. 5
- Mijn verzamelde gegevens………………………………………..Blz. 6
- Het gesprek met S…………………………………………………Blz. 7
- Hoofdvraag………………………………………………………...Blz. 8
- Observatie plan……………………………………………………Blz. 9
- Mijn uitgevoerde observatie……………………………………...Blz. 10
- Antwoord op mijn hoofdvraag…………………………………...Blz. 13
- Begeleidingsbehoefte voor S……………………………………..Blz. 14
- Evaluatie…………………………………………………………...Blz. 15
- Mijn gebruikte bronnen…………………………………………..Blz. 16
2
, Inleiding
Ik ben … leerling van de opleiding BBL pedagogisch medewerker niveau 3
op het ROC Nijmegen. Ik werk bij de kinderopvang …. De kernwaarden van
….. zijn, iedereen is welkom, werken vanuit je hart en denken in
mogelijkheden. Bij ….. zijn wij voor een inclusieve maatschappij waarin in
iedereen welkom is zowel mensen met of zonder een extra zorg vraag.
Voor mijn examen Kind In Beeld ben ik gaan onderzoeken welk kindje ik
wilde gaan observeren voor mijn examen. Er waren 2 kindjes waarvan het
mij interessant leek om hen te observeren. Samen met mijn
werkbegeleidster heb ik de keuze gemaakt om S te gaan observeren. Wij
beide zien dat S gedrag vertoont waar wij graag van zouden willen weten
waar dit vandaan komt zodat mijn collega’s en ik S hierbij kunnen helpen.
De reden waarom het mij interessant leek om S te gaan observeren. Ik zie
dat S bij binnenkomst langere tijd bij de juf hangt, zodra ik tegen S vertel
‘’jij gaat nu even zelf spelen’’ gaat S in de hoek van de bank zitten en
komt S niet tot spel. Ik zie ook dat zodra ik S een activiteit aanbied zoals
blokken bouwen dat S hier al snel klaar mee is. S gaat dan opzoek naar
alle mogelijkheden om maar zo snel als mogelijk wat anders te kunnen
doen. S vindt het lastig om langer dan 5 minuten gericht met een activiteit
bezig te zijn. Ik ben benieuwd waar dit vandaan komt en hoe ik ervoor kan
zorgen dat S tot spel komt zonder de juf hierbij nodig te hebben en dat S
ook een langere tijd bezig kan zijn met een activiteit.
3
Naam: Elise Laurens
Studentnummer: 1192479
Opleiding: Pedagogisch Medewerker
School: ROC Nijmegen
1
, Inhoudsopgave
- Inleiding ……………………………………………………………Blz. 3
- Theoretisch ontwikkeling 24 – 36 maanden……………………...Blz. 4
- De ontwikkeling van S……………………………………………..Blz. 5
- Mijn verzamelde gegevens………………………………………..Blz. 6
- Het gesprek met S…………………………………………………Blz. 7
- Hoofdvraag………………………………………………………...Blz. 8
- Observatie plan……………………………………………………Blz. 9
- Mijn uitgevoerde observatie……………………………………...Blz. 10
- Antwoord op mijn hoofdvraag…………………………………...Blz. 13
- Begeleidingsbehoefte voor S……………………………………..Blz. 14
- Evaluatie…………………………………………………………...Blz. 15
- Mijn gebruikte bronnen…………………………………………..Blz. 16
2
, Inleiding
Ik ben … leerling van de opleiding BBL pedagogisch medewerker niveau 3
op het ROC Nijmegen. Ik werk bij de kinderopvang …. De kernwaarden van
….. zijn, iedereen is welkom, werken vanuit je hart en denken in
mogelijkheden. Bij ….. zijn wij voor een inclusieve maatschappij waarin in
iedereen welkom is zowel mensen met of zonder een extra zorg vraag.
Voor mijn examen Kind In Beeld ben ik gaan onderzoeken welk kindje ik
wilde gaan observeren voor mijn examen. Er waren 2 kindjes waarvan het
mij interessant leek om hen te observeren. Samen met mijn
werkbegeleidster heb ik de keuze gemaakt om S te gaan observeren. Wij
beide zien dat S gedrag vertoont waar wij graag van zouden willen weten
waar dit vandaan komt zodat mijn collega’s en ik S hierbij kunnen helpen.
De reden waarom het mij interessant leek om S te gaan observeren. Ik zie
dat S bij binnenkomst langere tijd bij de juf hangt, zodra ik tegen S vertel
‘’jij gaat nu even zelf spelen’’ gaat S in de hoek van de bank zitten en
komt S niet tot spel. Ik zie ook dat zodra ik S een activiteit aanbied zoals
blokken bouwen dat S hier al snel klaar mee is. S gaat dan opzoek naar
alle mogelijkheden om maar zo snel als mogelijk wat anders te kunnen
doen. S vindt het lastig om langer dan 5 minuten gericht met een activiteit
bezig te zijn. Ik ben benieuwd waar dit vandaan komt en hoe ik ervoor kan
zorgen dat S tot spel komt zonder de juf hierbij nodig te hebben en dat S
ook een langere tijd bezig kan zijn met een activiteit.
3