Hoofdstuk 2: Hoe huidige waarden berekenen
Twee fundamentele principes:
- Een euro vandaag is meer waard dan een euro morgen.
- Een veilige euro is meer waard dan een risicovolle euro.
Toekomstige en huidige waarden
Het berekenen van toekomstige waarden
Toekomstige waarde (future value) = het bedrag waarnaar de investeringen zullen groeien na het
ontvangen van intrest.
vb. Wanneer je investering in jaar 0, 100 euro waard is en in jaar 1, 110 euro. Dan is 110 euro
de toekomstige waarde.
FV = TW = PV * (1+r)t met r = de werkelijke jaarlijkse interestvoet
t = de periode: het aantal jaar
𝐴𝑃𝑅 𝑚∗𝑡
Wanneer het om bijvoorbeeld semesters gaat: 𝐹𝑉 = 𝑃𝑉 ∗ (1 + )
𝑚
met APR = de nominale jaarlijkse intrestvoet
m = het aantal betalingen per jaar
APR/m = de werkelijke rentevoet per periode
Figuur 2.1: Toekomstige waarden bij verschillende rentes (samengestelde interest)
We werken met samengestelde interest, dus de verdiende rente, brengt het volgende jaar
ook interest op. Hierdoor krijg je een “sneeuwbaleffect” dat zeer grote verschillen creëert op
lange termijn. Een rente van 5% brengt veel minder op dan een rente van 10%.
Bij aandelen verwachten we op lange termijn een veel hoger rendement dan bij obligaties. Je
moet natuurlijk wel oppassen, want aandelen brengen meer risico met zich mee.
Actuele waarde (present value) = De waarde van een toekomstige reeks cashflows.
1
PV = DF * C1 met DF = discount factor = (1+𝑟)𝑡
Twee fundamentele principes:
- Een euro vandaag is meer waard dan een euro morgen.
- Een veilige euro is meer waard dan een risicovolle euro.
Toekomstige en huidige waarden
Het berekenen van toekomstige waarden
Toekomstige waarde (future value) = het bedrag waarnaar de investeringen zullen groeien na het
ontvangen van intrest.
vb. Wanneer je investering in jaar 0, 100 euro waard is en in jaar 1, 110 euro. Dan is 110 euro
de toekomstige waarde.
FV = TW = PV * (1+r)t met r = de werkelijke jaarlijkse interestvoet
t = de periode: het aantal jaar
𝐴𝑃𝑅 𝑚∗𝑡
Wanneer het om bijvoorbeeld semesters gaat: 𝐹𝑉 = 𝑃𝑉 ∗ (1 + )
𝑚
met APR = de nominale jaarlijkse intrestvoet
m = het aantal betalingen per jaar
APR/m = de werkelijke rentevoet per periode
Figuur 2.1: Toekomstige waarden bij verschillende rentes (samengestelde interest)
We werken met samengestelde interest, dus de verdiende rente, brengt het volgende jaar
ook interest op. Hierdoor krijg je een “sneeuwbaleffect” dat zeer grote verschillen creëert op
lange termijn. Een rente van 5% brengt veel minder op dan een rente van 10%.
Bij aandelen verwachten we op lange termijn een veel hoger rendement dan bij obligaties. Je
moet natuurlijk wel oppassen, want aandelen brengen meer risico met zich mee.
Actuele waarde (present value) = De waarde van een toekomstige reeks cashflows.
1
PV = DF * C1 met DF = discount factor = (1+𝑟)𝑡